zondag 20 november 2016

Wateroverlast op Benedenwindse eilanden door zware regenval

Vooral Aruba is getroffen, waar onder andere de luchthaven blank staat

Op Curaçao kunnen Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten ongehinderd arriveren


Zware regenval heeft vandaag, zondag 20 november 2016, voor veel wateroverlast gezorgd op de Benedenwindse eilanden. De hoofdstad van Aruba is getroffen door flinke overstromingen. De internationale luchthaven Koningin Beatrix is ondergelopen, zo meldt onder andere De Telegraaf. 

Door de regenval zijn auto’s weggespoeld van de wegen in Oranjestad.

Premier Mike Eman van Aruba is ’extreem bezorgd’ over de wateroverlast waarmee het eiland sinds vanmorgen kampt. Een zwaar regenfront zette grote delen onder water en zorgde voor schade aan mogelijk zo’n vijftig auto’s. En er is nog meer regen op weg naar de Benedenwindse eilanden.


'Ik ben extreem bezorgd', zegt Eman in De Telegraaf, die samen met minister Benny Sevinger (Infrastructuur) en hulpdiensten de getroffen wijken bezoekt (zie hierboven). 'We bekijken wat de schade is om de gedupeerden zo goed mogelijk te helpen.' Gevallen van persoonlijk letsel zijn nog niet bekend bij de Arubaanse politie.

Aruba werd vanochtend overvallen door de stortvloed. Vooral het noorden en midden van het eiland zijn getroffen, zoals het bekende Palm Beach en wijken als Madiki en Wayaca.

Op Curaçao wordt gewaarschuwd voor hevige wind, waardoor het niet veilig is om de straat op te gaan. Er wordt veel regen verwacht, mogelijk met modderstromen als gevolg.

Maar, de weersverwachting heeft niet voorkomen, dat Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten vandaag ongehinderd op het eiland zijn gearriveerd.



Nederlandse journalist Okke Ornstein gearresteerd bij aankomst in Panama

Ornstein aangehouden vanwege zijn berichten over dubieuze activiteiten Canadese zakenman


De Nederlandse journalist Okke Ornstein (zie foto - Bron: Twitter) is afgelopen dinsdag 15 november bij binnenkomst in Panama opgepakt en vastgezet. Ornstein hangt een gevangenisstraf van 20 maanden boven het hoofd vanwege smaad en laster. Het ministerie van Buitenlandse Zaken probeert Ornstein vrij te krijgen, zo berichten de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) en de website Villamedia.nl zondag 20 november 2016.

De NVJ zet zich ook in voor zijn vrijlating. Oorzaak van zijn aanhouding zijn enkele artikelen die hij op zijn weblog bananamarerepublic schreef over de dubieuze activiteiten van de Canadese zakenman Monte Friesner in Panama. Dat weblog is nu onbereikbaar vanwege juridische problemen in Nederland.


De NVJ veroordeelt de arrestatie scherp. 'Een celstraf van 20 maanden vanwege de publicatie van een reeks blogs is in strijd met de grondbeginselen van de vrijheid van meningsuiting, die wereldwijd als grondrecht erkend zijn’ , aldus Thomas Bruning, algemeen secretaris van de NVJ. Ook inhoudelijk heeft het er alle schijn van dat er geen enkele grond bestond voor strafrechtelijke vervolging van Ornstein, aldus Bruning.

Ornstein is in Panama op zijn blog vooral actief met verhalen over corruptie en fraudezaken. ‘Met deze arrestatie wordt een signaal afgegeven dat kritische journalistiek over fraude en corruptie niet mogelijk is in Panama. Ornstein wordt in deze kwestie afgestraft op een wijze die absoluut niet past in een democratische rechtsstaat’, aldus Bruning.

De zakenman die hem veroordeeld kreeg is in de VS veroordeeld voor vergelijkbare feiten als waarover Ornstein schreef. Ook in Panama hing hem strafrechtelijke vervolging boven het hoofd. Hij zou het land inmiddels verlaten hebben. Daarbij kreeg Ornstein, volgens zijn in Nederland betrokken advocaat Channa Samkalden, in de in Panama gevoerde strafzaak geen behoorlijk proces en geen fatsoenlijke rechtsbijstand.

