vrijdag 23 september 2016

Vestigingswet VVD 2e Kamerlid Bosman weer op agenda Kamer

Bosman wil met wet voorwaarden stellen aan vestiging inwoners Curaçao, Aruba en Sint Maarten


Het wetsvoorstel waarmee VVD-Tweede Kamerlid André Bosman voorwaarden wil stellen aan de vestiging van Curaçaoënaars, Arubanen en Sintmaartenaren wordt volgende week besproken in de Tweede Kamer. Na herhaaldelijk uitstel staat de wet, oorspronkelijk ingediend in juli 2012, op de plenaire agenda van woensdag, zo meldt de Amigoe vrijdagmiddag 23 september 2016.

Het wetsvoorstel vloeit voort uit de wens van de coalitiepartijen VVD en PvdA om de vestiging in de huidige regeerperiode te reguleren, dus voor de Tweede Kamerverkiezingen van maart volgend jaar. Het voornemen werd vastgelegd in het regeerakkoord.

De PvdA hecht echter veel waarde aan overeenstemming met Curaçao, Aruba en St. Maarten, die bezwaar maken omdat er volgens de drie landen onterecht onderscheid wordt gemaakt tussen Nederlanders op basis van hun afkomst en omdat vestigingseisen weinig zullen helpen bij de bestrijding van armoede of criminaliteit.

Volgende week zal tijdens het debat blijken of de VVD voldoende steun heeft gevonden bij andere partijen. Een datum waarop er uiteindelijk over de wet wordt gestemd, is overigens nog niet bekend.

PdVSA-directeur in Venezuela: ‘Te vroeg om contract Isla te heronderhandelen’

'Operationele continuïteit Isla onderdeel strategie van PdVSA op korte, middellange- en langetermijn'


De directeur van de Venezolaanse staatsmaatschappij PdVSA (Petróleos de Venezuela S.A.) Eulogio Del Pino stelde gisteren in een verklaring (zie onderaan), dat het te vroeg is om te beginnen met de heronderhandelingen van het contract tussen Curaçao en PdVSA. Daarmee weerspreekt hij eerdere berichten over het geldtekort bij PdVSA om te kunnen investeren in de modernisering van de olieraffinaderij op Curaçao. Dit bericht vanmiddag, vrijdag 23 september 2016, de Amigoe.

Volgens Del Pino vormt de operationele continuïteit van de Isla-raffinaderij ‘onderdeel van de strategie van PdVSA op de korte, middellange- en langetermijn’.

'De traditie vertelt ons dat beide partijen sinds 1985 niet alleen de huidige contractuele betrekkingen hebben onderhouden. Ook de relatie tussen beide volkeren is sindsdien versterkt.'

Vorige week tekende premier Ben Whiteman een intentieverklaring met het Chinese bedrijf Guangdong Zhenrong Energy voor de modernisering van de 100 jaar oude olieraffinaderij. Het is de bedoeling dat het bedrijf dan vanaf 2020 de raffinaderij zal opereren. Volgens Whiteman besloot Curaçao met de Chinezen in zee te gaan nadat hij bij PdVSA geen gehoor kreeg om een Memorandum of Understanding (MoU) te tekenen.

Eind 2019 loopt het huidige contract met Venezuela af. Volgens het contract moeten de partijen twee jaar voor het verstrijken van de huurtermijn het contract opzeggen. Anders wordt het contract automatisch met tien jaar verlengd. De Isla-raffinaderij is een strategische faciliteit voor PdVSA om olie, bestemd voor de Aziatische markt, op te slaan en te vervoeren. China is in de laatste tien jaar een van de belangrijkste handelspartners van Venezuela geworden. In ruil voor olie en brandstof leent China geld aan Venezuela.

Onderstaand bericht verscheen vandaag op de Venezolaanse website Panoramo.com.ve:

Pdvsa: Aún no ha iniciado discusión para renovar contrato de arrendamiento de refinería en Curazao
Reuters



PETROLEO INDUSTRIA PDVSA MORICHAL - PETROLEO INDUSTRIA PDVSA MORICHAL

REUTERS
La petrolera estatal venezolana PDVSA dijo el jueves que aún es muy temprano para iniciar las discusiones sobre la renovación de un contrato de arrendamiento de la refinería Isla, en Curazao, días después que el Gobierno de la isla anunciara un acuerdo preliminar con la china Guangdong Zhenrong Energy.
Petróleos de Venezuela (PDVSA) ha operado por décadas la refinería de 335.000 barriles por día (bpd) bajo un contrato de arrendamiento, pero la empresa, que atraviesa una crisis de liquidez, ha sido renuente a invertir 1.500 millones de dólares que las autoridades exigen para renovar las instalaciones.
El Gobierno de Curazao dijo el lunes que firmó un memorándum de entendimiento con Guangdong Zhenrong para que opere e invierta unos 10.000 millones de dólares en la refinería Isla y en una serie de mejoras del muelle y terminal de almacenamiento, a partir del 2019.
"Todavía es muy temprano para iniciar una negociación para la extensión de la relación entre Curazao y PDVSA", dijo el presidente de PDVSA, Eulogio Del Pino, citado en un comunicado. "El compromiso y continuidad operacional en refinería Isla forma parte de la estrategia de nuestra empresa en el corto, mediano y largo plazo", agregó.
El comunicado no mencionó a la empresa china. PDVSA no respondió inmediatamente a solicitudes para ahondar en detalles. El primer ministro de Curazao, Bernard Whiteman, dijo en un video compartido el lunes en la web del Gobierno curazoleño que "lamentablemente, todos los esfuerzos del Gobierno para llegar a un nuevo contrato con Venezuela no dieron resultados positivos".
Localizada a escasos 50 kilómetros al noroeste de Venezuela, la refinería Isla es estratégica para procesar, almacenar y despachar el petróleo venezolano, principalmente al mercado asiático.
El contrato estipula que si una de las partes no termina el convenio dos años antes de su fecha de vencimiento (31 de diciembre del 2019), este se extendería automáticamente por otros 10 años. Residentes y ecologistas llevan años denunciando que la vetusta refinería, la segunda más grande del Caribe y esencial para la economía de la isla, genera grandes daños ambientales y exigen compensar a los afectados.

MFK op Curaçao meest genoemd in analyse van Kenniscentrum Curaçao als coalitiepartner

Een coalitie met Kòrsou di Nos Tur (KdNT) en PAS geniet voorkeur


MFK wordt in een analyse het meest genoemd als coalitiepartner. De resultaten van deze analyse zijn gebaseerd op het in augustus 2016 uitgevoerde verkiezingsonderzoek en dus niet op de meest recent uitgevoerde opiniepeiling (resultaten opiniepeiling ter informatie onderaan). Indien er sprake is van een gelijk opgaande verkiezingsstrijd, wordt de signatuur van de regering bepaald door de MAN. De analyse werd opgesteld door Kenniscentrum Curaçao, een joint venture van the University of the Dutch Caribbean (UDC) en onderzoeksbureau Curconsult, zo bericht de Amigoe vandaag, vrijdag 23 september 2016.

