dinsdag 22 maart 2016

Centrale Bank vindt dat eerste valutaveiling 'vlekkeloos' is verlopen

Volgende valutaveiling wordt 29 maart gehouden


De Centrale Bank van Suriname (CBvS) is tevreden over het ‘vlekkeloos verlopen’ van de eerste valutaveiling die vandaag, dinsdag 22 maart 2016, heeft plaatsgevonden. Dit meldt de bank in een persbericht. 

De veiling heeft geresulteerd in een verkoopkoers van Srd 5,16 voor 1 Amerikaanse dollar.
Deze officiële verkoopkoers zal gelden totdat de volgende valutaveiling wordt gehouden op 29 maart. Bij deze eerste veiling was een bedrag van 10 miljoen Amerikaanse dollar toegewezen en hebben acht algemene banken deelgenomen.

De CBvS schrijft verder, dat een 'gedegen voorbereiding aan vooraf is gegaan en de algemene banken hebben hun rol op correcte wijze vervuld. De focus ligt nu op het verkrijgen van stabiliteit van de wisselkoers die uit het systeem van de valutaveilingen komt rollen. Dit kan bereikt worden door middel van toepasselijk monetair beleid. Prudent fiscaal beleid is in deze zeer cruciaal.'

NPS: 'Er moet einde komen aan corruptie, geweld tegen kinderen en vrouwen en misbruik politieke macht'

'Met Phagwa-feest spreekt de NPS de hoop uit dat het goede zal overwinnen'


Phagwa is een seizoen van hoop en een tijd om onze overtuiging als NPS te herbevestigen dat Suriname en zijn bewoners een betere toekomst verdienen. In de Hindoereligie wordt meer dan eens per jaar de overwinning van het goede op het kwade gevierd (Holi Phagwa, Dussehra, Diwali).

De NPS vindt het belangrijk, dat wij als natie onze religieuze en culturele waarden onderkennen en celebreren, omdat wij hierdoor met beide benen op de grond kunnen staan en als rechtgeaarde burgers door het leven kunnen gaan. Het helpt ons ook onze identiteit te vormen en te ontwikkelen, vanwaar wij komen en wie wij zijn.

Hoewel het besprenkelen met geuren, poeder en kleurrijke vloeistoffen de in bloei staande natuur symboliseren, betekenen deze voor de NPS ook dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen rangen en standen, armoede en rijkdom. De rode kleurstof symboliseert de overwinning en de groene staat voor hoop en vertrouwen in de toekomst, een teken van hoop om steeds een nieuwer mens te worden, om steeds onszelf en onze omgeving te verbeteren. Het is ook een teken om onze vriendschap en broederschap te verbeteren en tot volle uitdrukking te laten komen.

De NPS constateert, dat wij steeds vaker geconfronteerd worden met gevallen van corruptie, verval van normen en waarden, geweld tegen vrouwen en kinderen alsmede met misbruik van politieke macht. Dit kwaad wordt door de NPS sterk afgewezen. Hieraan zal een einde gebracht moeten worden.

Met het Phagwa-feest spreekt de NPS de hoop uit, dat het goede zal overwinnen op het kwade en dat deze religieuze gebeurtenis een hernieuwde inspiratiebron mag zijn voor allen in deze moeilijke tijden.

De Nationale Partij Suriname (NPS)
Voorzitter, Dr Gregory Rusland

Bouva (NDP) betuigt in Zambia namens Suriname deelneming aan door terroristische aanslagen getroffen België

Aanslagen in België hebben invloed op IPU-vergadering


De drie Surinaamse Assembleeleden, Melvin Bouva en Rossellie Cotino (NDP) en Dinotha Vorswijk van de ABOP, die deelnemen aan de vergadering van de Interparlementaire Unie (IPU) in de Zambiaanse hoofdstad Lusaka, hebben hun medeleven betuigt aan hun collega's uit België en direct betrokkenen. Vicevoorzitter van De Nationale Assemblee Bouva, die de delegatieleider is, heeft tijdens zijn toespraak zijn deelneming betuigt namens zijn delegatie, zo bericht Starnieuws vanmiddag, dinsdag 22 maart 2016.

Bouva zei, dat er geschokt is gereageerd op de aanslagen die vanochtend rond negen uur Belgische tijd 34 mensenlevens hebben gekost. Bijna 200 mensen zijn gewond geraakt bij de aanslagen. Hij benadrukte in Lusaka, dat de gedachten en gebeden op de zinloze aanslag gaan naar de slachtoffers, de nabestaanden en het gehele land.


Hij benadrukte het belang van vrede en veiligheid in de wereld. Bouva merkte verder op, dat de aanslagen in België de vergadering behoorlijk heeft beïnvloed.

In De Nationale Assemblee vroeg NDP-fractieleider André Misiekaba vanmiddag ook aandacht voor de aanslagen in België en betuigde zijn medeleven. Hij haalde aan, dat veel Surinamers in België wonen. Ook Asiskumar Gajadien wees namens de VHP-fractie de terreuraanslagen af en zei mee te leven met België en de wereld. Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons zei, dat het drama in België wordt gevolgd. Voor zover nagegaan kon worden, zijn er geen  Surinamers onder de slachtoffers.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws)

Arbeider Curaçao's nutsbedrijf Aqualectra geëlektrocuteerd

Man was schakelaar aan het vervangen


De 44-jarige werknemer Shurendy Balentina van Aqualectra is gisteren geëlektrocuteerd tijdens het werk. Het ongeval deed zich 's middags om vier uur voor bij een transformatorhuisje bij Cas Chikitu, aldus Paradise FM vandaag, dinsdag 22 maart 2016, op gezag van het Antilliaans Dagblad.

De snelle komst van hulpdiensten mocht niet meer baten, de man gaf toen al geen teken van leven meer. Het Antilliaans Dagblad schrijft, aldus Paradise FM, dat de medewerker een schakelaar moest vervangen.

Hoe het ongeluk heeft kunnen gebeuren is vooralsnog onduidelijk en wordt onderzocht. Balentina was populair, hij speelde vroeger in het baseballteam van Groot Kwartier.

Uitkomst eerste valutaveiling Centrale Bank: Srd 5,16 voor 1 Amerikaanse dollar

Negen algemene banken konden bod doen op 10 miljoen Amerikaanse dollar


De gemiddelde veilingkoers vandaag, dinsdag 22 maart 2016, is afgerond op Srd 5,16 voor 1 Amerikaanse dollar. De negen algemene banken konden een bod doen op 10 miljoen Amerikaanse dollar die geveild werd door de Centrale Bank van Suriname (CBvS). De koers wordt bepaald door vraag en aanbod, aldus Starnieuws.

Een en ander zou Starnieuws hebben vernomen 'uit de bancaire wereld'.

De banken zullen de dollars verkopen tegen de koers waarvoor ze geboden hebben. Ze mochten drie keer bieden namens hun cliënten.

Op de parallelmarkt was de koers Srd 5,50 voor de Amerikaanse dollar. De CBvS moet nog komen met een officieel bericht naar aanleiding van haar eerste veiling vandaag.

De officiële koers van Srd 4,04 wordt losgelaten. Voor de import is de koers bevroren. Huishuur en studiegeld zullen nog tegen de oude koers kunnen worden betrokken. Het gaat voorlopig om een subsidie, zei minister Gillmore Hoefdraad van Financiën gisteren in De Nationale Assemblee.

Brunswijk (ABOP): 'Op op elk uur van de dag gaan mensen dood'

'Als minister van Financiën zegt we zien hoe het wel uitpakt, wat voor beleid is dat?'


ABOP-fractieleider Ronnie Brunswijk in De Nationale Assemblee (DNA) uitte gisteren zijn ongenoegen over de economische malaise in het land tijdens de openbare vergadering van het parlement, zo bericht het Dagblad Suriname. 

Volgens Brunswijk gaan mensen ‘op elk uur van de dag dood’, terwijl de president niet eens in het parlement kan verschijnen om een oplossing te presenteren.

Brunswijk benadrukte dat er vandaag een valutaveiling zal worden gehouden om de valutakoers te stabiliseren. Feit volgens hem is. dat de Surinaamse munt nog meer is gedevalueerd, wat tegelijkertijd betekent dat alles nog duurder zal worden voor de consument. 'Als de minister van Financiën zegt: ‘we zien hoe het wel uitpakt’, wat voor beleid is dat?'

