woensdag 25 november 2015

Toespraak DNA-voorzitter Jennifer Geerlings-Simons bij viering 40 jaar staatkundige onafhankelijkheid



Ministerie van GMN op Curaçao heeft problemen met snèks die steeds van eigenaar veranderen

'Het intrekken van een vergunning wegens geluidsoverlast is moeilijk'


'Er zijn verschillende acties, zoals het afgeven van een proces-verbaal, die kunnen worden ondernomen wanneer een snèk zich niet aan de toegestane geluidsnormen houdt', zegt Tico Ras, beleidsmedewerker bij het ministerie van Gezondheid, Milieu en Natuur (GMN), vandaag, woensdag 25 november 2015, in de Amigoe. Het intrekken van de vergunning is volgens Ras moeilijk, daar snèks telkens van eigenaar veranderen. 
 
Er wordt een geheel nieuw proces begonnen tegen een snèk waarvan de vorige eigenaar de geluidsnormen al eerder heeft overtreden. De procedure begint dan opnieuw voor de nieuwe eigenaar.

Ras geeft verder aan dat de milieudienst geen routinecontroles doet. 'Wij gaan alleen op klachten af.' Op de vraag waarom er geen routinecontroles gehouden worden door de milieupolitie antwoordt de GMN-beleidsmedewerker: 'Routinecontroles komen niet vaak voor, omdat horecagelegenheden buiten onze werktijden openen. Voor het uitvoeren van een controle buiten werktijd moet eerst toestemming van het hoofd worden gevraagd.'

'Wanneer een snèk zich niet aan het in de vergunning voorgeschreven aantal decibellen houdt, moet het geluid aangepast worden naar het aantal toegestane decibellen', aldus Jair Santos Gonçalves, woordvoerder van het ministerie van GMN. Ras voegt daaraan toe: 'Als er een klacht wordt geregistreerd, gaat de milieupolitie naar de locatie waar de klacht over is gedaan en meet het niveau van de achtergrondmuziek met een geluidsniveaumeter.' Wordt er geconstateerd dat de muziek te hard is, dan wordt de eigenaar ter plekke gevraagd die zachter te zetten. Bij herhaaldelijke overtreding krijgt de eigenaar een proces-verbaal of vindt bestuurlijke dwang plaats.

De medewerkers geven verder aan dat het toegestane geluidsniveau per vergunning verschilt. Hierdoor staan er ook geen geluidsnormen in de Landsverordening Openbare Orde. 'De normen worden bepaald in de vergunning', aldus de GMN-woordvoerder.

Beide medewerkers van het ministerie geven aan, dat er bij het afgeven van een vergunning wordt gekeken naar de tijden waarop muziek gedraaid kan worden en hoe hard die dan mag zijn, en naar de locatie van de horecagelegenheid, bijvoorbeeld of deze dicht bij een woonwijk ligt.

Tweede Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties nodigt Isla-partijen uit voor overleg

Overleg gepland in januari, maar nog niet bekend is wie worden uitgenodigd


De Tweede Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties wil praten met alle relevante betrokkenen bij de discussie over de Isla-raffinaderij. De commissie ontving een brief waarin de Stichting Schoon Milieu op Curaçao (SMOC) een mogelijkheid vroeg om de commissieleden bij te praten over de milieuvervuiling, aldus de Amigoe vanmiddag, woensdag 25 november 2015.

Al eerder heeft de commissie echter het standpunt ingenomen, dat er niet afzonderlijk met partijen over de raffinaderij wordt gesproken, maar alleen tijdens een gezamenlijk overleg met alle betrokkenen. Aanleiding was een verzoek van de regering van Curaçao voor een gesprek met de Tweede Kamer. 'Het lijkt me goed als voor- en tegenstanders aanwezig zullen zijn', zei PvdA-Tweede Kamerlid Roelof van Laar.

SP-Tweede Kamerlid Ronald van Raak zei dat hij ook behoefte heeft om te praten over de rol van Nederland. 'Er zijn moties aangenomen door de Tweede Kamer, waarin wordt gewezen op een verantwoordelijkheid van Nederland. Ik denk dat het goed is om te praten over de toekomst van de raffinaderij, maar ook over de verantwoordelijkheid van Nederland', zei hij.

Er is nog niet besloten welke partijen allemaal worden uitgenodigd voor het overleg. Bij de commissievergadering waren alleen de PvdA, SP en VVD aanwezig. De andere fracties krijgen het verzoek om aan te geven welke betrokkenen ze nog meer willen uitnodigen. Het overleg wordt geagendeerd in januari, dezelfde maand dat de commissie ook met minister Ronald Plasterk over de Isla vergadert.

Hustisia Penshonado van Statenlid Leeflang maakt bezwaar tegen hoge ziektekostenpremie

Leeflang vindt de relatief hoge premie een omissie in de wet

Premie van 13,6% voor personen die na 1 maart 2016 met VUT of pensioen gaan gelijk trekken met premie 6,5% andere gepensioneerden

 
De beweging Hustisia Penshonado van onafhankelijk Statenlid Omayra Leeflang heeft zondag het mandaat gekregen om namens gepensioneerden bezwaar te maken tegen de ziektekostenpremie van 13,6 procent die personen, die na 1 maart 2016 met de vut of pensioen gaan, moeten betalen. Volgens Leeflang is deze relatief hoge premie een omissie in de wet, zo bericht de Amigoe vandaag, woensdag 25 november 2015.
 
Eind november zal advocaat Saran Inderson een brief naar de minister van Gezondheid sturen namens twee vutters. Daarin wordt verzocht om de premie gelijk te trekken met die van andere gepensioneerden, namelijk 6,5 procent. Als een bevredigende reactie uitblijft dan zit er voor Hustisia Penshonada niets anders op dan een rechtszaak aan te spannen. 'Die zal dan volgend jaar worden aangespannen', zegt Leeflang. 'De aanwezigen hebben aangegeven bereid te zijn om geld in te zamelen. Wij coördineren dat voor een eventuele rechtszaak.'

Als Statenlid heeft Leeflang deze ongelijke behandeling bij de minister van Gezondheid aangekaart. Ze heeft echter nooit een reactie gekregen op haar vragen. 'Met koppigheid wordt hier niet naar gekeken', zegt Leeflang.

De vergadering van zondag vond plaats bij het Cultureel Centrum Curaçao in Emmastad en verliep volgens Leeflang vrij goed. 'De opkomst was beter dan bij de vorige bijeenkomst in augustus. Er waren genoeg nieuwe mensen bij. Ook de betrokkenheid van de mensen was bijzonder.'

De gepensioneerden deelden schrijnende verhalen over de impact van de besparingsmaatregelen die het kabinet de laatste drie jaren heeft doorgevoerd. Leeflang schrok van de schrijnende situatie waarin sommige gepensioneerden zich bevinden.

Hustisia Penshonado heeft in het verleden gestreden tegen de 10 procent premie over hun inkomen die gepensioneerden voor de basisverzekering ziektekosten moesten betalen. De overheid heeft de premie vervolgens verlaagd naar 6,5 procent. Het is volgens Leeflang misdadig dat een andere groep gepensioneerden 13,6 procent van het pensioen moet betalen voor de ziektekostenpremie. Volgens haar hanteert het kabinet een rare definitie van gepensioneerde. Volgens de overheid is iemand die aov ontvangt een gepensioneerde. Hierdoor vallen personen die met vervroegd pensioen gaan buiten de definitie.

Politie zoekt informatie over toedracht curieuze schotwond bij slapende vrouw te Latour

Een kogel raakt via het dak een slapende vrouw bij haar borst


De afdeling Kapitale Delicten van het Korps Politie Suriname is nog drukdoende met het onderzoek naar de toedracht en herkomst van een kogel die de slapende Letitia M. in de nacht van maandag op dinsdag 17 november 2015 in haar woning aan de Tonkistraat te Latour bij haar borst raakte. Dit bericht de afdeling Public Relations van het korps vandaag, woensdag 25 november 2015.

Volgens het slachtoffer was zij in genoemde nacht in diepe rust. Op een bepaald moment voelde ze iets ter hoogte van haar borst. Ze begon te gillen van de pijn en werd door familieleden naar een ziekenhuis. Naderhand bleek zij geraakt te zijn door een voorwerp dat geschoten is uit een vuurwapen.

Uit een ingesteld onderzoek van de afdeling Forensische Opsporing (FO) werd een gat in de dakbedekking ontdekt. Het vermoeden bestaat dat een kogel het dak heeft doorboord en vervolgens de vrouw bij haar borst moet hebben geraakt. Het is nog steeds niet bekend wie geschoten heeft.

De politie doet nu een beroep op de samenleving om alle informatie, die kan leiden tot de aanhouding van de persoon die het schot heeft gelost, door te spelen via de Centrale Meldkamer 115, de tiplijn 179 of via de afdeling Kapitale Delicten op de nummers 403645 of 403252.