Gezien vanuit de kiezer wordt per politieke partij een overzicht gegeven over met welke andere partij of partijen een coalitie gevormd zou kunnen worden. MFK wordt daarin het meest genoemd. In de helft van de gevallen dient er een coalitie gevormd te worden met Kòrsou di Nos Tur (KdNT) en PAS. In een kwart van de gevallen wordt óf KdNT óf PAS genoemd als de coalitiepartner. KdNT komt naar voren als een partij die gedoemd is om met de MFK samen te werken. Andere coalitiepartners, met uitzondering van PAS, worden nauwelijks genoemd.

Van alle respondenten geeft 32 procent aan welke partij of partijen ze graag in de regering zouden willen zien. Dat impliceert dat de meerderheid van de kiezers daar nog niet over had nagedacht, geen mening had, het niet interesseerde dan wel het niet wilde vertellen. Met andere woorden, wat uit deze vraag naar voren komt is vooral de wens van de kiezer die een duidelijke partij en/of coalitie voorkeur heeft. Het spreekt dan voor zich dat de grootste partijen in de peiling ook vaker genoemd worden.

Van degenen die de vraag over coalitievorming beantwoordden, noemt een op de zes slechts één partij en geen coalitiepartij. Dat is in vrijwel alle gevallen de partij waarop ze gaan stemmen.

De resultaten over de te vormen coalities zijn indicatief en dienen met enige terughoudendheid geïnterpreteerd te worden, zegt het Kenniscentrum. Dit heeft te maken met het feit dat 68 procent zich niet uitlaat over de gewenste coalitie; de resterende 234 respondenten een zeer groot aantal varianten van coalities aangeven en soms ook maar slechts een partij noemen. In andere gevallen wordt een tweede en soms ook een derde en vierde partij genoemd; het aantal waarnemingen van de te vormen coalities (uit die 234 respondenten) is te laag om statistisch betrouwbare uitspraken te doen over de betrouwbaarheid over de meest gewenste coalitie.

PAS wordt in de meeste gevallen gekoppeld aan de MFK en in iets mindere mate aan KdNT. PAR wordt relatief veel genoemd als partij die de coalitie moet vormen met andere partijen, namelijk met Pais, PNP, Un Kòrsou Hustu en mogelijk ook MAN. Laatstgenoemde lijkt twee kanten op te kunnen die ongeveer gelijk verdeeld zijn: de éne kant met MFK en KdNT en aan de andere kant de PAR tezamen met een of twee andere partijen (PNP, MP, Pais). Een coalitie vormen met PAS is niet populair. Pais heeft een lichte voorkeur voor de PAR, maar ook de MFK en KdNT worden genoemd als mogelijke coalitiepartner. PNP heeft een voorkeur voor samenwerken met MAN, PAR, Pais. Movementu Progresivo heeft geen duidelijke voorkeur voor een coalitiepartner. UKH lijkt vooral een coalitie te moeten gaan vormen met PAR en Pais.

De PS-kiezer heeft geen duidelijke voorkeur voor een coalitiepartner. DP kent geen voorkeur. Movementu Kousa Promé (MKP) heeft een lichte voorkeur voor MAN en PAS. Pro Kòrsou wordt weinig genoemd.

Op basis van de bovenstaande analyse lijken zich er twee voor de hand liggende coalities aan te bieden. De coalitie getrokken door de MFK met de partijen KdNT en PAS, of de coalitie met als grootste partij de PAR, samen met een aantal andere partijen zoals Pais, UKH, PNP en mogelijk de MAN. Gezien de positionering van de MAN, is een samenwerking met zowel de een als met de ander een optie. Daardoor is het goed mogelijk, dat indien er sprake is van een gelijk opgaande verkiezingsstrijd, de signatuur van de regering bepaald wordt door de MAN. Bij de coalities kunnen andere partijen aansluiten, mits ze voldoende stemmen halen om een zetel te bemachtigen.

Uit het onderzoek komt niet duidelijk naar voren voor welke coalitie de partijen MAN, Pro Kòrsou, MKP, DP en PS de voorkeur hebben.

Blikseminslag vermoedelijke oorzaak stroomstoring diverse districten

Tussen zes uur en ongeveer kwart voor tien 's avonds zaten gebieden in het donker


Op de transmissieverbinding tussen het onderstation Paranam en het onderstation MLK, langs de Maarten Luther Kingweg, trad gisteren aan het begin van de avond, zo rond zes uur, een storing op met als gevolg dat de gebieden Meursweg, La Vigilantie, Zanderij en omgeving waren verstoken van elektriciteit, zo bericht vandaag, vrijdag 23 september 2016, het Dagblad Suriname.

De vermoedelijke oorzaak van de storing was blikseminslag volgens ooggetuigen. De netbeveiliging die automatisch in komt wanneer er ineens een groot deel van het elektrisch vermogen uitvalt, had tot gevolg dat ook de stroomtoevoer naar andere gebieden in Paramaribo, Wanica, Commewijne, Para en Saramacca werd onderbroken.

Technici van de Storingsdienst van de N.V. Energie Bedrijven Suriname (EBS) begonnen tegen kwart voor zeven in de avond met herstelwerkzaamheden om te komen normalisering van de stroomtoevoer. Rond kwart over zeven was 90% van de gebieden weer voorzien van elektriciteit. De storing was tegen kwart voor tien 's avonds volledig opgeheven.

Politie Nickerie is nauwelijks mobiel door diverse defecte auto's

Bewoners Henar en Wageningen zouden niet op vakantie durven te gaan...


Het werk van het Korps Politie Nickerie wordt in meerdere ressorten bemoeilijkt door het in slechte verkerende staat van politievoertuigen. Vooral de ressorten Wageningen, Corantijnpolder, Waldeck en Henar hebben te kampen met defecte voertuigen, zo bericht het Dagblad Suriname vandaag, vrijdag 23 september 2016 (Bron foto: Beta Debidien/de Ware Tijd, archief).

Het districtsraadslid Kiran Sitaram-Tahdil is op de hoogte van dit probleem dat onder andere te wijten is aan een tekort aan financiële middelen. Mevrouw Sitaram zegt, dat het bekend is dat er onvoldoende geldmiddelen zijn, maar de mobiliteit van de politie is belangrijk bij het tegengaan van criminaliteit, bij het uitrijden bij verkeersongevallen en bij het optreden in geval van calamiteiten.

Het districtsbestuur en andere instanties zullen daarom hemel en aarde moeten bewegen om het wapenpark van de politie in optimale conditie te krijgen.

Bewoners van onder andere Henar en Wageningen zouden niet met vakantie durven te gaan uit vrees dat door de toename van de criminaliteit er ingebroken zou kunnen worden in hun woningen.

VN Mensenrechtenraad keurt tussentijdse evaluatie mensenrechtenbeleid Suriname goed

Surinaamse regering kan zich vinden in zo'n driekwart van aanbevelingen VN


De VN Mensenrechtenraad heeft gisteren de universele tussentijdse evaluatie omtrent de bescherming van mensenrechten in Suriname goedgekeurd. Ambassadeur Reggie Nelson presenteerde met succes de maatregelen die Suriname tot nu toe na eerdere aanbevelingen van de Raad heeft uitgevoerd (zie hieronder), zo bericht de Ware Tijd vandaag, vrijdag 23 september 2016. 

