maandag 11 januari 2016

Nieuwe VS-ambassadeur Nolan biedt geloofsbrieven aan aan president Bouterse

Nolan is optimistisch over toekomst bilaterale relatie tussen VS en Suriname



De nieuwe Amerikaanse ambassadeur in Suriname, Edwin Nolan, heeft vandaag, maandag 11 januari 2016, zijn geloofsbrieven aangeboden aan president Desi Bouterse. Hij zei, dat hij in een periode in Suriname is, waarin het land te maken heeft met moeilijke economische omstandigheden. De diplomaat zei ook optimistisch te zijn over de toekomst van de bilaterale relatie tussen beide landen, zo bericht de Amerikaanse ambassade in een verklaring.

Nolan zei, dat hij uitkijkt naar de samenwerking met de regering op basis van voordeel voor beide landen. Hij noemde onder andere van handel tot klimaatverandering en het tegengaan van mensenhandel. De nieuwe ambassadeur ziet ook graag de verdieping op het gebied van militaire samenwerking tussen VS en Suriname.

De VS wil volgens de ambassadeur intensief samenwerken met diverse instellingen. De bilaterale en regionale mogelijkheden zullen verder worden verkend. Nolan is samen met zijn echtgenote Patricia op 9 december in Suriname aangekomen en is onder indruk van de gastvrijheid.


Statement by U.S. Ambassador to Suriname Edwin R. Nolan upon presentation of credentials to the President of the...
Geplaatst door U.S. Embassy- Paramaribo, Suriname op maandag 11 januari 2016

GroenLinks 2e Kamerlid bezoekt Isla-raffinaderij op Curaçao en begrijpt zorg werknemers over mogelijk baanverlies

'Ik heb de indruk dat er ook op pittige vragen van mijn kant eerlijk antwoord is gegeven door Isla'


Het GroenLinks Tweede Kamerlid Liesbeth van Tongeren bracht afgelopen zaterdag een bezoek aan de Isla-raffinaderij. Daarbij ging ze ook een kort gesprek aan met de Isla-medewerkers die zich bij de ingang hadden verzameld om op ‘passieve wijze te demonstreren’ tegen haar bezoek. Ze blikt tevreden terug, zo bevestigt zij na een verblijf van anderhalve dag op het eiland vandaag, maandag 11 januari 2016, in de Amigoe, vlak voor haar terugreis naar Nederland.

'Ik wil voorop stellen blij te zijn dat mijn verzoek via de Nederlandse vertegenwoordiging is ingewilligd en dat ik de raffinaderij informeel heb mogen bezoeken. Bij aankomst bleek er voor de poorten van de raffinaderij sprake te zijn van een verzameling van een grote groep mensen, die ik te woord heb gestaan. Ik ben uitgestapt en heb een manifest – dat persoonlijk aan mij gericht was – van de vakbonden in ontvangst genomen. Ik kon daar toen mondeling slechts kort op in gaan, maar zal daar uiteraard nog schriftelijk op antwoorden.'

Het Kamerlid begrijpt de grote zorg van de werknemers over mogelijk baanverlies. 'Natuurlijk is werkgelegenheid een bijzonder belangrijk aspect voor mensen, men wil de huur kunnen blijven bekostigen en hun kinderen onderhouden. Maar, anderzijds is het natuurlijk al lang bekend dat het tijdperk van verbranding van fossiele brandstoffen voor het opwekken van energie een aflopende zaak is en dat men er wereldwijd naar streeft om tijdig een overstap te bewerkstelligen naar alternatieve – en met het oog op de klimaatverandering – tevens schonere energiebronnen. De CO2-uitstoot moet omlaag, hierover was men het ook eens tijdens de klimaattop in Parijs, en dit alles voor 2050.'

Van Tongeren laat ook weten navraag te hebben gedaan over de huidige normen die gehanteerd worden. 'Zo blijken deze normen overeen te komen met de normen van de Verenigde Staten uit 1979. Op de vraag aan de raffinaderij hoeveel het zou kosten en hoelang het zou duren voordat men een omschakeling zou kunnen maken om de huidig geldende normen na te kunnen leven, heeft men eerlijk geantwoord, dat het behoorlijk in de papieren zou lopen.'

'Overigens de vragen die ik hier heb gesteld, zijn vragen die ik net zo goed in Nederland stel. Zo heeft men in Nederland ook te maken met normen waar energiecentrales en raffinaderijen zich aan dienen te houden en waar controle op plaats dient te vinden. Vandaar dat handhaving en inspectie een belangrijk onderdeel vormen in de gehele problematiek. Vanuit het gelijkheidsbeginsel kan het niet zo zijn dat een burger in de nabijheid van een raffinaderij met een minder acceptabele luchtkwaliteitsniveau te maken krijgt. Zo moet men ook in Nederland streven naar een acceptabele luchtkwaliteit voor de bewoners van nu bijvoorbeeld Groningen. Iedereen heeft recht op schone lucht.'

Van Tongeren geeft aan met haar komst in algemene zin naar meer informatie te hebben gestreefd omtrent de vragen ‘hoe de bevolking in algemene zin tegen de lokale olie-raffinage activiteiten aankijkt, de gevolgen hiervan op de acute gezondheid, of er sprake is van handhaving op de eigen hindervergunning, of er voldoende inspecteurs vanuit de overheid voorhanden zijn om adequaat te kunnen handhaven en hoe invulling wordt gegeven aan een mogelijk plan B’.

Een groep werknemers had zich voor aankomst van het Kamerlid met hun vakbonden, PWFC en Apri, bij de raffinaderij verzameld. 'Mij werd hierbij de vraag gesteld waarom Nederland zich over een interne kwestie van Curaçao beraadslaagt.'

De Tweede Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties houdt deze maand een hoorzitting over de Isla waarvoor verschillende belanghebbenden zijn uitgenodigd om informatie over de Isla-problematiek te geven. 'Ik heb op die vraag een vergelijking getrokken met het Curaçaose parlement, dat zelf ook bepaalt over welk onderwerp men wenst te beraadslagen. Het gaat er om dat men elkaar met respect bejegent binnen de bestaande verhoudingen van het Koninkrijk. Zo heeft de Tweede Kamer recent bijvoorbeeld ook gedebatteerd over de activiteiten van Shell in Irak en zal zich deze maand dus buigen over de Isla', aldus Van Tongeren.

Bij aankomst bij de raffinaderij heeft zij de aanwezigen gevraagd of men ‘heeft nagedacht over een plan B’, op zowel korte als lange termijn. 'Of wil men wachten tot er plotseling sprake is van baanverlies dat immers gepaard gaat met de ontwikkelingen wereldwijd? We zien dat er op wereldniveau plotseling bijvoorbeeld ook kolenmijnen worden gesloten. Dit heeft al tot verlies van veel werkgelegenheid geleid en daarmee radeloosheid onder de getroffenen. Mijn mening is dat er over dit soort zaken op voorhand nagedacht moet worden, naar alternatieven gezocht en op tijd toegewerkt moet worden. Juist om dergelijk plots baanverlies tegen te gaan.' Ze benadrukt dat een alternatief voldoende werkgelegenheid dient te behelzen om baanverlies binnen verdwijnende industrieën op te kunnen vangen.

Op de vraag hoe zij de rondleiding en de gelegenheid om vragen te stellen aan de directie van de raffinaderij heeft ervaren: 'Natuurlijk probeert een bedrijf zich in een dergelijke situatie van zijn beste kant te presenteren. Desondanks heb ik de indruk dat er ook op pittige vragen van mijn kant eerlijk antwoord is gegeven.' 

Over de plannen van de overheid voor modernisering van de raffinaderij en schonere productie door een overstap op verbranding van LNG-gas, reageert Van Tongeren: 'Ik denk dat dit slechts een wat schonere productie kan opleveren waarbij ik mij afvraag in hoeverre zich de daarvoor benodigde investering van naar ik begrijp een paar miljard, loont? Dit met het oog op de klimaatverandering, de uiteindelijke noodzaak van energie-transitie en het wereldwijd toewerken naar 2050 om de uitstoot terug te dringen.'

Curaçao Ports Authority gaat 22 schepen verwijderen en vernietigen

Schepen in zeer slechte staat en direct gevaar voor milieu en omgeving


De Curaçao Ports Authority gaat tweeëntwintig schepen verwijderen en vernietigen. Deze schepen zijn in zeer slechte staat en zijn een direct gevaar voor het milieu en de omgeving. Dat meldt Paradise FM vandaag, maandag 16 januari 2016.

De meeste vaartuigen hebben geen naam en ook de eigenaar is vaak niet bekend. Daarom wordt eerst een advertentie geplaatst om de eigenaren op te roepen. Twee weken na publicatie worden de schepen verwijderd en vernietigd. 

De schepen liggen bij Brion Noord, Parera, Nederex, Bati Panja, Piscadera en het Spaanse Water.