Volgens Brunswijk betekent dit dat er geen enkel plan is hoe de situatie eruit zal zien na de valutaveiling. Hij maakt zich in ieder geval zorgen dat de situatie erger kan worden. 'Verwarring, verwarring, verwarring. De regering heeft geen plan. Ik weet niet welke richting wij opgaan.'

Brunswijk benadrukte, dat de regering met een gedegen oplossingsplan moet komen.

Het Pertjajah Luhur-Assembleelid Ingrid Karta-Bink schaarde zich achter dit punt. Volgens haar is het een kwalijke zaak dat de regering niet eens een plan heeft voor 2016 en doodleuk zegt dat zij pas in 2017 een plan zal hebben.

Zij vraagt zich af hoe lang de regering pakketten kan uitdelen. 'Wordt er wel beleid gemaakt?', vroeg Karta-Bink zich af.

ACT en Japanse ambassade werken aan ondersteuning traditionele inheemse klinieken te Tepu, Apetina en Sipaliwini

Klinieken kunnen dankzij Japanse financiële injectie gerenoveerd worden


Het Amazone Conservation Team Suriname (ACT) heeft voor het project 'Renovation of traditional clinics in Indigenous communities' gisteren een contract getekend ter ondersteuning en uitvoering van dit project, met de 'minister counsellor and deputy head of mission' van de Japanse ambassade in Suriname, zetelend op Trinidad & Tobago, Masatashi Sato. 

Volgens medewerkster van ACT, Audrey Berenstein, houdt dit project in, dat de traditionele inheemse klinieken in Tepu, Apetina en Sipaliwini - in het uiterste zuiden van het land, gerenoveerd zullen worden. ACT werkt in deze dorpen met de traditionele klinieken, maar die zijn oud en aan renovatie toe, vandaar dat er een verzoek was ingediend bij de Japanse ambassade. Dat verzoek is goedgekeurd en gisteren was de ondertekening van het contract.

Nadat de middelen beschikbaar gesteld worden, zal ACT met dit project in april beginnen. Het gaat om drie klinieken in de drie dorpen en de werkzaamheden zullen ongeveer een jaar duren. Het totale bedrag dat de non-gouvernementele organisatie heeft gehad voor dit project bedraagt ruim 88.000 Amerikaanse dollar.

'We gaan behalve voor renovatiewerkzaamheden de klinieken ook voorzien van koelkasten en waar geen stroomvoorzieningen zijn, zullen ze ook voorzien worden van batterijen of zonnepanelen zodat de medicijnen die koel gehouden moeten worden kunnen koelen. We zullen ook trainingen verzorgen op het gebied van hygiëne, waarbij de Medische Zending of het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) gevraagd zullen worden om hierin assistentie te verlenen.'

'Wij faciliteren wat er gebeurt in de community. Het zijn namelijk traditionele klinieken die dus gebruik maken van traditionele methoden om de mensen te helpen. De ernstige zaken worden verwezen naar de Medische Zending', aldus Berenstein.

Jornell Vinkwolk, waarnemend voorzitter van het bestuur van ACT, zei gisteren, dat het merendeel van de klinieken dateren uit de vroege jaren ’90 en hebben een speciale plaats verdiend in de gemeenschap. De infrastructuur is nodig nadat er een daling van de patiënten geconstateerd werd in het aantal bezoeken. 'We zullen de eerste stappen zetten in de richting van heropleving van de klinieken. Zolang gemeenschappen geloven dat deze klinieken een cruciale rol spelen in het dorp, blijven we hen ondersteunen. Ik ben ervan overtuigd, dat na twaalf maanden we terug zullen kijken op een succesvolle afronding van de renovatie.'

Hieronder het officiele persbericht van de Japanse ambassade in Suriname over de financiering van traditionele inheemse geneeshuizen in de dorpen Tepu en Apetina:

Vicepresident Adhin zou kritische vragen journaille willen ontwijken

Adhin laat pers in wachtkamer duwen 


Vicepresident Ashwin Adhin heeft gisteren, zo bericht vandaag, dinsdag 22 maart 2016, althans het Dagblad Suriname, de aanwezige media vanuit de wandelgangen van De Nationale Assemblee (DNA) naar de publieke wachtkamer laten duwen. 

'Wij hebben instructies gehad dat alle persmensen in de wachtkamer moeten, alvorens de vicepresident en de president naar binnen lopen', zeiden enkele beveiligingsambtenaren van DNA tegen journalisten.

Volgens de aanwezige media leek het duidelijk erop, dat Adhin kritische vragen van journalisten wilde ontwijken. Het land zit in een economische malaise, terwijl noch hij noch president Desi Bouterse tot nu toe erin is geslaagd een duidelijke oplossing te brengen, zo schrijft het dagblad.

Bij aanvang van de openbare vergadering bleek al gauw dat het ministersteam nog niet volledig was. Slechts de ministers Soewarto Moestadja (Arbeid), Andojo Rusland (Transport, Communicatie en Toerisme) en Siegfried Wolff (Openbare Werken) waren met de vicepresident aanwezig. Er was geen enkel spoor van president Bouterse.

VHP-fractieleider Chandrikapersad Santokhi benadrukte bij aanvang van de vergadering, dat het van eminent belang was dat het volledige ministersteam aanwezig moest zijn, zodat alle indringende vragen terstond beantwoord konden worden. Later werd de ministersgroep toch nog aangevuld.

Brand in magazijn van plasticfabriek aan Van Kallenweg, Wintiwai

Oorzaak brand nog niet bekend


De brandweer moest in de nacht van zondag op maandag uitrukken voor een brandmelding in de Van Kallenweg in de buurt Wintiwai, Paramaribo. Rond half twee 's ochtends kreeg de brandweer een melding binnen over de brand, zo bericht het Dagblad Suriname vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

Ter plekke aangekomen trof de brandweer de fabriek National Plastics Co. Ltd. aan waarin plasticwaren opgeslagen zijn. Dit bedrijf is niet aangesloten op het elektriciteitsnet van de EBS.

De politie van Latour is ter plekke geweest. De oorzaak van de brand is vooralsnog niet bekend. De brandweer had het vuur snel onder controle. De belendende panden werden gespaard. Het onderzoek in deze zaak duurt voort.

Jogi (VHP): 'Bouterse verbraste 50.000 Amerikaanse dollar door dienstreis naar VS af te zeggen'

'Dure dienstreizen terwijl regering constant beweert te bezuinigen'


Het VHP-Assembleelid Mahinder Jogi hekelt het feit, dat de regering constant aankondigt te bezuinigen, maar op de achtergrond steeds honderdduizenden Amerikaanse dollars in het buitenland verbrast bij dure dienstreizen. Dit bericht het Dagblad Suriname vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

Tijdens de openbare vergadering van De Nationale Assemblee (DNA) van vandaag onthulde de politicus, dat president Desi Bouterse onlangs een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar heeft verbrast tijdens een afgezegde dienstreis naar de Verenigde Staten.

'Er zijn hotels in Amerika gehuurd voor een dienstreis van de president, waar een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar voor een avond is betaald. De president is niet naar het buitenland afgereisd en de accommodatie is niet afgezegd. Is dit wat de regering bedoelt met bezuinigen?', sprak Jogi.

Het probleem van dure dienstreizen voor zowel regering als DNA is in de afgelopen periode een heet hangijzer geweest. Vicepresident Ashwin Adhin benadrukte, dat voordat de regering nog aantrad een besluit was genomen over het terugbrengen van het aantal dienstreizen. Nu worden dienstreizen voor ministers alleen bij hoge uitzondering goedgekeurd met een advies van tenminste een deskundige.

'Er wordt heel streng gekeken naar welke reizen zullen worden ingevuld. Alleen zaken die inherent zijn aan het beleid, moeten gebeuren. Wij hebben ons eraan gecommitteerd.'

Ten aanzien van het bedrag van de president, zeu Adhin daarmee niet bekend te zijn. Onlangs zijn nog drie DNA-leden naar Zambia afgereisd voor het bijwonen van een IPU-vergadering (Interparlementaire Unie). Hiervoor is zo'n 55.000 Amerikaanse dollar neergeteld. Daarnaast waren vijf ministers en Adhin zelf op dienstreis. Overigens besloten op het laatste moment de Assembleeleden Asiskumar Gajadien (VHP) en Carl Breeveld (DOE), onder druk van publieke verontwaardiging over de delegatie naar de Zambiaanse hoofdstad Lusaka, van hun dure reis af te zien.

