zaterdag 15 augustus 2015

OM Curaçao: Bendes op eiland hebben ook vertakkingen in Nederland

Criminele vertakkingen in Zwolle, Dordrecht, Den Helder en Rotterdam


Op Curaçao zijn zo'n tien criminele bendes actief waarvan een aantal ook in Nederland een netwerk heeft, onder meer in Zwolle, Dordrecht, Den Helder en Rotterdam. Dat heeft woordvoerder Norman Serphos van het Openbaar Ministerie (OM) in Willemstad vandaag, zaterdag 15 augustus 2015, tegen de NOS gezegd. 

De bendes houden zich bezig met drugs, wapenhandel, overvallen en afpersing.

'Strikt genomen heeft Curaçao geen bendes, zoals we die kennen uit de Verenigde Staten en Mexico. Maar, we hebben wel een groot aantal criminele organisaties. Daar zijn we van geschrokken', zegt Serphos.

In totaal worden 58 groepen in de gaten gehouden die leden hebben die zich bezighouden met criminele activiteiten. Het Nederlandse onderzoeksbureau Faber bracht de bendes in kaart.

Landsverordening Openbare Orde Curaçao is deze maand van kracht gegaan

Straffeloos milieu vervuilen en plaatsen reclameborden op openbare weg verboden - Ook aandacht voor dierenmishandeling 


Landsverordening Openbare Orde kwam bij vergissing op ‘negatieve lijst’


De Landsverordening Openbare Orde op Curaçao is deze maand van kracht gegaan. Op 24 juli is de wet in het Publicatieblad geplaatst. Zoals gebruikelijk treedt een landsverordening met ingang van de eerste dag van de kalendermaand na de datum van bekendmaking in werking, zo bericht de Amigoe vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.
 
Daardoor is het na 10-10-‘10 weer verboden om straffeloos het milieu te vervuilen of om reclameborden op de openbare weg te plaatsen. De Landsverordening Openbare Orde kwam bij vergissing op de ‘negatieve lijst’, een serie wetten die bij de staatkundige verandering niet van de Nederlandse Antillen naar het Land Curaçao zijn overgegaan. Deze vergissing is nu ‘rechtgezet’.

Op 10 oktober 2010 zijn het land de Nederlandse Antillen en het eilandgebied Curaçao opgeheven en heeft Curaçao de status van autonoom land binnen het Koninkrijk der Nederlanden verkregen. Vlak na 10-10-‘10 is echter komen vast te staan, dat een aantal wettelijke regelingen ten onrechte op de negatieve lijst was geplaatst. Curaçao kwam hierdoor voor wat betreft de onderwerpen geregeld in die wettelijke regelingen in een rechtsvacuüm terecht. Een initiatiefontwerp van PAIS wil dit probleem oplossen door met behulp van een machtigingswet de wettelijke regelingen die nodig zijn in onze rechtstaat, te doen herleven.
PAIS heeft op 16 maart dit initiatiefwetsvoorstel ingediend.


In artikel 15 staat, dat het verboden is zonder of in afwijking van een vergunning van de minister van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning in, op, aan of over de openbare weg iets te planten, te plaatsen, te spannen, te hangen, vast te hechten, uit te spreiden, uit te slaan, te drogen, te luchten, te slepen, of bouwwerken aan te brengen; op de openbare weg voorwerpen, stoffen of water te werpen, uit te storten of te doen afvloeien; goederen, puin, afbraak, kalk, aarde, klei, zand, mest of bouwmaterialen op de openbare weg neder te leggen of te hebben, behalve wanneer en voor zolang dit voor geregeld voortgezet laden of lossen noodzakelijk is.

Ook is het verboden handelsreclame op of aan een roerende of onroerende zaak die van de openbare weg af zichtbaar is, aan te brengen dan wel als eigenaar of gebruiker van die onroerende zaak die reclame in stand te houden of de aanwezigheid daarvan te gedogen. Zo is te lezen in artikel 16.
In artikel 20 wordt het verbod op het gooien van afval of resten van etenswaren, bussen, papier of andere voorwerpen of stoffen op de openbare weg beschreven.

Een opmerkelijk verbod (artikel 31) is het zwemmen of baden binnen een afstand van 200 meter ter weerzijden van de brug ‘Koningin Emma der Nederlanden’ zonder vergunning van de minister van Justitie.

In artikel 33 wordt het verbod op vechten en schreeuwen in de openbare orde beschreven.
Tot schrik van verschillende organisatoren van evenementen is artikel 47 gehandhaafd. Het is verboden zonder of in afwijking van een evenementenvergunning voor buitenlandse artiesten van de minister van Justitie een artiest die geen ingezetene van Curaçao is te laten optreden of daartoe gelegenheid te geven. Bij bepaalde gevallen worden in de periode van 1 december tot en met de eerste woensdag na de dag waarop de carnavalsoptocht wordt gehouden geen vergunningen verleend.

Ook aan dierenmishandeling is gedacht. Het is verboden een hond vast te leggen tenzij de hond is voorzien van een halsband, waarvan de lengte en breedte zodanig zijn dat de band voor hem niet schadelijk is en op zodanige wijze is vastgelegd dat hij zich ongehinderd kan bewegen. Binnen het bereik van de vastgelegde hond moeten zich een schaduwrijke plek of ruimte bevinden waar het dier beschutting heeft tegen weersomstandigheden. Dit is vastgelegd in artikel 68.

In artikel 69 staat het verbod anders dan kortstondig vee vast te zetten dan wel in een koraal of stal te hebben, indien het niet afdoende wordt beschut tegen weersomstandigheden zoals zon en regen. Het is verboden katten vast te leggen, vast te zetten dan wel te doen of laten vastzetten.

Agenten mogelijk betrokken bij reeks recente moorden in Braziliaanse stad São Paulo

Uit wraak voor dood 2 collega's wellicht 18 mensen dood- geschoten


De politie in Brazilië onderzoekt of agenten achter een reeks moorden zitten die afgelopen week werd gepleegd in de stad São Paulo. Mogelijk hebben ze achttien mensen doodgeschoten uit wraak voor de dood van twee collega's. De agenten zijn op non-actief gesteld, zo berichten diverse Braziliaanse media vandaag, zaterdag 15 augustus 2015, waaronder de Comércio do Jaú.

De moorden werden gepleegd in de nacht van donderdag op vrijdag in een een tijdsspanne van twee en een half uur en binnen een straal van 10 kilometer van elkaar, op negen verschillende locaties. Negen mensen raakten gewond. Een aantal slachtoffers zou betrokken zijn bij de misdaad die de Braziliaanse miljoenenstad teistert. De autoriteiten zeggen dat er geen duidelijke verband is tussen de slachtoffers.

Brazilië is bezorgd over het toenemende aantal wraakacties. De politie is jaarlijks verantwoordelijk voor 2000 doden. Agenten worden geschorst, maar nauwelijks vervolgd. Vorige maand werden ook al 35 mensen vermoord in Brazilië. Daarvan wordt ook onderzocht of agenten zich schuldig hebben gemaakt aan wraakacties voor de dood van een collega.


Surinaamse baanwielrenner Jair Tjon En Fa wint Amerikaans sprinttoernooi

Jair Tjon En Fa (21) te sterk voor 24-jarige Trinidadiaan Njisane Phillips

(Bron foto: The Morning Call)

De 21-jarige Surinaamse baanwielrenner Jair Tjon En Fa was gisteren succesvol tijdens een Amerikaanse sprinttoernooi 'Golden Wheel/UCI Champions of Sprint' te Trexlertown (Pennsylvania) in het Valley Preferred Cycling Center. Dat bericht de Amerikaanse krant The Morning Call in Allentown, Pennsylvania, in haar editie van gisteren, vrijdag 14 augustus 2015.

De Surinaamse renner wist op de 200 meter sprint op de baan te winnen van Njisane Phillips uit Trinidad & Tobago. Tjon En Fa versloeg Phillips in een 'best-of-three' strijd.

The Morning Call schrijft, dat Tjon En Fa 'uit een land komt dat geen wielerprogramma op de baan kent'.

'Volgens mij was het feit dat Phillips startte in mijn voordeel, omdat ik moe was, maar hij ook', aldus de jonge Surinaamse baanwielrenner, die op zijn 17e naar Miami in Florida verhuisde om vlakbij het Brian Piccolo Velodrome in Cooper City te kunnen trainen.