Sehos op Curaçao dient verzoek in voor ontvangst van regering tweede deel lening

Totaal lening van 30 miljoen gulden gebruikt voor op rails krijgen van de zorg en overgang naar nieuw ziekenhuis


Het St. Elisabeth Hospitaal (Sehos) dient nog deze week een verzoek in om het tweede deel van de lening te ontvangen. Dat zegt financieel directeur Henri Gerrits vandaag, maandag 16 januari 2016, in de Amigoe. Het bestuur van het ziekenhuis is momenteel bezig met de rapportage en de aanvraag.  Het Sehos en de regering tekenden op 16 oktober 2015 een leenovereenkomst voor 30 miljoen gulden. Het totaalbedrag, dat gefaseerd wordt uitgekeerd, wordt gebruikt om de zorg weer op de rails te krijgen. Ook wordt hiermee de transitie naar het nieuwe ziekenhuis geïnitieerd.

De eerste tranche (8 miljoen gulden) werd eind november uitgekeerd. De helft is gebruikt om crediteuren te betalen en de betalingsachterstand van 2014 in te lopen. Ook is er een gedeelte van de schulden van 2015 afbetaald.

Met het geld dat bestemd is voor de investeringen (de overige 4 miljoen gulden) worden verschillende projecten gefinancierd. Gerrits zegt dat daartoe verschillende trajecten zijn gestart. Zo wordt er gewerkt aan het stroomlijnen van het opname- en ontslagtraject om operaties zo efficiënt mogelijk in te plannen. De logistieke afhandeling van financiën wordt eveneens geautomatiseerd.
Een ander onderdeel van het investeringstraject is de invoering van protocollen voor zorgprocessen en diagnostiek. Dit met als doel efficiëntieslagen en kwaliteitsverbeteringen te realiseren.

Ten slotte wordt met het geld uit de eerste tranche ook gewerkt aan een Medium Care-afdeling. Dit om het gat tussen de Intensive Care (IC) en de gewone zorg te dichten. Er is momenteel geen tussenstap, waardoor patiënten bij twijfel soms langer op de IC worden gehouden om het zekere voor het onzekere te nemen, wat extra kosten met zich meebrengt.

Het ziekenhuis is echter nog niet uit de brand. In de loop van dit jaar kan pas worden bepaald hoeveel efficiënter het ziekenhuis feitelijk kan werken en welk budget hiervoor nodig is. Desalniettemin is Gerrits positief gestemd.

'De resultaten van de opbrengsten uit de eerste fase zijn nog niet binnen, maar we hebben het maximale uit de eerste tranche gehaald en de situatie vereist urgentie.'

Hij zegt nog niet te weten hoe hoog het bedrag van de tweede tranche zal zijn. 'Dit moet nog worden berekend.' De Commissie van Toezicht moet beoordelen of de stappen die in de eerste fase zijn gezet voldoende zijn voor de tweede uitbetaling.

Curaçao's MFK-Statenlid Thodé en zijn partij eisen vervolging van PAIS-Statenleden Rosaria en Franco en fractiemedewerker

MFK wil ook vervolging door OM van MAN-Statenlid Koeiman en Cft-voorzitter Bakker


Net als MFK-Statenlid Amerigo Thodé, eist ook zijn partij strafrechtelijke vervolging van de PAIS-Statenleden Alex Rosaria (leider), Marcolino ‘Mike’ Franco (Statenvoorzitter) en Alison Manuel, de fractiemedewerker die een foto heeft gemaakt van de gewraakte besloten vergadering met het College financieel toezicht (Cft). Tevens dienen MAN-leider en -Statenlid Hensley Koeiman en Cft-voorzitter Age Bakker door het Openbaar Ministerie (OM) vervolgd te worden, voor dezelfde redenen waarvoor Thodé werd vervolgd en veroordeeld. MFK zal daartoe deze week een aangifte indienen, zo bericht de Amigoe vandaag, maandag 11 januari 2016.
 
Thodé is afgelopen vrijdag door een rechter schuldig bevonden aan het opzettelijk openbaar maken van vertrouwelijke informatie uit de besloten vergadering van de Vaste Commissie Financiën van de Staten en het Cft, in de periode van 4 tot en met 19 september 2014 tijdens een radio-uitzending en een MFK-persconferentie. Hierdoor heeft hij het vertrouwen beschaamd dat Curaçao in zijn Staten- en commissieleden stelt, aldus rechter Marije van den Enden.

'De wet dient gevolgd te worden en dat geldt ook voor de verdachte. Het is niet zo dat de verdachte naar eigen inzicht kan kiezen wanneer hij zich wel of niet houdt aan de wettelijk voorgeschreven geheimhouding. Slechts in uitzonderlijke gevallen kan de geheimhoudingsplicht straffeloos worden geschonden, maar een dergelijk geval deed zich hier niet voor', aldus het vonnis. De rechter hield tevens rekening met het feit, dat de naar buiten gebrachte geheime informatie beperkt van karakter is gebleven. Thodé kreeg een geldboete opgelegd van 1.400 gulden, te vervangen met 24 dagen en twee jaar proeftijd. Zijn advocaat Chester Peterson heeft direct beroep ingesteld.

Peterson benadrukte afgelopen vrijdag al, dat het OM ook de hiervoor genoemde vijf personen moet vervolgen, indien het een integere organisatie is. Zo had medewerker Manuel niets te doen in de besloten vergadering, maar hij was er daar wel en heeft zelfs foto’s gemaakt, die ook nog in de media zijn gepubliceerd. Tevens heeft PAIS zelf op haar website informatie over dezelfde vergadering geplaatst. MFK onderstreept dit in een persbericht.

'Het vonnis in de zaak Thodé is een bewijs van hoe klassenjustitie op het eiland functioneert. Dagelijks krijgt de samenleving bewijzen dat het OM en het gerecht maar één doel hebben en dat is het elimineren en/of zwartmaken van de MFK-leden.'

Het vonnis heeft wel een positief aspect, aldus de MFK, aangezien het de mogelijkheid heeft gecreëerd om aangifte te kunnen doen bij het OM tegen drie Statenleden, de fractiemedewerker van Pais en de Cft-voorzitter, die zich net als Thodé ook schuldig hadden gemaakt aan de tegen Thodé tenlastegelegde feiten. 'Zij hebben allemaal in de media gesproken over onderwerpen die tijdens de vergadering zijn besproken en die zogenaamd geheim gehouden moesten worden voor de Curaçaose samenleving.'

MFK haalt net als Peterson onder meer een verslag van PAIS op haar website op 5 september 2014 aan, over de vergadering. Daarin geeft de partij uitleg over wat er tijdens de vergadering door het Cft werd gezegd, namelijk dat Curaçao op de goede weg was naar een gezonde financiële positie en dat het Cft een economische groei voorspelde.
'De tijd is aangebroken voor het OM om het Curaçaose volk te bewijzen een onafhankelijke en integere organisatie te zijn en niet een politieke. Wij zullen net als de samenleving in onze schommelstoel gaan zitten wachten hoe het OM om zal gaan met de later ingediende vijf aangiften. Wij houden toezicht.'

De partij bestempelt het vonnis van rechter Van den Enden bovendien als gevaarlijk en haalt een passage aan in het vonnis dat Thodé anders toestemming van de Cft-voorzitter moest vragen, om informatie naar buiten te kunnen brengen. 'Thodé is als vertegenwoordiger van het volk juist geroepen om ook wat er tijdens deze vergadering werd besproken, te controleren. De rechter wil dus met andere woorden de bevoegdheid van Staten verminderen en die van het Cft verhogen. Dit is een gevaarlijke overweging, zelfs anti-democratisch, waarbij geprobeerd wordt de mond van volksvertegenwoordigers in de Staten te snoeren.'

Dit is volgens de MFK een zaak van principes geworden: niet alleen om te bewijzen dat Thodé niets verkeerd had gedaan, maar bovendien om de ‘Trias Politica’, dus de machtsverdeling te beschermen en een einde te maken aan de jacht van Justitie op de MFK en haar leden.

Groep Kustwachtmedewerkers Curaçao legt werk neer vanwege uitblijven duidelijkheid wapenbeleid

Kustwachters willen niet langer wachten op invoering beleid en stellen minister Navarro ultimatum


Medewerkers vrezen voor hun leven en worden buiten werktijden bedreigd


Ongeveer 25 medewerkers van de Kustwacht Caribisch Gebied op Curaçao hebben vanochtend, maandag 11 januari 2016,  het werk neergelegd en verzamelden zich bij het hoofdkwartier van hun vakbond NAPB (Nederlands Antilliaanse Politiebond). Daar vergaderden zij over de stand van zaken ten aanzien van het wapenbeleid omtrent hun bescherming na werktijd, aldus bericht de Amigoe.

Na een telefonisch gesprek met minister van Justitie Nelson Navarro (PAIS) besloten ze een brief bij hem in te dienen. De leden marcheerden van het vakbondshoofdkwartier naar het kantoor van Navarro. Ze willen niet langer wachten op de invoering van het beleid en stelden een ultimatum voor de minister tot vanmiddag vijf uur.
 