Nelson gaf aan, dat de regering zich kan vinden in zeker driekwart van de aanbevelingen en dat met de uitvoering van een aantal van deze adviezen al is gestart, zo meldt de VN Mensenrechtenraad in Genève, Zwitserland, 21 september.


De ambassadeur voerde aan dat de aanbevelingen omtrent seksuele geaardheid en genderidentiteit een onderwerp is dat nog brede maatschappelijke discussie behoeft. Inmiddels is een werkgroep ingesteld inzake diversiteit en inclusiviteit met als opdracht consultaties te houden met maatschappelijke groeperingen.

De diplomaat gaf de Raad de garantie, dat een beleid waarin de belangen en rechten van een ieder worden gewaarborgd in lijn is met de Surinaamse grondwet, die het principe van non-discriminatie onderschrijft.


De vertegenwoordigers van landen en organisaties die commentaar gaven op de maatregelen die Suriname tot nu toe heeft getroffen, merkten op dat het land vorderingen heeft geboekt op het stuk van gendervraagstukken en de ondersteuning voor kwetsbare groepen. Surinames kwetsbare positie als een klein ontwikkelingsland werd daarbij ook genoteerd.

Vertegenwoordigers van Venezuela, Bahamas, China, Cuba, India, Indonesië, Maldiven, Nicaragua, Nigeria, Pakistan, Paraguay, Korea, Sierra Leone en Haïti hebben zich uitgesproken over de situatie in Suriname. De Federatie van Nederlandse Verenigingen tot Integratie van Homoseksualiteit en de Internationale Vereniging van Lesbiennes en Gays kwamen met een gezamenlijke verklaring.


Human Rights Council adopts outcomes of Universal Periodic Review of Suriname, Saint Vincent and the Grenadines, and Samoa

Human Rights Council
MORNING
21 September 2016
The Human Rights Council this morning adopted the Universal Periodic Review outcomes of Suriname, Saint Vincent and the Grenadines, and Samoa.

Reggie Nelson, Ambassador of Suriname to France, said that Suriname had supported 75 per cent of the recommendations, and had already started the implementation of some of them.  At this stage, Suriname could only note the recommendation on sexual orientation and gender identity as this subject required a broad-based consultation process.  Suriname had established a working group on diversity and inclusivity with a mandate to conduct hearings with civil society.  Mr. Nelson reassured the Council that an all-inclusive policy would be in accordance with the Constitution of Suriname which underscored the principle of non-discrimination.

Speakers noted Suriname’s progress related to the acceptance of recommendations on gender issues, and also noted the country’s support for vulnerable groups.  Suriname’s own vulnerable position as a small island developing State was also noted.

Speaking during the debate were the representatives of Venezuela, Bahamas, China, Cuba, India, Indonesia, Maldives, Nicaragua, Nigeria, Pakistan, Paraguay, Republic of Korea, Sierra Leone, and Haiti.

COC Nederland, in a joint statement with International Lesbian and Gay Association, also spoke.

The Council then adopted the Universal Periodic Review of Suriname. 

(...)

Documentation 

The Council has before it the Report of the Working Group on the Universal Periodic Review – Suriname (A/HRC/33/4). 

The Council has before it an  addendum to the Report of the Working Group on the Universal Periodic Review – Suriname: views on conclusions and/or recommendations, voluntary commitments and replies presented by the State under review (A/HRC/33/4/Add.1). 

(...)

Consideration of Outcome of Universal Periodic Review of Suriname

REGGIE NELSON, Ambassador of Suriname to France, said that during its review, Suriname had received 148 recommendations, of which it had immediately accepted 105 and deferred 43 for further consideration, of which Suriname had accepted 11.  In total, Suriname had supported 75 per cent of the recommendations, and had already started the implementation of some of them.  Suriname had accepted part of the recommendation to ratify the Convention against Torture and Other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment, and had noted the rest of the recommendation relating to the ratification of several other international instruments, including on enforced disappearances, indigenous peoples and others.  The ratification of those Conventions and the Optional Protocols required further national consultations and amendments of national legislation and policy to comply with the obligations contained in those instruments.  

At this stage, Suriname could only note the recommendation on sexual orientation and gender identity as this subject required a broad-based consultation process.  On 30 August 2016, Suriname had established a working group on diversity and inclusivity, with a mandate to conduct hearings with civil society.  Mr. Nelson reassured the Council that an all-inclusive policy would be in accordance with the Constitution of Suriname which underscored the principle of non-discrimination.  Other noted recommendations required further broad-based consultations with relevant stakeholders and the Government was not in a position to pre-empt the outcome of such consultations.  Suriname remained committed to the promotion and protection of all human rights and fundamental freedoms, based on the principle of equality.

Venezuela noted that children in Suriname enjoyed free basic healthcare, and that the country provided free food and assistance for people with disabilities.  Venezuela encouraged Suriname to strengthen its social policies for its people. 

Bahamas noted that Suriname had pledged full acceptance to 116 recommendations, and congratulated the country on accepting recommendations related to women, children, youth, and indigenous people, among other groups.  Bahamas acknowledged progress made by Suriname despite its challenges as a small island developing State. 

China said that the constructive engagement of Suriname with the Universal Periodic Review process was welcomed, and thanked the country for accepting China’s recommendations.  China praised Suriname for its achievements in economic and social development, and for its harmony between different ethnic groups. 

Cuba noted the priorities set by the Government of Suriname, including efforts to combat gender inequality, and noted as positive that Suriname had accepted recommendations on eliminating discrimination against women.  Cuba recommended the approval of the Universal Periodic Review report.    

India took positive note of the constructive manner in which Suriname had participated in the Universal Periodic Review process and appreciated the acceptance of a large number of recommendations made.  India trusted that Suriname would accelerate the implementation of the accepted recommendations in the coming years.

Indonesia expressed appreciation to Suriname for its constructive participation in the Universal Periodic Review process and welcomed the policies aimed to narrow the inequality gaps.  Indonesia positively noted the acceptance of its recommendation to ratify the Convention against Torture and Other Cruel, Inhuman or Degrading Treatment or Punishment, and encouraged Suriname to take initial steps toward the ratification of the Convention on the Rights of Migrant Workers and their Families.

Maldives welcomed the support for 116 recommendations, including those proposed by Maldives, and said that despite the obstacles of a small island developing State that Suriname faced, it had made considerable progress in reducing inequalities, and in particular in the areas of domestic violence, and maternity and child protection.  Maldives also welcomed the recent legislation on elections.

Nicaragua highlighted the progress made in the country and the political and legal reforms made to improve the situation of women and children and the abolition of the death penalty in the Criminal Code.  Suriname should, with the support of the international community, implement the recommendations which further aimed to improve the situation of human rights in the country.

Nigeria was pleased that Suriname had taken steps to fight human trafficking, reduce poverty and had made a bold effort to establish a national human rights institution in accordance with the Paris Principles.

Pakistan welcomed the policies and legislation introduced for the advancement of human rights in Suriname, including the Nationality and Residency Act, the Comprehensive Plan for Children and Adolescents, and the national action plan for the eradication of child labour.  Pakistan further welcomed the establishment of the national human rights institution and the commitment to ensure its full independence and compliance with the Paris Principles.