Minister Hoefdraad keert in 'bunker'-kwestie Cevihas op zijn schreden terug

Door 'communicatie- stoornis' zou alleen SOL diesel leveren, maar ook Staatsolie mag brandstof leveren


Minister Gillmore Hoefdraad van Financiën heeft gisteren in De Nationale Assemblee gezegd, dat Staatsolie ook betrokken zal worden bij het bunkeren van boten voor diepzeevisserij bij Cevihas (Centrale voor Vissershavens in Suriname). Door een communicatiestoornis is dat niet gebeurd, waardoor alleen SOL de diesel zou leveren, zo beweerde hij en dat wordt rechtgetrokken. Het lijkt erop, dat hij op zijn schreden is teruggekeerd onder druk van de ontstane commotie in de visserijsector over zijn besluit.

Binnen de visserijsector was verontwaardigd gereageerd op de beslissing van Hoefdraad, dat uitsluitend bij Cevihas de vaartuigen belastingvrij mogen betrekken. Zij hebben aangegeven dat de prijs bij Staatsolie goedkoper is dan bij SOL. Overigens wordt de diesel door Staatsolie in Srd verkocht aan SOL.

Bij Cevihas moet voor bunkeren van boten in deviezen worden betaald. De sector stelde, dat het eigen staatsbedrijf hierdoor wordt benadeeld.

De minister zei, dat de maatregel noodzakelijk was, omdat er volgens hem veel onregelmatigheden plaatsvonden met de verkoop van belastingvrije brandstof. Hoefdraad deelde mee, dat onder strenge voorwaarden de boten mogen bunkeren bij Cevihas, waarbij de Belastingdienst en het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij ook controle uitoefenen.

De Staat is volgens de bewindsman veel inkomsten kwijtgeraakt door onregelmatigheden die hebben plaatsgevonden. Hij verzekerde De Nationale Assemblee, dat Cevihas over genoeg faciliteiten beschikt om de boten te kunnen bunkeren.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws)

Nog geen fiat van ministerie van Financiën voor aanschaf Toyota Prado voor minister Van Dijk-Silos

Oud-minister Belfort: 'Wat is gebeurd met de 5 wagens die ik op ministerie heb achtergelaten?'

Van Dijk-Silos: 'De aanschaf van de auto is een politieke zaak geworden die andere vormen aanneemt'


Er is nog geen toestemming verleend door het ministerie van Financiën voor het aanschaffen van een Toyota Prado voor minister Jennifer van Dijk-Silos van Justitie en Politie. Haar voorganger Edward Belfort en ABOP-Assembleelid zegt vandaag, dinsdag 22 maart 2016, in de Ware Tijd, dat het onder de huidige financieel-economische situatie van het land niet kan, dat er voor een minister een wagen wordt aangeschaft voor 61.500 Amerikaanse dollar.

'Wat is er gebeurd met de vijf wagens die ik op het ministerie heb achtergelaten?', vraagt Belfort zich af.

Van Dijk-Silos zegt in een reactie totaal geen boodschap te hebben aan dit commentaar. 'Er zijn geen wagens op het ministerie. Waarom mag Belfort in zijn Prado blijven rijden die hij als minister had en ik niet?' Volgens haar is de kwestie van het aanschaffen van het voertuig een politieke zaak geworden die andere vormen aanneemt.

'Het nieuws van de wagen is enkele minuten nadat ik van de vicepresident in een raadsvergadering de goedgekeurde missive heb gehad, meteen in de publiciteit beland. Ik rijd nog steeds in een geleende wagen van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Alle andere ministers rijden in een Toyota Prado, wat dus de norm is voor bewindslieden. Ik heb navraag gedaan en begrepen, dat al deze Prado's huurvoertuigen zijn, voor een bedrag van Srd 600 per dag. Ik heb gezegd niet te zullen huren. Kopen komt voordeliger uit.'

President Desi Bouterse reageerde donderdag tijdens zijn persconferentie nogal verrast, toen hem over deze vermeende kwestie informatie werd gevraagd. Hij zei ervan uit te gaan, dat er voldoende wagens ter beschikking zijn en wilde zich beter laten informeren over deze 'kwestie'.

(Red. De Surinaamse Krant/de Ware Tijd)

Diakonessenhuis ontvangt nieuwe ambulance van Japanse ambassade

Ziekenhuis beschikt nu over drie ambulances


De ambassade van Japan in Suriname, gevestigd op Trinidad & Tobago, heeft gisteren een ambulance geschonken aan het Diakonessenhuis. Door deze geste beschikt het ziekenhuis nu over drie eigen ambulances. Waarnemend directeur Ruth Mangroe: 'De dienst is hierdoor in elk geval verlicht. We kunnen nu ook beter inspelen op de behoefte vanuit de gemeenschap.' Dit bericht Starnieuws vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

De auto, een nieuwe four wheel drive inclusief apparatuur, kost ruim 45.000 Amerikaanse dollar, aldus Masatoshi Sato, 'minister-counsellor & Head of Mission' van de Japanse ambassade namens ambassadeur Mitsuhiko Okada.

De ambulance is in staat op moeilijk begaanbaar te rijden en tot een bepaalde waterdiepte. De donatie is gedaan via het zogenoemde Grant Assistance for Grassroots Human Security Projects. Het is de eerste keer, dat een ambulance is geschonken aan een Surinaams ziekenhuis, zei Sato. 'We steunen ook andere organisaties in de gezondheidssector. We hebben laatst ruim 70.000 Amerikaanse dollar geschonken in de strijd tegen het zikavirus en hebben een contract getekend voor het verbeteren van enkele poliklinieken.'

De ambulances van het Diakonessenhuis rijden gemiddeld 18 keer per dag uit, maar niet voor traumagevallen. Mangroe: 'Wat wij met name doen is patiënten vervoeren van de ene plek naar de andere, bijvoorbeeld voor onderzoek in een ander ziekenhuis. We halen ook patiënten die uit het binnenland komen van het vliegveld.' De ambulance is ook beschikbaar voor patiënten thuis die opgenomen moeten worden.

Het Diakonessenhuis heeft geen plannen om een ‘eerste hulp’ dienst op te zetten. Patiënten die het wel nodig hebben en bekend zijn bij het ziekenhuis, kunnen zich via afdeling ‘De Poort’ melden voor hulp.

Het officiële persbericht van de Japanse ambassade van 18 maart inzake de schenking van de ambulance aan het Diakonessenhuis:

'Het ‘traject’ van Sandew Hira heeft zich ontwikkeld in een richting die onze natie uitsluitend schaadt'

'Onbetrouwbaar- heid Hira maakt het niet mogelijk om juist beeld te ontwikkelen van de werkelijke bedoeling'


Op zaterdag 19 maart heb ik het volgende bericht per e-mail ontvangen van de heer Dew Baboeram. Hij is broer van John Baboeram, een van de 15 gemartelde en omgebrachte slachtoffers van de 8 december 1982 moorden, en is regelmatig in het nieuws onder zijn pseudoniem Sandew Hira. Aangezien zijn vraag aan mij in directe zin de Surinaamse samenleving aangaat, heb ik besloten zowel dit e-mailbericht als mijn reactie daarop vandaag, dinsdag 22 maart 2016, via Starnieuws publiek te maken. Dit ter wille van de transparantie en om misverstanden te voorkomen.

De letterlijke tekst van het ontvangen e-mailbericht:

vraag

Sandew Hira
zaterdag 19 maart 2016 14:32
Aan: Henri Behr
CC: Humphry W Jeroe


Dag Henri

Zoals je in de media heb kunnen volgen is er nu een Comité Slachtoffers en Nabestaanden van Politiek Geweld opgericht dat op 30 juni een Dag van Nationale Rouw gaat organiseren, waarbij ook de slachtoffers van 8 december zullen worden herdacht. Tijdens de herdenking zullen alleen slachtoffers spreken.
Het is een sobere rouwplechtigheid dat ongeveer een uur zal duren van 17.00-18.00 uur. De plechtigheid bestaat o.a. uit gezang, het voorlezen van namen van alle slachtoffers van politiek geweld, bloem- en kranslegging, en korte verhalen van slachtoffers die in 2 minuten hun familie gedenken.

Ik weet dat we van mening verschillen over een aantal zaken m.b.t. het traject dat ik vorig jaar ben gestart, maar ken je als een moreel persoon die boven politieke strijd kan uitstijgen.
Ik verzoek je hierbij of je in overweging wilt nemen om in twee minuten iets te vertellen over Bram. Mocht je dat willen, dan kan ik je verder in detail op de hoogte brengen van wat er gaat gebeuren en jouw verhaal in verband brengen met de verhalen van anderen.

Ik hoor graag van je, Ik hem Humphry Jeroe, voorzitter van het Comité in de CC gezet ter informatie.