Om duidelijkheid te krijgen over de stand van zaken heeft de bond al op 6 januari jongstleden een brief naar minister Navarro gestuurd. De Kustwachters vrezen voor hun leven. Zij worden regelmatig buiten werktijd bedreigd door individuen waartegen ze eerder hebben opgetreden.

'Het gaat niet slechts om het bewapenen van de medewerkers, de bedreigingen gaan ongestoord door. Men weet dat de Kustwachters, anders dan de agenten van het Korps Politie Curaçao, na werktijd niet gewapend zijn. Dit brengt met zich mee dat ze veel eerder dan tegen politieagenten, bedreigingen durven te uiten jegens de Kustwachtmedewerkers, omdat die toch niet in het bezit zijn van hun dienstwapen', aldus bestuurslid van de bond Soraida Cicilia. Ze stelt, dat er geen sprake is van een staking. De leden zijn boos en bezorgd, aangezien zij geen ‘feedback’ krijgen van de minister over het wapenbeleid.

Begin december 2014 werd een commissie opgericht bestaande uit een jurist van het ministerie van Justitie, vertegenwoordigers van de Kustwachttop, namelijk het hoofd Bureau Kustwacht, een vertegenwoordiger van het Korps Politie Curaçao en vertegenwoordigers van de (politie)vakbonden Abvo en NAPB, die zich toen al op verzoek van de minister over de veiligheid van het kustwachtpersoneel boog en een advies uitbracht.

Diverse documenten zijn ingediend en ook de vuurwapens zijn al beschikbaar, maar er gebeurt nog niets terwijl er al ruim een jaar voorbij is gegaan, aldus Cicilia. Niet alleen de 25 medewerkers die bij het hoofdkwartier aanwezig waren zijn ontevreden, maar niet iedereen verzamelde zich daar.

Cicilia: 'De werkzaamheden moeten doorgaan, het is niet verantwoord om de kustwacht plat te leggen.'
Het is vooralsnog niet duidelijk hoelang het gaat duren voordat deze groep weer aan het werk gaat. 'Wij hebben de minister telefonisch bereikt en die gaf aan vrijdag een antwoord te kunnen geven, maar de leden willen niet tot vrijdag wachten. Ze marcheerden naar het kantoor van de minister, waar zij een brief hebben ingediend met daarin onder meer de eis dat de minister vandaag om vijf uur duidelijkheid verschaft. De leden zullen straks moeten beslissen wat de volgende te nemen stappen moeten zijn.'

De beslissing dat bepaalde Kustwachters voor eigen bescherming hun dienstwapen mee naar huis mogen nemen is al genomen. De Amigoe berichtte in september 2015, dat het wapenbeleid nog niet ingevoerd kon worden, in afwachting van een onderzoek naar de integriteit van de medewerkers van de Kustwacht. 'Ik kan de Kustwachters niet bewapenen zolang ik niet heel goed ingelicht ben over hun persoon', zei minister Navarro toen. Inmiddels is bekend dat ook het onderzoek Baywatch toen liep. Dit onderzoek naar illegale praktijken door de Kustwachters is inmiddels gereed en een groep medewerkers is aangehouden, maar meer aanhoudingen worden niet uitgesloten.

'Het ministerie van Justitie moest zich ook over de aanschaf van de vuurwapens buigen. Dat is inmiddels ook gebeurd. De wapens van het merk Glock kunnen aangeschaft worden. Nu moet ik andere aspecten met de Kustwacht afhandelen, zoals een opslagplaats voor de wapens bij de kazerne zelf en regels hoe men met de wapens om moet gaan bij de kazerne. Ik vergader deze week met de Kustwachtdirecteur', aldus Navarro.

Cicilia zegt niet te begrijpen wat de minister bedoelt met ‘opslagplaats’, aangezien er nu sprake is van bescherming van de medewerkers buiten werktijd. De leden zouden hoe dan ook na vijf uur vanmiddag een beslissing nemen over wat ze morgen zullen doen.

De aanpassing van het wapenbeleid komt, nadat de personeelsleden meerdere malen het werk gedeeltelijk hadden neergelegd in verband met hun veiligheid, aangezien zij regelmatig worden bedreigd. Het aantal agenten dat in aanmerking komt is onbekend. De Kustwachters werkzaam op de andere eilanden, zoals Aruba en St. Maarten, worden niet bedreigd, dus zal het nieuwe wapenbeleid alleen betrekking hebben op de lokale Kustwachters. Ondanks het feit dat de Kustwacht een Koninkrijksaangelegenheid is, heeft Nederland geen zeggenschap over het wapenbeleid. De voorwaarden voor het extra beveiligen van de Kustwachters na werktijd, door hen te bewapenen, zijn naar analogie van de douane en het politiekorps vastgesteld.

Veehoudersbond snapt standpunt directie staatsbedrijf Melkcentrale Paramaribo inzake verzuurde melk niet meer

'Waarom verzuurt alleen MCP-melk in winkels en niet de andere melksoorten?'

'Smokkelmelkpoeder zou in melk worden opgelost en geleverd als koeienmelk'


De Veehoudersbond kan de leiding van het staatsbedrijf Melkcentrale Paramaribo niet meer volgen. Volgens bondsvoorzitter Mukesh Ramlagan zijn de boeren radeloos. 'Eerst zei de directie dat de boeren rommel leveren, koeien hebben last van muskieten vandaar dat de melk verzuurd zou raken. Dan was melk verzuurd door stroomuitval en duizenden cups yoghurt hadden een andere vervaldatum. De directie verdedigde het door te zeggen, dat het een vergissing was en nu verwijt de directie de grootste afnemers van de melk, de winkeliers en hun koelsystemen, de oorzaak te zijn van het verzuren van melk', zegt Ramlagan. 

De melkboeren kunnen zich niet voorstellen waarom alleen MCP melk verzuurt, terwijl de andere melksoorten ook in de zelfde koelkasten opgeslagen worden en niet verzuren.

'Het probleem is noch bij de melkboeren, noch bij de winkeliers. Volgens onze informatie wordt er in grote hoeveelheden smokkelmelkpoeder opgelost en geleverd als koeienmelk. Zo een geval deed zich ook in 2008 en 2010 voor. Daar is een politieonderzoek voor gevraagd, waar de MCP geen medewerking aan heeft verleend. Mocht het zijn, dat er een politieonderzoek komt, ben ik de eerste persoon die kan aanwijzen waar het gebeurt. Wij hebben geconstateerd, dat zeker acht medewerkers van MCP, waaronder twee Cubaanse deskundigen, hun ontslag hebben ingediend, omdat zij niet wilden meewerken aan de corruptiepraktijken', stelt Ramlagan.

Als de grote afnemers van de MCP, de winkeliers, boos worden en geen melk meer afnemen, zal volgens Ramlagan de MCP failliet raken. De gemeenschap zal hierdoor dieper in haar zak moeten gaan om voor melk te betalen.

Volgens MCP-directeur Dewkoemar Sitaram berust de beschuldiging van Ramlagan niet op waarheid. Er waren inderdaad twee consultants bij MCP in dienst, maar die zijn vertrokken, omdat hun contract is verlopen. Sitaram zegt dat er momenteel één Cubaanse consultant bij hem voor een jaar in dienst is. De andere zes ontslagen bestaan volgens Sitaram helemaal niet.

Volgens Edmund Blufpand, voorzitter van de Vereniging van Surinaamse Melkboeren (VSMB), zijn de beschuldigingen van Ramlagan niet in het directe belang van de melkboeren.
'Als meneer Ramlagan beweert dat zulke zaken gebeuren, moet hij dat bewijzen. Zolang de zaken niet zijn bewezen, kun je in beginsel zulke beschuldigingen niet uiten. Het is ten eerste niet onze hoofdpijn. MCP is de opkoper. Als MCP melk opkoopt die niet voldoet aan de eisen, kunnen wij er niets over zeggen. Het is inderdaad zo, dat als melk van inferieure kwaliteit wordt aangeleverd en met onze melk wordt gemengd, de hele batch in kwaliteit afneemt, maar zolang er geen bewijsmateriaal is, kunnen wij onmogelijk beschuldigingen uiten. Waarom gaat Ramlagan niet naar de politie als hij harde bewijzen heeft?', vraagt Blufpand zich af.

De VSMB heeft ook geruchten gehoord. Er was volgens Blufpand een transporteur van melk, waarvan men dacht dat hij opgeloste poedermelk leverde als rauwe koemelk. Er is inderdaad een adres genoemd, maar zolang men het bewijs niet heeft en mensen niet op heterdaad zijn betrapt, kan er niets worden gedaan. De VSMB heeft dus een indicatie, dat in het verleden zulke dingen mogelijk zijn gebeurd. Of het nog steeds gebeurt, daar kan de VSMB niet over praten. De geruchten zijn vooralsnog bij geruchten gebleven.