De NVJ tracht samen met het ministerie van Buitenlandse Zaken en de Nederlandse ambassade ter plaatse Ornstein zo spoedig mogelijk vrij te krijgen en ervoor te zorgen dat hij de beschikking krijgt over adequate juridische bijstand. De NVJ is verheugd dat het ministerie van Buitenlandse Zaken en de ambassade ter plaatse zich voor deze kwestie inzetten, maar doet ook een beroep op minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders om deze kwestie op het hoogste niveau in Panama aan te kaarten. 

Ornstein werkt onder meer voor de Nederlandse publieke omroep en Al Jazeera. Zijn werk is genomineerd voor prijzen zoals de Prix Europa radio prijs (2013). De NTR zond in 2015 een documentaire van hem in voor De Tegel-prijs.

Ter informatie:

Den Blauwvinger: De Nederlandse taal wordt in Suriname geweld aangedaan en verloedert, tog?

COLUMN: Naast kinderlijke sms-taal op social media wemelt het Nederlands taalgebruik van fouten, overal

Sms-taal voor gemakzuchtige luiaards dringt door in dagelijks taalgebruik


Het is triest gesteld met het Nederlands taalgebruik van Surinamers op social media als Facebook en in chatprogramma's op het internet. Niemand lijkt nog de moeite te nemen om woorden volledig te 'schrijven'. Als dat zo doorgaat verloedert de echte taal om deels plaats te maken voor de taal der luiaards, de gemakzuchtigen en de taalverkrachters.
En het zijn niet alleen kinderen hoor, die op lijken te groeien met dat soort sms-taal (Short Message Service), maar ook volwassenen weten nauwelijks nog fatsoenlijk en foutloos Nederlands te schrijven..... Neem gewoon eens de tijd en pers volledige woorden uit uw I-Phone en andere moderne mobiele communicatieapparaten of zijn we daar echt te lui en te gemakzuchtig voor geworden? Het lijkt er wel op.

Ligt hier niet een taak voor ouders, verzorgers en onderwijsgevenden om kinderen te wijzen op het belang van een correct gebruik van de Nederlandse taal en niet te vervallen in tot afkortingen verworden woorden, waarvan het soms niet eens amper mogelijk is om ze goed uit te kunnen spreken. Zouden die ouderen kinderen niet moeten wijzen op het gevaar van sms-taal of zien die ouderen dat gevaar niet in, omdat zij zelf dagelijks de fout in gaan door die verkorte taal her en der te gebruiken?

Overigens, er zijn op het internet zelfs diverse sms-taal-woordenboeken te vinden.... Men wordt dus zelfs min of meer gestimuleerd om over te stappen op de taal der gemakzuchtigen. Gemak dient de mens immers, toch?!

'Een woord waarvan je de betekenis niet weet? Tegenwoordig zie je op Twitter, WhatsApp, Facebook Chat en in SMS berichten regelmatig afkortingen als RT, NVM, IDK, VGM, etc. Grote kans dat je bij ons het antwoord kunt vinden!', meldt bijvoorbeeld de website sms-woordenboek.nl.

Onderstaande tekst is afkomstig uit het artikel 'Veranderen nieuwe media de taal? Over sms'jes, chats en tweets' op de website taalcanon.nl:

'In de afkorting be2n levert het voluit gespelde twee het Engelse between op waarin het element ‘twee’ dus niet de Nederlandse, maar de Engelse uitspraak krijgt. In xq6 gaat het juist om de Nederlandse uitspraak van ‘zes’ (maar wel gecombineerd met de Engelse uitspraak van de x). In btj ‘beetje’, gn id ‘geen idee’, lfs ‘liefs’, lkr ‘lekker’ en gwldg ‘geweldig’ ontbreken simpelweg alle klinkers. Tot slot is in sms’jes en chats het fonetisch spellen populair, zodat bijvoorbeeld ‘verliefd’ verandert in flieft en ‘het’ in ut. Dat gebeurt zelfs als het maar één letter scheelt, zoals in egt, sgatje, sgool en tog, of helemaal geen letterwinst oplevert: heej lachuh juh.'