CBS: Helft Surinaamse Nederlanders is tweede generatie

Eerste generatie arriveerde vooral tussen 1975 en 1980

Almere is populair onder Surinamers


Bijna de helft van alle personen van Surinaamse herkomst in Nederland is ook hier geboren. Meestal zijn dit kinderen van Surinamers die in de jaren ’70 naar Nederland migreerden. Dat meldt het Nederlandse Centraal Bureau voor de Statistiek in een gisteren, 24 november 2015, uitgebracht persbericht.


Van alle in Nederland wonende personen van Surinaamse herkomst is 48 procent ook hier geboren. Eind jaren ’70 was dat aandeel nog een op vijf. Het aantal Surinamers van de tweede generatie nam in vier decennia gestaag toe, terwijl de eerste generatie sinds het begin van de jaren ’90 weinig meer groeide. De laatste tien jaar neemt hun aantal zelfs iets af. Volgens de bevolkingsprognose van CBS zal de tweede generatie over drie jaar de eerste in omvang voorbijstreven.

Op 25 november 1975 werd Suriname onafhankelijk van Nederland. In dat jaar verhuisden 40 duizend inwoners naar Nederland. In 1979 en 1980 volgde een nieuwe piek in de migratie vanuit de voormalige kolonie. Alleen als ze zich binnen vijf jaar na onafhankelijkheid in Nederland vestigden, konden Surinamers hun Nederlandse nationaliteit behouden. Ook in het begin van de jaren ’90 migreerden enkele tienduizenden vanuit Suriname naar Nederland. De economie van het land verkeerde deze jaren in zwaar weer.


Het aantal vrouwen en mannen in de tweede generatie is nagenoeg gelijk aan elkaar. Maar onder de eerste generatie Surinamers zijn meer vrouwen dan mannen: bijna 100 duizend vrouwen tegen ongeveer 80 duizend mannen. Vooral in de leeftijd van 30 tot en met 60 jaar is het verschil groot. Het verschil ontstond geleidelijk omdat er jaarlijks iets meer vrouwen dan mannen van Surinaamse herkomst naar Nederland kwamen, en er meer mannen vertrokken dan vrouwen.

Personen van Surinaamse herkomst maken 2,1 procent uit van de Nederlandse bevolking. Ze wonen vooral in de Randstad. Hun aandeel is het grootst in Almere, waar in 2015 één op de negen inwoners van Surinaamse komaf is. De tweede generatie vestigt zich minder vaak dan hun ouders in de vier grote steden, maar trekt naar de omliggende gemeenten als Barendrecht, Capelle aan de IJssel, Zoetermeer, Rijswijk, Almere en Diemen.

Breeveld (DOE): 'Velen kijken juist vandaag niet enthousiast terug op wat wij hebben bereikt'

'Ik spreek de wens uit, dat de volkswil leidend zal zijn bij het te voeren beleid'

'Het volk is nu de gebeten hond'
 

'Grote delen van het volk kijken juist op deze dag niet enthousiast terug op wat wij hebben bereikt.' Dit zei DOE-fractie- en partijvoorzitter Carl Breeveld vandaag, woensdag 25 november 2015, tijdens de buitengewone openbare vergadering die De Nationale Assemblee hield in de Congreshal te Paramaribo. Volgems hem is veel positiefs bereikt in de afgelopen 40 jaar. Naast Breeveld brachten Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons, president Desi Bouterse en diverse fractieleiders een felicitatieboodschap uit.

Breeveld bracht in herinnering, dat bij de geboorte van de republiek in 1975 'wij in de Grondwet en wel in artikel 1 de afspraak gemaakt hebben, dat Suriname een democratische staat is gebaseerd op de soevereiniteit van het volk. Dat betekent, dat de hoogste macht bij het volk hoort te zijn. Ik spreek de wens uit dat deze belangrijke rol van het volk vanaf nu, niet slechts tijdens verkiezingen geëtaleerd zal worden, maar dat de volkswil leidend zal zijn bij het beleid dat wordt gevoerd.'

'Politici in Suriname van de afgelopen decennia, moeten ernstig de hand in eigen boezem steken wat betreft onze verplichting aan het volk. In 1975 kreeg Suriname het grootste bedrag aan ontwikkelingshulp ooit aan een voormalige kolonie gegeven. 3.5 miljard Nederlandse guldens.
Het streven toen geformuleerd was vergroting van de economische weerbaarheid, vergroting van de werkgelegenheid, verbetering van de leefomstandigheden voor de gehele bevolking en bevordering van de regionale spreiding.
Wij zien dat wat bedoeld was voor de hele bevolking slechts voor een te kleine groep van de bevolking is gerealiseerd. En dat ging vaak ten koste van dezelfde bevolking.'


'Na de staatsgreep van 1980 werd het volk voorgehouden vernieuwing van de bestuurlijk-politieke orde, van de sociaal-maatschappelijke orde, van de sociaal-economische orde en van de educatieve orde.
'Na 40 jaar moeten wij constateren dat van al deze voornemens niet veel terecht is gekomen en dat het volk de gebeten hond is. Keer op keer is de bevolking bedrogen uitgekomen. Heeft dat te maken met de gulzigheid; met de hebzucht van enkelen, of met a-patriottisch gedrag. Of simpel weg met de wijze van politiek voeren waarbij te veel beloofd wordt aan het volk in plaats het volk te inspireren tot zelfwerkzaamheid? Ik bedoel daarmee de condities te scheppen dat het volk ondernemen kan?'


'Voorzitter, laten wij nu eindelijk gaan begrijpen dat wij niet ten behoeve van onszelf hier zitten en er niet voor ons zelf zijn. Politici moeten eerlijk en transparant hun werk doen, terwijl wij meer ownership van het volk mogen verwachten. We moeten ons volk stimuleren initiatieven aan de dag te leggen, waarbij regeerders zorg dragen voor de randvoorwaarden.
Alleen zo zal Suriname vooruit gaan. In een eerlijke dialoog en samenwerking tussen politieke leiders en bevolking.'

Tekst toespraak president Desi Bouterse in openbare vergadering parlement vanwege 40e Srefidensi-viering

TOESPRAAK VAN Z.E. DESIRÉ DELANO BOUTERSE,
PRESIDENT VAN DE REPUBLIEK SURINAME, BIJ DE BUITENGEWONE VERGADERING VAN DE NATIONALE ASSEMBLÉE IN HET KADER VAN 40 JAAR STAATKUNDIGE ONAFHANKELIJKHEID, 25 NOVEMBER 2015

 
Mevrouw de Voorzitter,

Mag ik u bedanken voor de gelegenheid mij geboden uw Geacht College op deze voor ons volk
gedenkwaardige dag toe te spreken.

Wij gedenken vandaag, Mevrouw de Voorzitter, onze 40e Onafhankelijkheidsdag. Gezamenlijk herdenken wij deze historische dag. Ik zeg “gezamenlijk”, omdat de onafhankelijkheid van ons allen is, net zoals dit mooie land met zijn schoonheid en bekoring van ons allen is, niemand in deze uitgezonderd.

Ons land heeft meer dan voldoende voor ons allen om een gezond, productief en dienstbaar leven met voldoening te leiden. Met andere woorden, wij zijn als volk de bezitters van een land waarin ieder van ons een leefbaar bestaan kan hebben. Ons land, Suriname, is een land van vrede, gastvrijheid, vrolijkheid en natuurschoon - in het Engels: Land of Peace, Hospitality, Laughter and Natural Beauty! Het is alleen al hierom een bijzonder voorrecht voor ons allen, om midden in deze onstuimige wereld, in dit land, Suriname, te mogen leven.

Mevrouw de Voorzitter,
Met het voortschrijden van de tijd nemen ook gewenning en vertrouwelijkheid van ons volk met de status van soevereiniteit van ons land met sprongen toe. Surinaamse burgers die nu jonger zijn dan 40 jaar, - dat zijn ongeveer 66 %, oftewel tweederde deel van onze bevolking -, weten niet anders dan dat zij in een onafhankelijk Suriname leven, wonen, werken, studeren en recreëren. Ook zij die nu ouder zijn dan 40 jaar en de formele overgang van kolonie naar zelfstandige Natie op 25 november 1975 hebben meegemaakt, - en zij die natuurlijk nog in leven zijn -, ondergaan eveneens het proces van het steeds dieper vertrouwd raken met het leven in een onafhankelijk land. Na veertig jaar is voor ons allen, anders dan leven in een onafhankelijk land, geen optie! Iedere Surinamer levert dagelijks trouw en normaal zijn of haar bijdrage aan de verdere vormgeving en ontwikkeling van de Republiek Suriname.