Etienne Boerenveen weer benoemd tot president-commissaris bij Staatsolie

Aandeelhouders kiezen nieuwe Raad van Commissarissen


Tijdens een bijzondere algemene vergadering van aandeelhouders is afgelopen zaterdag een nieuwe Raad van Commissarissen (RvC) bij Staatsolie benoemd. Etienne Boerenveen blijft president-commissaris van dit staatsbedrijf. Hij werd in maart 2012 voor de eerste keer benoemd in deze functie, zo bericht Starnieuws vanmiddag, maandag 16 januari 2016.

Nieuw in de RvC zijn Mark Rommy en Alex Imanuel, die de bond vertegenwoordigt. De leden Gonda Asadang en Ewald Poetisi zijn niet vervangen. Directeur Rudolf Elias heeft de medewerkers van Staatsolie vandaag formeel geïnformeerd over de nieuwe raad.

Vicepresident Ashwin Adhin heeft de mededeling gedaan tijdens de algemene aandeelhoudersvergadering van het presidentieel besluit. Hij vertegenwoordigde namens de president de Staat Suriname als aandeelhouder. Minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen was niet aanwezig op deze vergadering.

Protestborden actiegroep 'We zijn Moe' pikt 15 en 16 januari de vermoeide draad weer op

'Wij hebben afwachtende houding, maar zijn niet van plan ons protest te laten politiseren'


De protestgroep 'We zijn Moe' wordt 15 januari weer tot leven gewekt. Initiatiefnemer van de groep Curtis Hofwijks besloot 19 november 2015 zijn protest te beginnen. De aanleiding hiervoor was dat volgens de groep De Nationale Assemblee, en met name de oppositie, onvoldoende controle uitoefent op de regering. Van de coalitie mag verwacht worden dat zij het beleid ondersteunt, maar het is ook haar verantwoordelijkheid om haar stem te laten horen in zaken die niet door de beugel kunnen. 

'Daarvoor worden alle 51 Assembleeleden royaal vergoed. Zij moeten hun werk doen. Niets minder. Ik stoor mij daarom mateloos aan hun constructieve houding. Het lijkt wel slijmen', zegt Hofwijks vandaag, maandag 11 januari 2016, in het Dagblad Suriname.

Het protest heeft niet het initieel beoogd resultaat bereikt, namelijk het zwart maken van het Onafhankelijkheidsplein met mensen, maar dat betekent niet, aldus Hofwijks, dat het protest geen succes mag worden genoemd. Nu is de strategie gewijzigd en zal de groep niet zoals voorheen elke dag op de locaties te zien zijn. Social media worden ingezet om de bewustwording op gang te brengen en om discussies te stimuleren.

'Het klinkt misschien vreemd, maar alleen hard werken zal ons niet helpen. Harder werken dan velen van ons reeds doen, zal ons alleen maar nog meer ellende opleveren. Wij zullen onze gezondheid moeten offeren en onze kinderen zullen niet de nodige aandacht krijgen die zij verdienen. Immers, waarom kent de wet een 40-urige werkweek? Omdat er ook rekening gehouden werd met de kwaliteit van het leven. En terecht, het leven bestaat uit veel meer dan werken', aldus 'We zijn Moe' in een recente verklaring.

'Ter illustratie: als je bezig bent een boom om te hakken met een botte bijl, moet je niet harder gaan hakken. Je moet het werk onderbreken, een vijl of een slijpsteen pakken, vervolgens de bijl aanscherpen en dan het werk hervatten. Harder werken is niet altijd het antwoord. Vooral niet als je de verkeerde richting opgaat. Je werkt je dan kapot om op de verkeerde bestemming te belanden. De omstandigheden van onze economie zijn niet gunstig, onze bijl is bot. De tijd is aangebroken om een vijl of slijpsteen te pakken en dat kunnen wij doen door te reflecteren op wat wij als land verkeerd doen. Het heeft geen zin om te ontkennen of elkaar te bevechten of te proberen zaken te politiseren. Terecht zegt de president dat het land geen chaos kan verdragen', zegt Hofwijks.

Surinamers moeten volgens Hofwijks nuchter en eerlijk zijn naar elkaar toe handelen, als zij op korte termijn een oplossing voor deze situatie willen. Hofwijks gelooft net als de president, dat Surinamers met vereende krachten in staat zullen zijn om elk probleem het hoofd te bieden. Maar, hijis  geen fan van mooie woorden. Daden spreken hem meer aan.

'Onze strategie heeft een vloeibaar karakter en is te vergelijken met een zeilschip op volle zee. Afhankelijk van de weersomstandigheden zullen wij onze zeilen bijzetten of strijken. Wij hebben een afwachtende houding, maar zijn niet van plan om ons protest te laten politiseren of de leiding uit handen te geven', stelt de groep.

Op basis daarvan heeft de groep gemeend om 15 januari 2016 vanaf vijf uur 's middags weer te verzamelen op het Onafhankelijkheidsplein en op 16 januari 2016 in de ochtenduren in de binnenstad (Spanhoek,, vanaf negen uur).

Hofwijks roept een ieder op die moe is van deze situatie en er iets aan wil doen ‘ongeacht hun politieke voorkeur, sociale status, geloofsovertuiging, ras en wat ons nog meer scheidt’. 'Wij zijn immers allen Surinamers of verbonden met Suriname. Wij hebben een vlag, een volkslied en wij zijn een volk', aldus Hofwijks.

Het heeft er alle schijn van, dat de actiegroep verder gaat op de oude voet....

Doekhie (NDP): 'Als Carl Breeveld niet in Jannash gelooft, dan moet hij in eigen omgeving kijken wie crimineel is'

'Die 'crimineel' beschikt wel over de nodige deskundigheid'


'De president gelooft in hem, ik geloof in hem. Als Carl Breeveld en anderen er niet in geloven, moeten zij een keertje ook in hun omgeving gaan kijken wie crimineel is. Daarover ga ik echter niet praten, ik ga niet over mensen oordelen.' Woorden van het NDP-Assembleelid Rashied Doekhie vandaag, 11 januari 2016, in het Dagblad Suriname naar aanleiding van de recente benoeming van Hans Jannasch tot waarnemend hoof van de Centrale Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (CIVD). 

In de afgelopen dagen hebben de DOE-voorzitter en andere politici flink kritiek geleverd op de benoeming van Jannasch. Breeveld zei, dat hij in zijn algemeenheid mensen prefereert die geen strafblad hebben om een post, zoals die van de directeur van de CIVD of welke andere post ook, in te vullen. Jannasch werd in 2004 veroordeeld tot acht jaar gevangenisstraf wegens het mede opzetten van een xtc-laboratorium aan de Henkielaan in Paramaribo. Hij kreeg echter gratie in 2010 en kwam vervroegd vrij.

'Die ‘crimineel’ beschikt wel over de nodige deskundigheid. Als die man, schuldig of onschuldig, zijn straf al heeft uitgezeten, mag hij niet gediscrimineerd worden om een belangrijke functie te bekleden. Vooral als de president zelf het vertrouwen in zijn deskundigheid heeft', aldus Doekhie.

Doekhie zegt dat Jannasch de meest geschikte kandidaat is voor die post, omdat hij over jarenlange ervaring beschikt van zowel in Suriname als in het buitenland. 'Hij heeft in het buitenland gestudeerd en heeft eerder al leiding gegeven op een hoog niveau in het leger. Hij kent de president, de president kent hem, een vertrouweling.'

Volgens de politicus heeft de wereldgeschiedenis al bewezen dat leiders met eerdere vonnissen wel in staat zijn geweest om te veranderen en hun land naar hogere hoogtes te brengen. Hij noemt hierbij namen van Mahatma Gandhi en Nelson Mandela. 'Dit, omdat na 10 tot 20 jaar ook blijkt dat deze mensen onschuldig daar zijn geplaatst. Niet God heeft het vonnis geveld, maar een mens op basis van bevindingen', stelt de NDP’er. Volgens hem moeten alle ervaringen van mensen worden meegenomen voor land en volk.

'Heeft Somohardjo geen vonnis? Heeft Brunswijk geen vonnis? Ze krijgen allemaal kansen toch? Geef die man een kans, hij is integer en capabel genoeg', stelt de politicus.

In september 2003 moest PL-voorzitter Paul Somohardjo aftreden als minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, nadat hij door de rechter tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden was veroordeeld wegens ‘schennis van de eerbaarheid’. Dat gebeurde nadat een deelneemster aan een door zijn partij georganiseerde missverkiezing aangifte had gedaan dat haar eerbaarheid was geschonden.

In 2000 heeft het Gerechtshof in Amsterdam ABOP-leider Ronnie Brunswijk, voormalig leider van het Surinaamse Jungle Commando, zes jaar gevangenisstraf opgelegd wegens zijn betrokkenheid bij de import in Nederland van in totaal 61 kilo cocaïne. In hoger beroep was acht jaar cel tegen Brunswijk geëist. De rechtbank in Haarlem veroordeelde de Surinaamse rebellenleider in 1999 eveneens tot acht jaar cel.