Taaldeskundigen verschillen overigens van mening over de vraag of chatten en sms'en bijdragen aan een zekere verloedering van taal.

Al op 22 mei 2014 berichtte de Belgische krant Het Laatste Nieuws, dat chatten en sms'en juist niet zorgen voor taalverloedering bij de Vlaamse jeugd. Dat blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Antwerpen dat de chatconversaties van bijna 28.000 Vlaamse jongeren tussen 13 en 20 jaar onder de loep nam. 'Onze bevindingen spreken de stereotypen over internettaal tegen', zegt doctoraatsstudent Benny De Decker. Zo komt 'leetspeak', waarbij cijfers de plaats van lettertekens innemen, zoals in w8 of suc6, in niet meer dan 1 op de 2.000 woorden voor. Andere spellingswijzigingen, zoals het vervangen van ks door x of van ij door y, komt slechts bij een beperkt aantal woorden voor: niks wordt soms 'nix', en wij wordt soms 'wy', maar niet systematisch.'

Wie een rondgang maakt op het internet komt veel informatie en artikelen tegen over sms-taal en de vraag of het bijdraagt aan verloedering van de taal of niet. Deskundigen mogen beweren en schrijven wat ze willen, maar wanneer sms-taal is doorgedrongen tot in de gewone dagelijkse spreektaal, dan is er iets goed mis en is er wel degelijk sprake van verloedering en verdringing.

Overigens hebben in Suriname velen sowieso al de grootste moeite om de Nederlandse taal naar behoren te beheersen en dat geldt voor alle geledingen in de samenleving. Veel taal- en grammaticafouten lijken normaal te zijn geworden in het Surinaamse Nederlands. En dat gaat van generatie op generatie, van ambtenaar op ambtenaar, van minister op minister, van 'journalist' bij een krant of nieuwswebsite op 'journalist', van arbeider op arbeider, van inheemse op inheemse, van marron op marron, van politicus op politicus, enzovoorts.

Het is simpelweg bar en boos gesteld met de wijze waarop in Suriname de Nederlandse taal wordt verkracht. Sla een willekeurige Surinaamse krant open of ga naar hun websites en de vele taal- en grammaticafouten lachen de lezer met een 'smiley' tegemoet en daarvoor hoeft de lezer geen taaldeskundige te zijn.

De Nederlandse taal is doorspekt van woorden die een eigen Surinaamse draai hebben gekregen de afgelopen decennia. En toch moeten leerkrachten hun leerlingen de Nederlandse taal leren, bijbrengen.

Maar, thuis dompelen diezelfde leerlingen weer onder in een ratjetoe van talen, Nederlands, Sranantongo, Engels, Saramaccaans, sms-taal, enzovoorts.

En daardoor werpen de taallessen op school feitelijk weinig vruchten af en als die leerlingen dan het internet op duiken, gaan msn'en en chatten, dan worden ze weer ondergedompeld in hun eigen taal en is de Nederlandse taal ver te zoeken. Dat werkt op latere leeftijd gewoon door met alle gevolgen van dien. Luister eens naar Assembleeleden. De meeste politici zijn niet in staat een volzin in correct Nederlands te spreken....

Hoogachtend,
Den Blauwvinger
20 november 2016
Amsterdam-Paramaribo

Ter informatie:

Helikopter stort neer in Braziliaanse Rio de Janeiro bij rellen in beruchte sloppenwijk

Vier leden van de militaire politie vinden de dood in crash


Vier leden van de militaire politie zijn gisteravond omgekomen in het Braziliaanse Rio de Janeiro. Volgens nieuwssite O'Globo gebeurde dat nadat een politiehelikopter crashte (zie foto - Bron: Twitter) bij rellen in een van de meest beruchte sloppenwijken van de stad, aldus bericht vandaag, zondag 20 november 2016, onder andere de Gazet van Antwerpen.