Kind regards

Sandew Hira
Director International Institute for Scientific Research
(...)

(...) 

Mijn reactie op dit bericht:

Beste Dew,

Ik wil beginnen het kennelijke misverstand zoals je dat in de tweede alinea aangeeft, “dat we van mening verschillen over een aantal zaken m.b.t. het traject…”, direct te corrigeren.
Bij ons gesprek in de aanloop naar jouw ‘traject’, medio 2015, vroeg je mij om jou te ondersteunen. Ik heb toen op duidelijke wijze mijn verbazing uitgesproken over jouw plannen. In de hoop je op andere gedachten te kunnen brengen.
Centraal in mijn argumentatie was mijn ‘1e Open Brief aan President Bouterse’ van 4 april 2012, waarin ik suggesties doe om dit zwartboek in onze samenleving, op een waardige en vooral eigentijdse wijze aan te pakken. Belangrijk in dit document zijn het respecteren van de in onze Grondwet verankerde wetgeving en het garanderen van de voortgang van de normale rechtsgang.
Je hebt mijn suggesties op niet mis te verstane wijze afgewezen, om vervolgens enkele uitspraken te doen, waardoor je mij geen andere keuze liet, je als onbetrouwbaar te kwalificeren. Hier is geen verandering in gekomen.

Jouw ‘traject’ heeft zich sindsdien ontwikkeld in een richting die onze natie uitsluitend schaadt. Ik noem daarbij het dieptepunt van de video-opnames, waarin de internationale gemeenschap kennis maakt met een trieste vertoning.
Wat jij had aangekondigd als een objectief onderzoek welke de wetenschappelijke toets zou kunnen doorstaan, werd een aaneenschakeling van beelden waarin op denigrerende en soms zelfs laaghartige wijze over het leven van mensen werd gebabbeld… en geborreld…
Doorspekt van leugens, waarbij zelfs niet werd nagelaten om overledenen te beschuldigen van ernstige misdaden.
Een vertoning, een Staatshoofd en Wetenschappelijk onderzoeker, niet waardig.

Een volgend dieptepunt werd de discutabele wijze waarop jij een hele samenleving zand in de ogen strooit. Door alle slachtoffers van martelingen, mishandelingen, moord en executies vanaf 1980 op een ‘politieke hoop’ te vegen.
Het is nuttig, vooral voor die grote groep jongere Surinamers die de werkelijke gebeurtenissen niet hebben meegemaakt en die kennelijk een belangrijke doelgroep vormen om te manipuleren en de geschiedvervalsing aan op te dringen, nog eens enkele feiten te vermelden.
Na de gewelddadige staatsgreep op 25 februari 1980 was er in Suriname tot en met 1983 geen sprake van een oorlogssituatie.
In deze periode 1980-1983 werd een repressief bewind gevoerd onder leiding van de toenmalige militaire commandant D.D. Bouterse. Ondersteund door een vaste groep militairen, in wisselende samenstellingen, en enkele burgers die zich bij de militaire machthebbers verdrongen om hun politieke doelen te kunnen realiseren. Daartoe hoorden politieke bewegingen als de Volkspartij, de Revolutionaire Volkspartij en de PALU.
De dictatoriale en repressieve machtsuitoefening heeft enkele malen lokale tegencoups uitgelokt die als doel hadden het land terug te brengen naar een democratisch bestuur.
Dit heeft vele slachtoffers en leed veroorzaakt.

Om deze cyclus van gewelddadigheid te doorbreken is omstreeks medio 1982 een breed gedragen proces gestart, waarbij vanuit nagenoeg alle lagen, instituten en organisaties binnen onze samenleving, aan de militaire machthebbers initiatieven werden aangeboden met het verzoek tot een proces van democratisering over te gaan.
Deze democratiseringsbeweging beleefde in de maanden september en oktober 1982 haar hoogtepunt met het aanbieden van een gezamenlijk document aan de militaire machthebbers, waarin op heldere wijze argumenten werden gepresenteerd om het land op vreedzame wijze en in onderling dialoog, terug te brengen naar een democratisch bestuur.

Het antwoord van de militaire machthebbers werd op 7 december 1982 op niet mis te verstane wijze gegeven door het met bruut geweld vernietigen van diverse radiostations en dagbladbedrijven. Vervolgens werd in de nachtelijke uren van 7 op 8 december een razzia gehouden, waarbij 16 mannen werden aangehouden en opgesloten in Fort Zeelandia.
In diezelfde nacht en op woensdag 8 december 1982 werden 15 van hen gemarteld en geëxecuteerd.
Belangrijk is te constateren dat voor het vernietigen van de mediabedrijven en de selectie van de 16 mannen, slechts 1 belangrijk criterium zichtbaar werd:
Allen waren actief in de democratiseringsbeweging die vanaf medio 1982 op gang gekomen was. Deze groep objecten en mensen zijn geselecteerd om te worden vernietigd en geëxecuteerd omdat zij pogingen hadden ondernomen om op vreedzame wijze en in dialoog met de machthebbers, Suriname terug te brengen naar een democratisch bestuur.

De 8 decembermoorden en de nu ruim 33 jaar actieve beweging zijn niet slechts een herdenking van de vijftien omgekomen mannen. Het is vooral een aanklacht tegen de wetteloosheid en een schreeuw naar werkelijk herstel van Grondwettelijke en democratische waarden in ons land. Naar het erkennen van fundamentele Menswaarden.
De 8 december gebeurtenissen kunnen dan ook gekwalificeerd worden als een door D.D. Bouterse en zijn militaire en politieke medestanders bewust geplande staatsgreep met als enig doel: het vernietigen van alle weerstand en het vestigen van een totalitaire staat.

Met het liquideren van diverse personen, die in de ogen van de machthebbers een gevaar vormden voor hun schrikbewind, begon voor Suriname een nieuwe fase. Vanuit diverse groepen werden initiatieven ontplooid om Suriname, na het absolute dieptepunt van december 1982, te gaan bevrijden van de dictatuur.
De Binnenlandse Oorlog nam een aanvang, waarbij er sprake was van twee strijdende partijen: De machthebbers onder leiding van D.D. Bouterse, die zich regelmatig tactisch bediende van het organiseren en inzetten van diverse splintergroeperingen enerzijds en anderzijds het Jungle Commando onder de militaire leiding van R. Brunswijk.

Deze Binnenlandse Oorlog heeft vele slachtoffers geëist, waarbij de meest gruwelijke misdrijven zijn gepleegd.
Dat jij nu aandacht vraagt voor het erkennen van de slachtoffers van dit oorlogsgeweld en hun nabestaanden is absoluut van groot belang.
Zij mogen nooit vergeten worden en verdienen het om ook hun Menswaarden te gedenken.

De logische opsplitsing van deze twee geweldperiodes is enerzijds voor de verwerking, maar ook voor de geschiedschrijving en daarmee voor het geweten van ons land van uitermate groot belang.
Door deze analyse te ontkennen bega jij een grote fout:
De verantwoordelijke hoofddader in beide periodes, 1980-1983 en na-1983, is de persoon en ex-militair D.D. Bouterse, ondersteund door een groep metgezellen.

In de eerste periode gaat het om het neerslaan en liquideren van een vreedzame democratiseringsbeweging als ultieme maatregel om een totalitaire machtsstaat in Suriname te vestigen.
De daders gaan in deze periode voorbij aan de in de grondwet en in internationale verdragen verankerde rechten van de mens op vrije meningsuiting en hun recht op leven.

In de tweede periode gaat het de daders om het verdedigen van hun militaire machtsstaat tegen een bevrijdingsbeweging, waarbij er vooral zwaar gezondigd wordt tegen de Geneefse Conventies waarin de rechten van oorlogsslachtoffers zijn verankerd.

Een trieste constatering is dat als gevolg van jouw ‘traject’ thans niet langer de hoofddader c.s. ter discussie staat, maar slachtoffers en nabestaanden.
Dit is een ongekend dieptepunt.
Je bent in staat gebleken om animositeit te doen ontstaan tussen beide groepen van slachtoffers, terwijl de persoon die de totale verantwoordelijkheid draagt, volledig wordt afgeschermd en zich kan koesteren in een mede door jou gecreëerd monster van de ‘Decolonizing The Mind’ aanpak.

Wanneer ik stilsta bij de dagelijkse vertwijfeling en pijn van mijn moeder, en mij probeer te verplaatsen in de pijn die de ouders van slachtoffers waaronder jouw ouders hebben moeten dragen tot aan hun overlijden, raak ik in totale verbijstering over de wijze waarop jij hun nagedachtenis met je handelen op zo’n grove wijze beschadigd.