Mevrouw de Voorzitter,
Veertig jaar geleden zijn wij politiek-bestuurlijk en staatsrechtelijk onafhankelijk geworden. In dit verband hebben wij onze eigen Grondwet in 1975 geschreven. Wij hebben deze Grondwet naar eigen verbeterde inzichten, na dertien (13) jaar ervaring met het zelfbestuur over ons land, in 1987 ingrijpend gewijzigd om dekolonisatie, met name onze sociaaleconomische en culturele zelfstandigheid, structureel te kunnen verwezenlijken. Sociaaleconomische en culturele zelfstandigheid zijn immers onmisbaar als basis voor versterking en bestendiging van onze politiek-staatsrechtelijke onafhankelijkheid. De instemming van het volk met deze tweede Grondwet van de Republiek Suriname, bij het toen uitgeschreven volksreferendum was , - zoals u weet -, overweldigend.

Mevrouw de Voorzitter,
Opeenvolgende regeringen hebben ons nationaal beleid met toenemende opvoering van onze zelfstandigheid kunnen bepalen. In de eerste decennia nog wel met ontwikkelingskapitaal, dat gaandeweg door deze regeringen werd afgebouwd. In de afgelopen vijf jaar is ons ontwikkelingsbeleid uiteindelijk uitsluitend gestoeld geweest op nationale besparingen van ons volk, met aanvullend ontwikkelings- en financieringskapitaal uit ontwikkelingsverdragen met bevriende naties en met multilaterale financieringsfondsen. Hierdoor zijn wij financieel volledig onafhankelijk geworden van de voormalige koloniale machthebber.

Wij hebben ons met onze onafhankelijke status, Mevrouw de Voorzitter, geschaard in de lange rij der soevereine naties in de wereld. Wij hebben sinds 1975 een eigen Surinaamse buitenlandpolitiek gevoerd en zijn zelfstandig bilaterale en multilaterale relaties aangegaan, Mevrouw de Voorzitter. Wij hadden hierbij ook de vrijheid verworven ons zelfstandig aan te sluiten bij regionale en internationale samenwerkingsverbanden en zijn als volwaardig lid opgenomen in internationale organisaties, zoals de Verenigde Naties. Ons buitenlandpolitiek in de afgelopen 40 jaar was zondermeer bevrijdend: algemene erkenning van de wereld. Zondermeer een succesverhaal.

Wij hebben ook een eigen defensieapparaat kunnen opbouwen. Dit defensieapparaat zullen wij nu voornamelijk ombouwen tot een leger ter ondersteuning bij de realisatie van sociale en economische doelen. Wij zijn in de afgelopen decennia zelfstandig defensierelaties aangegaan met defensieapparaten van landen in de regio en hebben overeenkomsten gesloten met defensieapparaten van onder meer grote machten als de Verenigde Staten van Amerika, de Volksrepubliek China, de Federatieve Republiek Brazilië.

Als wij dit alles op de balans zetten, mogen wij als relatief jonge natie, - met al onze ups en downs -, tevreden terugblikken op al datgene wat wij tot nu toe als soeverein volk hebben kunnen bereiken. We hebben kunnen vertrouwen op onze eigen kracht, door vertrouwen in ons volk dat ons 40 jaar verder heeft gebracht, een vertrouwen dat dagelijks blijft groeien en een garantie is voor vooruitgang en voor het bouwen aan een mooie toekomst.

Mevrouw de Voorzitter,
Met al deze verworvenheden worden wij er helemaal van overtuigd, dat een afhankelijk land geen toekomst heeft: uiteindelijk gaat het batig saldo naar het koloniserend land. De meerwaarde van de inspanningen van het volk, wordt structureel aangewend voor de ontwikkeling van het dominerend land.

In een onafhankelijk land daarentegen, Mevrouw de Voorzitter, wordt structureel gewerkt aan de ontwikkeling van het eigen land. Inspanningen van het volk, komen uitsluitend ten nutte van het eigen land. De toekomst van het volk is in eigen hand. Het volk zit, populair gezegd, zelf in de drivers seat en bepaalt, met vallen en opstaan, zeker en definitief haar eigen toekomst. Met een onafhankelijke status, is er altijd hoop voor een toekomst, voor een eigen toekomst!

Wij achten het van belang hierbij op te merken, Mevrouw de Voorzitter, dat wij als volk vooral in de periode van meer dan 300 jaar koloniale overheersing, heel veel economische crises hebben moeten doorstaan. Wij zijn deze crises als ondergeschikt volk met harde arbeid te boven gekomen, zonder evenwel de vruchten van de steeds met zware arbeid bevochten betere tijden, zelf te mogen plukken. Deze vruchten zijn altijd bestemd geweest voor de koloniale heersers om hun land op te bouwen. Vooruitzichten, Mevrouw de Voorzitter, voor de duurzame opbouw van het eigen land in een situatie van afhankelijkheid, zijn per definitie afwezig. Dit is de belangrijke les in de wereldgeschiedenis: afhankelijke landen krijgen nooit de gelegenheid voor het bouwen aan een eigen toekomst!

Ook in een onafhankelijk land, Mevrouw de Voorzitter, zullen wij economische recessies bij tijd en wijlen moeten doorstaan. Deze recessies zijn onafscheidelijk verbonden met de wetmatigheden van onze wereldeconomie.

Maar met inzet van onze gemeenschappelijke arbeid van ons volk, zullen wij ook deze tegenvallende tijden te boven komen. En het perspectief hierbij zal wel zijn dat de vruchten van onze inzet en van onze doorzetting, alleen het eigen land ten goede zullen komen, nu wij een onafhankelijk land zijn. Daarom, Mevrouw de Voorzitter, is het zelfbeschikkingsrecht van Naties in de wereld, een fundamenteel recht. Dit universeel recht is een belangrijke vereiste om meer rechtvaardigheid in de wereld te verkrijgen en om een meer gelijkmatige verdeling van de rijkdom te bewerkstelligen. Teruggaan naar de oude situatie van afhankelijkheid van landen in de wereld, is geen optie bij het streven naar en arbeiden voor vooruitgang en rechtvaardigheid. Alleen onafhankelijke landen kunnen hoop hebben op een eigen toekomst.
Mevrouw de Voorzitter,
Ik heb u al in mijn laatste Jaarrede van 30 september jongstleden voorgehouden, dat soevereiniteit van landen politiek, economisch en cultureel zwaar onder druk staat. Internationale politieke en economische omstandigheden werken deze verontrustende ontwikkelingen in de hand. Regionale conflicten en zelfs oorlogen met name in het westen en in het oosten van de wereld, vloeien voort uit de economische concurrentiestrijd, met hieruit voortvloeiende belangentegenstellingen tussen landen en machtsblokken. En waar gaat het over? Over beheersing van strategische grondstoffen en de hieruit voortvloeiende expansie van politieke invloed van machtsblokken naar grondstoffenrijke landen en regio’s.

De internationale economische teruggang maakt deze tegenstellingen steeds scherper. Deze ontwikkelingen brengen ons aan de vooravond van de ondertekening van bijzondere internationale verdragen, met name de te sluiten Trans Atlantische Trade and Investment verdragen tussen de Verenigde Staten van Amerika en West-Europa. Hiermee zullen ook alle overige landen in de wereld gedwongen zijn deze eenzijdig ingestelde verdragen met hierbij vastgestelde standaarden, procedures en regels te volgen, willen zij deelgenoot blijven in de internationale handel. Deze verdragen, - in feite te vergelijken met een Bill of Rights voor multinationals -, regelen handel, industrie, investeringen, milieu, economie, productie, distributie enzovoorts. Zij verlenen aan multinationals juridische suprematie, overal waar zij opereren en zullen opereren. Soevereine staten zullen ondergeschikt zijn aan deze suprematie. Zonder inspraak van opkomende nieuwe grootmachten en ook zonder overleg met de overige werelddelen, wordt deze vergaande ingreep in de huidige wereldorde gedaan. Soevereiniteit van landen alsmede hun rechtssystemen, worden hierbij buitenspel gezet!

Volk van Suriname,
De consequenties van het voorgaande zullen bestudeerd moeten worden terzake de bepaling van onze politiekvoering ter behoud van onze authentieke mogelijkheden voor ontwikkeling. Wij zullen moeten nagaan hoe onze positie te bewaken in deze, door hoog geïndustrialiseerde, rijke landen op te zetten nieuwe wereldjurisdictie.

Centrale vragen voor de wereld van vandaag hierbij zullen zijn, of de kansen voor vergroting van rechtvaardigheid en gelijkheid in de wereld zullen toe- of afnemen? Of de door de Verenigde Naties ingestelde “Sustainable Development Goals” voor de komende vijftien (15) jaar ter verkrijging van meer rechtvaardigheid in de wereld met deze nieuwe wereldjurisdictie beter gediend zullen zijn oftewel: zal hierdoor de kloof tussen rijk en arm in de wereld overbrugd kunnen worden of juist wijder worden? Zullen de ongelijke machtsverhoudingen in de wereld met deze in te voeren gewijzigde Rechtsorde geharmoniseerd kunnen worden, waardoor een veiligere wereld ontstaat of zullen deze machtsverhoudingen eerder verscherpt worden?

