maandag 19 oktober 2015

Jongen (17) maakt nep meisjes-Facebook-profiel om jongens te lokken

17-Jarige knaap bijt deel neus af van gelokte mannelijke date via Facebook


De politie van Latour kreeg gisteren via de Centrale Meldkamer van de politie een melding dat een man zich in het ressort bevond met een kapverwonding. Ter plaatse trof de politie twee mannen aan die elkaar verwondingen hadden toegebracht. 

Uit het voorlopig politieonderzoek is gebleken, zo bericht de afdeling Public Relations van het Korps Politie Suriname vandaag, maandag 19 oktober 2015, dat de 17-jarige Shakiel, J. een Facebook-account heeft geopend met een profielfoto van een vrouwspersoon. Op die manier kwam hij in contact met de 20-jarige Badam, A. Zij maakten een afspraak via Facebook en ontmoetten elkaar.

Bij aankomst op de plek kwam Shakiel vanuit een leegstaand perceel in een boxershort te voorschijn. Badam ontdekte toen, dat hij met een jongen te doen had en niet met een vrouw. Tijdens een gesprek tussen de twee ging Shakiel akkoord om oraal seks met Badam te hebben. Op een bepaald moment wilde Badam ook anaal seks hebben, maar Shakiel weigerde dit. Partijen raakten hierop in gevecht. Shakiel heeft een snijwond aan zijn neus opgelopen, die hem werd toegebracht met een scherp voorwerp.

Een deel van de neus van Badam werd afgebeten door Shakiel. Ook heeft hij bijtwonden aan een arm opgelopen.

 Het lukte Badam op een bepaald moment weg te rennen en hulp te zoeken. De politie van Latour werd ingeschakeld en beide heren werden overgebracht naar de basis. Voor medische behandeling werden de twee afgevoerd naar de Spoed Eisende Hulp van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo waar.werden ze verwezen werden naar de plastische chirurgie.

Het tweetal is aangehouden en na afstemming met een lid van het Openbaar Ministerie in verzekering gesteld voor mishandeling. Tijdens het verhoor heeft Shakiel verklaard, dat hij als profielfoto een vrouwspersoon gebruikt om zodoende makkelijk aan beltegoed te komen.

Suralco slaat al jaren gevaarlijke chemische stoffen op bij Paranam

Assembleeleden geschrokken door informatie van Bauxietinstituut


Gevaarlijke stoffen zouden al in natuur zijn beland door lekkages


Het gaat al jaren verkeerd bij de Suriname Aluminum Company ofwel Suralco, zo bericht de Ware Tijd vandaag, maandag 19 oktober 2015. De Surinaamse dochter van de Amerikaanse bauxietgigant Alcoa heeft gevaarlijke stoffen opgeslagen bij de raffinaderij te Paranam.

De informatie komt van het Surinaams Bauxietinstituut. In een presentatie voor de parlementaire commissie Natuurlijke Hulpbronnen werd het een en ander door dit instituut uit de doeken gedaan.

Gevaarlijke stoffen zouden al in de vrije natuur terecht zijn gekomen. De schrik is de parlementariërs danig om het hart geslagen. 'We moeten acties ondernemen, dit kan niet', zei parlementariër Rabin Parmessar (NDP).

Minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen is al om aandacht gevraagd. Hoewel de schrik er goed in zit, wordt toch gevraagd om kalmte.

Volgens de krant heeft het bedrijf ruim veertigduizend ton Spent Pot Lining opgeslagen. Het betreft een mengeling van aluminium en fluoride. Het watergevoelige spul zit in verzegelde potten. Het bauxietinstituut en het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname, NIMOS, hebben het bedrijf vaak op lekkages gewezen, maar hebben een en ander kennelijk niet onder de aandacht van Assembleeleden of op welke andere manier dan ook actie ondernomen, gelet op de reactie van onder andere het parlementslid Parmessar.

(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd)

Analfabeten en mensen zonder GLO-getuigschrift zijn beleidsadviseur geworden op Surinaamse ministeries

Functie beleidsadviseur is verworden tot een politiek bepaalde functie waar minister mee opgescheept zit


Het aan de lopende band beleidsadviseurs in dienst nemen eist op verschillende ministeries zijn tol. Ministers kunnen niet hun eigen beleidsadviseurs aantrekken, omdat deze functie is verworden tot een plek voor personen die aan een politieke partij uit een vorig kabinet zijn verbonden. Uit interviews blijkt, zo bericht de Ware Tijd vandaag, 19 oktober 2015, dat deze functionarissen voor hun leven in die functie dienen. 

Bij de invoering van FISO (Functie Informatie Systeem van de Overheid) in 2007 heeft de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken, Maurice Hassankan, de functies van directeur, onderdirecteur en beleidsadviseurs eruit gelicht.

Er zijn geen normen aan welke kwalificaties personen moeten voldoen voor de functie van beleidsadviseur. Volgens de adviseur van de ambtenarenvakcentrale CLO en oud-minister Michael Miskin (zie foto), zou zelfs iemand zonder een diploma kunnen worden benoemd. Er zijn gevallen bekend van mensen die op sommige ministeries beleidsadviseur zijn geworden zonder zelfs een GLO-getuigschrift (Gewoon Lager Onderwijs) te bezitten, ook analfabeten zijn eerder in die functie benoemd.

Miskin bekijkt deze situatie vanuit een politiek sociaalmaatschappelijke bril. Hij zegt, dat het overheidsapparaat niet vergeleken kan worden met de private sector. De ex-minister zegt verder, dat het bij het in dienst nemen van personen gaat om politieke afspraken.

Bij hem rijst de vraag waarom dit veranderd zou moeten worden, omdat dit systeem goed werkt. Hij zegt er geen moeite mee te hebben dat het apparaat groter wordt.

Het was de minister van Justitie en Politie, Jennifer van Dijk-Silos, die in een actualiteitenprogramma aangaf, dat zij opgescheept zit met vijfentwintig beleidsadviseurs. Op het ministerie van Regionale Ontwikkeling zijn dat er ongeveer zeventien.

Volgens Soewarto Moestadja, ex-minister van Binnenlandse Zaken en nu minister van Arbeid, zou de ontwerpwet op politieke functies verandering hierin kunnen brengen. Dit ontwerp is echter nooit behandeld in De Nationale Assemblee.

Overheidsaccountantsbureau SOAB, Curaçao, rond ruim zeven maanden te laat controle Jaarrekening 2012 af

Streven regering om Jaarrekeningen tijdig door de Staten te laten vaststellen niet gehaald


Overheidsaccountantsbureau SOAB (Stichting OverheidsAccountant Bureau) heeft ruim zeven maanden later dan volgens de regels had moeten gebeuren de controle van de Jaarrekening 2012 afgerond. Ook de Algemene Rekenkamer Curaçao (ARC) heeft de termijn overschreden. Dat meldt de regering in de conceptwet tot vaststelling van de Jaarrekening die bij de Staten is ingediend, aldus de Amigoe maandag 19 oktober 2015.