Een naam die tijdens het interview met Doekhie niet is gevallen, is dat van president Desi Bouterse. Bouterse is in Nederland wegens zijn betrokkenheid bij een drugstransport van 474 kilogram cocaïne bij verstek veroordeeld tot elf jaar celstraf. Daarnaast is hij hoofdverdachte in het geruchtmakende 8 decemberstrafproces.

Minister van Arbeid Moestadja geeft 'zijn' stichtingen dikke onvoldoende

'Trainingsactiviteiten SAO hebben afgelopen jaren niet gewenste effect behaald'


Moestadja gaat subsidiebeleid voor stichtingen onder zijn ministerie herzien


De ondermaatse output van de stichtingen die vallen onder het ministerie van Arbeid is niet in verhouding met de jaarlijkse verleende subsidies aan deze parastatalen. Dit noopt minister Soewarto Moestadja van Arbeid om het subsidiebeleid naar zijn stichtingen te herzien. Zo heeft hij bij een werkbezoek afgelopen vrijdag aan de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO), zonder omhaal zijn ontevredenheid uitgesproken over de mate van verwezenlijking van haar doelstelling. Tevens heeft hij een voorbeschouwing gegeven op dingen die qua management te gebeuren staan bij de SAO. Dit bericht het ministerie van Arbeid vandaag, maandag 11 januari 2016, in een persbericht.

De SAO beoogt het terugdringen van werkloosheid door onder andere vroegtijdige schoolverlaters competentiegericht kneepjes van een job te leren. Maar, de trainingsactiviteiten van de SAO hebben de afgelopen drie decennia, en zeker de afgelopen regeerperiode, niet het gewenste effect gehad voor de specifieke doelgroep op de arbeidsmarkt. Dit terwijl de stichting steen en been klaagt over ontoereikende subsidie.

De povere kwaliteit van de output zegt volgens de minister zeker iets over het gevoerde management bij de SAO. Zo houdt het management zich niet aan de statuten met betrekking tot de begroting en verantwoording. De jaarlijkse ingediende begrotingen zijn ook niet gebaseerd op een begrotingssystematiek waaruit te lezen valt wat de stichting concreet wil bereiken in een bepaalde periode, wat daarvoor gedaan zal worden en wat het gaat kosten. Met een dergelijke systematiek zou de SAO, volgens de minister, beter in staat zijn een verband te leggen tussen de maatschappelijke effecten die zij nastreeft met haar trainingsactiviteiten en de kosten die daarmee zijn gemoeid.

Moestadja heeft de SAO opgeroepen zich nader te oriënteren op haar beleidsvisie. Deze heroriëntatie is noodzakelijk, omdat de regering een nieuwe ontwikkelingskoers heeft ingezet, namelijk het streven naar een welzijnssamenleving die gebaseerd moet zijn op menswaardig werk voor iedereen in een groene economie. De trainingsactiviteiten moeten hierop afgestemd zijn, met het in acht nemen van de nieuwe 'Sustainable Development Goals 2030' en de uitdagingen van klimaatsverandering op de beroepsbevolking. De aangepaste visie moet zich hierna vertalen naar een jaarplan en een adequate begroting.

Tegen deze achtergrond zal de volgende begroting -die voor 2017- kritisch worden getoetst op doelmatigheid en rechtmatigheid. Het ministerie verwacht daarom al aan het eind van het eerste kwartaal, de begroting van 2017 in concept te mogen ontvangen. Hierdoor zal er voldoende tijd overblijven om deze intern te bediscussiëren. Het ministerie wil naar een monitoringssysteem waarbij periodiek gemeld moet worden hoe het staat met de voortgang van de beleidsactiviteiten en de besteding van de financiële middelen.

De directieven van de minister naar de SAO gelden ook voor de andere stichtingen die ressorteren onder het ministerie, de Stichting Productieve Werk Eenheden (SPWE) en het Suriname HospitalityTourismand Training Centre (SHTTC).

Eerder heeft Moestadja bij een werkbezoek aan SPWE ook zijn ontevredenheid uitgesproken over het mismanagement dat haast identiek is aan dat van de SAO. Het gevoerde management van de stichtingen dat tot nu toe is gevoerd, is volgens de minister mede de verantwoordelijkheid van de raden van toezicht die moesten toezien op goed en behoorlijk bestuur. Hij kondigde aan dat de raden van toezicht opnieuw zullen worden bemenst en daarbij is niet uitgesloten dat de samenstelling zal worden gewijzigd.

Econoom Caram: 'Witwassers moeten echt worden gestraft, anders verergert de financiële crisis'

'Suriname moet voorkomen, dat zij op de CFATF-zwarte lijst wordt geplaatst'


De huidige financiële crisis in het land dreigt te verergeren als Suriname geen serieuze stappen onderneemt om witwassers daadwerkelijk te straffen. 'Als wij niet kunnen voorkomen, dat het bankwezen in Suriname in mei op een zwarte lijst geplaatst wordt door de internationale gemeenschap, zal dat nog een zware dreun zijn voor de economie', zei professor-econoom Anthony Caram afgelopen vrijdag tijdens een financieel seminar over hoe Suriname geloodst kan worden door de moeilijke jaren tussen 2015 en 2018. 

Het gaat om de waarschuwing die de Caribische financiële waakhond (CFATF, Caribbean Financial Action Task Force) in december richting Suriname afvuurde, dat er nog te weinig wordt gedaan tegen de illegale geldstroom van en naar het land, zo bericht de Ware Tijd vandaag, maandag 11 januari 2016.

Met de aanname van toezichthoudende wetten voor het geldcircuit in mei 2014, kon het parlement op de valreep nog voorkomen dat Suriname 'geblacklist' werd door de CFATF, de regionale werkarm van een wereldwijd netwerk tegen witwasserij, de financiering van terrorisme en andere dreigementen voor het internationaal geldverkeer.

'Het probleem nu is, dat er nog geen bijbehorende uitvoeringsbesluiten zijn voor die mooie wetten die allemaal prachtig zijn op papier maar moeilijk uitvoerbaar zijn in de praktijk', sprak Anne Harmsma (zie foto - Bron: LinkedIn.com), juridisch-financiele consultant en oud-directeur van de voormalige RBTT Bank, nu Republic Bank. De zaak stuit volgens hem bij de regering die de wetten moet uitvoeren. 'De monetaire autoriteiten, namelijk de Centrale Bank van Suriname (CBvS) en het ministerie van Financiën, hebben een rapportageplicht naar de CFATF toe om te laten zien dat ze verdachte financiele transacties actief identificeren, onderzoeken en overgaan tot vervolging van daders.'

Elke transactie boven de tienduizend in zowel vreemde valuta als Srd's is conform de wet een ongebruikelijke transactie. 'Banken overstelpen het Meldpunt Ongebruikelijke Transacties met duizenden meldingen. Maar, dergelijke meldingen worden nog onvoldoende doorverwezen naar het Openbaar Ministerie. Zelfs andere branches zoals advocaten, notarissen, autohandelaren en casino's moeten ook melding maken van ongebruikelijke transacties volgens internationale normen. Maar zij laten nauwelijks van zich horen en beroepen zich vaak op beroepsgeheimen. De monetaire autoriteiten zullen een manier moeten vinden om ook hun te dwingen om verdachte gevallen aan te geven', aldus Harmsma.

De waarschuwing van de CFATF is al voelbaar. Het vertrek van de Royal Bank of Canada in 2014 was het eerste teken aan de wand. 'Steeds meer Surinaamse banken zien hun relaties in het buitenland afgebroken worden. En burgers worden nu al gedwongen hun overzeese rekeningen af te bouwen', zegt Harmsma.

Onduidelijk wanneer begrotingsbehandeling in Assemblee wordt voortgezet

Assembleevoorzitter heeft nog geen datum vastgesteld


Assembleeleden tasten in het duister over wanneer de begrotingsbehandeling van het dienstjaar 2016 wordt voortgezet. Nadat de eerste ronde voor De Nationale Assemblee (DNA) en de regering op 22 december 2015 werd afgesloten, was afgesproken dat de tweede ronde in januari 2016 zou worden voortgezet. Het VHP-Assembleelid Asiskumar Gajadien zegt vandaag, maandag 11 januari 2016, in het Dagblad Suriname dat tot gisteren leden nog niets van parlementsvoorzitter Jennifer Geerlings-Simons hadden vernomen. 

Aanvankelijk was het de bedoeling dat het parlement op 11 januari zou beginnen. Ook hierover bleek geen nadere informatie meer te zijn gegeven. Ook voor het dagblad bleek de DNA-voorzitter onbereikbaar te zijn.