Landgenoten,
Met al hetgeen hier genoemd, willen wij slechts benadrukken, wat wij eerder gesteld hebben, namelijk dat soevereiniteit van landen, ook van ons land, onder zware druk staat. Wij zullen daarom al onze ontwikkelingsplannen en projecties in het vizier moeten houden en, waar nodig, bijstellen en/of herzien ter garandering van onze ontwikkelingskansen.

Het is goed te vermelden dat bij de herdenking van onze 40–jarige onafhankelijkheid, wij een positieve kentering in ons land hebben mogen meemaken inzake betrokkenheid van politieke en functionele groepen in de bestuursvoering van ons land in het algemeen en in onze politiekvoering in het bijzonder. Wij blijven deze nationale betrokkenheid toejuichen en nemen hierbij volgaarne, vooral recent gemanifesteerde opbouwende en kritische kanttekeningen vanuit de maatschappij en vanuit de politiek over actuele ontwikkelingsplannen en brandende economische vraagstukken in ons land, zeer ter harte.

Wij herhalen dat alle Surinamers nodig zijn in deze steeds moeilijker wordende politieke en economische omstandigheden en ontwikkelingen. Dit geldt niet alleen voor ons land, maar voor de hele wereld. Nationale bundeling, eenheid en betrokkenheid is meer dan ooit een dwingende vereiste voor ons geworden.

Mevrouw de Voorzitter,
Wij zijn trots op onze Onafhankelijkheid, op onze eenheid en op al datgene wat wij door vertrouwen op ons eigen kunnen en op onze eigen kracht als volk in zelfstandigheid hebben kunnen bereiken en behouden. Wij zullen daarom consequent moeten voortgaan met het voeren:
• van een versnelde nationale opbouw
• van een nationale eenheidspolitiek,
• van een inspirerend cultuurbeleid voor dekolonisatie en vergroting van het onderlinge respect voor elkaar,
• van een politiek van vrede en harmonie in de wereld van vandaag, in het bijzonder van een regionale integratie-politiek in Latijns-Amerika en in onze Amerikaanse hemisfeer.

Mevrouw de Voorzitter,
Wij gaan thans door moeilijke tijden als land. De hele wereld gaat door moeilijke tijden. Hoezeer wij de ernst van deze problemen niet mogen onderschatten, wij kunnen stellen, dat wij deze problemen te boven zullen komen en dat wij deze problemen zelfs sneller en beter zullen kunnen overwinnen door naar elkaar te luisteren en door te bundelen en samen de schouders eronder te zetten.

Mevrouw de Voorzitter,
Het nationaal bewustzijn is steeds groeiende en de eenheid onder ons volk wordt steeds hechter. Deze trends zijn niet meer terug te draaien. Ons volk, zeker onze jongeren, onze nieuwe generatie, zijn in deze onverzettelijke drijfkrachten voor eenheid, vrede, integratie en vooruitgang.

Mag ik u tenslotte Mevrouw de Voorzitter, en via u uw hoog College, alsmede ons geheel volk, een inspirerende, vredige en plezierige Srefidensi toewensen, met de bede voor eenheid, harmonie, verdraagzaamheid en ontwikkeling, met hoog in het vaandel ons allen bindend Surinaams Volkslied en onze Surinaamse vlag!

Ik dank u.

Tekst toespraak VHP-fractieleider Santokhi tijdens buitengewone vergadering De Nationale Assemblee


Statenlid Leeflang op Curaçao niet onder indruk regeerakkoord PS, PAIS, PAR, PNP en Sulvaran

‘Regeerakkoord geeft geen hoop’ 

'Ik vind Rhuggenaath aardige jongeman en ziet er altijd fris uit, maar dat is het dan ook'


Onafhankelijk Statenlid Omayra Leeflang is niet onder de indruk van het regeerakkoord dat PS, PAIS, PAR, PNP en Sulvaran zondag hebben ondertekend. 'Ik heb het gelezen en zie werkelijk niets dat enige hoop geeft op economisch gebied', zegt ze vandaag, woensdag 25 november 2015, in het Antilliaans Dagblad. Reden voor de PAR om aan te sluiten bij de oude coalitie die na het opstappen van Statenlid Marilyn Moses een minderheid had, was dat er op economisch gebied een slag geslagen kan worden. Eugene Rhuggenaath is de man die namens de PAR het ministerie van Economische Ontwikkeling gaat leiden. 

'Ik vind het een aardige jongeman en hij ziet er altijd fris uit, maar dat is het dan ook', aldus Leeflang in het radioprogramma ‘Vandaag en Morgen’ op Paradise FM. 'We denken steeds maar dat we een tovermannetje, een soort Messias, kunnen plaatsen. Nee, je zult goede plannen moeten hebben en die goed moeten doordenken', aldus Leeflang, die verder concludeert dat er zo weinig in het regeerakkoord staat dat deze plannen in februari al afgerond kunnen zijn, en de verkiezingen alsnog in februari gehouden hadden kunnen worden.

'Er staat niets bijzonders in, er gaat niets gebeuren. Het is een ‘zit-de-tijd-uit-kabinet’.'

Wat het onafhankelijke Statenlid het meest tegen de borst stuit, is dat er tien punten staan opgenoemd waarover de coalitiepartijen nog verder moeten discussiëren. 'Als dat nu nog moet gebeuren, komt er van werken niet veel terecht. Dat wordt vooral heel veel koffie drinken.'

De tien punten die in het regeerakkoord staan opgesomd waarover nog vergaderd moet worden, zijn optimalisatie van het ambtelijk apparaat, regeringsgebouwen, FKP-woningen (Fundashon Kas Popular), de gas- en petroleumwet, arbeidsmarkt, civiele enquête, CPS/CPA en de monopolie van de haven, wijziging van het kiesreglement en een onafhankelijk stembureau, onderhoud van de leefomgeving en plannen van aanpak over de politie en de SDDK.

'De punten waarover wel een besluit is genomen komen warrig over. Ik sta er bovendien van versteld dat het Curaçaohuis een prominente rol krijgt toebedeeld voor wat betreft de hub-functie met Europa. Ik weet niet waar ze die capaciteit vandaan gaan halen, een plaatsvervangend Gevolmachtigde minister kan weinig doen', stelt Leeflang.

Ondanks de kritiek op de inhoud van het regeerakkoord, denkt Leeflang wel dat het kabinet-Whiteman II tot aan de verkiezingen eind volgend jaar zal blijven zitten. 'Alles wat enige frictie kan geven, hebben ze vermeden. Dan haal je het wel. Er zit nu bovendien een meerderheid van twaalf in het parlement dus het risico dat één iemand plotseling een helder moment krijgt zal er niet meer bij zijn.'

Dat het opstappen van Marilyn Moses uit PAIS en daarmee ook uit de coalitie een helder moment is, vindt Leeflang van wel. 'Ze ziet nu dat de afgelopen drie jaar niets heeft opgeleverd. Het enige wat is opgelost is de financiële situatie van de regering. De operatie is gelukt maar de patiënt is bezweken.'

Leeflang zal de nieuwe coalitie binnenkort vragen gaan stellen over onderwijs. Zo wordt in het regeerakkoord verwezen naar een wet uit 2002, Leeflang wil weten welke wet dat is. 'Ook lees ik dat gratis onderwijs doorgaat, dus ik wil weten wanneer de wet voor regulering van gratis onderwijs naar het parlement komt. Ook komen er extra fondsen voor studeren in de regio, maar ik heb nog geen evaluatie van deze pilot gezien.'

Achterstallig onderhoud scholen op Curaçao begroot op 100 miljoen gulden

Niet uitgevoerd onderhoud aan scholen is risico op begroting


Achterstallig onderhoud van scholen, begroot op een bedrag van zeker 100 miljoen gulden, wordt in de laatste Financiële Management Rapportage (FMR) gezien als een van de risico’s op de begroting. Het regulier onderhoud, begroot op 2 miljoen gulden per jaar, zal onder controle gehouden moeten worden met behulp van financiële rapportages uitgevoerd door de Sector Uitvoeringsorganisatie Onderwijs en Wetenschap (SAE) van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport (OWCS), zo bericht het Antilliaans Dagblad vandaag, 25 november 2015.

SAE controleert de onderhoudsplannen van de Stichting Onderhoud Scholen (SOS). Het reguliere onderhoud is onderverdeeld in dagelijks en groot onderhoud en geschiedt via het Vergoeding &Verantwoording (V&V)-stelsel.

Er moet volgens de FMR nog een betrouwbare update gemaakt worden van het meerjarig onderhoudsplan van SOS.