Verder is er ook vertraging opgelopen in het verwerken van de adviezen van de SOAB en de ARC. De regering constateert verder, dat door het ontbreken van de actualiteit vele van de constateringen en bevindingen van zowel de SOAB als de ARC bovendien door de tijd zijn achterhaald of niet meer van toepassing zijn. Het streven van de regering om de Jaarrekeningen tijdig door de Staten te laten vaststellen is niet gehaald. Volgens de regering moet er een verbeterslag komen in de controle-instanties om binnen de vastgestelde wettelijke termijn de controles op de jaarrekening te doen, waardoor ook het financieel beheer verbeterd zal worden.

De Jaarrekening 2012 is tijdig opgemaakt en op 28 augustus 2013 aangeboden aan de controle-instanties. Het definitief rapport van bevindingen bij de Jaarrekening 2012 van Curaçao van de ARC is op 15 augustus 2014 verschenen. ARC heeft haar verslag diezelfde dag aan de Staten aangeboden, maar heeft toen verzuimd om deze ook aan de regering aan te bieden. Pas op 18 maart dit jaar kreeg de regering het rapport aangeboden.

De ARC oordeelde dat de Jaarrekening 2012 van Curaçao niet voldoet aan de eisen en normen die aan een jaarrekening volgens de wet worden gesteld, het financieel beheer niet op orde was en dat de beleidsinformatie opgenomen in de jaarrekening onvoldoende inzicht geeft in de realisatie van de beleidsvoornemens, wat daarvoor is gedaan en wat het heeft gekost. Ook SOAB geeft een afkeurende controleverklaring af.

De jaarrekening over een dienstjaar wordt voor 1 september van het jaar volgende op dat waarop zij betrekking heeft, opgesteld door de minister van Financiën en ter accordering aangeboden aan de Raad van Ministers. Onmiddellijk nadat de Jaarrekening is geaccordeerd, zendt de minister van Financiën deze naar de ARC en naar SOAB. De accountant zendt binnen anderhalve maand na ontvangst zijn verslag van bevindingen aan de ARC. Deze moet op haar beurt binnen anderhalve maand na de ontvangst van het verslag van de accountant een verslag van haar bevindingen uitbrengen aan de Staten en de regering.

Uiterlijk binnen een maand na het uitbrengen van het verslag van de ARC wordt een ontwerp-Iandsverordening tot vaststelling van de Jaarrekening ingediend bij zowel de Staten, ter verlening van decharge aan de ministers over het door hen gevoerde financieel beheer met betrekking tot het voorafgaande dienstjaar, als aan de regering.

Ook op Curaçao komt mensensmokkel voor

Dringende oproep minister Navarro om aangifte te doen van mensen- handel

 
De Verenigde Naties heeft 18 oktober uitgeroepen tot de Dag tegen Slavernij en Mensenhandel. Minister van Justitie Nelson Navarro (PAIS) staat hierbij stil en roept de samenleving op om in het kader van deze werelddag samen te reflecteren op het fenomeen van mensensmokkel, wat ook op Curaçao voorkomt, zo schrijft de Amigoe vandaag, maandag 19 oktober 2015.

De minister doet tevens een dringende oproep aan iedereen die informatie heeft over gevallen van mensenhandel op het eiland, om aangifte te doen. 'Met tolerantie of acceptatie kan men zelf strafbaar zijn en of de kans lopen zelf slachtoffer hiervan te worden.'
 
Mensenhandel komt vaker voor dan men denkt en in diverse sectoren, zoals in de industrie, horeca, legale of gedoogde prostitutie, maar ook medewerkers van supermarkten, kledingwinkels of die als huishoudelijk hulp werken. Tevens zijn die illegale praktijken ook gelinkt aan drugstransporten en witwaspraktijken. 'Wij moeten ons dus bewust worden van het feit dat mensenhandel tegen mensenrechten is. Daarom wordt dit op het eiland conform onze wetten zwaar gestraft', aldus de minister.

De minister haalt ook projecten aan waaraan Curaçao meedoet, ter bestrijding van deze illegale activiteiten. Zo ondertekenden minister Navarro en zijn collega’s in het Koninkrijk een Memorandum of Understanding om bestrijding van mensenhandel te intensiveren. Dat gebeurde gedurende het Justitieel Vierpartijen Overleg (JVO) op 8 juni dit jaar op St. Maarten. Ook werd afgesproken dat men alles uit de kast zal halen om slachtoffers op te kunnen vangen en te begeleiden. In dit kader zijn conform het internationaal VN-verdrag Transnationale Georganiseerde Criminaliteit – dat smokkel en exploitatie regelt – ook instructies gegeven aan de betreffende lokale coördinatoren, om op een structurele manier samen te komen en inhoud te geven aan een beleid dat prioriteit moet genieten in het algemeen beleid van het Koninkrijk en het beleid van elk eiland in het bijzonder.

Het Openbaar Ministerie zal bovendien extra aandacht besteden aan mensenhandelzaken, aldus de minister. Alle vier de landen zullen tevens nauw samenwerken met de organisatie Comensha (Coördinatiecentrum Mensenhandel), om tot een collectieve databank te komen, namelijk de ‘Basic Referral Processes’. Eén van de organisaties die uitvoer zal geven aan dit traject is Stichting Slachtofferhulp, die eerste assistentie verleent, de slachtoffers opvangt en begeleidt.

Bewoners Emmastad, Curaçao, starten buurtpreventieproject

Bewoners gaan eigen wijk beschermen tegen toenemende criminaliteit


De bewoners van Emmastad hebben het heft in eigen handen genomen en besloten met een buurtpreventieproject te starten, om hun wijk te beschermen tegen de stijgende criminele activiteiten daar, aldus de Amigoe vandaag, 19 oktober 2015.

Vooral in voertuigen wordt in die wijk en omgeving regelmatig ingebroken.

De bewoners maken vooralsnog gebruik van de digitale communicatieapplicatie WhatsApp. In verband hiermee zijn er ook diverse veiligheidsborden geplaatst, met een waarschuwing voor de criminelen dat ze in de gaten worden gehouden.

Doel van dit project is dus het vergroten van het toezicht, waardoor de sociale controle toeneemt en bijdraagt aan de veiligheid van de buurtbewoners.