Gajadien stelt, dat de DNA-voorzitter verplicht is de convocaties twee maal 24 uur vooraf uit te sturen. Indien de convocaties maandag worden uitgestuurd, kan het parlement op zijn vroegst woensdag bijeen komen. Volgens eerdere planning was het de bedoeling om op 1 december 2015 een aanvang te maken met de Algemene Politieke Beschouwingen en gelijk door te trekken naar 22 december 2015 met de begrotingen. Dit schema moest aangepast worden wegens ziekte van president Desi Bouterse en de vele interrupties die door vele DNA-leden zijn gepleegd.

Bij de oppositie en coalitie bleek er behoefte te bestaan om meteen in te gaan op de presentaties van de bewindslieden. Geerlings-Simons heeft diverse malen voorgesteld om slechts dringende opmerkingen te maken.

Vicepresident Ashwin Adhin had toegezegd in te gaan op vragen over parastatale instellingen die gesteld zijn tijdens de eerste ronde van de begrotingsbehandeling. Diverse DNA-leden willen informatie hebben over het functioneren van de staatsbedrijven. NDP-fractieleider André Misiekaba ondersteunde zelfs de oppositie om Staatsolie op de operatietafel te zetten. Volgens hem zijn teveel zaken onduidelijk en moet het niet toegestaan worden dat directieleden elkaar werk gunnen.

Specialisten St. Vincentius Ziekenhuis weigeren patiënten Staatsziekenfonds te behandelen zonder garantiebrief

SZF-directeur Kromodihardjo: 'Het probleem is zeer complex'


Medisch specialisten van het St. Vincentius Ziekenhuis (SVZ) weigeren patiënten van het Staatsziekenfonds op te nemen, behalve wanneer zij een garantiebrief hebben. De specialisten krijgen niet het afgesproken tarief, waardoor of het SZF garant moet staan óf de patiënt het aanvullende bedrag zelf betaalt. Gesprekken over deze kwestie hebben, zo bericht Starnieuws vandaag, maandag 11 januari 2016, tot nu toe niet tot een oplossing geleid.

Algemeen directeur van het SVZ, Manodj Hindori, en SZF-directeur Rick Kromodihardjo zeggen te hopen, dat er snel een oplossing komt, waardoor de patiënt niet verder de dupe wordt. 'De medisch specialisten van het SVZ hebben de directeur van het SZF gevraagd om helderheid omtrent de betaling voor verleende klinische medische zorg bij SZF patiënten per 1 januari 2016', zegt Hindori.

Kromodihardjo laat weten, dat hij vandaag een onderhoud heeft met minister Patrick Pengel van Volksgezondheid. Hij kan niet zonder meer toezeggingen doen aan de specialisten, aangezien de middelen niet beschikbaar zijn. 'Ik doe een beroep op de specialisten om het model van opnamestop te verlaten en weer gewoon continuïteit te geven aan het bieden van de medische zorg. Het probleem is zeer complex en het moet absoluut niet zo zijn dat er onwil van welke aard dan ook is van een der partijen om deze zaak structureel op te lossen.'


Er is intensief overleg met de directie van het ziekenhuis en de medische staf onder leiding van Dick Nahar, om in elk geval een tussentijdse oplossing te vinden, zegt Kromodihardjo. Na de brief van de medische staf heeft de SZF-directeur meteen gebeld met Nahar om uit de impasse te komen.

Aangegeven werd, dat het SZF en het SVZ de ruimte vragen om samen met de regering te komen tot een structurele oplossing, waarbij in de tussentijd een voorlopige vergoeding is voorgesteld op basis van een ligdag-aandeel, dat reeds gold als klinische vergoeding vóór de nieuwe overeenkomst van februari 2015. Deze tussentijdse oplossing werd niet afgewezen door Nahar, alleen vroeg hij ook garantie van het SZF, dat de particuliere tarieven voor klinische zorg als gevolg hiervan zouden worden betaald teruglopend naar februari 2015, zegt Kromohardjo. Hij zegt verder, dat het SZF overleg moet plegen met de regering, die nu geen geld hiervoor ter beschikking heeft.

De SZF-directeur zegt ook, dat aanvankelijk de ruimte tot 15 januari was gegeven, maar inmiddels  worden alleen patiënten met een garantie opgenomen.

'Duidelijk moet zijn dat het niet zo is dat de specialisten helemaal niet worden betaald. Zij krijgen als tussentijdse oplossing reeds een ligdag aandeel voor klinische verrichtingen en zij worden ook betaald voor declaraties voor poliklinische verrichtingen welke wel rechtstreeks door het SZF wordt betaald aan de specialisten inzake een overeenkomst met de Vereniging van Medici in Suriname (VMS). Het is goed om ook in één adem aan te geven dat de poliklinische verrichtingen welke nu worden betaald wel zijn gebaseerd op nieuwe tarieven welke zijn overeengekomen tussen het SZF en de VMS', aldus Kromodihardjo.

Bewoners Kabalebo blij met komst in Apoera van meldpunt kindermisbruik

Kapitein Lewis: 'Kindermisbruik staat niet los van andere dingen zoals veelvuldig alcoholgebruik'


De bewoners van Kabalebo in West-Suriname zijn blij met de komst van een meldpunt voor kindermisbruik in Apoera. Volgens kapitein Carlo Lewis kunnen de autoriteiten hierdoor specifiek inspringen om bijvoorbeeld de slachtoffers te begeleiden. 'Kindermisbruik staat niet los van andere dingen zoals veelvuldig alcoholgebruik, omdat alcoholmisbruik kan leiden tot ontucht met minderjarigen', aldus Lewis vandaag, 11 januari 2016, in de Ware Tijd.

Ook kunnen bijvoorbeeld kinderen slachtoffer worden van huiselijk geweld, waardoor ze kwetsbaarder zijn. Minister Jennifer Van Dijk-Silos van Justitie en Politie heeft bekendgemaakt, dat het meldpunt in februari wordt geopend.

Het traditionele gezag heeft in Nickerie een training gevolgd om gevallen van kindermisbruik te herkennen en mensen wegwijs te maken. Een kapitein heeft verteld over een zaak waarin een meisje werd geëxploiteerd. Toen hij dit met de moeder wilde bespreken, zei ze dat hij zich niet ermee moet bemoeien. Het is daarom belangrijk, dat de mensen bewust worden gemaakt dat deze zaken niet door de beugel kunnen.

Lewis zegt, dat er nog dertig mensen getraind zullen worden en wil dat daarbij ook  bestuursambtenaren, leerkrachten en ziekenverzorgers van de Medische Zending worden betrokken. 'Deze mensen hebben al kennis van zaken en weten wat geheimhouding is, waardoor de drempel laag wordt voor de slachtoffers.'

Het dorpshoofd weet dat sommige mensen in de dorpsgemeenschap niet gelukkig zijn met eerdere uitspraken van de minister over kindermisbruik in Apoera. 'Ze heeft zich fel uitgelaten, maar na een persoonlijk gesprek met haar zijn wij er toch achter gekomen, dat er zaken zijn die het daglicht schuwen.'

Sommige zwangere vrouwen laten zich niet controleren vanwege hoge ziektekostenverzekering

Zwangere vrouwen moeten basispremie in een keer voldoen op basis van leeftijd


Sommige vrouwen gaan tijdens hun zwangerschap niet voor controle, omdat ze niet in staat zijn om zelf hun ziektekostenverzekering te betalen. Vrouwen die een kind verwachten moeten in één keer op basis van hun leeftijd en gezondheidssituatie een basispremie betalen. Deze wordt afhankelijk van de verzekeraar betaald over een periode van minimaal tien maanden, zo bericht de Ware Tijd vandaag, maandag 11 januari 2016.

Een 24-jarige vrouw zou bijvoorbeeld Srd1.500 moeten betalen als basispremie, maar het bedrag kan hoger worden indien de persoon bepaalde ziekten of afwijkingen heeft.

De medisch directeur van het 's Lands Hospitaal, Soenita Nanan Panday, pleit voor een vangnet voor dergelijke vrouwen. Ze zegt dat het ziekenhuis steeds vrouwen moet helpen die niet verzekerd zijn. 'We kunnen ze dan niet wegsturen. Het ziekenhuis lijdt verlies, want sommigen komen niet terug om te betalen.' Nanan Panday wijst erop dat een zwangere vrouw volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie minimaal vier keer naar controle moet in de prenatale periode.

Deze kwestie moet serieus worden genomen en aangepakt, aldus Nanan Panday, omdat ook het pasgeboren kind in sommige gevallen pas na drie tot vier weken verzekerd is. In de wet staat alles opgenomen over de verzekering van het kind vanaf de geboorte, maar de praktijk is anders.

Nanan Panday benadrukt verder het belang van voorlichting aan de verschillende doelgroepen. Ze zegt, dat velen nog weinig kennis dragen over de verzekering. Het is volgens haar de taak van de verzekeringsmaatschappijen om mensen in te lichten.