Ten aanzien van het achterstallige onderhoud staat in de FMR:

'De financiële situatie van het toenmalige Eilandgebied Curaçao was dusdanig dat er jarenlang geen mogelijkheid was om scholen te onderhouden of om investeringen te doen om de scholen aan de veranderende eisen aan te passen. Het bedrag van 100 miljoen gulden waarnaar wordt verwezen is daar het resultaat van. Inmiddels wordt het nodige gedaan, waardoor de achterstand in het onderhoud terugloopt. Op basis van een berekening uit 1999 bedraagt het achterstallig onderhoud circa 60 miljoen gulden. Extrapolerend en rekening houdend met indexering schat de SOS dit bedrag thans op 100 miljoen gulden. SOS verwacht dit in een periode van 10 jaar in te kunnen halen.'

Drie leden en een oud-medewerker Kustwacht op Curaçao aangehouden

Kustwachters verdacht van betrokkenheid bij drugssmokkel en lekken informatie aan criminelen


Bij 14 huiszoekingen geld, documenten, laptops, telefoons en xtc-pillen in beslag genomen

 
Door de leiding van de Kustwacht werd enige tijd geleden het signaal afgegeven, dat er vermoedelijk medewerkers van de Kustwacht betrokken zijn bij het plegen van strafbare feiten, waaronder het lekken van informatie aan criminelen. Deze informatie werd bevestigd uit andere bronnen, zo bericht vandaag, woensdag 25 november 2015, het Openbaar Ministerie Curaçao.

Na evaluatie van deze informatie werd in mei 2015 door het Openbaar Ministerie opdracht gegeven om een opsporingsonderzoek te starten door de Landrecherche Curaçao. Dit onderzoek 'Baywatch' is door de Landsrecherche uitgevoerd tezamen met de Nederlandse Rijksrecherche en de Koninklijke Marechaussee, met assistentie van het Korps Politie Curaçao (KPC) en het Recherche Samenwerkingsteam (RST).

Tijdens dit onderzoek is ook gebleken dat er sprake was van andere strafbare feiten, waaronder betrokkenheid bij het invoeren van verdovende middelen.

Vandaag, 25 november 2015, zijn in het kader van dit onderzoek op Curaçao zeven aanhoudingen verricht. De aangehouden verdachten zijn:
mevrouw T.N.S.R., 29 jaar oud,
mevrouw N.F.T.R., 21 jaar oud,
de heer W.A.W., 34 jaar oud,
de heer O.E.S., 32 jaar oud,
de heer R.H.E.F., 32 jaar oud,
de heer Z.S.H.D., 29 jaar oud en
de heer M.P.B., 31 jaar oud

Onder de aangehouden verdachten bevinden zich drie medewerkers van de Kustwacht en een voormalig Kustwachtmedewerker. Zij worden onder meer verdacht van corruptie, witwassen en overtreding van de Opiumlandsverordening.

Onder leiding van de rechter-commissaris zijn huiszoekingen gedaan op veertien adressen verspreid over het eiland. Tijdens de huiszoekingen zijn een vuurwapen, een aanzienlijk bedrag aan contant geld, documenten, laptops, telefoontoestellen in beslag genomen. Ook werd op een adres een aantal xtc-pillen in beslag genomen. De verdachten zullen vrijdag worden voorgeleid aan de rechter-commissaris.

'90 Procent verkeersongelukken op Curaçao hebben te maken met ‘outdated’ infrastructuur'

PS-Statenlid Cijntje: 'Bij aanleg wegen wordt geen rekening gehouden met veiligheid weggebruikers'

Een verkeersdode per kwartaal op Helmin Magno Wiels Boulevard


Sinds de EEG-weg begin vorig jaar tot de Helmin Magno Wiels Boulevard is omgedoopt, hebben er daar zeven dodelijke verkeersongelukken plaatsgevonden. Dat komt neer op één verkeersdode per kwartaal op deze straat alleen. Hiermee is nog niets gezegd over het grote aantal gewonden, zo schrijft vandaag, 25 november 2015, het Antilliaans Dagblad.

Het meest recente fatale auto-ongeluk op deze weg dateert van 22 november. Aisha Quirindongo liet toen het leven toen haar auto in een gat langs de weg terechtkwam, ze daardoor de controle over het stuur verloor, haar auto eerst tegen een boom aan knalde en vervolgens tegen een andere boom tot stilstand kwam.

Statenlid Melvin Cijntje (PS, Pueblo Soberano) heeft zich de afgelopen vijftien jaar verdiept in de infrastructurele problemen op het eiland en concludeert in een gesprek met deze krant dat 90 procent van de verkeersongelukken die op Curaçao plaatsvinden te maken hebben met een ‘outdated’ infrastructuur.

'De desbetreffende straat bijvoorbeeld is meer dan veertig jaar geleden aangelegd. Hoewel er sindsdien geheel nieuwe eisen zijn die worden gesteld aan het aanleggen van wegen, zijn er nooit wijzigingen aangebracht. Er wordt bijvoorbeeld helemaal geen rekening gehouden met de veiligheid van de chauffeur en al helemaal niet met de voetgangers op deze straat', aldus Cijntje.

Demissionair minister van Verkeer, Vervoer en Ruimtelijke Planning, Suzy Camelia-Römer (PNP) beaamt dat infrastructuur een grote rol speelt bij de veiligheid op de wegen in het algemeen en op deze weg in het bijzonder. Wat volgens haar echter ook een grote rol speelt is het rijgedrag van de chauffeur. 'Ik ben het voor een deel met de heer Cijntje eens; adequate infrastructuur kan het rijgedrag positief beïnvloeden, maar de gemeenschap moet ook bewust worden gemaakt over de gevaren van onverantwoordelijk rijgedrag. Men rijdt veel te hard op deze weg en er wordt nog te vaak getelefoneerd en ge-sms’t tijdens het autorijden.'

Dit laatste wordt door Cijntje betwist: 'Te vaak wordt de chauffeur de schuld gegeven. De oude garde denkt altijd dat het de schuld van de chauffeur is, maar wie de ontwikkelingen op dit gebied volgt, weet dat het meestal te wijten is aan infrastructuur die ‘out of place’ of ‘outdated’ is. Op Curaçao is naar mijn mening zelfs 90 procent van de auto-ongelukken te wijten aan het feit dat de infrastructuur niet in orde is.'

Volgens Cijntje moet een internationale instantie zoals iRAP (International Road Assessment Programme) - dat zich richt op het wereldwijd vergroten van veiligheid in het verkeer - naar het eiland worden gehaald om de wegen te controleren, de problemen aan te geven en vervolgens een plan op te stellen om dit aan te pakken. 'De regering moet nu eens prioriteiten gaan stellen en investeren in verkeersveiligheid. Ik leg dit al tien jaar uit. We kunnen niet de vinger blijven wijzen. Het gaat hier wel om de veiligheid van onze mensen.'

Eerder dit jaar kondigde Camelia-Römer een plan aan voor het aanleggen van rotondes, een middenberm en een zogeheten rammelstrook om de veiligheid op de Helmin Magno Wiels Boulevard te verhogen. Tot nog toe is dit project echter nog niet gerealiseerd. Tijdens het gesprek met deze krant geeft de VVRP-minister te kennen dat inmiddels de nodige voorbereidingen worden getroffen en dat zij erop aan zal dringen dat de openbare aanbesteding voor het aanleggen van de nodige weginrichting spoedig plaats zal vinden. Camelia-Römer benadrukt dat het niet alleen om de Helmin Magno Wiels Boulevard gaat, maar ook om de Piscaderaweg.

1.700 Inschrijvingen KLM Marathon op Curaçao

Deelnemers uit 32 landen


Zo’n 1.700 deelnemers hebben zich al ingeschreven voor de tweede editie van de KLM Marathon die zondag gehouden wordt, zo bericht het Antilliaans Dagblad vandaag, woensdag 25 november 2015.

Inschrijven kan nog bij Lions Dive of Vista Bike tot het maximale aantal deelnemers van 3.000 op de onderdelen hele marathon, halve marathon, 10 en 5 kilometer walk & run, 10,5 kilometer of 16,65 kilometer trail.

De deelnemers komen uit 32 landen. Het startbewijs en T-shirt kunnen zaterdag tussen acht uur ’s morgens en vijf uur 's middags bij Seaquarium opgehaald worden.

PALU: Alleen meer productie en werkgelegenheid kunnen Suriname redden

'Beleidsmakers nauwelijks in staat samenhangend actieplan te presenteren'

'Huidige financiële crises kent geen 'business as usual' oplossingen'


In de genomen financiële maatregelen met de recente devaluatie van de Srd is er absoluut te weinig of geen aandacht voor de vergroting van productie en werkgelegenheid in ons land. Iedereen is het erover eens, dat de sociale gevolgen van de devaluatie en de op handen zijnde prijsverhogingen van water en energie desastreus zullen zijn voor vrijwel alle huishoudingen. Het uit te zetten sociale vangnet door deze regering zal de enorme verhoging van de kosten van levensonderhoud niet volledig kunnen compenseren, zeker niet voor de midden en hogere klassen die hiervan niet of nauwelijks zullen profiteren. 