(Red. De Surinaamse Krant/The Morning Call)

Suriname Overzee wil werken aan versterking band Surinamers in de wereld

Roy Ristie: 'Het gaat om wat ons bindt'



Het online platform Suriname Overzee wil werken aan versterking van de band tussen Surinamers wereldwijd. 'Het gaat om het menselijk kapitaal van dit land. Het zou heel verstandig zijn om alle mensen zoveel mogelijk bij de les houden', aldus initiatiefnemer Roy Ristie van het medium vandaag, 15 augustus 2015, in de Ware Tijd. 

'Wij richten ons tot de Surinamers wereldwijd. Het zijn mensen die iets voelen voor Suriname. Mensen die iets kunnen betekenen voor Suriname.'

Als er voor een sociaal project in Suriname geld ingezameld moet worden kunnen buitenlanders die Suriname een warm hart toedragen hun financiële steun via het platform geven.

Het platform is afgelopen woensdag met het live streamen van de inauguratie van president Desi Bouterse en vicepresident Ashwin Adhin officieel gelanceerd. Ristie zegt, dat ook andere hoogtepunten belicht zullen worden. Hetzij via live streaming, tekstberichten, video en audio, talkshows of business. 

'Het zou toch leuk zijn als je hier in Suriname het Kwaku Festival in Amsterdam Zuid-Oost live zou kunnen volgen. Of als Surinamers in het buitenland de activiteiten rond de Dag der Inheemsen in Suriname live kunnen volgen.'

Ook bedrijven kunnen gebruikmaken van dit medium om Surinamers wereldwijd te informeren over hun dienstverlening. Ristie doelt daarmee op bijvoorbeeld een goed draaiend Surinaams restaurant in het hartje van Rome of een Javaanse warung in New York. 'Het gaat om wat ons bindt.'

De initiatiefnemer zegt dat nog niet alles naar wens verloopt. 'Maar, het goede is dat we zijn begonnen, alleen het technische aspect schijnt nog niet helemaal te vlotten.'

Hira weerspreekt kritiek van zijn familie op project getuigenis Bouterse: 'niet ondertekend fantasieverhaal'

Sandew Hira houdt persconferentie over stand van zaken onderzoek

'Taboe op bespreken decembermoorden na 30 jaren doorbroken'


In een column op Starnieuws heeft Sandew Hira/Dew Baboeram vanmiddag, zaterdag 15 augustus 2015, de volledige tekst gepubliceerd van zijn toespraak vandaag in hotel Residence Inn in Paramaribo over de actuele stand van zaken van zijn getuigenis project:

'Goedemiddag dames en heren,

Ik zal u tijdens deze persconferentie informeren over wat de afgelopen weken gebeurd is m.b.t. de getuigenis en welke stappen ik de komende periode zal ondernomen.

Ik zal de volgende onderwerpen met u doornemen in 25 minuten.
1. De twee stromingen in het maatschappelijk debat: confrontatie versus dialoog.
2. Mijn reactie op het artikel van OGV en Stichting 8 December in Starnieuws.
3. Mijn reactie op het artikel van Hugo Essed over mijn veiligheid in Starnieuws.
4. Mijn reactie op de verklaring van nabestaanden van John Baboeram.
5. Het onderzoek dat nu gestart is.
6. De voorbereiding van het gesprek met Bouterse.
7. Mijn voorgenomen reis naar Zuid-Afrika.
8. Het traject van dialoogbijeenkomsten.

1. De twee stromingen in het maatschappelijk debat: confrontatie versus dialoog
Ik concludeer dat we in één week meer bereikt hebben dan we ooit voor mogelijk hielden in de afgelopen dertig jaar, namelijk het doorbreken van het taboe op de bespreking van de Decembermoorden. Waar vroeger de Decembermoorden werden besproken in kleine kring of publiekelijk in bepaalde kringen is er nu een brede maatschappelijke discussie over de vraag hoe je moet omgaan met de trauma’s van geweld. Het wordt openlijk besproken aan de keukentafel, in bedrijfskantines, op straat, op sociale media en ook in de reguliere media. Ik fungeer als bliksemafleider. Je bent voor of tegen mijn initiatief of twijfelt. Maar daardoor verdiep je je in de argumenten van de discussie. Dit is deel van de trauma-verwerking in de Surinaamse gemeenschap.
In de discussie over hoe we verder moeten met deze trauma’s zijn er twee stromingen: de stroming van de confrontatie met de rechtszaak als instrument van confrontatie en de stroming van de dialoog met waarheidsvinding als instrument voor dialoog.

Ik zal het verschil tussen beide stromingen verduidelijken aan de hand van een simpele vraag: wat zal er met Suriname gebeuren als Bouterse via een rechtszaak wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf? Dat is de vraag die iedere Surinamer zich moet stellen om te bepalen tot welke stroming je wilt behoren.
Als je weigert die vraag te stellen, dan steek je je kop in het zand. Dus verzoek ik de media en alle Surinamers hier en in de Diaspora die vraag als de belangrijkste vraag in de discussie te brengen.

Hier is mijn simpel antwoord: als Bouterse gearresteerd wordt, gaat Suriname een nieuwe periode van geweldsuitbarstingen tegemoet. Er gaat opnieuw veel bloed vloeien.
Waar baseer ik mijn antwoord op?
Ten eerste, Bouterse is diep geworteld in de Surinaamse samenleving, of je het nou leuk vind of niet. De uitslag van de verkiezingen is een bewijs. Maar de verankering in instituties van de gewapende macht is minstens zo belangrijk.
Ten tweede, ik stel me praktisch voor wat er gaat gebeuren over vijf jaar als mogelijk een nieuw Front regering aan de macht komt en uiteindelijk besluit om Bouterse te arresteren. Ik schets mijn scenario over wat er zou kunnen gebeuren.
De rechter doet de uitspraak dat Bouterse de gevangenis in moet. Justitie stuurt in opdracht van de Front regering een eenheid van politie en militairen naar zijn huis om hem te arresteren. Er ontstaan binnen de gewapende macht splitsingen met voor- en tegenstanders. Misschien vinden geweldsuitbarstingen al plaats voordat ze het huis van Bouterse bereiken.
Mochten ze daar aankomen, dan worden ze opgewacht door honderden, mogelijk duizenden gewapende aanhangers. De Front regering roept de hulp in van Amerika en Nederland. Hun mariniers landen in Paramaribo en overal wordt er geschoten totdat één partij overwint. De andere partij zal meedogenloos worden afgeslacht omdat het een kwestie wordt van overleven.
En door dit alles kun je voor de komende vijftig jaar iedere ontwikkeling van welvaart en welzijn vergeten in Suriname. Dat is mijn analyse.

Is deze analyse volstrekt onzinnig? Zal het allemaal meevallen en zullen vinden er slechts enkele opstootjes plaats die zonder bloedvergieten de kop in worden gedrukt? Misschien. Maar wil je het risico wel lopen dat je ongelijk hebt. Wil je wel gokken met levens van honderden Surinamers? Ik niet.



Iedere Surinamer moet een standpunt bepalen waar je staat in deze discussie: wil je het risico nemen dat opnieuw op grote schaal bloed gaat vloeien door een arrestatie van Bouterse vanwege de rechtszaak of zoek je naar een andere manier om sociale en politieke spanningen op te lossen namelijk de weg van dialoog?
Je moet geen kiekeboe spelen en het steeds maar hebben over een juridisch proces maar volledig zwijgen over de gevolgen van de uitkomst van dat proces voor welvaart en welzijn van Surinamers.
Je moet eerlijk en integer zijn en openlijk verklaren: wij accepteren de gevolgen van een arrestatie van Bouterse ook al leidt dat tot honderden doden in nieuwe geweldsuitbarstingen. We beseffen dat dit een reële mogelijkheid is en vinden dat Surinamers bereid moeten zijn om die prijs te betalen. Als je dat doet, dan ben je eerlijk en integer. Zwijg je over de gevolgen van de arrestatie, dan hou je mensen voor de gek met een juridisch proces.