SMOC (Schoon Milieu op Curaçao): 'Er is genoeg gepraat. Er gebeurt toch vrijwel niets'

GMN-ministerie komt toezeggingen niet na

Nog geen verbe- tering in commu- nicatie met bevolking - Facebookpagina uitstootincidenten nog niet online


In aanloop naar de inmiddels vierde zitting binnen in het Kort Geding dat de stichtingen Clean Air Everywhere (CAE) en Schoon Milieu op Curaçao (SMOC) samen met vier bewoners onder de rook van de Isla-raffinaderij hebben aangespannen tegen het Land, laat SMOC weten dat het wat hun betreft de laatste zitting wordt: 'Er is genoeg gepraat. Er gebeurt toch (vrijwel) niets.' Dit bericht de Amigoe vandaag, maandag 19 oktober 2015.

De stichtingen hebben in het kader van de rechtszaak, die vanmiddag werd voortgezet, onder aansturing van de rechter een zestal keren met een vertegenwoordiging van het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur (GMN) gesproken.

Tijdens de afgelopen drie (marathon)zittingen nam rechter Peter van Schendel uitvoerig de tijd om de verslagen van zowel CAE/SMOC en de bewoners, als het GMN-ministerie over onder meer het verloop van de gevoerde gesprekken aan te horen om vervolgens in overleg met de partijen nadere actiepunten op te stellen.Het laatste overleg tussen de partijen vond afgelopen woensdag plaats.

Zo gaf CAE-voorzitter Marc Verkade reeds aan, dat de opdracht aan TNO voor een vervolgonderzoek naar de verbindingen (en daarmee de giftigheid) van de groene aanslag, nog steeds niet is verstrekt door de overheid. Dit vanwege geldgebrek.

In een persbericht had de overheid ongeveer drie weken geleden nog aangegeven dat na verstrekking van de vervolgopdracht het naar verwachting twee maanden zou duren alvorens de resultaten binnen zouden zijn. Volgens Verkade zou het ministerie hebben aangegeven dat ‘men ondertussen aanraking van de groene aanslag dient te vermijden, deze niet met een hogedrukreiniger dient te verwijderen vanwege mogelijke verneveling van de stof en men groente en fruit geteeld onder de rook, niet dient te consumeren’. Verkade liet verder weten dat ook de ‘toegezegde verbetering aan communicatie naar de bevolking en stichtingen toe, uitblijft’. 'Men heeft onder andere ook toegezegd een Facebook-pagina hieraan te zullen wijden met informatie wanneer zich uitstootincidenten voordoen, wat nog steeds niet is gebeurd.'

De overheid voert inzake de uitstoot, volgens de stichtingen nog steeds overleg met de Isla-raffinaderij, de BOO-energiecentrale en Aqualectra.

'Overigens levert ons inziens Aqualectra vrijwel geen bijdrage aan de uitstoot. De afgelopen tijd leek de uitstoot – waaronder ook de vorming van de groene smurrie – iets te zijn afgenomen.Waardoor dit komt is nog niet geheel zeker. Maar het blijkt, dat de BOO-energiecentrale de temperatuur van de verbrandingsprocessen wat hoger heeft afgesteld, waarvan wij al die tijd het vermoeden hadden dat door onvolledige verbranding de groene aanslag wordt gevormd.'

Verder stelt hij, dat er ook een ‘start is gemaakt om het scheidingsproces waarbij er met statische platen stoffen zoals nikkel en vanadium – zware metalen – uit de rook worden gescheiden voor verdere doorverkoop’. Verder heeft de overheid gesteld dat de BOO die voor energievoorziening van de raffinaderij zorgt, op een slechtere kwaliteit olie draait die men van de Isla geleverd krijgt. Ook de Isla gebruikt deze zelfde olie, volgens het GMN-ministerie. Dus beide bedrijven gebruiken zware vuile olie en zijn daarom waarschijnlijk samen verantwoordelijk voor de uitstoot. Ook was er bij de BOO sprake van uitval van een turbine en bij de Isla de uitval van een fornuis. Dus een verminderde productie kan mogelijk de oorzaak zijn van een kleine afname in uitstoot. Maar goed, ook dat is niet zeker', aldus Verkade.

CAE en SMOC hebben herhaaldelijk gevraagd om inzage in de emissierapportage die door de BOO en de Isla naar de overheid toe plaatsvindt.

Verkade: 'Pas na talloze verzoeken hebben wij nu eindelijk inzage gekregen in deze emissie-rapporten van de Isla. Om ons onbekende redenen hebben wij de BOO-rapporten niet mogen inzien. Er is dus sprake van een kapotte compressor bij de Isla-raffinaderij waardoor men op een noodcompressor draait en men dus met niet goed lopende processen te maken heeft. Ondanks eerdere informatie dat de compressor binnen een maand vervangen zou worden, zal de situatie zoals nu blijkt pas in december verholpen zijn. Wij begrijpen dat de overheid als het ware in een spagaat verkeert aangezien de Hinderwet, met de zwaar achterhaalde normen, geldt. Dus wij hebben er weer op gehamerd om de reeds in 2004 nieuw opgestelde wetgeving die nooit werd doorgevoerd, nieuw leven in te blazen. Want de overheid stelt dat het waarschijnlijk inderdaad zo is, dat in het contract met de Isla-raffinaderij sprake is van een bepaling die stelt dat indien geen actie wordt ondernomen in 2017 het huidige contract, dat in 2019 afloopt, automatisch wordt verlengd. Ook zou de Isla in dit scenario geen verplichting hebben om de zwaar verouderde raffinaderij te moderniseren. Dus voor die tijd zou de overheid ten minste voor actualisering van de bestaande wetgeving dienen te zorgen om in ieder geval beter te kunnen handhaven.'

Voorzitter Hodge bankiersvereniging Curaçao: 'Banken mogen verantwoorde risico's nemen'

'Het ontbreekt Curaçao aan een duidelijke visie over waar het eiland als natie naartoe wil'


Banken op Curaçao willen wel iets meer risico’s nemen, maar kunnen dat lang niet altijd. 'Banken zijn geen venture capitalists’, zegt voorzitter Daniel Hodge van de bankiersvereniging. De president van de Curaçao Bankers’ Association (CBA) wijst er vandaag, maandag 19 oktober 2015, in het Antilliaans Dagblad op dat ‘veel lokale bedrijven al highly leveraged zijn en geen ruimte hebben om nog meer te lenen’. 

Verder dienen de lokale commerciële banken ook aan de CBCS-richtlijnen - van toezichthouder de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten - te voldoen. 'Misschien is hier voor ontwikkelingsbank Korpodeko een bijzondere rol weggelegd.' 