Om meerdere redenen zal ik niet ingaan op je verzoek…
- Jouw onbetrouwbaarheid maakt het niet mogelijk om een juist beeld te ontwikkelen van de werkelijke bedoeling en eindresultaat van 30 juni. Ik wens niet verrast te worden met situaties die mijn waarden en normen zouden kunnen schaden.
- Er is nog geen ruimte voor een gezamenlijke Nationale Rouw herdenking, zolang de volledige waarheid van met name de 8 decembermoorden niet aan de samenleving is gepresenteerd, en de hoofddader zich verschuilt achter leugens.
- De 8 december herdenking zoals die reeds 33 jaar wordt gehouden heeft een eigen dimensie, voorziet in een belangrijke behoefte binnen onze samenleving en dient daarom beschermd te worden.
- Ik wens niet mee te werken aan het marchanderen met gevoelens van slachtoffers en nabestaanden.
- De integriteit, het norm- en democratisch besef van mijn broer Bram lenen zich er niet voor hem te gedenken in jouw plan onder deze omstandigheden.
- Rouwprocessen van deze omvang vragen om een zeer professionele benadering. Ik betwijfel of dit op een professionele wijze zal plaatsvinden. Rouwverwerking verloopt verschillend voor iedereen. Er zijn meerdere fasen in een rouwverwerking, terwijl eenieder zijn eigen tempo heeft:
- Weten wat er gebeurd is en waarom… Accepteren en erkennen van het verlies – Na het afsluiten van deze eerste fase kan de rouw beginnen… Als we echter niet weten waarom en wat er is gebeurd zal de acceptatie en erkenning niet plaatsvinden en kan de rouwfase niet beginnen…
- In de rouwfase moet de pijn worden toegelaten en ontstaat het bewuste verdriet om het verlies…
- De verwerking van het verlies… In deze fase is professionele hulp vaak gewenst…
- Het loslaten van de pijn en het verdriet… Prettige herinneringen oproepen en aanvangen met de heling binnen het rouwproces.

Henri Behr

Suriname gaat in zee met Maleisisch bedrijf om rijstkwaliteit te verhogen

Minister Hoefdraad tekent overeenkomst met Mardi Holdings en de ISDB

Specialisten uit Maleisië gaan landbouwers in Nickerie, Saramacca en Coronie trainen

 
Minister Gillmore Hoefdraad van Financiën heeft gisteren met vertegenwoordigers van de Islamic Development Bank (ISDB) en het Maleisische staatsbedrijf Mardi Holdings (Malaysian Agricultural Research and Development Institute) een overeenkomst getekend voor het verhogen van de rijstkwaliteit, de productie en het uittesten van variëteiten. De aromavariëteit, de basmati rijst en ook een variëteit die zeer geschikt is voor diabeten, zullen hier getest worden. De landbouwers kunnen hiermee een beter inkomen verkrijgen en ook concurreren op de wereldmarkt, zo bericht het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) maandag 21 maart 2016.

De deskundigen uit Maleisië zullen in de eerste fase ongeveer 1.500 landbouwers trainen uit de districten Nickerie, Coronie en Saramacca. Mardi Holdings is ook geïnteresseerd in de verwerking van producten in landbouw, veeteelt en visserij. Dit bedrijf bezit de equipment en technologie om Suriname te ondersteunen. De minister van LVV, Soeresh Algoe, stelt dat Mardi Holdings ook belangstelling heeft voor de palmoliesector. Dit zal nog goed uitgestippeld en besproken worden, om na te gaan wat de mogelijkheden zijn.

Binnen enkele weken komen de specialisten uit Maleisië om locaties te selecteren. Door de internationale ontwikkeling en de prijsfluctuatie is gebleken, dat de padieboeren vaak niet kunnen concurreren. Met dit project zal er afzet zijn voor de rijst en betere inkomsten. Verbetering van de kwaliteit en een hogere productie zijn volgens Hoefdraad heel belangrijk. De focus is gericht op de exportmarkt.

De ISDB en Mardi Holdings hielden 17 maart een workshop voor stafleden van het ministerie van LVV en Financiën. Deze workshop werd gehouden in het kader van rijstproject 'Reverse Koppeling in Rijstproductie tussen Suriname en Maleisië'. Tijdens de workshop werden presentaties gehouden. De ISDB heeft een uiteenzetting van activiteiten van de leenovereenkomst belicht en Mardi Holdings heeft over de technische uitvoering van het rijstproject gesproken. 

(Red. De Surinaamse Krant/LVV/Starnieuws)

Bondscoach nationaal voetbalteam Curaçao, Kluivert, met vijf nieuwe spelers naar Barbados

Curaçao speelt 23 maart in voorrondes Caribbean Cup tegen Barbados


Dominicaanse Republiek 26 maart tegenstander in stadion Ergilio Hato op Curaçao


De nationale voetbalselectie van Curaçao, onder leiding van bondscoach Patrick Kluivert, was gisteren even op vliegveld Hato. De selectie maakte een tussenstop op weg naar Barbados voor de eerste wedstrijd in de voorrondes van de Caribbean Cup. De wedstrijd tegen Barbados wordt morgen gespeeld en de selectie keert dan terug naar Curaçao voor de thuiswedstrijd tegen de Dominicaanse Republiek op 26 maart in het stadion Ergilio Hato te Brievengat. Dit bericht het Antilliaans Dagblad vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

De selectie van Kluivert is uitgebreid met vijf nieuwe spelers. Leandro Bacuna (1991, Aston Villa), Jarchinio Antonia (1995, FC Groningen), Rangelo Janga (1992, FC Dordrecht), Doriano Kortstam (1994, Roda JC Kerkrade) en Everon Pisas (1994, ACS Poli Timisoara) zijn de toevoegingen aan de selectie die verder uit reeds geselecteerde spelers bestaat. De spelers zouden zich presenteren aan de pers maar door oponthoud bij de douane haalden ze de persconferentie niet. Kluivert was al een dag eerder aangekomen en kon dus wel de pers te woord staan.

De bondscoach kwam eerst met slecht nieuws. Gianluca Maria en Jeremy de Nooijer waren er niet bij vanwege blessures. De uit Vlissingen afkomstige middenvelder van het Bulgaarse Levski Sofia, De Nooijer, heeft opnieuw last van een hamstringblessure, zo bericht gisteren de Provinciale Zeeuwse Courant.

Kluivert heeft geen andere spelers in hun plaats opgeroepen. 'Nee dat vond ik niet nodig. Ik heb zo ook nog een goed team.' Hij zei vooral erg blij te zijn met de keuze van Leandro Bacuna. De 24-jarige speler van het Engelse Aston Villa twijfelde en hoopte lang geselecteerd te worden voor Oranje, maar heeft nu dus de keuze gemaakt voor het Curaçaose team. 'Ik heb hem overtuigd voor Curaçao te kiezen, dat viel niet mee maar het is me gelukt', sprak de bondscoach glunderend.

Kluivert lijkt te investeren in de toekomst. Antonia, Kortstam en Pisas zijn als jonge talenten aan de groep toegevoegd. De net-twintigers zullen hun eerste interlandervaring opdoen. 'Ze zijn jong, maar goed. We willen alle neuzen dezelfde kant op hebben en wilden deze jongens dus graag bij de groep.'

Kluivert is teruggekomen bij de Curaçaose selectie, omdat hij vindt dat hij een mooi team heeft. 'Iedereen weet dat ik graag een club zou trainen. Ik heb een paar aanbiedingen afgeslagen, de juiste club heeft zich nog niet gemeld. Dit is een mooi team en in de toekomst zullen er meer spelers komen.' 

De selectie heeft een vermoeiende reis achter de rug als ze na een tussenstop op Trinidad eindelijk op Barbados aankomen. 'Dit is geen gemakkelijke fase wat dat betreft. De meeste jongens hebben ook nog gespeeld, zaterdag of zondag.' Ondanks dat ziet de bondscoach de wedstrijden met vertrouwen tegemoet.

Bij zijn avontuur wordt hij ondersteund door Etienne Siliee, de technisch directeur van de FFK ( Federashon Futbol Korsou) en zijn nieuwe assistent-coach Lennox Maurits. De 39-jarige Maurits speelde in de Nederlands-Antilliaanse selectie en is door Kluivert uitgekozen vanwege zijn ervaring als ex-international en zijn Nederlandse voetbalachtergrond.