Stel nu dat je niet wilt dat Suriname terecht komt in een spiraal van geweld in de komende decennia maar je vindt dat er toch iets gedaan moet worden met de kwestie van het recht en wet? Welke kanten kun je dan uit?
Volgens mij zijn maar twee mogelijkheden.
De eerste mogelijkheid is te stellen dat je vindt dat de rechtszaak moet doorgaan, maar dat een Front regering de uitspraak niet moet respecteren en Bouterse uit de gevangenis moet houden door hem dan amnestie of gratie te verlenen. Dit standpunt brengt ons in morele en politieke problemen. Als je stelt dat de rechtszaak moet doorgaan dan wek je de verwachting bij nabestaanden dat je de uitslag zal respecteren, hoewel je van tevoren weet dat je dat niet gaat doen, maar je zegt het niet openlijk. Je gaat het zeggen na de uitspraak.
Wat verwacht je dat de mensen gaan zeggen die dachten dat de uitspraak gerespecteerd zou worden en Bouterse gearresteerd zou worden? Die mensen, ik inclusief, zullen zich bedrogen voelen en je lafheid verwijten. Het bedrog zit in het feit dat je van tevoren wist dat je de uitslag niet zou respecteren, maar je hebt dat verzwegen. De lafheid zit in het feit dat je niet durft eerlijk en open te zijn over je bedoelingen.

Als je eerlijk en open wilt zijn, dan moet je nu al verkondigen dat je Bouterse amnestie zal geven na een rechtszaak. Maar dat komt de vraag naar voren: waarom dan die hele poppenkast van een rechtszaak? Waarom niet direct amnestie geven en het land de ellende besparen van oplopende spanningen?

Er is een andere oplossing als je spreekt over recht en wet. Die oplossing is in de theorie van Decolonizing The Mind. In deze theorie wordt het concept van de scheiding der machten ter discussie gesteld. Voor mensen die getraind en geconditioneerd zijn in Eurocentrisch denken volgt nu een moeilijk stuk. Dus ga ik dit goed uitleggen.

Het idee van de scheiding der machten wordt in het westen beschouwd als een belangrijke verworvenheid van de democratie. Het principe werd geformuleerd door de Franse racist Charles de Montesquieu die leefde van 1689-1755. Hij was een racist [1] omdat hij Afrikanen beschouwde als minderwaardige mensen. Maar dat terzijde.
Montesquieu stelt dat een democratie bestaat uit drie machten: de wetgevende macht (het parlement), de uitvoerende macht (de regering) en de rechterlijke macht. Waar zit de eurocentrische fout in deze redenering?
Het veronderstelt een periode van langdurige democratische stabiliteit. In die situatie bevordert de scheiding der machten de democratie en de rust in de samenleving. De rechterlijke macht functioneert namelijk op basis van een geaccepteerde verhouding tussen staat en individu. Een individu die een misdaad pleegt wordt door de staat gestraft namens de slachtoffers en de samenleving. De onrust die de misdaad veroorzaakt veranderd in rust door de straf van de misdadiger.

Maar als misdaden gepleegd worden als gevolg van politieke spanningen tussen sociale groepen en kort daarna wordt de democratie ingevoerd met het principe van de scheiding der machten, dan ontstaat er een andere situatie. In die situatie zal de scheiding der macht niet leiden tot rust, maar tot onrust in de samenleving. Het zal de sociale stabiliteit niet versterken, maar verzwakken. Waarom? Omdat de rechterlijke macht die een misdaad uit een periode van sociale spanning gaat behandelen als een reguliere misdaad, direct ingrijpt in de sociale stabiliteit. De groep die aangeklaagd wordt beschouwt dit niet als een aanval op een individu, maar als een aanval op de groep. Het gevolg is dat je een serie van actie-reactie krijgt die de sociale stabiliteit ondermijnt. Dat is in de afgelopen jaren gebeurd in Suriname.
De theorie van de scheiding der machten klopt niet met de praktijk dat het rust brengt. Wat doe je in zo’n geval? Je kunt het voorbeeld volgen van de Duitse filosoof Hegel. Een leerling kwam naar hem toe en zei: “Meester, uw theorie klopt niet met de werkelijkheid”. Waarop Hegel antwoordt: “Dat is jammer voor de werkelijkheid.”
Maar we willen de werkelijkheid niet negeren zoals Hegel dat deed. We willen de werkelijkheid erkennen en andere principes toepassen om rust en vrede te brengen in een democratie.
Vanuit de theorie van Decolonizing The Mind leggen we daarom uit dat in deze situatie het principe van de scheiding der machten niet moet worden toegepast, maar een ander mechanisme moet worden gebruikt om rust te brengen in een samenleving, namelijk dia van dialoog.
Het uitgangspunt daarbij is dat regels worden gemaakt voor de mensen en niet omgekeerd. Als de regels niet werken, dan moeten we de regels veranderen, niet de mensen.
Als het principe van de scheiding der machten tot sociale onrust leidt, dan moeten verantwoordelijke mensen andere mechanismen invoeren om sociale rust te brengen. En dat is ook gedaan in Suriname in het geval van de Binnenlandse oorlog. Laten we die case bespreken waar het principe van de scheiding der machten niet is toegepast.

Sinds 25 februari 1980 zijn er 446 doden gevallen. Het grootste aantal doden was tijdens de Binnenlandse Oorlog. Sommige doden zijn gepaard gegaan met ongelooflijke wreedheden. De wreedheden van het Nationaal Leger van 8 December en Moiwana zijn bekend.
Laat me enkele voorbeelden geven van de wreedheden van de andere kant. Tijdens de Binnenlandse Oorlog was een soldaat van het Nationaal Leger tijdens een militaire actie per ongeluk in de richting van het Jungle Commando gelopen in plaats van naar zijn eenheid. Hij werd gevangen genomen. Hij werd vervolgens in stukjes gekapt door het Jungle Commando. Zijn doodgeschreeuw was opgenomen op een geluidsband terwijl hij stierf. De lichaamsdelen zijn in een boot gestopt en bedekt met pina-bladeren en de rivier opgeduwd. Het ontbonden lichaam werden drie dagen later gevonden. De ouders wilden het lijk niet begraven omdat ze weigerden te geloven dat het hun zoon was. De verantwoordelijken voor deze moord zijn nooit voor het gerecht gedaagd.

Er is een geval van een soldaat die gevangen genomen wordt en op de manier van de Islamitische Staat is onthoofd. Het hoofd en het gescheiden lichaam zijn gevonden.

In een ander geval is een militair voertuig met twee soldaten op een landmijn gestuit. Het voertuig bevatte een bijl en pikhouweel en was omgekanteld. De soldaten kropen eruit en werden gevangen genomen. Het hoofd van de ene soldaat is met een bijl gespleten en het hoofd van de andere soldaat is met de pikhouweel verbrijzeld.

Iedereen snapt dat dit verschrikkelijk wrede misdaden zijn die door geen enkele daad van verzet gerechtvaardigd kunnen worden. Je kunt je alleen afvragen waarom ze nooit dezelfde aandacht hebben gehad van mensenrechtenorganisaties als de wreedheden van 8 december.
Als je het principe van de scheiding der machten zou toepassen zou je deze vreselijke misdaden voor de rechter moeten brengen. Dat is niet gebeurd. Er is vrede gesloten met het Jungle Commando en de daders hebben amnestie gekregen. Voor de nabestaanden is dit een verschrikkelijke last die ze moeten dragen. Zij hebben een hoge prijs betaald voor de vrede van de Binnenlandse Oorlog.
Toch was en is het in mijn ogen een verstandig besluit geweest om de Binnenlandse Oorlog te beëindigen en amnestie te verlenen. Waarom? Ik denk dat een samenleving vrede nodig heeft om zich te ontwikkelen en niet in een permanente staat van oorlog kan verkeren. En vrede heeft een bepaalde prijs, die vooral door nabestaanden betaald wordt. Daarom is het de plicht van de samenleving om die prijs te verlichten door goed om te gaan met de nabestaanden.

2. Mijn reactie op het artikel van OGV en Stichting 8 December in Starnieuws
Op Starnieuws hebben de Organisatie voor Gerechtigheid en Vrede en de Stichting 8 december 1982 een artikel geplaatst met de titel Geen gesprek met de heer Baboeram.