Hodge reageert in verband met de herhaalde dringende oproep van professor Age Bakker, voorzitter van het College financieel toezicht (Cft), dat de banken op Curaçao gerust wel iets meer hun nek mogen uitsteken. Bakker meent dat de Curaçaose overheid voldoende heeft gedaan om het huishoudboekje van de publieke sector op orde te brengen en ook haar aandeel heeft genomen wat betreft de investeringen, dat ook de private sector mag opstaan. Daar hoort ook bij dat de banken iets meer risico nemen. Lang niet alle bankiers zijn het daarmee eens. Maar, voorzitter Hodge is gematigd: 'Het punt is dat banken wel op een verantwoorde manier risico’s kunnen en mogen nemen.'

Onlangs vond op initiatief van het Cft een bespreking plaats tussen de bankiersverenging en het college. Bij de bespreking waren namens het Cft Bakker, Alberto ‘Chos’ Romero, Sybilla Dekker, Hyden Gittens en nog een drietal medewerkers aanwezig en namens de CBA waren alle bankiers met uitzondering van de MCB-directeur - Lionel ‘Chicu’ Capriles had zich die dag ziek gemeld - erbij.

Hodge omschrijft de bespreking met het Cft als een ‘goed gesprek, zeer openhartig’. Op de vraag welke argumenten zijn uitgewisseld zegt hij: 'Het standpunt van het Cft is bekend: Curaçao is goed bezig, aangezien er de afgelopen drie jaar sprake is geweest van sluitende begrotingen en het financiële huishouden is op orde. Hoe komt het dan dat er toch geen economische groei is en dat investeerders zich niet staan te verdringen om te investeren? Blijkbaar vormt een sluitende begroting of een goed financieel huishouden alléén niet voldoende motivatie of prikkel voor een ondernemer om op Curaçao te gaan investeren. Er spelen andere dingen een rol die het vertrouwen aantasten, waaronder aankomende verkiezingen - komt MFK/Schotte terug?; een algehele negatieve sfeer; de politieke onzekerheid - met laatst nog het afgetreden van Asjes als minister-president zonder dat tot heden een duidelijke reden daarvoor is gegeven; het bekende verhaal dat het allemaal zo lang duurt om vergunningen los te krijgen; en in tegenstelling tot bijvoorbeeld Aruba ontbreekt het Curaçao aan een duidelijke visie waar het eiland als natie naartoe wil, et cetera.'

Wabi Club op Curaçao viert 50-jarig bestaan

Motor- en autoshow bij Sambil op 31 oktober


De Wabi Club viert deze maand haar 50-jarig bestaan. Het jubileum wordt bij verschillende gelegenheden gevierd. Zo werd afgelopen zaterdag stilgestaan bij de verjaardag van de club op de parkeerplaats van Banco di Caribe, zo bericht vandaag, maandag 19 oktober 2015, het Antilliaans Dagblad.

De leden van de Wabi Club konden daar de vele klassieke auto’s en motorfietsen bewonderen.

Op 31 oktober is er een motor- en autoshow bij Sambil.Curaçao

Minister Whiteman op Curaçao kondigt voor 2016 nieuw beleid gezondheidszorg aan met nadruk op preventie

'Zorgverleners gaan op andere manier naar patiënten kijken'

 
Vanaf januari wordt een nieuw beleid binnen de gezondheidszorg geïntroduceerd waarbij de nadruk komt te liggen op preventie, de regering zal daarvoor de nodige fondsen beschikbaar stellen. Dat heeft de verantwoordelijk minister Ben Whiteman (Pueblo Soberano) van Gezondheid, Milieu en Natuur en tevens interim-premier zaterdag verklaard tijdens de wekelijkse partijbijeenkomst, aldus het Antilliaans Dagblad vandaag, maandag 19 oktober 2015.

Whiteman verklaarde, dat het besluit twee weken geleden in de ministerraad is genomen en dat de Staten er nog over geïnformeerd moeten worden in verband met de begroting. De invoering van het nieuwe beleid vereist, dat zorgverleners op een andere manier naar patiënten kijken, zo legde de minister uit. In het oude systeem wordt er vanuit de optiek van ziekte naar een patiënt gekeken. Wanneer een ziekte wordt gesignaleerd wordt die meteen met medicijnen en of technische middelen te lijf gegaan. Dat wordt wereldwijd gedaan, de behandelingen zijn duur. Uit onderzoek blijkt dat de bevolking er niet gezonder op is geworden.

De gezondheidszorg kost steeds meer geld, dat zijn kosten die de samenleving niet meer kan opbrengen, aldus de bewindsman. De nieuwe aanpak vereist een heroriëntatie op gezondheid waarbij gekeken wordt naar de factoren die de gezondheid beïnvloeden of schade toebrengen. In het nieuwe systeem wordt gekeken of iemand gezond is en wordt er alles aan gedaan om dat zo te houden. Bij ziekte wordt geprobeerd om de situatie te stabiliseren.

Whiteman gaf het voorbeeld van een patiënt met suikerziekte om de nieuwe aanpak te illustreren. In de oude aanpak krijgt een patiënt met suikerziekte injecties en pillen voorgeschreven. Bij de nieuwe aanpak wordt gekeken naar de levensstijl en het voedingspatroon van de patiënt. Wetenschappelijke studies hebben bewezen dat bepaalde voeding een ontsteking in het lichaam kan veroorzaken. Suikerziekte is ook een ontsteking in het lichaam, zo legde de minister uit.

Zorgverleners treden in het nieuwe systeem ook op als coaches die een patiënt met suikerziekte stimuleren om meer te gaan bewegen en zijn voedselpatroon te wijzigen. Op Curaçao zijn gevallen bekend van suikerpatiënten die door veel beweging en regelmatig bezoek aan de gym, erin slaagden om hun suikerspiegel op een goed peil te krijgen. De minister verklaarde dat hij een tijd geleden een document van de lokale vereniging van huisartsen had ontvangen. Het was volgens Whiteman een document waar een visie uit sprak. Dit document kwam sterk overeen met de boodschap over de gezondheidszorg die de minister tijdens een congresbezoek aan Cuba meekreeg om op een nieuwe manier naar de sector te kijken.

De nieuwe gezondheidswerker blijft niet achter het bureau zitten maar is proactief. Zo kan een arts de werkplek van een patiënt bezoeken om te kijken of hij daar risico’s voor zijn gezondheid loopt. In Cuba wordt het nieuwe systeem al toegepast. Patiënten worden daar over vier categorieën verdeeld. In de eerste categorie zitten mensen die helemaal gezond zijn. In de tweede zitten gezonde mensen die risico’s lopen, omdat zij bijvoorbeeld roken. De derde categorie is bestemd voor mensen die extra aandacht nodig hebben vanwege een ziekte die gebalanceerd moet worden, de laatste categorie bestaat uit terminaal zieke mensen.