De helikopter werd naar de favela ‘Cidade de Deus’ gestuurd om politiemensen bij te staan bij de rellen. Daar vonden de hele dag hevige vuurgevechten plaats tussen de politie en vermoedelijke criminelen.


Het is niet duidelijk of de helikopter door geweerschoten geraakt werd of neerstortte door een andere oorzaak. Volgens het persbureau Reuters onderzoekt de politie de zaak nog.

De helikopter kwam terecht in een open ruimte, waardoor er buiten de inzittenden geen andere slachtoffers vielen. Op amateurbeelden (zie hieronder), die werden uitgezonden op een lokaal televisiestation, is te zien hoe de helikopter neerstort.



Sinds de Olympische Spelen in Rio van afgelopen zomer is het geweld tussen de lokale drugsbendes en de politie toegenomen. In september nam het aantal moorden toe met 18 procent, tot 3.649 moorden, vergeleken met dezelfde periode het jaar voordien.

In 2009 werd voor het eerst een helikopter neergehaald in Rio door drugshandelaars. Het incident toonde de kwetsbaarheid van de politie van Rio aan, die geconfronteerd wordt met bendes die steeds beter bewapend zijn.

Meteorologische Dienst Suriname waarschuwt voor zwaar onweer en sterk windstoten

Weerswaarschuwing Meteodienst Suriname





Minister Burleson pleit tijdens 43e COTED voor betere samenwerking binnen regio

'Er bestaat een noodzaak om de productiviteit en export te verbeteren'

(Bron foto: ministerie van Handel en Industrie)

Minister Sieglien Burleson van Handel en Industrie (HI) heeft als voorzitster van de 43e COTED (Council for Trade and Economic Development) in Guyana aandacht gevraagd voor de uitdagingen waarvoor de CARICOM staat, zoals de noodzaak om de productiviteit en export te verbeteren. Deze kunnen volgens haar het best overwonnen worden door samen te werken en door versterking van de regionale instituten en organisaties. Dit meldt het ministerie vandaag, zondag 20 november 2016, in een persbericht.

De COTED is de raad voor economische ontwikkeling en handelsgerelateerde issues.



In haar openingstoespraak heeft de minister gewezen op de noodzaak tot daadwerkelijke samenwerking.

Op de agenda stonden diverse vraagstukken die moeten leiden tot groei en ontwikkeling van de handel en economie in de regio. Burleson gaf aan dat het de private sector is die de drijfveer is van handel en zakenwezen in een land. Ze meent dat de tijd voor de regio is aangebroken om middels partnerschap tussen de publieke en private sector tot economische bloei te komen.

'Belemmeringen zoals het weigeren van toegang tot bepaalde markten en bezwaren de administratieve procedures moeten tot het verleden behoren, willen de leden van CARICOM hun economische integratie bevorderen. Evenals de wereldeconomie staat ook onze regio onder druk van de economische ontwikkelingen', stelde de minister.

Zij vindt dat door welwillendheid, onderlinge samenwerking en ondersteuning de issues onder handen genomen kunnen worden. Dit zijn volgens haar de vereisten die het succes zullen garanderen van de langverwachte economische groei van dit handelsblok.

ABS presenteert voorlopige resultaten districten bedrijventelling, Paramaribo en Wanica uitgezonderd

In acht districten zijn 4.355 bedrijven geteld waarvan bijna 91% eenmanszaak is


Het Algemeen Bureau voor de Statistiek (ABS) heeft vrijdag de voorlopige resultaten gepresenteerd van de bedrijventelling in de districten, met uitzondering van Paramaribo en Wanica, die afgelopen maand al publiekelijk bekendgemaakt zijn. In de acht overige districten zijn samen 4.355 bedrijven geteld. Dit meldt de Ware Tijd vandaag, zondag 20 november 2016.

Het doel van de bedrijventelling, die hoofdzakelijk gedurende april, mei en september is gehouden, is om gegevens te verzamelen die belangrijk zijn voor de samenstelling van een bedrijvenregister.