Leegstaand ‘Monster van Rooi Catootje’ kost Girobank Curaçao handenvol geld

Constructie van onafgebouwd 'monster' vertoont ‘geen ernstige structurele gebreken’ 


Giro probeert nu het pand van de hand te doen


Het ‘monster van Rooi Catootje’, het onafgebouwde gebouw dat de ‘Issa Mall’ moest worden maar vanwege het niet kunnen voldoen aan de leningsverplichtingen nu alweer bijna drie jaar eigendom is van de Girobank, moet zo snel mogelijk worden verkocht, om de financiële schade voor Giro zo beperkt mogelijk te houden. Dit bericht het Antilliaans Dagblad vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

Het leegstaande pand langs de Schottegatweg Oost tegenover Mensing’s Caminada en pal naast Kleinmoedig & Alexander Notariskantoor is niet alleen een ‘monster’ voor de buurt(bewoners en bedrijven) - het is buitenproportioneel groot op een perceel waar eerder slechts een woonhuis stond en het torent boven alle andere gebouwen in de directe omgeving uit -, het is ook een ‘monster’ voor de Girobank, die al sinds eind 2013 onder de toepassing van de noodregeling valt.

De bank, waar ingegrepen moest worden mede om de belangen van de deposanten veilig te stellen, kocht de ‘mall’ plus aangrenzende terreinen voor 14,5 miljoen gulden aan. Dat moest wel, aldus het dagblad, want de voormalige eigenaar, Elie Issa van Campissa, kon de rente en aflossing van de lening bij Giro niet meer opbrengen. Toch was er een ‘geluk bij ongeluk’: voormalig bankdirecteur Eric Garcia, daarvoor al enige tijd op zoek naar een nieuw en vooral prestigieus onderkomen voor Giro, wilde er het nieuwe hoofdkantoor van maken. Met bovenop nog een speciaal dakterras plus -kantoor, van waaruit over alle andere naburige kantoorcomplexen en woningen kan worden gekeken.

Het is nadien echter tot een juridisch dispuut gekomen tussen Issa en de Girobank, die intussen een nieuwe directie - ‘gemachtigden aangewezen door de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten’ - aangesteld had gekregen. De ex-eigenaar eiste nog een nabetaling van circa 3,5 miljoen, maar de bank stond op het standpunt, dat er dan nog eerst een achttiental grote achterstallige werkzaamheden moest worden opgeleverd. Omdat onder de noodregeling Giro niet kan worden verplicht te betalen, leidde dit uiteindelijk tot het schikkingsvoorstel om een arbitraal vonnis van twee arbiters uit Nederland (waaronder een betondeskundige en een oud-rechter) en één uit Venezuela af te wachten en ook te respecteren.

Naar nu blijkt viel eind 2015 een arbitrale beslissing. Er kwam een financiële regeling en afwikkeling, maar voor Giro was mogelijk belangrijker nog dat het gebouw onderzocht is op de technische staat. De constructie vertoont, aldus een deskundigenonderzoek, ‘geen ernstige structurele gebreken’. Dat biedt de mogelijkheid aan Giro om te proberen het pand, dat als een molensteen om de nek van het bankbedrijf hangt, van de hand te doen. Zou de situatie zich hebben voorgedaan dat het gebouwde niet voldoet, was de strop nog veel groter geweest.

Nationaal Ontwikkelingsplan voor Curaçao is klaar

Plan is met steun UNDP opgezet om gemeenschap sterker te maken

(Bron foto: Jeu Olimpio/Antilliaans Dagblad)
Het Nationaal Ontwikkelingsplan voor Curaçao is klaar. Het met behulp van het United Nations Development Program (UNDP) opgezette project moet de Curaçaose gemeenschap sterker maken, zo bericht vandaag, dinsdag 22 maart 2016, het Antilliaans Dagblad.

Vertegenwoordigers van de UNDP zijn de wijken in gegaan, er werd gesproken met belangengroepen en er werd een zogenoemd ‘high level retreat’ gehouden met ministers en hoge ambtenaren.

De regering heeft nu vijf werkgroepen (‘Tiger Teams’) opgericht voor de thema’s onderwijs, economie, milieu, nationale identiteit en goed bestuur.

Minister Hoefdraad blijft maar gokken op Surgold/Newmont Meriangoudmijn en Staatsolie-raffinaderij en hameren op 'wereldcrisis'

Bewindsman beweert dat crisis nog zo'n 6 maanden gaat duren...

Ontevreden oppositie vanwege afwezigheid weer van president Bouterse - Hoefdraad krijgt het aan de stok met Gajadien (VHP)
 

De crisissituatie zal nog ongeveer zes maanden duren. Daarna wordt verlichting verwacht door het operationeel worden van de Surgold/Newmont Meriangoudmijn en het in productie gaan van de raffinaderij van Staatsolie volop in productie is. De regering houdt rekening met mensen die huur in vreemde valuta betalen en studenten die Amerikaanse dollars of euro's nodig hebben voor hun studie. Zij kunnen, zoals dit nu ook gebeurt, de vreemde valuta voorlopig kopen tegen de huidige koers. Dit alles antwoordde minister Gillmore Hoefdraad van Financiën gisteren op vragen in De Nationale Assemblee.

Er waren verhitte momenten in De Nationale Assemblee, aldus Starnieuws vanochtend, dinsdag 22 maart 2016. De oppositie had er moeite mee, dat president Desi Bouterse afwezig was om verantwoording af te leggen. Hoefdraad en Assembleelid Asiskumar Gajadien (VHP) kregen het met elkaar aan de stok. Volgens de volksvertegenwoordiger is de regering bezig met misleiding van het volk. De minister zou verkeerde cijfers hebben geproduceerd over de monetaire reserve. Deze zou minder dan 300 miljoen Amerikaanse dollar zijn, omdat een deel van dit bedrag geswapt is en terugbetaald moet worden in juli en januari. Ook op een vraag over de dekking van de munt kreeg Gajadien geen antwoord. In de tweede ronde zei Hoefdraad, dat volgens de governor van de Centrale Bank van Suriname (CBvS), de dekking van de munt 40 procent zou zijn. Dit wordt nog nagerekend door deskundigen.

Hoefdraad merkte op dat er een code is, dat bepaalde informatie van de CBvS vertrouwelijk is. Hij verweet Gajadien, dat hij halve informatie naar buiten brengt en eigenlijk niet zou weten waarover hij praat.

Hoefdraad verschilde ook van mening met Patricia Etnel (NPS). Zij zei, dat volgens het Internationaal Monetair Fonds (IMF) de valutaveilingen pas moeten plaatsvinden als er rust is op de kapitaalmarkt. Zij wees er net als diverse andere oppositieleden op, dat verspilling, corruptie en wanbeleid mede de oorzaak ervan zijn dat het land in een crisissituatie is beland. Het gaat niet alleen om de daling van de prijzen van olie en goud op de wereldmarkt. Hoefdraad bleef er echter bij, dat er sprake is van een wereldcrisis, waarbij diverse landen in problemen zijn gekomen.

NDP-fractieleider André Misiekaba zei blij te zijn, dat de regering zijn voorstel overgenomen heeft om de huidige koers van de CBvS te handhaven voor huishuur en studie. De douanekoers wordt voorlopig bevroren, waardoor prijzen in de winkels niet de lucht in hoeven te gaan door de veiling, die lager zal uitvallen dan de parallelkoers.

Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons stelde, dat binnen twee tot drie weken de maatregelen inzake huishuur en de douanekoers verder bijgesteld zullen worden. Er is wetgeving voor nodig. Zij vroeg vicepresident Ashwin Adhin om, zoals beloofd, het crisismanagementplan aan de volksvertegenwoordiging op schrift te doen toekomen. Adhin zei dat de regering continu bezig is met monitoren van de crisis. Er is hiervoor ook een technische en sociale onderraad met externe deskundigen.

(Red. De Surinaamse Krant/Starnieuws)

Regering dichtbij overeenkomst met IMF voor steun aan Suriname

Minister Hoefdraad zwijgzaam over inhoud IMF-steun...

Maar, deel is bestemd voor valutaveilingen van Centrale Bank en voor infrastructurele werken


De regering zou dichtbij de ondertekening van een overeenkomst zijn met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) over financieel-monetaire steun aan Suriname. Dat zei minister Gillmore Hoefdraad van Financiën gistermiddag in De Nationale Assemblee (DNA), zo schrijft de Ware Tijd vandaag, dinsdag 22 maart 2016.