Staatsschuld blijft toenemen: recordhoogte van Srd 6.9 miljard

In maand tijd stijgt schuld met Srd 373 miljoen


De staatsschuld van Suriname blijft omhoog schieten. Per augustus dit jaar bedraagt die schuld 6.9 miljard Surinaamse dollar, waarvan Srd 3.85 miljard buitenlandse schuld. Dit blijkt uit cijfers die het Bureau voor de Staatsschuld op 12 oktober 2015 op zijn website heeft gepubliceerd, zo bericht het Dagblad Suriname vandaag, maandag 19 oktober 2015. Het gaat om een stijging van zo'n Srd 373 miljoen in één maand tijd. Het gaat om een nieuw record dat afgelopen maand reeds op 6.5 miljard stond. 

De binnenlandse schuld bedraagt Srd 3 miljard en is ten opzichte van juli met Srd 400 miljoen gestegen. De staatsschuld is sinds 2000 nooit zo hoog geweest.

De forse vermeerdering van de overheidsschuld is hoofdzakelijk te wijten aan de fikse toename van het overheidskrediet bij de Centrale Bank van Suriname (CBvS) tot Srd 1.5 miljard. De overheidsschuld aan de algemene banken en aan de rest van de particuliere sector is echter met respectievelijk Srd 107 miljoen en Srd 1.3 miljoen gedaald.

De schuld van de overheid bij de CBvS is in juli en augustus respectievelijk naar Srd 984 miljoen en Srd 1.469 miljoen gestegen.

De voorzitter van de Vereniging van Economisten, Waddy Sowma, en hoogleraar Anthony Caram hebben zich de afgelopen tijd uitgelaten over onze monetaire toekomst. Zij voorspellen slechte tijden, mits het slechte financieel beleid een halt wordt toegeroepen. Volgens Caram zorgt onzekerheid er in zeker mate ook voor, dat vooral de valutakoersen een stijgende trend beginnen te vertonen. Eén van de redenen daarvan is het recente bericht, dat de CBvS in samenwerking met het ministerie van Financiën heeft besloten de korte schuld om te zetten in een langere schuld. Hierbij is ook besloten de langere schuld te verhogen. Dat heeft volgens hem bijgedragen aan een onzekere vrees voor wat er met de monetaire situatie zal gebeuren.

Volgens Caram betekent het, dat de enorme interventies van de CBvS geleid hebben tot vermindering van het deviezenvoorraad. Volgens eigen analyses van de econoom was de deviezenvoorraad van de bank twee jaar geleden nog op 1 miljard Amerikaanse dollar. Dit is nu teruggevallen naar tussen de 430 en 450 miljoen. Daarboven heeft de Centrale Bank ook schulden in vreemde valuta in de orde van 300 Amerikaanse miljoen.

De Vereniging van Economisten in Suriname (VES) heeft eerder met een vinger naar het desastreuze uitgavenbeleid van de regering gewezen. De conclusie is dan ook gerechtvaardigd, aldus het dagblad, dat de toegenomen uitgaven zijn besteed om voornamelijk consumptieve uitgaven in de sociale sfeer te vergroten. Deze consumptieve uitgaven genereren per definitie geen duurzame inkomsten. Dit weerspreekt volgens de VES pertinent, dat ons land in economische problemen is geraakt door de tegenvallende prijzen op de grondstoffenmarkt.

Voorraadschuren in Nickerie vol met ruim 100.000 ton padie

Ministerie van LVV heeft onderzoek naar illegaal gebruik Guyanees zaaizaad afgerond


Met nog iets meer dan twee weken te gaan is 65% van de najaarsoogst padie binnengehaald. De voorraadschuren in het district Nickerie zitten vol padie, met naar schatting ruim 100.000, wat de opkoopprijs naar beneden drukt. Dit bericht Starnieuws vandaag, maandag 19 oktober 2015.

Boeren krijgen nu tussen de Srd 30 en 40 per baal natte padie van 79 kilo. Aan de andere kant zijn de opbrengsten per hectare veel hoger geweest, zegt minister Soeresh Algoe van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV). 'De weersomstandigheden waren gunstig. De waterhuishouding was goed, waardoor de oogst per hectare ook veel groter is.' Hij stelt dat de hoge productie, de lage prijs enigszins compenseert. 'Niet alleen wij hebben een lage prijs, die trend doet zich wereldwijd voor.'

Een probleem dat zich nu voordoet binnen de rijstsector is het gebrek aan uniformiteit van het product. Een groot deel van de boeren heeft gebruik gemaakt van Guyanees zaaizaad. Suriname staat bekend om zijn lange korrels, wat ook een betere prijs oplevert. Bij de export zien verwerkers zich ook geconfronteerd met dit probleem.

Het ministerie van LVV heeft het onderzoek naar de herkomst en distributie van de Guyanese variëteiten afgerond. Nu wordt het onderzoeksrapport intern uitgewerkt. Het illegaal binnenbrengen van onder andere planten en zaden is in strijd met de Plantenbeschermingswet 1965:



Wat de boeren ook nekt, zijn de hoge rentepercentages die moeten worden betaald aan de bank. Landbouwinputs kunnen op aanvraag invoerrechtenvrij worden binnengehaald. Minister Algoe is samen met zijn collega van Financiën, Gillmore Hoefdraad, bezig te onderzoeken hoe ze samen met de banken iets kunnen doen aan de hoge rente. Ook probeert Algoe het Agrarisch Krediet Fonds te verruimen.

In elk geval is de druk enigszins van de ketel nu de export van witte rijst op gang komt. Met de Vereniging Verwerkers en Rijstexporteurs als coördinator, wordt 19.500 ton witte rijst verreden naar Paramaribo voor verscheping naar Venezuela onder de PetroCaribe-overeenkomst. Er zijn ook afspraken gemaakt met de Venezolaanse president Nicolás Maduro tijdens diens bliksembezoek afgelopen weekeinde aan Suriname over een grotere afname van rijst in ruil voor olie.

Er was een najaarsinzaai van 29.679 hectare, zegt onderdirecteur Landbouw Ashwin Ramdien. Hij verwacht dat de voorjaarsinzaai die op 1 november moet beginnen, zo’n 29.000 hectare zal zijn. Tot en met 31 december is het gunstigst om het zaaizaad voor het voorjaar in de grond te hebben.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws)

Districtscommissaris Samsoedien van Wanica laat occupanten verwijderen aan Verlengde Braamshoopweg

Krakers bezetten toenmalig LBB-terrein en telen er groente

 
Districtscommissaris Roline Samsoedin van het district Wanica laat een groep occupanten ofwel krakers aan de Verlengde Braamshoopweg, op het grote toenmalig LBB-terrein (Dienst 's Lands Bosbeheer), verwijderen. Zij doen daar aan groenteteelt. De borden met namen zijn alvast verwijderd, zo bericht Starnieuws vandaag, maandag 19 oktober 2015.