Paraguay recognized the work done by Suriname in the second cycle of the Universal Periodic Review, and welcomed the acceptance of the recommendations put forth by Paraguay, notably on the participation of women in public and political life.  It expressed hope that the Government of Suriname would move to an appropriate implementation of international human rights instruments.

Republic of Korea commended Suriname for its continued participation in the Universal Periodic Review process and for having accepted its recommendation on the establishment of a national human rights institution and training on gender-based violence for police forces.  It looked forward to Suriname’s implementation of the recommendations.

Sierra Leone commended Suriname’s implementation of the previous Universal Periodic Review recommendations, namely on domestic violence, and raising of the age for compulsory education from 16 to 17.  It encouraged Suriname to increase the marriage age for girls and boys from 17 to 18.  

Haiti thanked Suriname for having taken into account its recommendation on the training of judges and police forces on human trafficking, and on the creation of a national human rights  institution, and for the finalization of a law on persons with disabilities.

COC Nederland, in a joint statement with International Lesbian and Gay Association, applauded Suriname’s demonstration of its commitment to the non-discrimination principles by passing legislation to prohibit discrimination against lesbian, gay, bisexual, transgender and intersex persons.  The 2015 amendments to the Penal Code were commendable and they followed recommendations from the first Universal Periodic Review cycle.

The President said that out of 148 recommendations, Suriname had accepted 116 and noted 30.  

REGGIE NELSON, Ambassador of Suriname to France, thanked the observers and representatives of civil society for all the support that Suriname had received.  The Government would work closely on the implementation of recommendations that enjoyed the Government’s support, and also work on the recommendations that were noted.  He expressed hope that at the next Universal Periodic Review cycle, a 100 per cent acceptance rate might be achieved. 

The Council then adopted the Universal Periodic Review outcome of 
Suriname.

(...)


(Bron: http://www.ohchr.org/en/NewsEvents/Pages/DisplayNews.aspx?NewsID=20547&LangID=E)

NDP'er Doekhie vreest geen gezichtsverlies voor Suriname in kwestie IMF

'Zowel ik als de president had gezegd, dat wij niet zo happy zijn met het IMF'

'De president probeert het beste uit de kan te halen, a no tak we long links-rechts'


'Zowel ik als de president had gezegd, dat wij niet zo happy zijn met het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Het IMF heeft niet overal soelaas geboden, maar wij hadden geen andere uitweg meer. Toen zijn wij in zee gegaan, om te kijken wat wij konden doen, echter niet in een hoerastemming.' Zo reageert volksvertegenwoordiger Rachied Doekhie vandaag, vrijdag 23 september 2016, in het Dagblad Suriname, op de laatste uitspraken van president Bouterse over de ‘koude houding’ van het IMF. 

Daar de president volgens Doekhie de zaak geëvalueerd heeft en ziet dat het IMF verder wil gaan met een drukstelling op de regering met betrekking tot de maatregelen, is het hek misschien van de dam.

'Wanneer er nu andere mogelijkheden zijn, ga je die benutten. Het is net als wanneer je bij de internist bent. Jou voet moet worden geamputeerd en plotseling hoor je dat er een ander medicijn op de markt is. Je gaat die proberen. Zo ziet de president het. Hij probeert het beste uit de kan te halen. A no tak we long links-rechts', stelt Doekhie.

'De afspraken die de regering met het IMF heeft gemaakt, waren echter van tevoren al bekend. De voorwaarden die het IMF stelde, waren ook duidelijk. Anders was de eerste tranche van 81 miljoen het land niet binnengekomen voor de betalingsbalans. Ze waren wel bekend, maar niet dusdanig dat het land lamgelegd wordt. Je ziet de reacties van de mensen bij de EBS. Je hebt te maken met mensen. De wetten zijn gemaakt voor mensen en niet omgekeerd', aldus Doekhie.

Als iedereen zou willen inleveren, was dat volgens Doekhie een ander verhaal. Naarmate de Surinamers het steeds meer in hun portemonnee voelen, blijkt dat meer mensen koersen richting het verlangen naar een loonsverhoging. Iets dat door de regering in overweging genomen moet worden. Verder is het ook gebruik, dat wanneer er met internationale instituten afspraken worden gemaakt, het land zich aan de afspraken dient te houden. Dit, ongeacht de omstandigheden. Anders zijn er consequenties aan verbonden. Gezichtsverlies is een van de eerste resultaten.

Aan de andere kant leidt dit gezichtsverlies ook tot het verlies van vertrouwen bij andere financiële instanties, zo ook de Islamic Development Bank waar de regering momenteel op munt. 'De internationale wereld is al bekend met het IMF. Het IMF is al niet zo populair in de wereld. Het is misschien weer een lesson learned van hoe het moet of hoe het niet moet', aldus Doekhie.

Esther Stichting werkt intensief aan transformatie

Stichting wil onder andere 'langliggers' in ziekenhuizen tijdelijk opvangen

Twee in slechte staat verkerende vervoersbussen zijn toe aan vervanging


Ontwikkelingen met betrekking tot de Esther Stichting lopen momenteel goed, zegt directrice Liefda Somo vandaag, vrijdag 23 september 2016, in het Dagblad Suriname. De nieuwe directeur zwaait sinds 2 april daar de scepter. De leiding van de Esther Stichting is samen met het personeel bezig met een transformatie en ook het personeel richt zich daarop. In samenwerking met onder andere het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SoZaVo) en bestuur getracht worden dat andere sociale groepen, waaronder mensen met een beperking en senioren burgers in nood, op te nemen binnen de stichting. 

'Men is ook bezig met een project om ervoor te zorgen dat de langliggers in het ziekenhuis die te maken krijgen met hoge ligkosten van zorgverzekeraars, tijdelijk op te vangen.' Echter verduidelijkt de directrice dat er vooralsnog geen mensen opgenomen kunnen worden met een meervoudige beperking, omdat alle voorzieningen daarvoor niet aanwezig zijn. Dat zou onder andere ook andere scholing vereisen. 'Het gaat in deze meer om mensen met een lichamelijke beperking, mensen die bijvoorbeeld invalide zijn en niet alles voor zichzelf kunnen doen.' Hiervoor zijn er enkele middelen nodig, omdat de stichting bezig is met renovatie van het gebouw.

'Wil je meer mensen accommoderen, dan zal je alles in orde moeten stellen. Als alles goed verloopt, willen wij over twee weken starten met renovatiewerkzaamheden. Er zal daarna ook meubilair nodig zijn om de nieuwe ruimten in te richten, zoals bedden en nachtkasten.'

Ook andere hulpmiddelen zijn welkom, zoals rolstoelen om de mensen mobiel te maken. 'Je wil niet dat men blijft liggen in bed. We zouden ook graag zolang de mogelijkheid bestaat, vragen als men hulp kan bieden in het vervangen van de vervoersbussen. Er zijn momenteel twee die in slechte staat verkeren.' De vervoersbussen worden namelijk ingezet om leprapatiënten te vervoeren naar de Dermatologische Dienst.