Op de vraag hoe het IMF-hulppakket eruit zal zien, gaf de bewindsman geen antwoord. De regering verschilde ernstig van mening met het IMF over het te voeren wisselkoersbeleid. Volgens Hoefdraad wilde het IMF een verdere devaluatie van de Surinaamse dollar naar een niveau dat zelfs hoger was dan de wisselkoers op de parallelmarkt.   
                                                                               
De regering wilde daar niets van weten en stelde zich op het standpunt, dat een marktconforme wisselkoers voor vreemde valuta via een 'veel zachtere landing' gerealiseerd kon worden. Hoefdraad zei, dat de regering voorstander is van verstandig lenen. 
De financiering zal deels aangewend worden voor de valutaveilingen, begrotingsfinanciering, aflossen van leningen en investering in infrastructurele werken om zo banen te scheppen. De overbruggingsfinanciering van het IMF moet de Surinaamse economie weer aan de praat krijgen.                                                                                                                                              
De minister hield de Assemblee verder voor, dat de regering later dit jaar een aanvullende begroting zal indienen. De bedoeling was vanaf het moment dat de regering aantrad, dat medio dit jaar suppletoire begrotingen bij het parlement zouden worden ingediend. In die begrotingen zullen de laatste aanpassingen in de economie worden meegenomen.

Ook dit is politienieuws: Politie zoekt eigenaar toiletpot

Man 's nachts aangehouden te Uitvlugt met een toiletpot in kartonnen doos....


 
De politie van Uitvlugt heeft in de vroege ochtend van woensdag 16 maart rond half uur een man aangehouden in de Langatabikistraat met in zijn bezit een toiletpot in een kartonnen doos met het opschrift Waterfall, zo bericht de afdeling Public Relations van het Korps Politie Suriname maandag 21 maart 2016.

Deze bekende van de politie verklaarde bij zijn aanhouding de toiletpot te hebben gehad van zijn oom om te verkopen.  Bij verder onderzoek bleek die oom echter niet te bestaan.

De verdachte werd na afstemming met een lid van het Openbaar Ministerie in verzekering gesteld.

EBS gaat samen met OW bomen verwijderen die bedreiging zijn voor stroomlevering

'Schade aan elektriciteitsnet wordt onherroepelijk verhaald op veroorzaker'


Met de komst van Rabin Parmessar als nieuwe directeur, lijkt de NV Energiebedrijven Suriname (EBS) een offensief te hebben ingezet in de strijd tegen begroeiing (onkruid, bomen) - en de eigenaren ervan - in bermen en elders die een risico vormen voor de stroomvoorziening. Samen met het directoraat Openbaar Groen van het ministerie van Openbare Werken (OW) en de verschillende districtscommissarissen in het land zal de EBS bomen verwijderen die in haar netwerk groeien of een bedreiging vormen voor de energieleveringszekerheid. Schade veroorzaakt door derden aan het elektriciteitsnet zal onherroepelijk verhaald worden op de veroorzaker, zo laat het staatsbedrijf maandag 21 maart 2016, in een persbericht weten.

Volgens de Politiestrafwet (artikel 70) is de districtscommissaris bevoegd vegetatie te verwijderen en of te onderhouden, indien geen gehoor wordt gegeven aan het verzoek dit zelf te verwijderen. De kosten die hierbij gepaard gaan, komen voor rekening van de eigenaar van het terrein.

Tot heden wordt schade aan het elektriciteitsnet door de veroorzakers slechts vergoed als er sprake is van een aanrijding. Eenieder is echter verantwoordelijk voor de schade, welke hij door zijn nalatigheid of onvoorzichtigheid veroorzaakt heeft. De EBS zal daarom ook in geval van vegetatieschade de kosten op de veroorzaker verhalen.

De EBS stelt in haar uitgebrachte persbericht, genoodzaakt te zijn tot deze maatregelen over te gaan vanwege de veelvuldige stroomonderbrekingen als gevolg van hoog wied (onkruid) of bomen of boomtakken in het elektriciteitsnet. Het bedrijf had in 2015 436 stroomonderbrekingen door slecht onderhouden vegetatie. Dit is ook de meest voorkomende oorzaak van stroomstoringen veroorzaakt door derden.

Om schade aan het elektriciteitsnet te beperken moet onder en langs het elektriciteitsnet vrij zijn van vegetatie. De EBS streeft ernaar het aantal stroomonderbrekingen te minimaliseren en vraagt medewerking van de samenleving om in de omgeving van het elektriciteitsnet liever geen bomen te planten.

(Red. De Surinaamse Krant/EBS)

De aanleg van plantages en andere infrastructuur in Suriname

'Bouwen aan de Wilde Kust'


De Wilde Kust was het gebied tussen de monding van de Amazone in Brazilië en de Orinoco in het tegenwoordige Venezuela, ofwel de Guyana’s. Het werd zo genoemd omdat er ‘wilde’ ofwel ‘onbeschaafde’ volkeren woonden en ook omdat de kust erg ontoegankelijk was. Verschillende mogendheden aasden op deze gebieden, maar een groot deel was lange tijd in handen van de Republiek der Verenigde Nederlanden. De vroegere Nederlandse koloniën daar waren Suriname, Berbice, Demerara en Essequibo, allemaal genoemd naar de rivieren waarlangs ze lagen. De laatste drie kwamen rond 1800 in handen van het Verenigd Koninkrijk. Vanaf die tijd was alleen Suriname nog een Nederlandse kolonie. Dit schrijft auteur Hillebrand Ehrenburg maandag 21 maart 2016 op de website Historiek.net.

De geschiedenis van die infrastructuur begint in de periode dat Cornelis van Aerssen van Sommelsdijck, toen één van de rijkste mannen in de Republiek, gouverneur en mede-eigenaar van Suriname werd. Hij kwam in Suriname aan in 1683, nu ruim 330 jaar geleden. Verspreid over de kustvlakte zijn sindsdien plantages, wegen, kanalen, bruggen, nederzettingen, polders en spoorlijnen aangelegd. Veel daarvan is er nog, maar veel is intussen ook weer verdwenen en door de natuur teruggenomen. Die infrastructuur was een belangrijke schakel in de vroegere samenleving en economie. En wat er nog over is, is dat soms nog steeds.

Suriname heeft met het voormalige moederland gemeen dat het landschap in het kustgebied in hoge mate gecreëerd is door zijn bewoners zelf. De infrastructuur is een belangrijk deel van het Surinaamse cultuurlandschap in de kustvlakte. Het is een verzamelnaam waarin veel elementen samenkomen: van droog tot nat, van groot- tot kleinschalig, van lijnelementen als wegen, spoorwegen, kanalen, dijken, paden en trenzen, tot daarbij horende bouwwerken als bruggen, sluizen, gemalen en watertorens. De aanwezigheid van die historische infrastructuur zorgt ervoor dat de ontwikkelingsgeschiedenis van het gebied herkenbaar is.

Plantages in het laagland
De bestaande geschiedschrijving over de periode van de slavernij gaat vooral over de slavernij zelf, over het lot van de tot slaaf gemaakten, over marronage (het in opstand komen tegen en het vluchten uit slavernij), over de planterssamenleving en de relatie tot het moederland. Daarentegen is er over de aanleg van het grote oppervlak aan plantages in de jonge kustvlakte en de geavanceerde techniek die daarbij werd toegepast, vrijwel niets geschreven. Opvallend, want de aanleg van dat enorme areaal aan plantages (ongeveer zo groot als de provincie Utrecht) is een knap stuk werk geweest. Zulke plantages zijn in deze vorm nergens anders dan in Suriname, Berbice, Demerara en Essequibo aangelegd. Er wordt ook tegenwoordig weinig aandacht besteed aan dit unieke erfgoed.

“Het is niet toevallig dat juist Hollanders en Zeeuwen in deze laag liggende zwampen (moerassen) en getijdegebieden succesvol aan de slag gingen.”

De laaglandplantages waren polders met een multifunctionele waterbeheersing. Ze hadden een gecompliceerde waterhuishouding, waarin met behulp van dijkjes, gescheiden vaar- en loostrenzen (sloten), sluizen en watermolens de functies van irrigatie, drainage, waterkracht, weg- en watervervoer knap werden gecombineerd. Het is niet toevallig dat juist Hollanders en Zeeuwen in deze laag liggende zwampen (moerassen) en getijdegebieden succesvol aan de slag gingen. Zij brachten kennis en ervaring mee uit hun vaderland om dit soort werken te bedenken en uit te voeren. Ze bouwden uitwateringssluisjes en inneemsluizen, watermolens, bruggen, steigers etc. Dat sommige uitwateringssluisjes na bijna driehonderd jaar nog steeds in gebruik zijn, geeft aan dat er heel bekwame vaklieden aan het werk zijn geweest. Het waren zowel Nederlandse als Surinaamse ambachtslieden en Afrikaanse timmer- en metselslaven.