De organisatie brengen zes argumenten naar voren om de handreiking die ik deed te weigeren. Dit is mijn antwoord op deze argumenten.
1. Ik zou mensen misleiden omtrent de toedracht van de communicatie tussen mij en de president. In de vorige persconferentie ben ik daar uitgebreid op ingegaan. Dat kunt nalezen. Ik ga het hier niet herhalen.
2. Ze stellen: Ik onderzoek geen mensenrechtenschendingen en pleit voor de stopzetten van de rechtszaak. Dat klopt. Hierboven heb ik uitgebreid mijn argumentatie hiervoor gegeven.
3. De cijfers die ik geef over het aantal doden van 8 December in vergelijking met het totaal aantal doden sinds 25 februari getuigt van een gebrek aan medemenselijk gevoel. Dat klopt niet. Integendeel. Ik beschrijf een gevoel van schaamte voor het feit dat ik me nooit bekommerd heb om de 97% die ook een vader en een moeder hebben.
4. Ik zou de twee organisaties verwijten dat ze niet opkomen voor de andere 431 nabestaanden. Dat klopt niet. U kunt mijn speech erop nalezen. Nergens maak ik deze organisaties dat verwijt. Ik maak mezelf het verwijt dat ik al die jaren mijn leed niet heb verbonden met hun leed.
5. Het via de pers en telefoontjes van derden benaderen van onze organisaties getuigt van geen respect voor hun organisaties. Ik heb inderdaad via de pers een handreiking gedaan. Ik heb geen contactgegevens op internet kunnen vinden en heb daarom aan mensen die de gegevens hebben, gevraagd of zij kunnen bellen met de woordvoerders, met name Hugo Essed en Sunil Oemrawsingh, met de vraag of zij mij zouden willen ontvangen. Essed heeft toegestemd maar verklaarde een gesprek op persoonlijke titel te willen voeren en eiste geheimhouding. Sunil Oemrawsingh weigerde een gesprek. Nu blijkt dat deze procedure als een gebrek aan respect is ervaren door deze organisaties, wil ik bij deze mijn excuses aanbieden. Ik verzoek bij deze om mij hun contactgegevens te mailen zodat ik in de toekomst de juiste procedure kan volgen, indien ze ooit bereid zijn om met me te praten.
6. Ze stellen dat mijn stap tot een getuigenis is even ongeloofwaardig als de leugens van Bouterse. Dat neem ik voor kennisgeving aan. De praktijk moet dat uitwijzen.

Ik wil nog een ding kwijt in deze kwestie. De twee organisaties spreken namens de nabestaanden. Ik weet niet op grond waarvan ze een mandaat hebben gekregen om ook namens mij te spreken. De mensen die zich het meest roeren in de pers zijn geen nabestaanden, met name Theo Para en Hugo Essed. Ik weet niet op grond waarvan ik moet accepteren dat zij mede namens mij als nabestaande mogen praten.
In de afgelopen jaren heb ik meermalen mijn emoties van pijn en verdriet gedeeld via mijn columns in Starnieuws land voor het huidige initiatief. Mensen die ik helemaal niet ken, hebben mij woorden van troost gestuurd. Deze organisaties die zeggen mede namens mij te spreken, hebben dat nooit gedaan. De man die verantwoordelijk is voor de dood van mijn broer heeft na dertig jaar tenminste de moeite genomen om die pijn te erkennen.
Tot slot, ze zeggen dat ze niet met mij willen praten. Dat respecteer ik. Maar sindsdien zijn wel de pers ingegaan om over mij te praten. Dat begrijp ik niet.

3. Reactie op het artikel van Hugo Essed over mijn veiligheid
Op 6 augustus had ik op mijn verzoek een gesprek gehad met Hugo Essed. We hadden op zijn verzoek afgesproken om het gesprek niet publiekelijk te maken. Ik was daarom verrast dat hij een deel van het gesprek openbaar heeft gemaakt. Ik kan nu niet zwijgen en moet een reactie geven. Die reactie wil ik beperkt houden.
Essed begon met een verklaring dat hij lid was van de Volksmilitie. Ik wist dat van vrienden van mij die ook in de Volksmilitie hebben gezeten. Mijn vrienden dachten dat ze dat ze hun land verdedigden en hebben later tegenover mij afstand genomen van de Volksmilitie. Daarom was de mededeling van Essed voor mij geen probleem.
Maar ik was wel verbaasd dat hij nog steeds niet publiekelijk afstand heeft genomen van het feit dat hij na 8 december 1982 met de wapens in de hand de Decembermoorden heeft verdedigd in de Volksmilitie terwijl hij zichzelf als één van de publieke woordvoerder presenteert van de nabestaanden.
Ik stelde in mijn gesprek met Essed voor om in de toekomst een lijn van communicatie te openen met de twee organisaties zodat ik van tevoren hen op de hoogte zou brengen van mijn publieke acties in de hoop dat we daarover in gesprek zouden kunnen raken. Hij antwoordde dat hij op persoonlijke titel sprak en zag zelf geen heil in die communicatie. Dat hebben beide organisaties nu ook in de media kenbaar gemaakt.
Ik heb hem gevraagd wat hun einddoel is. Wat is hun scenario als Bouterse gearresteerd zou worden? Daar bleek hij goed over te hebben nagedacht. Maar ik vind dat ik niet mag vertellen wat zijn analyse is omdat het zijn verantwoordelijkheid is om dat kenbaar te maken.
Toen ik aanstalten maakte om te vertrekken, vroeg hij me om even te wachten omdat hij drie zaken onder mijn aandacht wilde brengen.
Ten eerste, de andere nabestaanden vinden het beledigend dat ik de cijfers heb verschaft over het totaal aantal doden in relatie tot de doden van 8 December. Dat nemen ze me kwalijk.
Ten tweede, 8 december is de dag waarop de andere nabestaanden hun doden herdenken en ik zou daarom mijn rapport niet op 8 december mogen presenteren. Hij sprak alsof ik geen nabestaande was en geen rechten kon claimen als nabestaande.
Ten derde, zei hij tot twee keer in het gesprek letterlijk tegen me: “Ik waarschuw je. Je speelt met je leven.”
Als een vriend dat tegen me zegt, beschouw ik het als een waarschuwing. Als een opponent dat tegen me zegt, beschouw ik het als een bedreiging.
Maar ik heb het luchtig opgenomen en hoop dat het een verspreking was, ook al werd die verspreking tweemaal geuit. Ik heb het voor de zekerheid gemeld bij de veiligheidsdienst. Ik wil het hierbij laten wat dit onderwerp betreft.

4. Mijn reactie op de verklaring van nabestaanden van John Baboeram
Op de website van GFC nieuws is een verklaring verschenen ondertekend door Nabestaanden van John Baboeram en aangeboden door Sunil Oemrawsingh van Stichting 8 December. Er stond geen naam van een familielid onder de verklaring.
De verklaring stelt ik het niet eens nodig vond om de familie vooraf op de hoogte te stellen. Dat is feitelijk onjuist, maar daar wil ik verder niet op ingaan. Ik heb naar aanleiding van dit bericht contact opgenomen met mijn familie, maar zij weet niets van een familievergadering waarin deze verklaring zou zijn opgesteld. Kortom, dit is een poging om de pijnlijke situatie waarvan ik zelf melding heb gemaakt in mijn vorige persconferentie politiek te misbruiken door een fantasieverhaal te verzinnen als zou de familie in een familieberaad hebben besloten om deze verklaring op te stellen en te publiceren.

5. Het onderzoek dat nu gestart is
De afgelopen twee weken heb ik me gericht op twee zaken.
• Het opzetten van een infrastructuur voor het uitvoeren van het onderzoek.
• Het bezoeken van locaties waar doden zijn gevallen in de Binnenlandse Oorlog.

Ik heb een deskundige projectleider in Suriname gevonden die de technische leiding over het onderzoek heeft: Ramon Cumberbatch. We hebben de afgelopen dagen gewerkt aan procedures, opzet en uitwerking van het onderzoek. We hebben een managementrapportage opgezet voor het onderzoek.
We gaan een database aanleggen van alle gebeurtenissen die hebben geleid tot processen van geweld: wie deed wat, waar, wanneer en waarom. We hebben de schriftelijke bronnen geïdentificeerd. Onze data-analisten gaan onder meer 10.000 kranten doornemen. We gaan honderden interviews doen met mensen die betrokken zijn geweest bij processen van geweld hetzij als actor, hetzij als slachtoffer. We hebben interviewprotocollen opgesteld en trainingsprogramma’s opgezet.
Ramon en ik hebben met de voorzitter van het bestuur van de Universiteit van Suriname, dr. ir. Ryan Sidin, een uitermate prettig gesprek gehad over de medewerking van de universiteit bij het onderzoek. Sidin zal alles in het werk stellen om de maximale medewerking van de universiteit te verzekeren. Intussen hebben we een brainstormsessie gehad met de historici dr. Eric Jagdew en Jerry Egger die hun kennis van de moderne geschiedenis met ons hebben gedeeld en daarmee de richting van het onderzoek helpen bepalen. Ramon Cumberbatch zal verdere operationele afspraken met de universiteit inzake hun bijdrage aan het onderzoeksproject.
De eerste testen met de data-analyse en de invoer in de database zijn succesvol afgerond. Kortom, de infrastructuur is gelegd en het onderzoekswerk is van start gegaan.