De PALU constateert dan ook, dat onze beleidsmakers nauwelijks in staat zijn om een samenhangend actieplan te presenteren die het Surinaamse volk vertrouwen geeft en het perspectief biedt om op (korte) termijn uit deze malaise te geraken.

Wat wij als PALU tot nog toe hebben gehoord is kommer en kwel met eenzijdige oplossingsmodellen in de richting van een krimpeconomie met alle gevolgen van dien. De PALU vindt dat de bevolking in de gelegenheid gesteld moet worden om meer initiatieven te nemen om zodoende meer te verdienen. De mogelijkheden om zelf meer te ondernemen zal positief doorwerken bij het creëren van de zo broodnodige werkgelegenheid.

De PALU ziet daarom als oplossing meer investeringen in de duurzame sectoren zoals toerisme, landbouw en de dienstensector, en het stimuleren van ondernemerschap waarbij meer aandacht is voor productiviteitsverhoging alsook mentaliteitsombuiging van onze burgers. In de gepresenteerde begroting voor 2016 is er duidelijk geen aandacht voor het stimuleren van de productie en het ondernemerschap. Het is volgens de PALU belangrijk dat juist nu met deze financiële crisis, met de productie sector aan tafel gezeten moet worden. In de gesprekken zal centraal moeten staan hoe de grootste knelpunten die onze productie, export en dienstverlenende sectoren ondervinden op de meest korte termijn weggewerkt kunnen worden voor onder andere onze toeristische en agrarische producten. Ook dienen de nodige financiële middelen te worden geheralloceerd en worden gereserveerd voor concrete projecten om op korte termijn onze productie op alle vlakken en dus ook de exporten te verbeteren en vergroten. In dit kader past direct het eindelijk opzetten van een 'Nationaal Investerings Fonds' om onder meer nieuwe productie initiatieven te ondersteunen en het jong ondernemerschap te faciliteren.

We schieten er als land en volk niets mee op om elkaar de verdoemenis in te praten door te stellen dat Suriname failliet is en er geen geld is en er slechts aandacht is voor bezuinigingen vanwege terug gelopen overheidsinkomsten.

Laat het duidelijk zijn, dat de Surinaamse regering continu inkomsten heeft en uitgaven doet.

De overheid is reeds jaren niet alleen de grootste werkgever, maar ook de grootste besteder. In 2016 staat 5 miljard aan inkomsten begroot en met de devaluatie. Met andere realistischer inkomstenverhogende maatregelen kunnen deze inkomsten sterk omhoog gaan. Samenhangend beleid en groei keuzen zijn belangrijk hierbij. Stringente keuzes vanuit de regering zijn van belang om duidelijkheid te verschaffen wat te doen met haar beperkte en schaarse inkomsten. In de uitgaven begroting over 2016 staan Srd724 miljoen voor aflossingen en ruim Srd 3.8 miljard voor lopende, vaste uitgaven, dat zijn salaris en apparaatskosten om de overheid draaiende te houden. Slechts 8% van de totale uitgaven is gereserveerd voor kapitaalsuitgaven waaronder onderhoud en sociale projecten. Hieruit blijkt overduidelijk dat de regering niet serieus is met investeringen in de duurzame productie sectoren.

Voor de PALU is één ding duidelijk en dat is de huidige financiële crises geen 'business as usual' oplossingen kent. We zullen de nodige financiële middelen moeten reserveren voor de productie en export ontwikkeling om daarmee gericht meer te verdienen als land en de werkgelegenheid te stimuleren. De private sector zal hierbij een heel belangrijke rol te vervullen hebben.

De PALU heeft altijd al de visie verkondigd, dat sociale investeringen hand in hand moeten gaan met investeringen in de reële sfeer, in het bijzonder de productie. Alleen door verbreding en vergroting van de productie zal de Surinaamse overheid de meer inkomsten kunnen genereren om de meer kosten van welk sociaal vangnet dan ook betaalbaar te maken. Doen we dit niet dan zal Suriname terecht komen in de neerwaartse inflatiespiraal die ons nog verder in de afgrond zal drukken, een proces dat we reeds kennen uit het verleden.

---- Progressieve Arbeiders en Landbouwers Unie (PALU) 
Suriname 
info: www.palu-suriname.org

NPS in haar Srefidensi-boodschap toont bezorgdheid over ontwikkelingen in het land

'Domper op feestvreugde vanwege deplorabele financiële positie van de staat en dramatische gevolgen voor burger'
 
 
25 november is een gedenkwaardige dag en zal altijd gegrift zijn in het geheugen van elke Surinamer. Deze dag markeert een bijzonder mijlpaal in de geschiedenis van ons land. Op 25 november 1975 werd de Republiek Suriname geboren. Politici vielen elkaar enthousiast en vreugdevol in de armen en de bevolking liet zich niet onbetuigd.

Suriname had de durf gehad om over haar lot te beschikken. Wij namen toen zelf het roer in handen. In de rij der naties had Suriname een waardige plaats ingenomen en zou de parel van het Amerikaans continent worden. Euforie alom. De verwachtingen waren hoog gespannen.

25 november 2015 heeft des te meer glans omdat het nu 40 jaar geleden is dat wij de staatkundige onafhankelijkheid verwierven en de overdracht plaatsvond van de soevereiniteit in Surinaamse handen. Hiervoor mogen wij blij zijn en ere brengen aan onze grote zonen die de onafhankelijkheid bewerkstelligd hebben. Daarover mogen wij terecht trots zijn.

Onder de bezielende leiding van Henck Alfonsus Eugene Arron is de staatkundige onafhankelijkheid gerealiseerd. Daarmede heeft hij eveneens historische onsterfelijkheid verworven. Het is uiteraard niet uitsluitend de verdienste geweest van Arron, maar de toewijding, doortastendheid en het vermogen om politieke tegenstanders te overtuigen en tot zich te binden was werkelijk bewonderenswaardig.

De politiek speelt een cruciale factor in het beleven van de rechtsstaat, het creëren van welvaart en het welbevinden van de burgers. De onafhankelijkheid moet beleefd worden en regeringen dienen het vertrouwen van de samenleving niet te beschamen. De herdenking van onze onafhankelijkheid gaat traditiegetrouw gepaard met feestviering maar het dwingt ook tot bezinning. Wat waren de idealen in 1975 en wat hebben wij er van gemaakt. Hebben wij onze verheven idealen doen uitmonden in ontwikkeling? Het is tijd voor een moment van reflectie op het heden en een projectie voor de toekomst.

Aan de vooravond van 40 jaar herdenking van de onafhankelijkheid zijn wij bezorgd over de ontwikkelingen in ons land. Er wordt een domper gelegd op de feestvreugde vanwege de deplorabele financiële positie van de staat en de dramatische gevolgen voor de burgers. De regering Bouterse schijnt maar niet bij machte te zijn een prudent, vertrouwenwekkend beleid te voeren. Integendeel dreigen wij af te stevenen op een debacle. Mooie woorden en beloften ten spijt heeft de regering slechts verarming en wanhoop gebracht. 
 
Vele hardwerkende Surinamers zijn door de recente lastenverhoging en recente devaluatie van onze munt berooft van een aanzienlijke hoeveelheid koopkracht. Dit heeft ernstige gevolgen voor de kwaliteit van het bestaan en het sociaal welbevinden. Vele burgers leven thans rond een onaanvaardbaar bestaansminimum. De regering Bouterse heeft alle middelen ingezet om verkiezingswinst te behalen. Daarbij is er niet voor geschroomd om populisme, loze beloften en misleiding op grote schaal toe te passen. De regering heeft niet gezorgd voor duurzame ontwikkeling. Integendeel zijn wij met rasse schreden achteruit gegaan.

De historische ontwikkeling van Suriname laat steeds een trend zien van opbouw en afbraak. Het is toch treurig dat de NDP regering geassocieerd wordt met materiele en morele afbraak. In tijden waarbij een regering met de NDP signatuur de scepter zwaait is er steevast sprake van monetaire onevenwichtigheden, sociaal economische achteruitgang, devaluatie en ongebreidelde corruptie. 

De regering faalt op vele fronten en het volk moet het gelag betalen.

1.      Er is sprake van een geschonden vertrouwen op politiek bestuurlijk vlak. Dit beperkt zich niet slechts tot het financieel economisch klimaat. De ruimtelijke ontwikkeling, criminaliteit, werkloosheid geven aanleiding tot grote zorgen en de sociale noden zijn schrijnend.

De woningnood is groot en er is sprake van grote inefficiënties in het onderwijs.

2.      De basiszorgverzekering heeft niet het gewenst effect opgeleverd. Er dreigt een situatie te ontstaan waarbij de zorg niet duurzaam gefinancierd kan worden en patiënten daardoor verstoken zullen zijn van kwalitatieve geneeskundige zorg.