Er is vroeger weinig over geschreven omdat de kennis hiervan praktijkkennis was: het waren ambachtslieden en de op de plantages werkzame personen (van eigenaren tot en met slaven) die de kennis hadden. De al aangelegde plantages waren het voorbeeld voor nieuwe plantages. Zo bleef de kennis en ervaring in stand en ontwikkelde die zich verder. Slechts enkelingen beschreven de aanleg van plantages. Verder zijn er afbeeldingen van plantages en is er correspondentie, bijvoorbeeld tussen plantage-administrateurs in Suriname en eigenaren in Nederland. Die correspondentie, voor zover nog aanwezig in allerlei verspreide archieven, is grotendeels nog niet onderzocht.

Uniek erfgoed

“Suriname heeft met het voormalige moederland gemeen dat het landschap in het kustgebied in hoge mate gecreëerd is door zijn bewoners zelf.”

Wat nu nog resteert, zijn de vanuit de lucht zichtbare regelmatige patronen van de sloten en dammen en de vanaf de grond zichtbare oude plantagesluizen. Het is dat het grootste deel van dit indrukwekkende, uitsluitend door slaven aangelegde werk goeddeels is verdwenen, want anders zouden deze plantages nog eerder dan de binnenstad van Paramaribo het predicaat Werelderfgoed verdienen, als een Beemster in de tropen.

De samenleving van blanken aan de Wilde Kust was tot ver in de negentiende eeuw vooral een vergaarbak van gelukszoekers, vluchtelingen, avonturiers, op geld beluste lieden en figuren die in het moederland iets op hun kerfstok hadden. De belangstelling van de spilzieke ‘plantocratie’ die de kolonie tussen 1750 en 1850 domineerde, ging vaak niet veel verder dan geld, drank en vrouwen. Het is niet minder dan een klein wonder dat onder dergelijke omstandigheden zulk uniek gebouwd erfgoed is gerealiseerd.

Er zijn vanzelfsprekend veel invloeden geweest van buitenaf, vooral uit Nederland, maar ook uit Nederlands-Brazilië, het Caribisch gebied en Oost-Indië. De kennis kwam van overzee, net als veel van de gebruikte bouwmaterialen. Maar lokale kennis was natuurlijk onmisbaar: kennis van houtsoorten en andere lokale bouwstoffen, van de klimatologische omstandigheden, van het getij en van de geotechnische omstandigheden. In de jonge kustvlakte van Suriname troffen de kolonisten uit de Lage Landen veel aan wat ze kenden: een laaggelegen getijdegebied met klei en veen en her en der hogere zandruggen. Hoofdzakelijk dus slechte, slappe grond om op te bouwen. Zodoende konden ze veel van de technieken die ze thuis gebruikten hier ook in min of meer dezelfde vorm toepassen. Toch zijn er ook duidelijke verschillen: waar ze in de Lage Landen op slechte ondergrond palen heiden om huizen en kunstwerken te funderen, hebben de nieuwe bewoners van de Wilde Kust dit vroeger nooit gedaan. Aan de ene kant was de grond niet zo slap als de veengronden in Holland, aan de andere kant liggen draagkrachtige lagen in Suriname vaak veel dieper. De ontwikkeling van de plantages in Demerara, Essequibo en Berbice kwam later op gang, maar vertoont veel gelijkenis met die in Suriname. Zolang Demerara, Essequibo en Berbice Nederlands waren, liep de ontwikkeling achter bij die van Suriname. Toen het gebied tegen 1800 in Britse handen kwam, kwam het pas echt tot bloei. Brits-Guyana was gedurende ruim anderhalve eeuw ontwikkelder en welvarender dan Suriname, vooral door de opkomst van het Britse rijk en de industriële revolutie die in Groot-Brittannië op gang kwam.

Gevecht tegen modder, muskieten en malaria
De aanleg van plantages was een eindeloze strijd tegen het oerwoud en de zee en vaak vruchteloos geploeter in de modder en in het vijandige bos. Ook aan de Wilde Kust geldt ‘de zee geeft, de zee neemt’, maar meer nog ‘het oerwoud geeft, het oerwoud neemt’. Want vrijwel alles dat op het bos wordt veroverd, wordt vroeg of laat weer door het bos overwoekerd. Overal in Suriname vind je overblijfselen van het menselijke gezwoeg, soms van driehonderd jaar geleden, soms van nog maar een paar jaar geleden. Natuurlijk de resten van plantages, maar ook de resten van kanalen, wegen, verwaarloosde polders in het noordwesten, verlaten nederzettingen, houtsleeppaden, littekens in het landschap van vroegere goud- en bauxietwinning en ga zo maar door.

Een bijzonder en heel groot project was de aanleg van de 170 kilometer lange spoorlijn van Paramaribo het tot dan toe niet ontsloten binnenland in. De aanleg van de spoorlijn begon in 1903 vanwege de goudwinning, waarover de verwachtingen toen hooggespannen waren. Cornelis Lely, de man van de Zuiderzeewerken, was tot gouverneur van de kolonie benoemd speciaal om de realisatie van dit project te leiden. Technisch was het aanleggen van een spoorlijn in onbekend gebied een hoogstandje, maar al snel bleken de opbrengsten uit de goudindustrie tegen te vallen. Vrijwel alles in de kolonie draaide om landbouw en grondstoffen. Het ging uiteindelijk om suiker, koffie en katoen en later, vanaf het begin van de twintigste eeuw, om rijst, goud en bauxiet. Dat was de reden dat daar ooit een volksplanting ontstond. Niet alleen zijn vrijwel alle bewoners van de Wilde Kust om die reden van andere continenten afkomstig, maar ook is alle infrastructuur is in verband daarmee aangelegd.

Dat er daar onder moeilijke en vaak mensonterende omstandigheden bijzonder en uniek erfgoed is aangelegd, verdiend meer bekendheid en erkenning te krijgen.

~ Hillebrand Ehrenburg

Hillebrand Ehrenburg publiceerde in oktober 2015 samen met Marcel Meyer het boek: Bouwen aan de Wilde Kust – Geschiedenis van de civiele infrastructuur van Suriname tot 1945. Dit artikel kan beschouwd worden als een inleiding op dat onderwerp.
Boek: Bouwen aan de Wilde Kust – Hillebrand Ehrenburg & Marcel Meyer



Over de auteurs
Ir. Hillebrand Ehrenburg
(1957) heeft Civiele Techniek gestudeerd aan de TU Delft. Zijn eerste ervaring in Suriname was in 1982 als medeorganisator en co-redacteur van de Proceedings van het Furoris congres. Hij heeft van 1983 tot 1986 in Suriname gewerkt bij het Ministerie van Openbare Werken als hoofd van de Sectie Ontwateringswerken. Sindsdien is hij als consultant, project manager en manager bij een groot internationaal ingenieursbureau betrokken geweest bij vele civiele en milieuprojecten in Nederland, Suriname, Europa en Azië. In de jaren negentig jaren was hij als extern begeleider en adviseur betrokken bij verschillende projectgroepen van de TU Delft die een afstudeerproject in Suriname deden. Sinds 2015 is hij freelance consultant.

Ir. Marcel Meyer (1944), is eveneens Delfts civiel ingenieur en vanaf 1968 (mede-) eigenaar van civieltechnisch adviesbureau Sunecon in Suriname. Hoewel hij niet meer de dagelijkse leiding heeft, is hij nog steeds actief in het ingenieursbureau. Daarnaast heeft hij vele nevenfuncties gehad. Zo is hij decennialang docent geweest aan de Universiteit van Suriname. Ook had hij jarenlang een nauwe band met de TU Delft, waar hij regelmatig lezingen gaf over civiele techniek in de tropen en in Suriname in het bijzonder. Hij heeft ook in Guyana projecten gerealiseerd en lezingen aan de universiteit verzorgd. Hij heeft vele technische en historische studies van binnen- en buitenlandse studenten en experts begeleid. Zijn brede interesse in de civiele techniek blijkt ook uit zijn voorzitterschap van de Suriname Road Association (SRA), die is aangesloten bij de IRF (International Road Federation), en uit zijn lidmaatschap van de USCID (United States Commission for Irrigation and Drainage).

Voor de echte kunstliefhebber!

Voor de echte kunstliefhebber!