Een onderdeel van het onderzoek was het bezoeken van de locaties in het binnenland waar mensen om het leven zijn gekomen: Stolkersijver, Brownsweg, Atjoni, de Brokopondo dam, Kraka, Marshallkreek, Moiwana, Alfonsdorp, Commetewane kreek, Moengo, Albina etc. Gedurende drie dagen ben ik in het binnenland op stap geweest met een groep militairen van het Nationaal Leger. Ik heb foto’s genomen van de locaties en de verhalen aangehoord van de militairen die bij gevechtsacties betrokken waren geweest. Wanneer ik in oktober terugkom, hoop ik de reis opnieuw te maken, maar dan met leden van het voormalige Jungle Commando zodat ik de verhalen van de andere kant kan horen.

6. De voorbereiding van het gesprek met Bouterse
Er is technisch overleg geweest met Melvin Linscheer over het gesprek met Bouterse. Er is geen inhoudelijke voorbereiding geweest.
We hebben drie technische aspecten besproken.
We bespraken of de voertaal Sranan Tongo of Nederlands zou moeten zijn. We hebben besloten om het in het Nederlands te houden, omdat een groot deel van de jongere generatie in de Surinaamse diaspora geen Sranan Tongo spreekt. We willen hen deelgenoot maken van het proces.
We hebben vooralsnog besloten om het gesprek ergens in het binnenland te voeren. We hebben nog geen definitieve locatie bepaald.
We hebben gekeken naar technische aspecten van geluidsopname en snelle transcriptie zodat het materiaal op korte termijn kan worden vrijgegeven.
De gesprekken tussen mij en Bouterse zullen plaatsvinden van vrijdag 27 tot en met zondag 29 november. Het rapport wordt aangeboden op dinsdag 8 december.

7. De voorbereiding van een reis naar Zuid Afrika
IISR in Nederland heeft een uitgebreide studie gedaan naar de waarheidscommissie van Zuid-Afrika. Het blijkt dat in Zuid-Afrika al een aantal zaken is uitgedacht waar wij niet aan hadden gedacht. Een voorbeeld is de training van mensen die nabestaanden van slachtoffers van geweld interviewen. Dit soort interviews vereist niet alleen technische interview vaardigheden, maar ook een bepaalde attitude, levenservaring en inlevingsvermogen. Zo zijn er tal van zaken, waar we niet aan gedacht hebben, reeds uitgedacht te zijn in Zuid-Afrika.
In juli van dit jaar organiseerde IISR een Decolonizing The Mind Summer School in Amsterdam. Onder de deelnemers was een tiental docenten van de University of South Africa. Van hen leerden we dat er ook veel tegenstand was tegen de waarheidscommissie, o.a. van de familie van Steve Biko. We zijn geïnteresseerd in hun argumenten en hun ervaringen.
We hebben onze vrienden en vriendinnen in Zuid-Afrika gevraagd om te helpen met het voorbereiden van onze reis. Ook hebben we de medewerking gevraagd van de Surinaamse ambassade in Zuid-Afrika.
We willen graag bisschop Tutu bezoeken, maar begrepen van zijn dochter dat zijn gezondheid niet zo best is. We willen voor- en tegenstanders van de waarheidscommissie spreken.
Ons bezoek is gepland in de laatste week van september.

8. Het traject van dialoogbijeenkomsten
Ik ga de komende tijd dialoogbijeenkomsten organiseren in Nederland en hoop dat dat in Suriname ook zal plaatsvinden. Het moeten bijeenkomsten zijn waar Surinamers bij elkaar komen in huiskamers of publieke ruimtes om met elkaar te praten over hoe we met het trauma van 8 december willen omgaan. Kiezen we voor confrontatie of voor dialoog? Ik heb gekozen voor de weg van verzoening en dialoog boven de weg van confrontatie.


Het is een bittere weg. Het is een pijnlijke weg. Het is geen weg van rozengeur en maneschijn. Het is bitter omdat het zoete gevoel van wraak moet plaatsmaken voor de onzekere verwachting dat ik vrede moet sluiten met mijn vijanden. Ik probeer me een voorstelling te maken van wat er omgaat in degene die verantwoordelijk is voor de moord op mijn broer. Gek genoeg probeer ik me in te leven in iemand die heb leren haten in de afgelopen dertig jaar zonder te mogen verwachten dat het inlevingsvermogen ook aan de andere kant bestaat. Ik hoop dat hij zich kwetsbaar opstelt en net zo eerlijk is, als ik probeer te zijn, maar die garantie heb ik niet.
De Amerikaanse schrijfster Maya Angelou zei eens: je mag boos zijn, maar je hoeft niet verbitterd te zijn. Maar zo gemakkelijk is het niet. Het vereist dat je diep in je ziel grijpt naar wat het beste is in ons, mensen, en niet naar onze laagste driften.
Die poging wil ik wagen, niet vanwege externe factoren of hoge politieke en maatschappelijk idealen, maar vanuit de innige overtuiging dat wat ons onderscheidt van een dier is dat we ons niet laten leiden door instincten, maar door een besef dat beschaving en moraal ons maakt tot een geciviliseerd wezen dat we willen en zouden moeten zijn.

Ik dank u voor uw aandacht en stel u nu in de gelegenheid mij kritisch te bevragen.'


[1]: “Those concerned are black from head to toe, and they have such flat noses that it is almost impossible to feel sorry for them. One cannot get into one's mind that god, who is a very wise being, should have put a soul, above all a good soul, in a body that was entirely black… A proof that Negroes do not have common sense is that they make more of a glass necklace than of one of gold, which is of such great consequence among nations having a police. It is impossible for us to assume that these people are men because if we assumed they were men one would begin to believe that we ourselves were not Christians.” Montesquieu, Ch. De (1989): The Spirit of Laws. Cambridge Text in the History of Political Thought. Cambridge, p. 250. Origineel 1748.]

‘Don’ Martina op Curaçao geëerd met naambordje


Met naambord wordt oud-premier bedankt voor zijn werk voor Curaçao


De ‘Emancipatie en Rijkseenheid Boulevard’ in Willemstad op Curaçao heet vanaf nu de Dominico F. ‘Don’ Martina Boulevard. De oud-premier van de Nederlandse Antillen werd gistermiddag met deze onthulling bedankt voor zijn werk voor de Curaçaose gemeenschap, aldus het Antilliaans Dagblad vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.

Gouverneur Lucille George-Wout, premier Ivar Asjes en de ministers van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport Irene Dick en Verkeer, Vervoer, Ruimtelijke Planning Suzy Camelia-Römer waren bij de plechtigheid aanwezig.

De groet tussen twee oud-premiers van de Nederlandse Antillen voor de ceremonie begon zorgde voor een bijzonder plaatje, zo schrijft het dagblad. Ook de zoon van Martina, oud-minister van Economische Ontwikkeling, Steven Martina, was aanwezig en sprak vol trots over zijn vader.

Milieudienst Curaçao en ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur al weken zwijgzaam over aanpak uitstoot Isla

Clean Air Everywhere en SMOC willen snel hervatting Kort Geding


'Houding Milieudienst en ministerie is onbeschoft en onfatsoenlijk'


Zowel de Milieudienst op Curaçao als het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur is al weken niet bereikbaar voor overleg over de aanpak van de uitstoot van de Isla. Dat zegt Marc Verkade van de stichting Clean Air Everywhere. Daarom dient deze stichting maandag samen met stichting Schoon Milieu op Curaçao (SMOC) een verzoek in bij de rechter om het Kort Geding dat voor 31 augustus gepland stond eerder te hervatten. 