Verder zegt de directrice, dat met betrekking tot het vergroten van het personeelsbestand zij ervoor wil waken mensen gelijk in dienst te nemen. Deze twee maanden zijn namelijk uitgetrokken om een evaluatie te doen met betrekking tot het personeelsbestand. 'Naarmate er meer cliënten komen, zal er een overweging gemaakt worden als er meer personeel aangetrokken moet worden voor de Esther Stichting', aldus Somo.

IMF heeft nog geen datum vastgesteld voor betaling tweede termijn lening

IMF-woordvoerder Anspach zeer terughoudend om uitspraken te doen over datum betaling


Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft nog geen datum bepaald waarop de tweede tranche van de IMF-lening uit de Stand By Arrangement (SBA)-hulp aan Suriname overgemaakt zal worden. Dit zegt de IMF press officer Rahpael Anspach vandaag, vrijdag 23 september 2016, in het Dagblad Suriname. 

‘We gaan deze week meetings houden met de Surinaamse vertegenwoordigers in de context van de voortdurende discussies en evaluaties van het door het IMF ondersteunde economische hervormingsprogramma’s’, aldus Anspach als hem gevraagd wordt of Suriname wel voldoet aan de eisen van het fonds voor de lening.

‘In deze fase kan ik alleen dit kwijt’, geeft Anspach diplomatiek aan.

De lening van 478 miljoen Amerikaanse dollar, die Suriname eerder in het jaar sloot met het IMF, staat op springen. President Desi Bouterse heeft deze week gezegd twijfels te hebben over de lening, die gepaard gaat met zware eisen die de burgers niet kunnen dragen.

De eerste tranche van de lening, groot 81 miljoen, werd in juli gestort op de rekening van de Centrale Bank van Suriname (CBvS). Bronnen melden, aldus het dagblad, dat de tweede tranche in september gestort moest worden, maar dat niet is gebeurd. 'Het IMF is niet tevreden met de uitvoering van de maatregelen door de regering om subsidies los te laten. Onder andere de verhoging van de brandstofprijs en EBS-tarieven moesten verhoogd worden, maar dat is aangehouden', meldt de bron.

IMF press officer Anspach spreekt deze bewering echter tegen. Feit is dat de maatregelen die gepaard met de IMF-lening niet gedragen kunnen worden door de Surinaamse samenleving.

De gang naar het IMF werd voor de ondertekening van de overeenkomst sterk bekritiseerd door de oppositie en andere maatschappelijke groeperingen. Echter, de propagandamachine van deze regering counterde steeds met programma’s op radio en tv door de burgers wijs te maken dat het IMF de beste en enige oplossing was om Suriname te redden uit zijn noden.

Vooral voormalig minister van Financiën en diplomaat Subhas Mungra werd door de staatsmedia gebruikt om de opposanten te bestrijden. Mungra haalde in april op onder andere het regeringsprogramma Info Act aan hoe geweldig het IMF was. ‘Je moet het IMF zien als een eerste hulp bij ongelukken. Zij verlenen hulp in de vorm van deviezen. Je moet het zien ‘dat het land ziek is en dat IMF eerste hulp biedt’, vertelde Mungra. ‘Je zal hierna ook wat spuitjes krijgen die pijn doen’, doelende op de bezuinigingsmaatregelen. ‘We moeten zuiniger leven, het komt goed’, zei hij toen in Info Act.


Mungra noemde de IMF-lening een Surinaams programma, dat door het beste onderzoeksinstituut getoetst is. ‘Het is geen objectieve benadering van de oppositie, die zegt dat het bergafwaarts zal gaan met het land met deze lening.’ Dat Suriname volgens de oppositie een knieval voor het IMF heeft gemaakt, dat betitelde Mungra als ‘politieke uitspraken’.

Oude veersteiger van de SMS te Boskamp is ingestort

'Straks moeten de kinderen weer naar school en waar moeten we aanmeren?'

Diverse dorpen aan Coppename- en Wayamborivier getroffen door kapotte veersteiger


Inwoners van dorpen aan de Coppename- en Wayomborivier als Kalebaskreek, Corneliskondre en Donderskamp moeten het voorlopig doen zonder een aanmeerfaciliteit te Boskamp. Een deel van de oude veersteiger van de Scheepvaart Maatschappij Suriname is woensdagmiddag ingestort, omdat de ponton, die aan de steiger was vastgemaakt, is gezonken. De steiger verkeerde in zeer slechte staat. Als mensen niet tijdig waren weggerend, zouden er ongelukken zijn gebeurd, aldus de Ware Tijd vandaag, vrijdag 23 september 2016.

'Wij hebben maanden terug aan de bel getrokken bij onder andere districtscommissaris Laksmienarain Doebay van Saramacca, maar de roep blijkt aan dovemansoren te zijn gedaan. Straks moeten de kinderen weer naar school en waar moeten we aanmeren', vraagt Louis Banda, basya van Kalebaskreek, tevens bootsman van voj-scholieren, zich af.

Hij wijst erop dat de mensen nu gebruik maken van een onafgebouwde steiger, maar dat is levensgevaarlijk, omdat slechts het frame is opgezet, vlakbij de oude SMS-steiger. Voor bijvoorbeeld zwangere vrouwen en seniore burgers zal het niet makkelijk zijn om over de onafgewerkte steiger te lopen. 'Als er planken op het frame worden geplaatst, kunnen we veilig erop lopen en is het probleem opgelost.'

Hij weet niet waarom de steiger niet is afgebouwd, maar volgens de Ware Tijd zou geldgebrek een rol spelen. De basya zegt dat hij niet heeft gezien of de districtscommissaris zich is komen oriënteren. 'Misschien heeft hij dat wel gedaan, maar voor ons heeft het geen zin om bij hem aan te kaarten, dat een deel van de steiger is ingestort, omdat er toch niet naar ons wordt geluisterd.'

Doebay zegt in een reactie slechts bezig te zijn 'het probleem op te lossen. Het gaat om mijn burgers en ik zal ze niet in de steek laten.'

PALU: 'Regeerbeleid moet problemen oplossen en niet creëren'

'Het volk heeft momenteel weinig aan de teleurstelling van de president in het IMF'

'Vraag of suggestie te willen weglopen bij IMF serieus genomen moet worden of dat er weer andere motieven achter zitten'


De Progressieve Arbeiders en Landbouwers Unie (PALU) is van mening dat het volk momenteel weinig heeft aan de teleurstelling van de president in het IMF. De afspraken met het IMF zijn door de regering zelf gemaakt. Bovendien heeft de president in hoogst eigen persoon aangegeven dat het monetair-fiscaal programma om de financiële crisis het hoofd te bieden opgesteld zou zijn door de regering en dus geen IMF programma zou zijn, zo meldt de partij vandaag, vrijdag 23 september 2016, in een uitgebracht persbericht. 

Nu vier maanden later zegt de president dat het IMF geen rekening zou houden met de politieke realiteit van Suriname. Hoe zou de regering een eigen Surinaams programma kunnen opstellen en uitvoeren en daarbij dan geen rekening houden met de eigen politieke realiteit van Suriname?

Hoofdzaak is nu dat het regeerbeleid oplossingen zal moeten bieden voor de problemen die zich aandienen, en niet juist problemen creëren zoals het nu op lijkt.