De politie heeft drie personen daar aangetroffen die verhoord worden.

Samsoedien zegt ten overvloede, dat occuperen strafbaar is en dat er geen gedoogbeleid meer gevoerd zal worden. Uit onderzoek is gebleken, dat sommige van de krakers wel een beschikking hebben, maar dat anderen het terrein hebben geoccupeerd. De politie van Wanica zal een en ander verder uitzoeken en de mensen worden vandaag op het districtscommissariaat verwacht.

De districtscommissaris zegt verder, dat zij de groep duidelijk wil maken dat hetgeen zij doen verkeerd is. Dagelijks zal er controle uitgevoerd worden op het terrein. Samsoedien zegt ook, dat er nagegaan zal worden hoe lang de aanplant zal staan op het terrein, alvorens er afgeoogst kan worden. Zij is wel bereid om deze occupanten die ruimte te bieden, zodat zij kunnen oogsten.

Inbraak in kantoor commissariaat Para

Dieven er vandoor met kluis Centraal Bureau voor Burgerzaken met paspoorten en geld

(Bron foto: Burger Informatie Centrum Para)

Drie gemaskerde mannen hebben afgelopen nacht ingebroken in diverse kantoorruimtes van het commissariaat Para. Zij zijn er vandoor gegaan gegaan met de kluis van het Centraal Bureau voor Burgerzaken (CBB), waarin paspoorten en de opbrengst van de afgelopen week zaten, zo bericht Starnieuws vandaag, maandag 19 oktober 2015.

Ook bij de betaaldienst van Financiën, het kantoor van districtscommissaris John de la Fuente en het secretariaat werd huis gehouden. Bij de betaaldienst konden de inbrekers de kluis niet meenemen. Het is nog niet duidelijk wat er vermist wordt bij de betaaldienst en het commissariaat.

De wachter werd vastgebonden door de inbrekers. De bewaker George P.(53) was gekneveld aan een vuilniswagen op het terrein, aldus het Dagblad Suriname. Volgens het slachtoffer waren de rovers gemaskerd en gewapend met een vuistvuurwapen, messen en een koevoet. Er zijn drie deuren van het gebouw, die allen beveiligd waren met dievenijzer geforceerd, om in de ruimtes te komen. Nadat de geknevelde bewaker zich had bevrijd heeft hij de politie ingeschakeld. Hij wordt verhoord door de politie van het bureau Rijsdijk.

Marvin Moesan, hoofd van het Burger Informatie Centrum Para, zegt dat het CBB-kantoor vandaag niet open is. Voor dringende zaken kan het publiek terecht bij het CBB-Wanica of La Vigilantia. Het commissariaat is later vandaag wel open. De politie is bezig met het onderzoek.

Jogi (VHP): Verhogen watertarieven SWM staat haaks op ontbreken stromend water bij groot deel bevolking

'SWM heeft meer dan Euro 40 miljoen laten meestromen in buizen'

'Er zijn buizen en kranen aangelegd, maar er valt geen water'

 
Het VHP-Assembleelid Mahinder Jogi hekelt het feit, zo laat hij vandaag, maandag 19 oktober 2015, weten via het Dagblad Suriname, dat de Surinaamsche Waterleiding Maatschappij (SWM) zo abrupt overgaat tot het verhogen van de watertarieven, terwijl een groot deel van de gemeenschap al jaren geen stromend water uit de kraan krijgt. Ondanks miljoenen investeringen vindt hij het niet kunnen, dat anno 2015 er nog gebieden zijn, waar water niet optimaal te verkrijgen is. 

'Er zijn buizen en kranen aangelegd, maar er valt geen water. Dan worden mensen toch gevraagd om te betalen. Er is een kort termijn drinkwaterprogramma van Euro 40 miljoen tijdens de Front-regering uitgevoerd. Waar is dat geld naar toe gegaan? Wat is het rendement van het geld? Heeft SWM dat geld laten meestromen in de buizen?', vraagt Jogi zich af.

De staat heeft SWM in 2014 voor meer dan Srd 45 miljoen gesubsidieerd. Jogi vindt, dat wanneer een regering moeite doet om middelen bij elkaar te brengen om de dienstverlening naar de samenleving te verbeteren, deze dienstverlening goed, transparant en duurzaam tot zijn recht moet komen. Maar, dat is volgens hem wel vaak zoek. Het probleem dat nu is ontstaan is, dat door inefficiënties binnen parastatale bedrijven, de gemeenschap moet opdraaien voor veel hogere kosten. Dit alles zou volgens Jogi veel minder zijn geweest als de investeringen op een adequate wijze zouden zijn geschied.

Een groot deel van de samenleving, vooral in de districten, is veelal afhankelijk van regenwater. Vanwege de enorme droogte de laatste dagen, ontstaat er wel een probleem van watertekort. De dienst Watervoorziening van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen doet haar best om de gebieden van de nodige water te voorzien. Maar, nog steeds moeten bepaalde gebieden dagenlang op de distributiewagens wachten. Een groot voorbeeld hiervan is het district Commewijne.

Collega VHP-parlementariër Shailendra Girjasing is al jaren bezig aandacht voor dit probleem te vragen. Girjasing stelt, dat er al een poos weinig tankwagens op de wegen in het district te zien zijn. Wat hij wel ziet, zijn dure dienstwagens van deze instantie die bij visgaten geparkeerd staan. 'Momenteel valt er geen druppel water uit de tapkranen die door de regering zijn aangelegd te Marienburg. Dat was kennelijk ook een politieke stunt.'

Volgens Girjasing is het ook niet correct, dat het waterprobleem van Palm Village, waar de minister van Natuurlijke Hulpbronnen, Regilio Dodson woont, wel is opgelost en dat de rest van Commewijne nog steeds met dit probleem zit. 'Er zijn ook andere ressorten die smachten naar water', stelt hij.

Suriname staat wereldwijd in de top drie van landen waar het meest beschikbare aantal liters water per hoofd van de bevolking aanwezig is. Jaarlijks stroomt ruim 200 miljard kubieke liter zoet water  de Atlantische Oceaan in. Toch is nog lang niet iedere Surinamer aangesloten op het waterleidingnetwerk, ook niet in het kustgebied rondom Paramaribo. Jogi zegt dat hij hoopt dat een belofte van de regering, zoals vicepresident Ashwin Adhin heeft gedaan, inderdaad tot uiting komt. Het gaat volgens hem om de aanname van een code of conduct binnen alle parastatale bedrijven.

De parlementariër blijft erbij, dat corruptiegevallen als binnen de NV  Energiebedrijven Suriname, (EBS) nimmer weer mogen plaatsvinden. 'Die mindshift moet komen, anders is alles verloren', aldus Jogi.