De laatste bedrijventelling was in 2007. Van de 4.355 ondernemingen die nu zijn geteld, is het overgrote deel, bijna 91 procent, een eenmanszaak. Sipaliwini telt met 1.245 de meeste bedrijven in deze telling.

De Islamitische Ontwikkelingsbank (ISDB) heeft een belangrijke bijdrage geleverd bij de totstandkoming van het onderzoek. Guillano Koornaar, manager Economische Statistieken, is tevreden over de wijze waarop het onderzoek is gegaan. Hij heeft gemerkt dat de bedrijven openstonden voor de vragen, in tegenstelling tot wat het team van het ABS zelf had verwacht.

'We hadden vanwege de economische situatie verwacht dat ze ons zouden wegjagen en dat we minder respons zouden krijgen', zegt de medewerker.

Bij de bedrijventelling wordt up-to-date informatie verzameld over onder meer het aantal bedrijven, het type bedrijven en het aantal werkzame personen. In december worden de definitieve resultaten van de natelling vrijgegeven. Na de presentatie kregen verschillende geselecteerde personen, onder wie vertegenwoordigers van bestuursdiensten van enkele van de districten waar de telling is gehouden, een exemplaar.

Minister Hoefdraad weerspreekt opmerking IMF dat monetaire reserve niet meer dan maand importen dekt

Hoefdraad: 'Monetaire reserve per eind oktober is goed voor importdekking van 4,5 maand'


Minister Gillmore Hoefdraad van Financiën begrijpt niet waarom de vertegenwoordigers van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) stellen, dat de monetaire reserve van Suriname minder dan een maand aan importen dekt. De bewindsman laat vandaag, zondag 20 november 2016, via Starnieuws weten, dat de monetaire reserve per eind oktober 371 miljoen Amerikaanse dollar is en dat is volgens Hoefdraad goed voor een importdekking van 4,5 maand, als de mijnbouwimporten niet worden meegenomen. 

Daniel Leigh, chef van de IMF Artikel IV-missie en Joshua Charap, IMF-vertegenwoordiger in Suriname, zeiden op een persconferentie vrijdag, dat de monetaire reserve lager is dan wordt aangegeven door de autoriteiten. Zij voerden aan dat valuta-swap en de kasreserve van commerciële banken niet gerekend mogen worden tot monetaire reserves. Die zijn in feite niet ter beschikking van de Staat.

Uit een publicatie van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) blijkt echter, aldus Starnieuws, dat de internationale reserve van het land per oktober 371 miljoen is. In september was het bedrag 350 miljoen. De importdekking is mede door sterk afgenomen importen hersteld van 2,4 maand per eind december 2015 tot 3,7 maand per eind oktober (inclusief mijnbouwimporten).

De minister merkt op, dat mijnbouwimporten in feite niet meegenomen moeten worden in de berekening van de internationale reserves. Mijnbouw heeft een eigen valuta. Indien de mijnbouwimporten meegenomen zouden worden, dan zou de dekking 3,7 maand zijn. Hij zegt verder, dat het IMF geen gegevens heeft verstrekt aan Suriname waaruit zou blijken dat de internationale reserves minder dan een maand aan importen garanderen.

Hoefdraad benadrukt dat hij echt wel weet hoe internationale reserves worden berekend.

President Bouterse dient wijziging 'Wet op de Staatsschuld' in bij Assemblee

Oppositie maakt bezwaar tegen verhoging obligoplafond van 60 naar 80%



President Desi Bouterse heeft de wijziging van de 'Wet op de Staatsschuld' vrijdag ingediend bij De Nationale Assemblee (DNA). De regering wil het obligoplafond van 60 naar 80% verruimen. Dit voor een periode van vier jaar te rekenen van 1 november 2016 tot 1 november 2020. Dit meldt Starnieuws vandaag, zondag 20 november 2016.

Oppositionele partijen zijn fel gekant tegen de wijziging van de wet. Zij vinden dat aan de regering vrijbrief wordt gegeven om ongebreideld leningen aan te gaan.