3.      Ontwikkeling mag niet slechts in materiële termen opgevat worden.

Een samenleving moet ook groeien in geestelijk en moreel-ethisch opzicht. Een hoge beschaving impliceert ook een hoog waarden en normenbesef. Dit is nodig voor het in standhouden van een beschaafde en rechtvaardige samenleving. Met afschuw wordt kennis genomen van de om zich heen grijpende morele decadentie. Op ergerlijke wijze geven sommige hoge maatschappelijke functionarissen en politieke gezagsdragers blijk van een laag moreel besef.

Het ligt voor de hand dat dit negatieve effecten heeft op grote delen van de samenleving. Wij zijn verantwoordelijk voor de huidige en toekomstige generatie. Wij moeten bouwen aan een samenleving waarbij mensen worden beloond om de goede daden en waarbij kwaadaardig gedrag categorisch wordt afgekeurd.

Het zwaar getergde volk hoeft niet te wanhopen. De Surinaamse natie heeft keer op keer bewezen over veerkracht te beschikken en heeft in haast uitzichtloze situatie zich weten te redden. Dat zegt iets over de cultuur en mentaliteit van ons volk. Wij hebben de potentie om alle problemen het hoofd te bieden. Maar dan zullen wij de handen ineen moeten slaan en eendrachtig werken aan een betere toekomst. Dan zullen wij moeten leren om ons niet gedachteloos en kritiekloos te laten meeslepen door lieden die er een kunst van gemaakt hebben om grote massa's te bespelen.

Vele broeders en zusters zijn in de afgelopen jaren systematisch misleid geworden. Nu wordt op pijnlijke wijze zichtbaar, het onvermogen van de regering Bouterse om het land op een verantwoorde en waardige wijze te besturen. De ontnuchtering en ontgoocheling zijn groot. De bevolking hoeft echter niet te wanhopen. De Nationale Partij Suriname biedt zicht op een betere toekomst. Er is hoop. Samen zullen wij het redden.

De Nationale Partij Suriname feliciteert de gemeenschap met de herdenking van onze Srefidensi en roept alle Surinamers op om de handen ineen te slaan om te bouwen aan een eerlijke welvarende natie; vrij van corruptie en uitbuiting.

DRS: 'Het leven begint bij veertig'

'Het lijkt erop dat de Surinaamse droom bestaat uit het hebben van de juiste politieke vrienden'


'The American Dream' is het Amerikaanse ideaal waarin een ieder die bereid is hard te werken, altijd de top kan bereiken. De verhalen van de krantenjongen die eindigt als directeur van een grote krant, de armlastigste persoon die multimiljonair wordt en de geringste qua afkomst die president kan worden zijn illustratief voor de Amerikaanse droom. Als de Amerikaanse droom nou werkelijkheid of mythe is, is niet van belang. Feit is dat vele Amerikanen er in geloven en erdoor worden gemotiveerd en geïnspireerd.

Wat is de Surinaamse droom? Wat inspireert en motiveert de Surinamer?
Als wij kijken naar gedragingen in ons land dan lijkt het erop dat de Surinaamse droom bestaat uit 'het hebben van de juiste politieke vrienden'. De indruk bestaat dat men slechts via de politiek vooruit kan komen in dit land. Kennissen lijken belangrijker dan kennis en kunde.
Wie wil nog studeren, carrière maken of ondernemen in dit land terwijl je veel makkelijker 'het kan maken' via de politiek.
Als het nou gaat om een overheidsbenoeming, een vergunning, een perceel, gunning van overheidsopdracht, gratie voor moord of amnestie voor mensenrechtenschendingen, het kan allemaal met de juiste politieke vrienden.
Dat de republiek Suriname hiermee niet gediend is, schijnt de meesten niet te hinderen.

Nepotisme, favoritisme en rancune maken dat men politieke machthebbers tot vriend wil hebben. Principes, waarden en normen, worden makkelijk en schaamteloos opzij geschoven om loyaliteit aan politieke machthebbers te betuigen. Is dit de droom waarmee wij willen dat onze jongeren opgroeien.

Wat waren onze dromen en idealen veertig jaar geleden en wat hebben wij ervan terecht gebracht. De partij voor Duurzaam en Rechtvaardig Samenleven (DRS) roept de bevolking op om de afgelopen veertig jaar eerlijk en oprecht te evalueren. Onze successen en mislukkingen onder ogen zien en daaruit inspiratie putten om het beter te doen de komende jaren.

'Life begins at forty.' Laten wij dan een nieuwe droom formuleren. Een droom van een samenleving waar de zegeningen van dit rijke land eerlijk en rechtvaardig verdeeld zijn; waar voorspoed, welvaart en welzijn voor een ieder bereikbaar zijn; en waar kundigheid en integriteit op de eerste plaats staan.

In die geest wenst DRS de bevolking een bezinningsvolle herdenking van onze Srefidensi toe.

Nederlander gearresteerd in Colombiaanse stad Cali

Anthony M. zou bendelid zijn en drugs naar New York smokkelen


In de Colombiaanse stad Cali is een Nederlander gearresteerd. Anthony Petrus M. zou deel uitmaken van een bende die drugs naar de Verenigde Staten smokkelde en distribueerde in New York. Dat bericht vandaag, woensdag 25 november 2015, de Colombiaanse nieuwswebsite van Radio Santa Fe

De VS had om zijn arrestatie gevraagd. Wanneer M. wordt uitgeleverd, is niet bekend.

Assemblee in buitengewone vergadering op Onafhankelijkheidsdag bijeen

Assembleevoorzitter Geerlings-Simons: 'We zijn nu zo'n 60 tot 70% een zelfstandig orgaan'

Mogelijk krijgt Assemblee een eigen tv-kanaal


De 149-jarige Nationale Assemblee (DNA) houdt vandaag, 25 november 2015, een buitengewone vergadering in de Congreshal rond Surinames 40e staatkundige onafhankelijkheid. Reden voor Starnieuws om uitgebreid Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons aan het woord te laten en terug te kijken op de onafhankelijke positie en de toekomst van het parlement. 

'Voor wat ik zou willen bereiken, zijn wij zo een 60 tot 70% zelfstandig', zegt Simons. 'Deze zittingsperiode hebben wij de budgettaire verzelfstandiging al gerealiseerd. Het is voor mij niet van wezenlijk belang of ik die personele verzelfstandiging bereik.'

Volgens Simons kent het verzelfstandigingsproces twee elementen. Een is financieel, het hebben van een eigen budget. 'Dit hebben we voor een belangrijk deel. Maar, eigenlijk ben je nooit echt helemaal zelfstandig. Je bent deel van de overheid en dat zal altijd zo zijn.'

In de budgettaire verzelfstandiging is nog één stap te gaan, de aanname van de nieuwe Comptabiliteitswet - gepland voor 2016. 'Het is oneigenlijk om steeds per project een begroting bij de Raad van Ministers in te dienen.' Het parlement heeft dit pad al enige tijd verlaten. DNA valt onder de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken. 'Wij zijn één regel op de begroting: een beleidsmaatregel van Binnenlandse Zaken.' De planning is om de 18e afdeling van de begroting te worden.

De nieuwe comptabiliteitswet zal de budgetten en wijze van verantwoording regelen van andere instituten. Na aanname hiervan zullen toekomstige begrotingen opgedeeld zijn in afdelingen, in plaats van ministeries. Het streven is om elk ministerie, DNA en rechtelijke macht en in de toekomst de districten, tot een afdeling te maken. Het parlement beschikt nu volgens een presidentiële resolutie per kwartaal over zijn deelbudget. In overleg met het ministerie van Financiën wordt maandelijks geld gestort.

'Per kwartaal stuurt het parlement een realisatieverslag en in maart een jaarverslag naar dit ministerie. Naast de controle van de CLAD (Centrale Landsaccountantsdienst), heeft DNA het accountants- en administratiekantoor Tjong A Hung ingehuurd. Dit kantoor begeleidt het personeel op de financiële afdeling en brengt in 2016 het eerste externe accountantsverslag van het parlement uit. De begroting en het extern accountantsverslag worden gepubliceerd via DNA website.'

Het tweede element in het verzelfstandigingsproces is de kwestie van menskracht, personeel, 'maar hier zijn wij nog niet aan toe. Een toekomst ding, dat zich nog moet gaan uitkristalliseren.' De verzelfstandiging is onderdeel van het project Institutionele Versterking dat in 2011 begon. In 2010 hebben de Assembleeleden vanuit punt nul een zelfreflectie gehouden. Het parlementaire werk en bijbehorende processen moesten worden verbeterd. 'De leden waren het eens om het parlement de constitutionele plek te geven die het toebehoort.'