Verkade vindt de houding van de Milieudienst en het ministerie ‘onbeschoft’ en ‘onfatsoenlijk’, zo bericht het Antilliaans Dagblad vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.

Rechter Peter van Schendel stelde in juni dit jaar tijdens de eerste zitting van het Kort Geding dat alle partijen met elkaar om de tafel moesten gaan. Een eerste gesprek heeft daadwerkelijk plaatsgevonden en is volgens Verkade naar tevredenheid verlopen. Daarna werd het stil.

'Dat is spijtig, ik had gehoopt dat naar aanleiding van de prettige gesprekken die er zijn geweest ook de overige actiepunten uitgevoerd zouden worden. Het eerste punt, namelijk een rapport opstellen, is gelukt. Maar, daar is het bij gebleven.'

Een van de andere punten is dat Clean Air Everywhere en SMOC inzage zouden krijgen in dat rapport. Vooralsnog is dat niet gebeurd. De eisers stelden in juni dat er onderzoek gedaan moest worden naar de groene aanslag en andere vervuiling in Wishi Marchena en omringende wijken. 'Ook de afgelopen weken is de stank en vervuiling weer enorm. De maat is vol, maandag dienen we het verzoek in dit kort geding zo snel mogelijk weer te hervatten.'

Afgelopen donderdag zou er een ontmoeting plaatsvinden tussen het ministerie, dat vertegenwoordigd zou worden door de Milieudienst, en de stichtingen. Omdat er geen gegevens werden overlegd is dit overleg opgeschoven naar komende dinsdag. 'We hebben het verzoek neergelegd dan uiterlijk vrijdag 14 augustus om vijf uur in de middag de gegevens te krijgen, dat is niet gebeurd. Er is geen contact meer geweest, er is totale stilte van de kant van de Milieudienst en het ministerie.'

Deze vierde bijeenkomst, die dus niet is doorgegaan, was voor de stichtingen belangrijk. Verkade gaf eerder al aan dat ze, naar hun mening, nog geen toereikend antwoord hadden gekregen van het ministerie. Hij liet toen weten dat als er geen concrete afspraken werden gemaakt in deze bijeenkomst, de stichtingen de rechter zouden vragen tijdens voortzetting van het kort geding op 31 augustus een vonnis uit te spreken.

Ondertussen zijn de resultaten van het onderzoek van TNO naar de groene smurrie volgens Verkade bekend. Op de vraag wat er in de groene aanslag zit is daarmee een antwoord gekomen. Nu moet dit antwoord volgens de stichting binnen twee weken worden gedeeld met de bevolking.

Minister Ben Whiteman (PS) van Milieu en Tico Ras van de Milieudienst waren gistermiddag niet bereikbaar voor commentaar.

Rosaria (PAIS) verdedigt keuzes debat Staten Curaçao over Wiels

'Ik ben alleen verantwoordelijk voor mijn eigen mensen'


In een uitgebreide reactie verdedigt Alex Rosaria, de leider van coalitiepartij PAIS op Curaçao, zijn keuzes van de afgelopen maanden en vooral die van afgelopen donderdag om de motie van wantrouwen tegen Gevolmachtigde minister Marvelyne Wiels (PS) niet te steunen, aldus het Antilliaans Dagblad vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.

Deze motie kwam donderdagavond op tafel en werd met een meerderheid aan stemmen, waaronder die van PAIS, afgewezen. Dit leidde binnen de gemeenschap en vooral op social media tot grote verontwaardiging waarbij Rosaria ervan beschuldigd werd niet 'shouru proof' te zijn; een woord dat de politiek leider zelf heeft verzonnen en vaak gebruikt.

In zijn reactie verdedigt Rosaria zich door te stellen geen middelen in handen te hebben om mensen van andere politieke partijen die zich misdragen of de wet overtreden weg te sturen. Rosaria vindt dat dat aan de desbetreffende partijen is om te doen en dat hij alleen verantwoordelijk is voor zijn eigen mensen.

Als voorbeeld haalt hij een casus aan waarbij een commissaris van zijn eigen partij een handeling verrichtte die niet juist was en vervolgens door PAIS werd verzocht af te treden. Rosaria verwijst hier naar Marin van Eps, het bestuurslid van CTDF, dat onlangs is afgetreden. 'Maar, een commissaris van een andere partij deed hetzelfde en hij zit er nog steeds. We kunnen alleen als voorbeeld dienen in het nemen van verantwoordelijkheid. Meer niet.'

Energiedeskundige Ajodhia: 'Energiebeleid binnen EBS is vrijgevochten boel'

'Blackouts, loadshedding en zaken als CLAD-rapporten zijn uitingen slecht beleid'


‘Het probleem in de energiesector is gebrek aan goed beleid’, zegt energiedeskundige Viren Ajodhia vandaag, zaterdag 15 augustus 2015, in het Dagblad Suriname. Volgens Ajodhia is het een vrijgevochten boel. Er is noch goede wetgeving noch regulering, noch planning. Hiermee komt men volgens hem in een situatie terecht waar er bijna chaos is. 

‘Blackouts, load shedding en praktijken als CLAD-rapporten (Centrale Landsaccountantsdienst) zijn allemaal uitingen hiervan. Elk bedrijf heeft inkomsten nodig. De inkomsten van de EBS zijn niet voldoende om het bedrijf gezond te houden. De andere kant van de medaille zegt, dat je dan de tarieven moet verhogen. Mensen gaan nu niet accepteren dat je de tarieven verhoogt, terwijl je aan de andere kant veel inefficiëntie in dienstverlening hebt. Het is bijna een kip en ei verhaal. Ze gaan pas goed kunnen draaien als je de tarieven verhoogt, maar je kunt de tarieven niet verhogen, omdat ze niet goed draaien. Je moet de cirkel ergens verbreken en dat kan alleen middels goed beleid en wetgeving’, stelt Ajodhia.

Een van de juridische foefjes om ondernemingen uit zo'n nood te verhelpen, is het failliet verklaren van de onderneming en via een ander kanaal dezelfde onderneming opstarten. De vraag die hierbij gesteld kan worden, is of de EBS ook zo'n tactiek zou kunnen toepassen, meent Ajo. ‘Je moet het zien als een auto, waarvan de batterij is gezakt. Als je het boostert, start hij wel. De eerstvolgende keer wanneer je de auto wilt starten, zal hij weer niet starten. Dit, omdat je batterij niet goed is. Failliet verklaren is dus eigenlijk boosteren. Dat is nodig, maar dat is niet voldoende. Je zult structureel zaken moeten aanpakken. Je kunt het bedrijf theoretisch failliet laten verklaren. Het bedrijf is technisch al failliet. Als het bedrijf geen monopolistische positie had, was het al lang weg’dhia.

Er is ook vaak over het privatiseren van de EBS gesproken. Er zijn pro’s en contra’s voor dit model. Ajodhia meent dat privatisering een toekomstverhaal zal moeten zijn.

‘Ondernemerschap moet niet bij de overheid liggen. Het zou liever aan het bedrijfsleven worden overgelaten. Je hebt nu een specifieke situatie, waarbij de EBS een monopolist is. Als je een particuliere monopolist hebt, gaat die meer uitbuiten dan een overheidsinstantie. Het komt steeds neer op beleid en wetgeving. Je kunt jarenlang praten, maar er zal niets gebeuren zolang er geen structurele aanpak is. Organisatie van je directie en privatisering is nummer twee. We kunnen geen huis willen bouwen, en praten over gordijnen en lampen, zonder over de fundering te hebben gesproken. Wat je dus nodig hebt is goed beleid, ondersteund door wetgeving dat zekerheid kan scheppen’, aldus de energiedeskundige.

Oud-minister Moestadja zou nog steeds dienstauto van de staat, chauffeur en beveiligers hebben

Moestadja zou zich door Somo- hardjo niet meer veilig voelen


‘Belt u met BiZa, ik ben nu in overleg.’ Zo luidt het antwoord van de oud-minister van Binnenlandse Zaken (BiZa) Soewarto Moestadja op de vraag van het Dagblad Suriname of hij daadwerkelijk over een dienstauto van de staat, een chauffeur en over veiligheidsmannen beschikt. 

Volgens de wettelijke bepalingen mag een minister na zijn ambtsperiode voor een tijdsduur van zes maanden over deze privileges beschikken. Maar, deze periode was reeds in december 2014 verstreken voor Moestadja, zo schrijft het dagblad vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.