Minister Gillmore Hoefdraad van Financiën, brengt hiertegen in dat ook al wordt er geen cent geleend, in 2016 (op basis van het BBP dat volgend jaar augustus wordt bepaald) het schuldplafond zal zijn overschreden. Dit op grond van de ontwaarding van de munt en het krimpen van de economie. Verwacht wordt dat het Bruto Binnenlands Product (BBP) ongeveer 9% zal afnemen. In 2015 was er een negatieve groei van -2,7%.



Om te voorkomen dat buiten de wet gehandeld wordt, heeft de regering besloten naar De Nationale Assemblee te gaan voor wijziging van de wet.

De Wet op de Staatsschuld werd in 2002 aangenomen. Het doel ervan is om te voorkomen dat onduidelijkheid ontstaat over de omvang en de samenstelling van de Staatsschuld. Voorkomen moest worden dat bewindslieden schulden aangaan, die niet bij wet gedekt zijn. De wet moet dichttimmeren dat schulden die worden aangegaan, geheim worden gehouden. Er zijn sancties bij overtreding van de wet.

In januari 2011 is deze wet in de periode Bouterse-1 gewijzigd. Het binnenlandse schuldplafond werd van 15 naar 25% opgetrokken, terwijl de ruimte voor buitenlandse schuld werd verlaagd van 45 % naar 35% van het BBP. Totaal was het obligoplafond 60%.

Nu wil de regering het binnenlandse schuldplafond verruimen met 5% naar 30% en het buitenlandse schuldplafond optrekken met 15% naar 50%. In de wetswijziging die nu ingediend is, staat: 'Op de geldelijke schuldverplichtingen en waarborgverplichtingen gevestigd na de inwerkingtreding van deze wet, zijn de artikelen 5 lid 2 en 25 leden 1 en 2 niet van toepassing.'

Artikel 5 lid 2 luidt: 'Onverminderd het bepaalde in artikel 25 leden 1 en 2 is de minister direct aansprakelijk wegens het overschrijden, in strijd met de bepalingen van deze wet, van een obligoplafond ook na zijn aftreden als minister.'

In artikel 25 leden 1 en 2 is opgenomen dat bij opzettelijke overtreding van de wet er een gevangenisstraf opgelegd kan worden voor ten hoogste tien jaren of een geldboete van Srd 2 miljoen. Bij niet opzettelijke overtreding is er vijf jaar gevangenisstraf of een geldboete van Srd 1 miljoen.

Wakay-pompgemaal in Nickerie werkt weer door ingrijpen overheid

Overheid stelt financiën beschikbaar voor levering brandstof

SPBA doet dringend beroep op regering om aanvoer van water te garanderen


De overheid heeft donderdag de nodige middelen beschikbaar gesteld voor de levering van brandstof waardoor het pompgemaal te Wakay sinds vrijdagmiddag weer draait. Door gebrek aan brandstof was het Overliggend Waterschap Multipurpose Corantijnproject (OWMCP) genoodzaakt woensdag de pompen stil te leggen. Volgens OWMCP-directeur Richenel Small zijn de pompactiviteiten vrijdag hervat. Hij zegt dat de overheid ook gezorgd heeft voor een tweede levering van brandstof, zo bericht de Ware Tijd zaterdag 19 november 2016.

Rijstboeren reageren opgelucht op het goede nieuws. Velen hebben water nodig om de arealen te bewerken.

'We zijn blij dat de overheid inspeelt op de situatie en dat wij ook de zekerheid hebben dat er geen stagnatie meer optreedt in de aanvoer van water uit Wakay', zegt Harinandan Oemraw, voorzitter van de Surinaamse Padie Boeren Associatie (SPBA).

Hij heeft een dringend beroep gedaan op de overheid om de aanvoer van water te garanderen, 'want anders komt dat de boeren heel duur te staan. 'We weten dat velen reeds begonnen zijn met het nat bewerken van hun arealen en zij hebben het water dringend nodig om de grondbewerking af te ronden. Ze waren nu verplicht het water via de leidingen te pompen, waarvoor extra geld nodig is', aldus Oemraw.