DNA vertegenwoordigt het volk en brengt de soevereine wil van de natie tot uitdrukking. Simons: 'Dit betekent constant in contact zijn met de samenleving. Er was een website, maar geen proces om rechtstreeks te communiceren met het volk.' Zo is de communicatie afdeling opgezet, de website gemoderniseerd, verschijnt DNA-journaal en DNA-actueel met de nieuwtjes over het parlement op tv. Een volgende stap is een mobiele App en de optie voor een eigen tv-kanaal voor live DNA vergaderingen wordt besproken.

De president, de regering, leggen verantwoording af aan DNA, het hoogste orgaan binnen de Staat. Die moet de beleidsplannen beoordelen en controle uitoefenen op het doen en laten van de overheid. 'Het is niet dat wij de hele dag over de schouders kijken van de regering, maar dit op een gestructureerde wijze willen doen.' Tijdens de zelfreflectie werd duidelijk dat de parlementariërs helemaal niet de gelegenheid hadden/hebben om die beoordeling en controle te doen. De regering heeft een idee, maakt daarop beleid met een begroting, aldus Simons. 'Dat idee is hopen wij niet zomaar ontstaan, maar na gesprekken met de samenleving en deskundigen.' Het parlement krijgt de plannen jaarlijks in oktober, 'iedereen verwacht dat wij die binnen een maand of twee bespreken en mogelijk goedkeuren'.

In het verleden gingen leden in commissieverband met het ministerie in gesprek en beslisten dan of ze de plannen goed vonden of niet. Na langere begrotingsbehandelingen, werd de begroting eind van de rit aangenomen zoals die was ingediend. 'Er bleef in feite niks over van je beleid beoordelende functie, die wij om verschillende reden niet hebben kunnen uitvoeren.' Een eigen werkplek, menskracht en gebrek aan experts op verschillende gebieden, geeft Simons als enkele op. Leden zijn op hun gebied deskundig. Sommige zijn artsen, juristen, onderwijzers, 'maar het parlementaire werk heeft zijn eigen specifieke kanten. Het werk doorlichten en beoordelen van de overheid is geen eenvoudige zaak.'

Het parlement krijgt nu praktische ondersteuning van deskundigen werkzaam op de afdeling wetenschappelijke en professionele ondersteuning. En commissies kennen assistenten, een soort griffier. 'Hierdoor kan het commissiewerk dat het hart is van het parlementaire werk eindelijk tot bloei komen.'

Actievoerders met protestborden in centrum Paramaribo richten initiatiefgroep 'We zijn moe' op

Groep opgericht om groeiende aanhang tegen regeringsbeleid te coördineren

'Surinamers moeten niet langer vanuit een achterhoek kritiek leveren, maar opkomen'


Om de groeiende aanhang tegen het regeringsbeleid te coördineren, hebben Curtis Hofwijks en Stephano ‘Pakittow’ Biervliet de initiatiefgroep ‘We zijn moe’ opgericht. Hun eerste actie is een oproep naar de vakbeweging en bedrijven om hun zaak te steunen. Zij vragen werknemers om zich elke dag minimaal een uurtje te laten zien aan de Waterkant, zo schrijft Starnieuws vandaag, woensdag 25 november 2015.

Hofwijks is vorige week een halve dag eerder dan Biervliet begonnen met een eenmansactie tegen het gevoerde beleid van president Desi Bouterse. Hij viel op met zijn protestbord waarop ‘weg met Bouta!!!’ stond.

'Het primaire doel is niet om de regering af te zetten. Wij willen dat het beleid verandert, het wordt steeds slechter, waar gaan we naar toe? Als zij in staat zijn het roer om te gooien mogen ze blijven, zo niet gaan we hun vertrek wel opeisen', aldus Hofwijks.

‘We zijn moe’ roept vakbonden en bedrijven op om de acties te ondersteunen. Dit kunnen zij doen door ‘de werkende klasse elke dag 1 uur vrijstelling van dienst te geven en wel van 7.00 ’s morgens tot 8.00 ’s morgens’, staat in een communiqué. 'Het is immers deze groep die de zweepslagen van het gevoerde wanbeleid zal moeten incasseren. De bedrijven gaan te maken krijgen met een afgenomen koopkracht, minder inkomsten en gaan worden geconfronteerd met hoge eisen voor salarisaanpassingen.'

'Er zijn teveel vragen waar de regering geen antwoord op heeft. Ik denk niet dat ze onkundig zijn, maar ze zijn teveel bezig zichzelf te verrijken, waardoor ze geen tijd hebben om te werken aan zaken die aangepakt moeten worden. Daarom vragen wij ondersteuning, zodat we gezamenlijk kunnen afdwingen dat de regering een verantwoordelijk beleid gaat voeren.'

Hofwijks is blij dat de actie navolging krijgt op social media. 'Er wordt flink gediscussieerd en worden plannen gemaakt. Wij gaan na hoe we de mensen hier krijgen', zegt hij. 'Surinamers moeten niet langer vanuit een achterhoek kritiek leveren, maar opkomen. If wan san ne go bun, kon na stratie, mek’ un tak’ ing.'

BEP: 'Onuitputtelijke bron van veerkracht aanwezig bij Surinamers weet land steeds uit problemen te halen'

'Als volk staan we voor uitdaging om neerwaartse economie op rails te krijgen'
 

De BEP gaat er nog steeds van uit, dat de stap die genomen is op 25 november 1975 om de onafhankelijkheid tot stand te brengen, een zeer correcte daad is. De strijd voor zelfbeschikkingsrecht, is niet zonder bloedvergieten en denigrerende handelingen van de kolonisator geweest. De partij brengt in herinnering, dat er verzetsstrijd gevoerd is door slaven die geleid heeft tot de stichting van dorpsgemeenschappen in het binnenland van Suriname. De partij weet ook dat het koloniaal bestuur zich gedwongen gevoelde om middels diverse traktaten vrede te sluiten met de groep strijders die zich op strijdvaardige manier onttrokken hebben aan het koloniale juk.

In deze strijd waren eenheid, saamhorigheid, betrouwbaarheid en waardigheid als belangrijke waarden die mede geleid hebben tot de bevrijding. De overige groepen die na de afschaffing van de fysieke slavernij naar de kolonie gebracht zijn, hebben op hun eigen manier ook de strijd naar de onafhankelijkheid geleverd. De bekroning van de strijd die door elke Surinamer, ieder vanuit zijn/haar positie en verantwoordelijkheid, hebben wij 40 jaar geleden succesvol kunnen beslechten.

De ontwikkelingen in de nieuwe republiek hebben op diverse momenten golvende bewegingen gekend op het economische vlak met als gevolg verruiming van de armoede en de daarbij gepaard gaande sociale problemen. De BEP heeft ervaren dat er een onuitputtelijke bron van potentie/veerkracht bij de Surinamers present is, die steeds het land uit de problemen weet te halen.

Het is wel van belang dat ervoor gewaakt wordt dat er duurzaam een stijgende ontwikkeling in alle sectoren te bespeuren valt. Het doel dat bij de onafhankelijkheid gesteld is, namelijk Suriname tot een welvarend land te maken door exploitatie van onze natuurlijke hulpbronnen op een correcte en duurzame manier, is bij lange na nog niet gerealiseerd. Derhalve zullen de politieke leiders van dit moment met alle eerlijkheid en transparantie op versnelde wijze moeten overgaan tot creëren van voorwaarden om werkgelegenheid, goed onderwijs, goede gezondheidszorg voor een ieder te hebben.


Wij staan als volk bij de herdenking van 40 jaar onafhankelijkheid wederom voor de uitdaging om de neerwaartse economie op rails te krijgen. De BEP, die thans ook deel uitmaakt van de regering, is er heilig van overtuigd dat wij als land uit de problemen komen. Er moet slechts in alle oprechtheid tot bundeling van deskundigheid worden overgegaan door de verantwoordelijke politieke leiders.

BEP wenst ala sranan sma wan switi srefidensi dey toe.

De voorzitter van de BEP
Drs. Celsius W. Waterberg


Nederland feliciteert Suriname met 40 jaar onafhankelijkheid


Minister Koenders: 'Onafhankelijkheid Suriname belangrijke mijlpaal in geschiedenis beide landen'


'De Surinaamse onafhankelijkheid is een belangrijke mijlpaal in de geschiedenis van beide landen. Ik wens alle Surinamers, zowel in Suriname als in Nederland, een feestelijke Srefidensi Dey toe’, aldus minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken vandaag, woensdag 25 november 2015.

Op 25 november 1975, vandaag 40 jaar geleden, werd Suriname een onafhankelijke republiek.

Volgens Koenders zijn beide landen ondanks een geschiedenis met hoogte- en ook dieptepunten onlosmakelijk met elkaar verbonden. ‘Nederland en Suriname hebben vanwege de cultuur, taal en geschiedenis nog altijd sterke banden. Op een of andere manier zijn ongeveer anderhalf miljoen mensen rechtstreeks met elkaar verwant.’