Leerkracht VOJ-school in Albina woont noodgedwongen in een kantooruimte van de school

'Het ministerie moet helpen, ik hoop niet dat het vijf jaar duurt'

 
Minister Robert Peneux van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (MinOWC) zit vol plannen als het gaat om bijvoorbeeld kledingvoorschriften voor leerkrachten en scholieren, een verbod op rasta haardracht bij scholieren, wetgeving in het kader van onderwijs en de evaluatie van het project Naschoolse Opvang. Maar ondertussen zijn er problemen wat betreft huisvesting en stroom-  watervoorziening voor leerkrachten in diverse dorpen in het binnenland, zijn er weer klassen met teveel leerlingen en scholen met onvoldoende meubilair, wachten leerkrachten in de Naschoolse Opvang al maanden op hun geld, mishandelt een 9-jarige leerling een schooljuf tot bloedens toe en moet leerkracht Ricky Wirjosentono, die begin van dit schooljaar was aangetrokken om het vak biologie te verzorgen op de VOJ-school van Albina, wonen in een kantoorruimte van het coördinatiecentrum. 

Er zijn geen onderwijzerswoningen, zo bericht de Ware Tijd vandaag, maandag 19 oktober 2015. Hetzelfde lot treft ook twee andere leerkrachten die op parttime basis werken. Zij gaan twee keer per week naar Albina en overnachten dan eveneens in de kantoorruimte. Wirjopsentono: 'Op papier staat dat ik een huis zou moeten krijgen.' 

Hij noemt de situatie lastig, want als er na school nog personeel in het gebouw is kan hij geen bad nemen. Wirjosentono stelt zich flexibel op. Hij wil het schoolprogramma niet in de war brengen door te vertrekken. Koken doet hij in de kantine na sluitingstijd. De omstandigheden waaronder deze jonge kracht moet werken zijn alles behalve ideaal, maar hij peinst er niet over er de brui aan te geven, omdat hij het belang van het kind vooropstelt.

'Ik wil helpen, maar aan de andere kant moet het ministerie ons ook helpen. Ik hoop niet dat het vijf jaar duurt.'

De coördinator van Onderwijs in Marowijne, Hugo den Boer, trekt aan de bel. Volgens hem staan er vier huizen van het ministerie van Financiën in weer en wind terwijl die aan het ministerie van Onderwijs in bruikleen kunnen worden afgestaan.

Den Boer is dagelijks in contact met het ministerie om problemen, zoals die van Wirjosentono, te bespreken. De coördinator zegt, dat het onderwijs in Albina nog niet goed is opgestart, omdat er een tekort is aan leerkrachten. Ook de overvolle klassen met veertig leerlingen zijn een heet hangijzer.

(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd)

Minister Dogojo legt eind oktober haar beleid uit aan parlementaire commissie Welzijn

Voorzitter commissie, Breeveld (DOE), plaatst in ieder geval LISP-programma op agenda

 
De minister van Welzijn (voorheen het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, SoZaVo), Joan Dogojo, zal eind deze maand de vaste parlementaire commissie Welzijn inzicht geven in het beleid dat ze voor ogen heeft. Ze heeft kort na haar beëdiging al kennisgemaakt met de commissie. Toen werd gesproken over enkele algemene actuele thema's zoals de  solidariteitsheffing, woningbouw en over de houders van on- en vermogendenkaarten, zo bericht de Ware Tijd maandag 19 oktober 2015.

De voorzitter van de commissie, Carl Breeveld (DOE), zegt dat een gespreksonderwerp zeker wordt de aangepaste begroting van het ministerie. Hij vindt dat projecten die belangrijke bijdragen aan de ontwikkeling van het land hebben geleverd, door moeten gaan. Aan programma's die niets hebben opgeleverd moet niet langer geld verspild worden.

Op zijn prioriteitenlijstje staan verbetering van de positie van personen met een beperking en het woningbouwprogramma, in het bijzonder het LISP-programma (Low Income Shelter Program). 'We hebben eerder een bespreking gehad met de leden van LISP over wat allemaal bereikt is met LISP-1 en -2 en ik mag zeggen, dat we gecharmeerd zijn over de prestaties. Vooral de lage inkomensgroepen zijn aan bod gekomen en zo'n programma moet gecontinueerd worden.'

In de afgelopen weken werd bekend, dat houders van on- en minvermogendenkaarten niet behandeld werden door specialisten. Dogojo heeft met haar collega van het ministerie Volksgezondheid hierover gesproken. Ze heeft de commissie toegezegd, dat het bestand van on- en minvermogenden opnieuw zal worden opgeschoond, om te voorkomen dat personen oneigenlijk gebruik maken van deze vorm van sociale steun.

Assembleelid Tarnadie (NDP): 'Nieuwe generatie nodig om rijstbouw Coronie weer op te starten'

'Jongeren moeten worden gestimuleerd'


Er is een nieuwe generatie nodig om de rijstbouw in Coronie weer op te starten, omdat de oude generatie vrijwel is uitgestorven. Jongeren moeten hiertoe worden gestimuleerd. Diverse pogingen om de rijstbouw daar weer van de grond te krijgen, zijn om uiteenlopende redenen, zoals geld, niet geslaagd. Dat zegt parlementslid Remie Tarnadie (NDP) vandaag, maandag 19 oktober 2015, in de Ware Tijd.

Er is veel te doen onder meer aan de infrastructuur en ook financiering zal moeten worden geregeld. Het Assembleelid zegt ook, dat samen met het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij nagaan moet worden wat nodig is voor een hernieuwde start.

Van het vierduizend hectare beschikbare areaal voor de rijstbouw wordt slechts 225 hectare benut door drie rijstboeren.

Districtscommissaris Aroenkoemar Ramdhani zegt, dat bij de poging voor herstart in maart/april 2015 er niet veel is geïnvesteerd. 'Er zijn wel enkele kanalen opgeschoond en waar nodig uitgediept, maar het is daarbij gebleven.' Andere zaken zijn niet van de grond gekomen, zoals de afname van padie en grond bewerken. Ook de minder aantrekkelijke prijzen op de wereldmarkt hebben volgens hem een rol gespeeld.

Maar, meer zaken zijn niet van de grond gekomen in Coronie, zoals een aloë vera-project en de opzet van een leguanenfokboerderij, waarover De Surinaamse Krant onlangs nog berichtte.

Ministeries werken samen aan een goed watermanagement

Goed watermanagement essentieel voor landbouw- gebieden 

Veel problemen met aan- en afvoersystemen van water
 

Diverse ministeries hebben de handen ineengeslagen om te werken aan een goed watermanagement. Met het oog op de effecten van het weerverschijnsel El Niño is het essentieel, dat er goed wordt omgegaan met de aan- en afvoer van water. El Niño zorgt in het Caribisch Gebied voor extreem droog weer, zo bericht althans Starnieuws vandaag, maandag 19 oktober 2015.