Schoolbesturen op Curaçao bezorgd over planning rond aanscherpen exameneisen HAVO en VWO

Ministerie van Onderwijs heeft geen invloed op snelheid afronding project wetswijziging


De schoolbesturen zijn in december geïnformeerd. dat het Landsbesluit houdende algemene maatregelen (Lham) met betrekking tot de aanscherping van de exameneisen voor HAVO en VWO, nog niet naar de Raad van Advies (RvA) is gestuurd, zo is vandaag, 11 januari 2016, te lezen in het Antilliaans Dagblad.

'Wij hebben aangegeven ons zorgen te maken over de hele planning, maar het ministerie verzekert ons dat alles is afgestemd met Nederland en dat nu alles in de geest van de komende wetswijziging kan worden afgehandeld. We hoeven ons dus echt geen zorgen te maken volgens het ministerie. In Nederland schijnen de hogescholen door het ministerie geïnformeerd te worden dat onze diploma’s voldoen aan de eisen', zo reageert een van de schoolbesturen.

Op de persconferentie vorige week heeft Onderwijsminister Irene Dick (PS) gesteld, dat het wetgevingstraject nog niet is afgerond, dat zij hier ook geen invloed op heeft, dat de Nederlandse Onderwijsminister Jet Bussemaker hierover is ingelicht en dat Curaçao in principe tot mei 2016 de tijd heeft de wetgeving in orde te krijgen. Volgens een onderwijsinformant zou het ministerie de scholen in oktober geïnformeerd hebben dat de wet op dat moment al vanuit het ministerie doorgezonden was voor de volgende fase van behandeling. Toen gesteld werd dat het ministerie geen invloed heeft op de snelheid van afronding van het traject, zouden de scholen hebben gevraagd om dan ten minste via een brief de leerlingen, de docenten en de ouders formeel te informeren dat de kernvakkenregel voor het HAVO-examen 2016 inderdaad wordt toegepast, zelfs al is het wetgevend traject op dit punt nog niet afgerond.

'De examenkandidaten hebben er immers recht op te weten onder welke condities precies zij geslaagd zijn en een erkend diploma ontvangen. Op dit verzoek van de scholen is door het ministerie nog niet zijn gereageerd', aldus de informant.

Dat de minister aangeeft dat zij tot mei de tijd heeft de wetgeving rond te krijgen, bevreemdt de onderwijsexpert. Deze meldt: 'Dit is een vreemde gang van zaken. Een eindexamenkandidaat dient vóór aanvang van het examenjaar op de hoogte te zijn waar hij of zij aan toe is. Dit houdt dus eigenlijk in dat per 1 augustus 2015 de eindexamenkandidaten hier officieel van de op hoogte van moesten zijn. Als we zouden werken met de maand mei 2016, zou dat dus betekenen dat je met allerlei wijzigingen en aanpassingen zou kunnen komen net de dag voor afname van het centraal examen. De Inspectie van het Onderwijs verlangt toch ook van de scholen dat alles vooraf vastgesteld is? Zo moeten het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA), de lijst met eindexamenkandidaten en de schoolgids al aan het begin van het schooljaar ingediend zijn.'

Anselmus 'Boy' Dap ontvangt van Curaçao's minister Dick een plakkaat

Eerbetoon aan de tumbakeizer van Curaçao



Tumbakeizer Anselmus ‘Boy’ Dap heeft tijdens een muzikale hommage uit handen van minister Irene Dick van Onderwijs, Wetenschap, Cultuur en Sport een plakkaat ontvangen voor zijn belangrijke bijdrage aan de muziekcultuur van het eiland. Dat meldt het Antilliaans Dagblad vandaag, maandag 11 januari 2016.

De uitreiking vond afgelopen zaterdag op het Brionplein in Willemstad plaats.

Het huldebetoon werd georganiseerd door de Maduro & Curiel’s Bank (MCB) en Fundashon Bon Intenshon.

Op de foto, gemaakt door Jeu Olimpio, zijn van links naar rechte te zien minister Irene Dick, Boy Dap, Gregory Elias van Bon Intenshon en Chicu Capriles van de MCB.

Curaçao Growth Fund investeert in Building Depot

Building Depot in 15 jaar uitgegroeid tot een van de grootste retailers op eiland


Het Curaçao Growth Fund heeft een substantiële participatie in het kapitaal van de Building Depot Groep genomen. Binnen zes maanden na de oprichting heeft het Curaçao Growth Fund hiermee alweer zijn tweede investering gedaan. Eerder betrof dat Zenitel Caribbean. Het personeel van Building Depot werd het afgelopen weekend geïnformeerd over de nieuwe mede-eigenaren, zo bericht vanochtend, maandag 11 januari 2016, het Antilliaans Dagblad.

Building Depot is de laatste vijftien jaar uitgegroeid tot een van de grootste retailers van Curaçao. Het bedrijf heeft een breed productaanbod dat onder andere bouwmaterialen, hardware, huishoudelijke producten, bruin- en witgoed, elektronica en woninginrichting omvat. Building Depot is de exclusieve vertegenwoordiger van zowel Do It Best Corp uit de Verenigde Staten als Leen Bakker uit Nederland, en daarmee onderdeel van twee belangrijke internationale retailnetwerken.


In 2013 werd de vestiging van Building Depot in Zeelandia getroffen door een grote brand. De winkel brandde volledig af en het management was gedwongen om de verkoop voort te zetten in de veel kleinere outlet-winkel op de Santa Rosaweg. Met man en macht werd gewerkt aan een compleet nieuwe winkel. Daardoor lukte het om al voor het einde van 2014 weer open te gaan met de nieuwe winkel op dezelfde locatie in Zeelandia.

Inmiddels draait Building Depot weer zoals voor de brand en is het druk bezig om het productaanbod verder uit te breiden en te groeien; naar eigen zeggen ‘tijd dus voor een versterking van het kapitaal en de financieringspositie van het bedrijf’.

Onlangs werd er een obligatielening aangekondigd voor Member Services, de financieringsarm van het bedrijf. En nu is ook de strategische en financiële partner gevonden waar de leiding van Building Depot al een tijd naar op zoek was.

CLO-voorzitter Hooghart hoopt weer op extraatje van Srd 100 voor ambtenaren

Ontevredenheid onder vakbonden over solistisch optreden Hooghart

Diverse bondsvoorzitters vinden de Raad van Vakcentrales in Suriname de aangewezen organisatie voor onderhandelingen over ambtenarensalarissen


Het is nog niet duidelijk of ambtenaren deze maand weer een extraatje van Srd 100 ontvangen. In december werd dit bedrag belastingvrij toegekend aan personen in dienst van de overheid. Ronald Hooghart, voorzitter van de Centrale van Landsdienaren Organisaties (CLO), zegt in een reactie vandaag, maandag 11 januari 2016, in een reactie op Starnieuws, dat hij voorgesteld heeft om dit bedrag te blijven uitkeren totdat er overeenstemming is bereikt over salarisaanpassing.

Hooghart stelt, dat er nog geen onderhandelingen begonnen zijn voor aanpassing van lonen. De CLO wil ook af van FISO, het Functie Informatie Systeem van de Overheid. Hierover moet nog een onderhoud komen met president Desi Bouterse. Hooghart hoopt de president deze week te spreken over deze kwestie.

Overigens beweerde hij onlangs nog, dat hij afgelopen donderdag Bouterse zou spreken over die maandelijkse Srd 100 extra, maar dat gesprek heeft kennelijk niet plaatsgevonden. Hooghart beweert verder, niet voorgesteld te hebben om het salaris van ambtenaren met Srd 100 aan te passen. Het zou volgens hem gaan om een gebaar vooruitlopend op definitieve loonafspraken.

'Het is duidelijk dat het land in een precaire situatie verkeert. Het toekennen van Srd 100 aan ambtenaren en mensen in dienst van de overheid kost het land al gauw Srd 8 miljoen per maand', aldus Hooghart. Behalve ambtenaren moeten ook dignitarissen en mensen die bij diverse instellingen werken betaald worden en gepensioneerden moeten niet worden vergeten.

Diverse vakbondsleiders vinden echter, dat RaVakSur moet onderhandelen met de regering over salarissen van ambtenaren. Hooghart wil hier niks over horen. Hij beweert met enige arrogantie, dat de CLO de meest representatieve organisatie is om over loonronden van ambtenaren te onderhandelen. Bovendien is dat ook aangegeven in de Personeelswet.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws)

In Suriname zijn naast valse Srd 100 ook valse Srd 50 biljetten in omloop gebracht

Slechts paar valse biljetten vooralsnog opgedoken
 
Het bovenste biljet is een vals exemplaar.

Behalve valse biljetten van Srd 100 blijken ook valse Srd 50 biljetten in omloop te zijn. De politie en de Centrale Bank van Suriname hadden al gewaarschuwd voor valse SRD 100 biljetten, maar nu blijken er ook weer valse Srd 50 biljetten hier en daar in beperkte mate op te duiken. Dit bericht Starnieuws vanochtend, maandag 11 januari 2016.