Voor de verkiezingen van 25 mei dit jaar keerde Moestadja de Pertjajah Luhur (PL) de rug toe om de NDP te ondersteunen. PL-voorzitter Paul Somohardjo maakte er geen geheim van en verklaarde dat Moestadja dit deed voor de privileges die hem beloofd waren door de NDP. Volgens Somohardjo was de PL niet in staat om voor deze faciliteiten zorg te dragen en wenste zij Moestadja succes.

Somohardjo z3i zelfs het Moestadja niet kwalijk te nemen, dat hij was gezwicht voor de privileges die hem van overheidszijde aangeboden werden.

Politiek analist Hardeo Ramadhin wijst erop, dat indien de Staat wil bezuinigen, zoals eerder verklaard door president Desi Bouterse, zij in de top moet beginnen en niet de kleine man geld moet aftroggelen. Hij stelt, dat Moestadja verklaard zou hebben dat hij zich niet meer veilig voelt door Somohardjo. ‘Maar dit is een drogreden. Somohardjo doet geen vlieg kwaad.’

Ramadhin memoreert dat Moestadja gedurende twee termijnen als minister heeft gefungeerd. Van 1996 tot 2000 was hij minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting en in de periode 2010 tot 2012 was hij de minister van Binnenlandse Zaken. ‘En ministers die een pensioen ontvangen, leven echt niet op de rand van armoede. Ze moeten zeker een bedrag van minimaal Srd 8.000 maandelijks ontvangen.’

Nederlandse (18) verkracht in Paramaribo

Jonge vrouw onder bedreiging mes verkracht


Een 18-jarige Nederlandse is afgelopen donderdag in de vooravond door een onbekende man op een scooter verkracht in de Letitia Vriesdelaan ter hoogte van het André Kamperveen Stadion in Paramaribo. Dit bericht het Dagblad Suriname vandaag, zaterdag 15 augustus 2015. Volgens dat dagblad zou het gaan om een stagiaire.

Volgens de jonge vrouw was zij kort voor dit voorval bezig luiaards te zoeken. Op een gegeven moment werd zij benaderd door een man die op een scooter reed. De man hield haar voor, dat hij haar zou helpen zoeken. Het slachtoffer en de verdachte lieten hun fiets en scooter achter en liepen richting de trimbaan.

De verdachte haalde op een gegeven moment een mes tevoorschijn en bedreigde het slachtoffer daarmee. Onder bedreiging van het mes heeft hij haar verkracht. Uit vrees heeft de 18-jarige Nederlandse geen lawaai gemaakt. Na de daad liet de verdachte haar alleen achter.

De vrouw is toen gelopen naar de straat en heeft hulp gevraagd aan een voorbijganger, die uiteindelijk de politie heeft ingeschakeld. De politie van Geyersvlijt heeft de aangifte opgenomen. Het onderzoek in deze zaak duurt voort.

Later op de dag bericht de Ware Tijd Online, dat het niet zou gaan om een stagiaire, maar om een vakantiegangster.

Directeur NVB doet aangifte tegen onderdirecteur Operations en een lid van de RvC

Prisierie en Lehman zouden kantoor directeur Daniël uren 'bezet' hebben gehouden

'Wij hebben slechts gesprek met Daniël gevoerd en zijn verhaal klopt van geen kant'


Directeur Lesley Daniël van het Nationaal Vervoer Bedrijf (NVB) blijkt afgelopen donderdag aangifte te hebben gedaan tegen Nicolaas Prisierie, onderdirecteur Operations, en Gilbert Lehman, lid van de Raad van Commissarissen (RvC), omdat zij die dag van acht uur ‘s morgens tot twee uur ‘s middags zijn kantoor bezet zouden hebben gehouden. Dit bericht de Ware Tijd vandaag, zaterdag 15 augustus 2015.

Daniël trof beide heren aan in zijn werkruimte toen hij aan het werk verscheen na bijwoning van de overdracht van het ministerie aan de nieuwe minister van Transport Communicatie en Toerisme.

'Ik vroeg of ze wat wilden bespreken, maar ze gaven aan dat ze niet daarvoor waren gekomen. Ik heb hen toen gevraagd om het kantoor te verlaten maar zij hebben geweigerd', aldus Daniël. Hij weet niet wat het tweetal wilde. 'Misschien hebben zij een eventuele opdracht niet goed begrepen.' Hij schakelde de politie in nadat hij een tijdje in een andere ruimte had gezeten en de vermeende bezetters weigerden te vertrekken.

Daniël werd geadviseerd aangifte te doen, nadat Prisierie en Lehman de ruimte weigerden te verlaten, zelfs na een gesprek met agenten. Toen hij eenmaal voor aangifte het pand verliet, vertrok ook het tweetal.

Daniël vermoedt dat de bezetting politiek gemotiveerd is geweest, want Prisierie is immers voorzitter van Baasa en Lehman is hoofdbestuurslid van de partij die een samenwerking heeft met de NDP.

Lehman bevestigt, dat hij en Prisierie in het kantoor waren, maar ontkent dat het enig politiek doel dient. Hij meent zich op elk gewenst moment op elke afdeling van het bedrijf te mogen bevinden, omdat hij lid is van de Raad van Commissarissen. 'Die man weet niet wat hij doet door aangifte tegen mij te doen', zegt Lehman, die niet wil zeggen of hij de directeursfunctie ambieert.

'Het verhaal van de directeur klopt van geen kant', is de reactie van Prisierie, die beweert dat zij slechts een gesprek hebben gevoerd met Daniël, hetgeen echter niet blijkt uit de opmerkingen van de directeur.

(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd)

Reisagenten in Suriname willen tickets van Braziliaanse GOL verkopen

ASRA wil dat TCT GOL wijst op wettelijke verplichting Surinaamse reisagenten tickets te laten verkopen
 
(Bron foto: GOL)

De Associatie van Surinaamse Reisagenten (ASRA) trekt aan de bel na de aankondiging van de Braziliaanse budget luchtvaartmaatschappij GOL, dat zij per 25 augustus op Suriname gaat vliegen. De luchtvaartmaatschappij heeft niet gereageerd op vragen van de ASRA, die wilde weten op welke wijze de organisatie GOL-tickets kan verkopen aan haar klanten. De ASRA wil bescherming voor de Surinaamse ondernemer, zo laat zij in een persbericht weten, aldus Starnieuws vanochtend, zaterdag 15 augustus 2015.

De ASRA heeft haar ongerustheid kenbaar gemaakt aan het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT). Zij hoopt dat het ministerie GOL zal wijzen op haar wettelijke verplichting de Surinaamse agenten in te schakelen voor de ticketverkoop. De associatie stelt, dat het gaat om de belangen van de Surinaamse ondernemers. De werkgelegenheid moet beschermd worden en de GOL zou zich net als de andere airlines, inclusief de nationale SLM, gewoon aan de wet moeten houden.

'Behalve GOL is er nog een buitenlandse airline die alles in het werk stelt om de reisagent uit de markt te drukken en wel met handelingen die als onethisch kunnen worden gekwalificeerd, uitsluitend en alleen om onder de verplichting uit te komen commissie aan de agent uit betalen voor verrichte werkzaamheden', schrijft de ASRA in haar persbericht.

De ASRA schrijft verder zich te zullen verzetten tegen de grillen van slechts één luchtvaartmaatschappij, 'die alleen haar eigen belangen dient', en roept Surinaamse reizigers op, hetzelfde te doen. Volgens de ASRA zijn haar reisagenten in staat professioneel het beste voor de klant uit te zoeken, gebruikmakend van de beschikbaarheid van meerdere airlines, terwijl de service verder gaat dan alleen het verkopen van een ticket.