Vooral voor de landbouwgebieden is het essentieel dat er aan goed watermanagement wordt gedaan. Suriname zit met het probleem, dat de aan- en afvoersystemen van het water niet goed zijn aangepakt. Er is vooral in de landbouwdistricten Saramacca, Wanica en Commewijne alleen gewerkt aan afvoersystemen. Aan de inlaat van het water is geen aandacht besteed, waardoor water moet worden gepompt.

Minister Soeresh Algoe (zie foto) van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) zegt, dat Suriname met een extra probleem kamp, namelijk 'de dreiging van het overschrijden van de zoutwatergrens'. Doordat de landbouwgebieden dichtbij de kustvlakte zitten, verplaatst de zoutwatergrens zich in de laatste drie tot vier jaar steeds meer landinwaarts.

Wat er moet gebeuren is dat de infrastructuur moet worden aangepast, zegt de bewindsman. 'Maar, dat zal jaren en miljoenen aan investeringen kosten.'

Op dit moment is het probleemgebied zo’n vier tot vijf hectare van de rechteroever van de Nickerierivier. Waar nodig worden duikers geplaatst, zegt minister Algoe, die erop wijst dat LVV belast is met watermanagement en het ministerie van Openbare Werken (OW) met ontwatering. Wageningen is met de pompen in Wakay in orde gebracht.

In Saramacca wordt de Uitkijkpolder voorzien via het inlaten van zoetwater. Het Maho-gebied heeft nog een probleem, omdat ook daar niet voorzien is in de aanvoersystemen. De bewindsman legt uit dat het Leidingen gebied 1 tot en met 4, voorheen was ingericht voor de rijstteelt, dus met aan- en afvoersystemen. Nu wordt er in dat gebied aan droge gewassen gedaan en wordt water vanuit het Saramaccakanaal aangevoerd.

Binnen de samenwerking tussen de ministeries van LVV, OW en Regionale Ontwikkeling is afgesproken dat de sluisdeuren worden aangepakt voor behoud van een goed waterniveau, zowel in de bodem als daar boven.

Algoe zegt, dat met uitzondering van Nickerie, de aanvoersystemen landelijk zoek zijn. Hierdoor stroomt het water weg. De bewindsman wijst erop, dat buurland Guyana een voordeel heeft, omdat zijn rijstarealen zuidelijker liggen en de infrastructuur in orde is. Guyana heeft een scala van maatregelen getroffen om zijn landbouwsector zo veel als mogelijk te behoeden voor de effecten van El Niño.

Bijzondere scholen willen weer invoering ouderbijdrage

'Dit is nodig om het hoofd boven water te houden, aangezien de overheid maar niet betaalt'


Bijzondere scholen aangesloten bij de Federatie Instellingen Bijzonder Onderwijs Suriname (FIBOS) zien als enige oplossing om uit de financiële problemen te komen, dat er weer ouderbijdrage wordt gevraagd. 'Dit is nodig om het hoofd boven water te houden, aangezien er geen zicht is op uitbetaling door de overheid', aldus FIBOS-voorzitter Ricardo Kenswil vandaag, maandag 19 oktober 2015, op Starnieuws.

Uiterlijk januari 2016 wil de organisatie weten waar zij aan toe is. 'Zo niet, dan moeten wij de ouders weer schoolgeld vragen.'

Het Rooms Katholiek Bijzonder Onderwijs (RKBO), waar Kenswil directeur van is, en de stichting onderwijs van de EBGS, hebben slechts 75 procent van het schoolgeld ontvangen van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (MinOWC) over het schooljaar 2014/2015. Kleinere gemeenten, die ook bij het FIBOS zijn aangesloten, zoals Sanatan Dharm, hebben geen cent gekregen. 'De rek is er helemaal uit en wij weten niet hoe verder te gaan', zegt Kenswil.

Een met de minister van Onderwijs gepland gesprek is afgezegd. Nu is verwezen naar directeur Natasia Bennanon.

Kenswil zegt verder, dat bijvoorbeeld het RKBO nu geen werkboekjes in verband met de nieuwe methode heeft kunnen bestellen voor de leerlingen. Eigenlijk moet het ministerie dit doen, maar ze zijn niet besteld.

'Het geld om alsnog te kunnen bestellen moet ergens vandaan komen, want de schoolkinderen moeten werken en wij willen niet dat de onderwijskwaliteit eraan gaat.'

Hij stelt, dat hoewel de methode de boekjes voorschrijft, de lessen op het bord geschreven kunnen worden, maar dat kost allemaal tijd. Voor dit jaar is het het RKBO ook niet gelukt om krijt, schoonmaakmiddelen en andere benodigdheden te bestellen voor een heel schooljaar. Er is slechts voor een kwartaal ingekocht.

Armand Snijders nieuwe waarnemend directeur ministerie van RGB

Snijders vervangt de uit die functie ontheven Chantal Doekhie



Minister Steven Relyveld van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB) bevestigt vandaag, maandag 19 oktober 2015, op Starnieuws dat Armand Snijders benoemd is tot waarnemend directeur van het ministerie. Hij was tot voor kort onderdirecteur Administratieve Zaken op het ministerie van Arbeid. Snijders vervangt Chantal Doekhie. Zij is zeven maanden na haar benoeming tot directeur uit die functie ontheven. 

Relyveld heeft aan het begin van zijn nieuwe termijn enkele stafleden en directieleden vervangen. Kathleen Souprayen is de nieuwe onderdirecteur op Grondbeheer, Sohrabali Kadirbaks onderdirecteur Ruimtelijke Ordening en Marijem Djosetro is onderdirecteur Bosbeheer.

'Het is een vrij jong team. De jonge mensen doen hun uiterste best. Wij proberen het beleid steeds te verbeteren, omdat het een continu proces is waarbij je je steeds moet aanpassen aan de omstandigheden van de tijd', aldus de bewindsman.

Snijders is net als Relyveld aan het ministerie van Arbeid verbonden geweest. 'Natuurlijk ken ik hem. Maar, dat is niet de reden waarom hij is aangetrokken. We gaan ervan uit dat hij op grond van zijn kwalificaties en opleiding de job op een hoger niveau zou kunnen tillen.'

Het ligt aan Snijders zelf om van ‘waarnemend’ naar gewoon ‘directeur’ te gaan, aldus Relyveld. 'Als hij z’n best blijft doen op het ministerie, bestaat de mogelijkheid dat hij benoemd zal worden tot directeur.'

Een week lang gratis adverteren als proef?

Een week lang gratis adverteren als proef?
Zendt uw advertentie en/of logo naar de redactie.