Het was reeds lang duidelijk, dat de regering een IMF-programma aan het uitvoeren was en geen eigen Surinaams programma. De PALU heeft op verschillende momenten aangegeven dat door slecht onderhandelen met het IMF er een voor Suriname nadelige overeenkomst uit zou kunnen komen, wat nu dus kennelijk ook gebeurd is. Ook heeft de PALU er eerder voor gewaarschuwd om vooral niet de eigen onafhankelijkheid prijs te geven door het ondertekenen van de overeenkomst met het IMF.

De vraag is nu of de suggestie om te willen weglopen bij het IMF serieus genomen moet worden of dat daar weer andere motieven achter zitten. In de huidige situatie zou dit immers betekenen dat de overige multi-laterale banken waaronder de IDB, CDB en IsDB een afwachtende houding zullen aannemen. Ook zou de toegezegde 1.8 miljard Amerikaanse dollar door de IsDB drastisch minder kunnen worden.

Het IMF programma ziet de financiële crisis teveel als een budgetair-monetair probleem. De crisis is van structurele aard waarbij de Surinaamse overheid en de Surinaamse economie te weinig zijn afgestemd op onze eigen behoeften als volk. Deze structurele crisis komt tot uiting op bijna alle gebieden, zoals een slecht onderwijssysteem, de gezondheidssector, een niet optimaal functionerende rechterlijke macht. Maar, ook het systeem waarbij in onze democratie de regerende politieke meerderheid haar wil onverkort en absoluut kan opleggen aan alles en iedereen moet in deze discussie worden betrokken.

De problemen waar Suriname tegen aankijkt zijn natuurlijk immens groot en historisch gegroeid. Maar, door prioriteiten te stellen en een samenhangend pakket aan maatregelen op te stellen en uit te voeren zou Suriname nu dichter zijn bij een verlichting van de crisis en onder andere een stabilisatie van de koers kunnen komen. Het crisisplan en als onderdeel daarvan het IMF-programma en niet omgekeerd, zou daarom een combinatie moeten zijn van korte termijn en lange termijn maatregelen. De regering lijkt alleen maar gefocust op overbrugging van de periode tussen nu en het moment waarop de extra inkomsten uit de Newmont-goudmijn en de Staatsolie-raffinaderij verlichting zullen brengen. Dat is een logische verklaring voor de ongeordende en weinig structurele benadering van al de plannen en projecten. Nu wil men vooral rust hebben.

Deze zienswijze om maar voldoende financiële middelen in de samenleving te pompen, maakt niet uit waarvoor, zal Suriname misschien op korte termijn verlichting brengen op fiscaal-monetair vlak, maar op lange termijn zullen we nog verder zijn van huis. De leningen zullen terugbetaald moeten worden, maar bovendien missen wij op deze manier de gelegenheid om onze economie te saneren en te hervormen.

De PALU roept de regering op het beleid drastisch om te gooien. Dit moment van evaluatie zal door de regering aangegrepen moeten worden om het IMF-programma te wijzigen waarbij het accent ook wordt gelegd op het stimuleren van de productie en werkgelegenheid voor de bevolking. Ook zal meer aandacht moeten komen voor de steeds groter wordende problemen in andere delen van de samenleving zoals het onderwijs, gezondheidssector en de rechterlijke macht.

 ---- Progressieve Arbeiders en Landbouwers Unie (PALU) 
Suriname 
info: www.palu-suriname.org

Verkoop in winkels vertoont dalende trend door economische situatie van het land

Manager Lucky Store: 'Waar men gewend was om vier uniformhemden te kopen, koopt men nu twee'


De manager van Lucky Store, Vikash Sewdien, zegt vandaag, vrijdag 23 september 2016, op Starnieuws, dat het bedrijf de afgelopen periode een positieve ontwikkeling ondergaan heeft en uitgebreid is. Toch is de verkoop erg achteruit gegaan. 

'Je ziet duidelijk dat de aanloop veel minder is geworden dan de afgelopen jaren. We verwachten dat het de laatste week van de maand drukker wordt en we meer aanloop krijgen. We hebben van alles nog op de rekken staan. Het bedrijf heeft er bewust voor gekozen om prijzen niet drastisch te verhogen, maar liever te genieten van een kleine winst om zo toch te kunnen verkopen. We zijn niet gaan werken met de dagkoers, het heeft geen zin om hoge prijzen te hanteren en dan zit je met de spullen', legt Sewdien uit.

Er is volgens hem een breed assortiment, ook qua prijzen waaruit de consument kan kiezen. 'Klanten kopen hoognodige spullen zoals kleding, schrijfgerei en schriften. Het is moeilijk voor iedereen. Het valt op dat mensen duidelijk minder kopen. Waar men gewend was om bijvoorbeeld vier uniform hemden te kopen, koopt men nu twee.'

Sewdien zegt verder, dat er veel eerder gekocht is en in delen, zodat de mensen uiteindelijk wel alles hebben.

Sila Oemar, die de familiewinkel M. Oemar aan de Jodenbreestraat leidt, geeft aan dat mensen wel schoolspullen komen kopen, maar veel minder. 'Sommigen hebben een groot gezin, ze redden het gewoon niet met hun salaris.'

Oemar zegt dat ze naar alternatieven zoeken voor goedkopere producten, maar dat de kwaliteit van hun producten belangrijk is. 'Je wilt als winkelier toch een goed product blijven aanbieden.' Oemar vertelt dat ze wel vaste klanten heeft die tevreden zijn over het assortiment en regelmatig de winkel bezoeken, alleen kopen ze gewoon wat minder. 'Ze hebben een relatie met ons bedrijf en we hebben persoonlijk contact, misschien omdat we ook zelf in de zaak staan, is er verbondenheid.'

Wet Instelling Kustwacht door BiZa-minister ingediend bij Assemblee

Kustwacht gaat eigen financiële middelen genereren naast geld van Binnenlandse Zaken


De Kustwacht wordt opgebracht op de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken, maar zij gaat ook zelf financiën verdienen. Boetes, geld uit verkoop van verbeurd verklaarde goederen en boetes bij overtreding van de Wet Economische Delicten gaan vloeien naar de kas van de Kustwacht. Dit staat in het wetsvoorstel (zie hierna) dat op 1 september door de minister van Binnenlandse Zaken (BiZa), Mike Noersalim, bij De Nationale Assemblee (DNA) is ingediend, zo bericht de Ware Tijd vandaag, vrijdag 23 september 2016. 

'We confisqueren veel zaken en nemen veel contrabande in beslag', zegt Kustwacht-directeur kolonel Jerry Slijngard. Hij noemt het goed dat zaken zo zijn vastgelegd, 'want dat geeft je veel handelingssnelheid bij onder andere onderhoud van de boten', maar ook wanneer moet worden uitgevaren bij search and rescue operaties. 'En die krijgen we vaker dan mensen vermoeden.'



Bij de viering van drie jaar Kustwacht op 1 september maakte Noersalim melding van indiening van het wetsontwerp op die dag bij de Assemblee. De bewindsman sprak van een cadeau en nu hoopt Slijngard op een tweede cadeau, snelle behandeling door het parlement.