Met ingang van 25 augustus vliegt GOL twee keer per week van de Noord-Braziliaanse stad Belem naar de hoofdstad van Suriname. Op de route zet GOL Boeing 737's in. De vluchten van Belem naar Paramaribo vertrekken op dinsdag en zaterdag. De vliegtijd is 1 uur en 45 minuten, zo maakte de maatschappij 23 juni al bekend.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws/luchtvaartnieuws.nl)

Personeel 's Lands Hospitaal kiest massaal voor Edam en zijn BPLH - Directie lijkt niet om Edam heen te kunnen

Edam: 'Wij gaan onze plaats opeisen als partner van de directie'

Jubelstemming onder groep Edam. (Bron foto: Irvin Ngariman/de Ware Tijd)

Tegenkamp van Iwan Weeks delft onderspit met 163 stemmen, tegen 350 voor Edam - 162 Personeelsleden onthouden zich van stemming


Het personeel van 's Lands Hospitaal heeft gisteren bij referendum met overgrote meerderheid gestemd voor het bestuur van de Bond Personeel 's Lands Hospitaal (BPLH) onder leiding van Imro Edam. Hiermee heeft de groep onder leiding van Iwan Weeks het onderspit gedolven. 

Het referendum werd gehouden onder leiding van de Bemiddelingsraad. Hiermee is een einde gekomen aan een geschil van bijna twee jaren over de vakbondsvertegenwoordiging bij het ziekenhuis, aldus de Ware Tijd Online vanochtend, zaterdag 15 augustus 2015.

Edam zei na de verkiezing, dat zijn bestuur geen verlengstuk zal zijn van de directie. 'Wij gaan onze plaats opeisen als partner van de directie.'

Het kamp van Edam werd met 350 stemmen gekozen. De tegenpartij kreeg 163 stemmen achter zich. Zes stemmen werden ongeldig verklaard en maar liefs 162 medewerkers onthielden zich van stemmen.

Terwijl de winnaars in een hoerastemming verkeerden, leken de gemoederen bij de verliezers volgens de Ware Tijd verhit. Weeks weigerde een handdruk van Edam te accepteren nadat het resultaat bekend gemaakt werd. 'We zullen het met z'n allen moeten doen. Nu zijn de gemoederen misschien verhit, maar ik zal mijn uiterste best doen om de eenheid terug brengen', zei Edam.

De directie van het ziekenhuis heeft steevast geweigerd het bestuur onder leiding van Edam te erkennen. Eerder dit jaar heeft de Bemiddelingsraad voor Geheel Suriname in samenspraak met partijen besloten tot een referendum om een einde te brengen aan de tweespalt. Edam hoopt dat de directie zijn bestuur nu erkent als partner.

Breeveld (DOE): 'Ik denk dat we dit initiatief van Hira moeten steunen'

'Stappen in richting verzoening verdienen positieve benadering'


'Elk initiatief dat kan bijdragen tot een oplossing van personen die om het leven zijn gekomen in de jaren van de vorige eeuw, moet positief worden ontvangen. Het kan nooit de bedoeling zijn om zeer pijnlijke gebeurtenissen te laten voor wat ze zijn. We hebben als Surinamers de plicht om naar oplossingen te zoeken. Ik heb dat in gesprekken met de huidige president ook aan de orde gesteld. Voortgaan alsof er niets aan de hand is, is voor mij geen optie.'

Dit zegt Assembleelid Carl Breeveld (voorzitter van DOE) vandaag, zaterdag 15 augustus 2015, op Starnieuws.

Sandew Hira (Dew Baboeram) had een gesprek met Breeveld over zijn project 'De getuigenis van president Bouterse'. 'In mijn zoeken naar een oplossing heb ik als theoloog ook vaker gesprekken gehad met geestelijke leiders hierover. Recentelijk nog. Toen ik begreep dat Baboeram het initiatief nam om nader onderzoek te doen om te komen tot dialoog en verzoening, kon ik mij daarin vinden. In alle oprechtheid en respect voor de slachtoffers, naast begrip voor alle veroorzaakte pijn, waar ik persoonlijk geen deel aan heb gehad, denk ik dat we dit initiatief moeten ondersteunen', stelt Breeveld.

Hij benadrukt dat het honderd procent afkeurenswaardig is wat zich voltrokken heeft en dit mag nooit meer gebeuren.

'Ik vind dat er genoegdoening voor nabestaanden moet zijn. Ik had in Suriname graag gezien dat eerst een waarheidscommissie was ingesteld en daarna juridische stappen en eventueel amnestie werd verleend, zoals dat in Zuid-Afrika het geval is geweest. Ik las het boek 'reconciliation' (verzoening) over de Zuid-Afrika case, waaraan bisschop Desmond Tutu ook heeft bijgedragen. Duidelijk is in dat geval dat het een lange weg is. Belangrijk is dat stappen in die richting een positieve benadering verdienen.'

Advocaat Essed bezorgd over veiligheid Dew Baboeram/Sandew Hira

Baboeram/Hira bewaakt door militair veiligheidsdienst

'De heer Bouterse gebruikt hem'


Met zorg heb ik kennis genomen van de volgende passage uit de laatste column d.d. 10 augustus 2015 van de heer Dew Baboeram. Ik citeer: Een grote zorg van mijn vrouw – ik ben daar wat luchtiger in – is mijn persoonlijke veiligheid. In een klimaat als deze - waar emotionele discussies gepaard gaan met persoonlijke aanvallen en bedreigingen aan mijn leven - heb je kans dat iemand mij iets probeert aan te doen. De regering heeft een veiligheidsfunctionaris beschikbaar gesteld. Hij is een militair en onderdeel van de veiligheidsdienst met alle logistieke faciliteiten in geval van problemen. 
 
In verschillende publicaties heeft de heer Baboeram het meerdere keren over de 'emoties' van nabestaanden van de op 8 december 1982 te Fort Zeelandia vermoorde 15 mannen en ook de heer Bouterse heeft aangegeven de emoties van de nabestaanden te begrijpen. Volgens Baboeram blijkt nu dat emotionele discussies gepaard gaan met persoonlijke aanvallen en bedreigingen van zijn leven, en dat daarom de kans bestaat dat iemand hem iets probeert aan te doen. Op zijn zachtst gezegd wekt de heer Baboeram met zijn woordkeuze in deze ernstige zaak de suggestie dat mogelijk nabestaanden van de slachtoffers van militair en politiek geweld toen de heer Bouterse aan de macht was, hem Baboeram hebben aangevallen en zijn leven hebben bedreigd.

Laat mij wat dat betreft volstrekt duidelijk zijn: Ik vind dat elke bedreiging aan het adres van de heer Baboeram ten stelligste moet worden afgekeurd én resoluut moet worden bestraft. Ik neem aan dat de heer Baboeram de bedreigingen goed gedocumenteerd heeft en dat hij daarvan aangifte heeft gedaan.

Persoonlijk maak ik mij - na de mededeling van de heer Baboeram dat hij als reactie op deze bedreigingen van zijn leven, bewaakt wordt door een militair die onderdeel is van de 'veiligheidsdienst” en voorzien is' van alle logistieke faciliteiten in geval van problemen” - nog meer zorgen dan ik reeds had.

Ik heb namelijk reeds op 6 augustus 2015, op strikt persoonlijke titel, mijn bezorgdheid aan de heer Baboeram kenbaar gemaakt in verband met zijn veiligheid. Ik heb hem toen in een persoonlijk onderhoud voorgehouden dat naar mijn mening de heer Bouterse hem gebruikt en dat de recente geschiedenis van Suriname geleerd heeft dat ook personen die hand- en spandiensten aan de heer Bouterse hebben verleend, er soms niet goed vanaf zijn gekomen.

Ik heb de heer Baboeram erop gewezen dat Roy Horb, die deel uitmaakte van het tribunaal dat de 15 mannen ter dood heeft veroordeeld, niet lang na de decembermoorden hangend aan een koortje van zijn onderbroek werd aangetroffen in een cel en dat anderen in de schaduw een dodelijk zonnesteek hebben opgelopen en weer een andere bij een gezellig partijtje pootje baden, de verdrinkingsdood stierf. Zelfs verdwenen inheemse jongemannen geheel van de aardbodem na een forensische reconstructie onder leiding van de militaire politie.

Het is te hopen dat door de toegezegde medewerking aan zijn onderzoek door de Surinaamse legerleiding, Dew Baboeram erachter komt hoe en door wiens hand voren bedoelde slachtoffers gevallen zijn en dat hij de gemeenschap daarvan in kennis zal stellen.
Na de uitlatingen van de heer Baboeram acht ik het echter uiterst gewenst, naast hemzelf, ook de gemeenschap kennis te doen nemen van mijn toegenomen bezorgdheid over zijn veiligheid.

Mik mi mofo no abi bana watra
Paramaribo 14 augustus 2015
H.A.M. Essed

Bel goedkoop naar Suriname!