Een marktverkoper heeft een vals biljet van SRD 50 afgelopen weekend gebruikt om de entree te betalen van een recreatieoord. De man zei geen idee te hebben, dat het om een vals biljet ging. Hij kende de verschillen tussen de vervalste en de originele biljetten niet. Bij vergelijking zag hij het verschil echter meteen. De marktverkoper kon niet verklaren waar hij het biljet in handen had gekregen.

Een man die bij een verzekeringsagent in het district Para moest betalen voor een verzekering, bleek dat ook te doen met onder andere een vals biljet van 50 Srd. Hij verklaarde dat hij werkzaamheden voor iemand had verricht en die had hem ermee betaald.

Fly All Ways voert haar eerste vlucht uit boven Suriname

FAW wil meer toeristen naar Suriname halen en nieuwe bestemmingen in regio zoeken



De nieuwste Surinaamse luchtvaartmaatschappij Fly All Ways (FAW) heeft gisteren met een eerste vlucht boven Suriname het startsein gegeven voor haar commerciële vliegoperatie binnen  de regio. FAW wil meer toerisme voor Suriname binnenhalen en nieuwe markten, reisbestemmingen, aanboren, zegt directeur Amichand Jhauw vanochtend, maandag 11 januari 2016, op Starnieuws. 'Wij willen Suriname op de kaart zetten, vanuit plekken waar er traditioneel niet op wordt gevlogen.'

De luchtvaartmaatschappij start op 22 januari met haar eerste commerciële vlucht naar de Braziliaanse deelstaat Maranhão.

Minister Andy Rusland van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) bracht namens de regering de felicitaties over en waarschuwde dat het geheel nog niet is volbracht. 'Ik wil u op het hart drukken dat u de vruchten nog niet kunt plukken. U krijgt de volle gelegenheid van de regering om het zaad dat u in de grond heeft gestopt op een goede manier te verzorgen, zoals het een manager, leider betaamt.' 

Rusland typeerde Jhauw als een dromer. 'Dromen om het dromen heeft weinig zin. Dromen om te realiseren dat is alleszins van belang, voor ons land in deze fase van ontwikkeling.'

Volgens Jhauw is FAW er om de overheid en private sector te ondersteunen. 'Wij willen iets maken van de luchtvaart sector in Suriname.' Het bedrijf is bereid overal naar toe te vliegen.

FAW werd in 2012 opgericht. Eind 2014 landde het eerste toestel op Surinaamse bodem en een maand erna het tweede. Het certificeringsproces heeft 22 maanden in beslag genomen, langer dan aanvankelijk was gedacht. De Surinaamse luchtvaartautoriteit CASAS heeft op 23 oktober 2015 in alle stilte het zogenoemde Air Operator Certificate aan FAW overhandigd. Deze vergunning voor vluchtuitvoering was geen makkelijke weg. 'Een learning experience voor ons beide', zegt Frits Pengel, FAW president-commissaris.

De FAW vloot bestaat uit twee oud KLM Fokker F70 toestellen met 80 stoelen. De toestellen hebben hun revisie ondergaan in Engeland waarna ze via de Noordpool naar Suriname zijn gevlogen De maatschappij focust zich op bestemmingen binnen het noordelijk deel van Zuid–Amerika en de Caribische regio. De vliegtuigen zijn te charteren. Het hoofdkantoor van de maatschappij is in de Parastraat gevestigd en zij voert haar vluchten uit vanaf de Johan Adolf Pengelluchthaven.

Den Blauwvinger: Tijd voor onderzoek naar werkdruk onder leerkrachten basisonderwijs in Suriname

COLUMN: Nederlands onderzoek wijst uit dat leerkrachten werkdruk onacceptabel vinden

Surinaamse leerkrachten zouden ook lijden onder werkdruk en andere verwerpelijke zaken


Veel Nederlandse leerkrachten in het basisonderwijs vinden dat het met de drukte op hun werk steeds meer de spuigaten uitloopt. Inmiddels noemt ruim de helft (56 procent) de werkdruk niet acceptabel. Dat is flink meer dan in 2012, toen dat nog 41 procent was, zo berichten zondag 10 januari 2016 diverse media in Nederland.

Dit blijkt uit representatief onderzoek onder 861 leerkrachten in het basisonderwijs door onafhankelijk onderzoeksbureau DUO Onderwijsonderzoek. Dat werd samen gedaan met het tv-programma De Monitor (KRO-NCRV).

Veel genoemde oorzaken van de hoge werkdruk zijn de leerlingen in een klas die extra aandacht nodig hebben, de administratieve rompslomp en de grote klassen.

Tijd voor onderzoek in Suriname
Een dergelijk onderzoek zou ook geïnitieerd moeten worden in Suriname, door bijvoorbeeld de Bond van Leraren. Immers, het mag als algemeen bekend worden verondersteld, dat leerkrachten in het basisonderwijs in Suriname het ook niet makkelijk hebben. Neen, zij hebben het zwaar. Daarenboven hebben zij ook nog eens te maken met een minister (Robert Peneux van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur) die zich nauwelijks lijkt te bekommeren om het welzijn van leerkrachten en hun erbarmelijke werkomstandigheden, maar wel om bijvoorbeeld hoe zij gekleed staan voor de klas. Een bewindsman die zich wil laten gelden. 'Powerplay' en vele plannen, luchtballonnetjes, arrogantie op en top en amper aandacht voor de leerkracht, die staat aan de basis van de toekomst van Suriname.

Zware werkomstandigheden
Surinaamse leerkrachten moeten onder zware omstandigheden en tegen een verhoudingsgewijs laag salaris werken (veel leerkrachten moeten zelfs na schooltijd ' gedwongen hosselen', hebben een tweede baan, om financieel de eindjes aan elkaar te kunnen knopen). Klaslokalen zonder welke vorm van airco dan ook, klassen met dertig of meer leerlingen zijn niet ongewoon, oud en krakkemikkig schoolmeubilair (schoolbankjes en stoelen), oude en bijna vergane lesboeken, leerlingen met een zeer moeilijke attitude in de klas en op het schoolplein, leerlingen die er niet voor terugdeinzen om een leerkracht in de klas te mishandelen, leerlingen met grote leerachterstanden die extra aandacht behoeven - maar, dat nauwelijks kunnen krijgen, omdat de tijd ontbreekt -, enzovoorts, enzovoorts. Allemaal zaken waarmee de doorsnee leerkracht dagelijks geconfronteerd wordt.

Daarenboven houdt het werk na de reguliere schooltijd, van acht uur 's morgens tot een uur 's middags, niet op. Leerkrachten moeten thuis onder andere lesroosters opstellen, de lesvoorbereidingen maken, repetities samenstellen en nadat ze door de leerlingen zijn gemaakt nakijken en corrigeren en een zogenoemde foutenanalyse maken van taal- en rekenrepetities, de werkweek inhoudelijk voorbereiden en rapporten opmaken en contacten met ouders van leerlingen. Het zijn slechts voorbeelden.

De leerkrachten kennen hun verantwoordelijkheid
De Surinaamse leerkracht heeft het zwaar.
Leerkrachten haken af, voelen zich niet gewaardeerd. Sommigen moeten dagelijks in de klas 'schreeuwen' om brutale en opstandige leerlingen, die thuis kennelijk wel alles mogen, in toom proberen te houden en ze letterlijk bij de les te houden. Dat vergt niet alleen extra tijd, maar ook veel - mentale - energie van de leerkracht.

En minister Peneux maakt zich druk om de kleding van de leerkracht en de kleurrijke kraaltjes- en rasta-haardracht van de leerling.

Komt nog bij, dat leerkrachten nauwelijks hun stem laten horen richting het ministerie en De Nationale Assemblee. Nee, de leerkrachten kennen hun verantwoordelijkheid en die ligt bij hun leerlingen.

Passieve 'polderende' onderwijsbonden waar de leerkracht niets aan heeft
Daarenboven tonen de onderwijsbonden (Bond van Leraren, BvL, en de Federatie van Organisaties van Leerkrachten in Suriname, FOLS) ook nauwelijks daadkracht. De voorzitters lijken gedwee de minister te volgen en jammeren slechts, dat de leerkracht meer gewaardeerd moet worden en dat dat terug te vinden moet zijn in een adequate aanpassing van het salaris. Oproepen tot een grootse landelijke stakingsdag of -week - om druk uit te oefenen - is er niet bij. De onderwijsbonden lijken slechts te 'polderen, uit te zijn op compromissen, zonder daadwerkelijk op te komen voor- en hun handen in het vuur te steken voor de hard werkende, zwoegende en lijdende leerkracht.

Kortom, er zou een onderzoek moeten komen naar de werkdruk en werkomstandigheden van de leerkracht. Maar, de vraag is of iemand daartoe in Suriname het initiatief wil of durft te nemen.

Hoogachtend,
Den Blauwvinger
10 januari 2016
Amsterdam-Paramaribo

Bel goedkoop naar Suriname!