'Er is veel dat afhangt van de aanname van de wet. Nu zijn we in de praktijk bezig om op wettige basis ons werk te doen, maar straks kan dat op wettelijke basis.'

Waar Slijngard vooral naar uitkijkt is de uitbreiding van de samenwerking met andere landen. 'Er is veel hulp die blijft liggen, omdat landen door hun eigen wetgeving gebonden zijn om zaken te doen met een Kustwacht met een wettelijke basis.'

Onder andere de Verenigde Staten heeft vaak gevraagd naar de wet, om ruimte te hebben ondersteuning te kunnen verlenen. Slijngard praat over assistentie bij onderhoud van de drie boten waarover de organisatie nu beschikt, maar het is bekend, aldus de Ware Tijd, dat de VS, nadat Guyana haar Kustwacht op wettelijke basis had geschoeid, drie boten van Amerika kreeg. Dat land hecht veel aan rechtshandhaving binnen de territoriale wateren door landen in de regio.

VHP-leider Santokhi gaat president Bouterse informeren over inhoud gesprekken in India

Santokhi bespreekt in India mogelijkheid van rechtstreekse vluchten tussen beide landen


De voorzitter van de VHP, Chandrikapersad Santokhi, heeft de afgelopen dagen gesprekken gevoerd met politici, regeringsfunctionarissen en business exponenten in India. De gesprekken hadden als focus de kansen en de mogelijkheden van huidige en toekomstige samenwerking tussen Suriname en India. Daarbij kwam een breed scala aan onderwerpen aan de orde, zo laat de partij vandaag, vrijdag 23 september 2016, in een persbericht weten.

De voorzitter gaat de regering van Suriname c.q. president Desi Bouterse en de partij informeren over de inhoud van de gesprekken.

In het bijzonder sprak hij over opties voor het aantrekken van investeerders in Suriname, het opzetten van ICT-projecten, training in het kader van partij-partij samenwerking, versoepeling van personenverkeer, mogelijkheden van rechtstreekse vluchten tussen de beide landen, de verdieping van het diaspora beleid en het benutten van de voordelen die dat biedt.

Santokhi sprak onder meer met de parlementariër Kailash Vijayvargiya, nationaal secretaris van de regeringspartij BJP ( Bharatiya Janata Party) en de onderminister van Buitenlandse Zaken Dnyaneshwar M. Mulai, belast met diasporabeleid (zie foto - Bron: VHP).

De onderminister verklaarde bereid te zijn Suriname te bezoeken om dit beleid verder te bespreken en te versterken. Voorts zijn ze bereid Suriname te bezoeken met een delegatie van de Indiase private sector. De bewindsman heeft nu al gezegd dat hij de visumverlening voor het afreizen naar India zal vergemakkelijken en uitbreiden naar een periode tien jaren. De voorzitter van de VHP zal de regering van Suriname c.q. de president en de partij informeren over de inhoud van de gesprekken.

Hasseltse Aly Hilbers verkoopt inboedel voor een school Suriname

Surinaams schoolhoofd Roomer gast van gemeente Zwartewaterland


De Lamtoro school in Paramaribo, Suriname, maakte in 2006 deel uit van het 2e/3e Wereldproject van de gemeente Zwartewaterland in de provincie Overijssel, Nederland. Deze openbare school voor speciaal onderwijs maakte destijds een grote vlucht. Dit onder aanvoering van Aly Hilbers uit Hasselt. De school werd met de gelden van het Wereldproject opgeknapt en verbeterd. Zo ontstond een betere leer- en leefklimaat van de kinderen in Suriname. 

Afgelopen dinsdag 20 september was Astrid Roomer, hoofd van de Lamtoro school, te gast in de gemeente (zie foto - Bron: Zwartewaterkrant), zo bericht vandaag, vrijdag 23 september 2016, Maarten Kreulen in de Zwartewaterkrant, gevestigd te Hasselt.

Roomer wilde al meer dan 20 jaar naar Nederland komen, maar dat bleek financieel niet haalbaar. Ze bedankte in de Raadszaal van het gemeentehuis de gemeente Zwartewaterland, Stichting 2e/3e Wereldproject en in het bijzonder de Hasseltse, Aly Hilbers.

Hilbers, initiatiefneemster van het Wereldproject 2006, bezoekt nog regelmatig Suriname en weet heel goed wat daar hard nodig is. In nauw overleg nam ze deze maand afscheid van haar inboedel. Ze gaat verhuizen. Opbrengst ruim 1.000 euro. 'Een klein bedrag, dat in zijn geheel naar de school in Suriname gaat voor een nieuwe verfbeurt', aldus de Hasseltse.

Ook Astrid Roomer liet in de Raadszaal weten, dat de school met alle spaarzame middelen van de ouders zo goed mogelijk wordt onderhouden. 'Het geld van Aly Hilbers is een groot geschenk', zegt de Surinaamse.

Sinds 1994 zetten veel burgers en organisaties in de gemeente Zwartewaterland zich succesvol in voor projecten in Tweede en Derde Wereldlanden. Met de opbrengsten kan in de primaire levensbehoeften worden voorzien en kunnen de leefomstandigheden en voorzieningen sterk worden verbeterd. Het draagvlak voor deze projecten in de gemeente is groot. De Zwartewaterkrant | Jan-Maarten Kreulen

Een van Guyana's grootste steenslagproducenten verontwaardigd over import steenslag uit Suriname van Grassalco

Lokale Guyanese leveringen zouden niet 'betrouwbaar genoeg' zijn geweest


Een lokale steenslagproducent in Guyana protesteert tegen de aankoop van steenslag uit Suriname voor de uitvoering van een luchthavenuitbreidingsproject in Georgetown. In Guyana werd woensdag bekend, dat aannemingsbedrijf China Harbour Engineering Company een contract heeft gesloten met staatsmijnbouwbedrijf Grassalco en Zhong Da International Engineering Company voor de levering van 300.000 ton steenslag bestemd voor de uitbreiding van de Chedddi Jagan International Airport. De eerste verscheping van ruim 4.000 ton vond woensdag plaats (zie foto - Bron: Kaieteur News). 

Rajesh Persaud, directeur van Toolsie Persaud Quarries Inc., een van Guyana's grootste steenslagproducenten, is ontstemd over de miljoenenorder die Grassalco in de wacht heeft gesleept. Hij zegt woensdag tegenover Kaieteur News (zie onderaan), dat zijn bedrijf in staat is steenslag te leveren voor het luchthavenproject. Momenteel zou zijn bedrijf een voorraad hebben liggen van meer dan 90.000 ton.

'Er is genoeg steenslag in het land om zelfs meer dan twee keer zoveel te leveren als wat het Timehri-project nodig heeft', aldus Persaud. Hij vindt het onacceptabel dat Guyanese bedrijven bij de aanbesteding zijn overgeslagen.

Handelsminister Dominic Gaskin heeft aangegeven dat zijn aandacht is gevraagd voor de steenslagimport uit Suriname. De bewindsman zegt, dat voorlopige informatie waar hij over beschikt uitwijst, dat lokale leveringen niet 'betrouwbaar genoeg' waren. Gaskin zegt om meer duidelijkheid te zullen vragen en dat hij de ontwikkelingen in deze zaak zal blijven volgen.

'Het is logisch dat we zouden willen hebben dat onze producten - inclusief zand en steenslag - zonder afbreuk te doen aan buitenlandse bedrijven gebruikt worden in onze bouw- en andere projecten. We hebben aandacht voor deze situatie', stelt de bewindsman.



Local quarry protests CJIA stone importation from Suriname

A deal to import stone from Suriname for the multi-million-dollar expansion project at the Cheddi Jagan
Businessman,  Rajesh Persaud
Businessman,
Rajesh Persaud
International Airport (CJIA), Timehri, has sparked protests.
On Tuesday, news coming out from neighbouring Suriname revealed a major deal involving a state-owned mining company from that country.
The US$ 7.5M transaction will see 300,000 tonnes of crushed stone being exported over a period of 12 months for the airport project.
Following the story yesterday in Kaieteur News, one of the country’s leading quarries, Toolsie Persaud Quarries Inc. objected to the importation, saying that there are enough supplies here to meet the requirements of the Timehri project.
“We have a stockpile of over 90,000 tonnes now. There is enough stone in the country now to supply two times what the Timehri project is asking for,” says Rajesh Persaud, Chief Executive Officer and Director of the quarry company.
Contacted yesterday, Minister of Business, Dominic Gaskin, disclosed that indeed his attention was drawn to the report of the stone importation.
The Minister disclosed that from initial indications, it appears that the local supplies were not “reliable enough”.
However, Minister Gaskin said his conclusion was drawn from initial information conveyed to him. He has asked for more clarity and will continue to monitor the situation.
“It is natural that we would want our products— sand and stones included—without prejudice to external companies to benefit from our construction and other projects. We are looking at the situation,” he assured.
According to reports, Suriname’s state-owned mining company, Grassalco, recently secured the multi-million-dollar deal to supply crushed stone for the US$150M expansion of the CJIA.
Minister of Business, Dominic Gaskin
Minister of Business, Dominic Gaskin
Grassalco and Zhong Da International Engineering Company will deliver the material in partnership with the client, China Harbour Engineering Company (CHEC), in Guyana.
CHEC is the Chinese contractor.
The contracts were signed by Grassalco’s Chief Executive Officer, Sergio Akiemboto, Wu Qiong, General Manager of Zhong Da International Engineering Company and Sun Wei, project-manager of China Harbour Engineering Company.
Zhong Da has been engaged with the Government of Guyana to build turn-key homes in Providence, East Bank Demerara.
The signing was reportedly preceded by an intensive process of negotiations which started in December 2015.
The first shipment of about 4,000 tonnes is expected to arrive on Tuesday. Grassalco’s CEO Akiemboto further noted that this deal will pave the way for the mining-company to secure more contracts in the region, and Grassalco will eventually play a major role in the economic development in the Caribbean as a supplier of crushed stone.
So far the Guyana-deal is the largest contract the state-owned company has signed with a foreign contractor, the news report said.
According to Persaud yesterday, his company has been doing business with CHEC and the Timehri airport for a while.
“We have been delivering as they ordered. We have also supplied aggregates for CHEC’s current construction works taking place at the MovieTowne site, at Turkeyen, East Coast Demerara.”
This is a situation at a local quarry.
This is a situation at a local quarry.
According to the executive, his company, one of the subsidiaries in the Toolsie Persaud Limited group, recently invested over $400M in retooling its plant, located at St. Mary’s, Essequibo River.
“We are unclear how this could happen. We have over 75 families whose lives are attached to our quarry and this will impact them tremendously. We depend on businesses like this to keep the operations going.”
Persaud explained that not only is the country losing royalties by bringing in the stone, but there is the ripple effect to the benefit accrued from producing and selling it locally.
“There is an even more important point to note here. We have here in Guyana one of the best stones that have a higher engineering specification than any other territories in the region. We have supplied stones before to the airport. We do have experience and the track record. And we are keeping our monies here, plugging it back into the economy.”
It is not the first time that local producers have objected to stones being imported. An attempt was announced in the 90s when the Essequibo coast road was being done. The attempt was reportedly abandoned.
Another attempted in the early 2000s also met with a similar fate.

Op Curaçao wordt folder huis-aan-huis verspreid tegen oud-premier Schotte (MFK) met negatief stemadvies

'Een stem voor Schotte is een stem op iemand die binnenkort voor 3 jaren zal worden opgesloten'

Niet bekend zou zijn wie er achter de anti-Schotte folder schuil gaan


De Statenverkiezingen van 30 september naderend, is deze week huis-aan-huis een folder verspreid met daarin verschillende redenen waarom niet op oud-premier Gerrit Schotte (MFK) zou moeten worden gestemd. Deze folder, die de naam ‘Dikon a sentensia Gerrit Schotte?’ heeft, is in het bezit van het Antilliaans Dagblad.

Naar informatie waarover het dagblad vandaag, vrijdag 23 september 2016, schrijft te beschikken, moest de folder door het nationale postbedrijf CPost worden verspreid, maar werd dit geweigerd, omdat de inhoud ervan niet geschikt werd gevonden om tegen betaling te verspreiden.

Onder verschillende tussenkopjes wordt onder andere verteld over het vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg eerder dit jaar waarmee Schotte werd veroordeeld voor ambtelijke corruptie, over zijn banden met casinobaas Francesco Corallo en het Rapport Willem waarbij gedurende het bewind van Schotte wanbeleid is geconstateerd bij verschillende overheids-nv’s.

Ook is er een apart kopje ‘Kiko ta un polítiko na drechi?’ (wat is een fatsoenlijke politicus?). Hieronder worden acht karakteristieken gegeven waar een politicus volgens de makers van de folder aan moeten voldoen. Zo moet een fatsoenlijke politicus volgens de makers iemand zijn waar de gemeenschap een voorbeeld aan kan nemen; iemand die een goede vader of moeder is voor zijn of haar kinderen; iemand die geen misbruik van je maakt en je ook geen dingen aanbiedt of je leugens vertelt; een fatsoenlijke politicus moet een oprecht persoon zijn en moet kunnen aantonen dat hij capabel is om in ieder geval zijn eigen huishouden in goede banen te leiden; een fatsoenlijke politicus kan niet iemand zijn die veroordeeld is door het gerecht en kan niet iemand zijn die constant in conflict is en een fatsoenlijke politicus is opgeleid en gerespecteerd door de meeste mensen en niet iemand die wordt gewantrouwd voor wat hij in het verleden heeft gedaan.

Volgens de makers geeft het vonnis door het Gerecht in Eerste Aanleg en het Rapport Willems een duidelijk beeld van wat de gemeenschap van Curaçao te wachten staat indien Schotte weer aan de macht komt: corruptie, wanbeleid en een land in de grijp van de maffia. 'Is dat wat het volk van Curaçao wenst?'

De folder wordt afgesloten met de volgende woorden: 'Een stem voor Schotte is een stem voor iemand die geen minister kan worden en die binnenkort voor drie jaren zal worden opgesloten.'

Een week lang gratis adverteren als proef?

Een week lang gratis adverteren als proef?
Zendt uw advertentie en/of logo naar de redactie.