donderdag 16 maart 2017

Advocaten vier verdachten in zaak cocaïne-boot 'de Zeeland' vragen vrijspraak

Volgens advocaten heeft OM onvoldoende bewijslast tegen verdachten

Uitspraak volgt 20 april, ook in zaak verdachten betrokken bij sleper Marian V uit Suriname        


De advocaten van de vier verdachten in de zaak van cokeboot de Zeeland stellen dat Justitie niet heeft bewezen of en zo ja welke rol de mannen afzonderlijk hebben gespeeld. Zij vroegen vandaag, donderdag 16 maart 2017, tijdens de behandeling van de rechtszaak in Rotterdam vrijspraak voor hun cliënten. Dit bericht BN/De Stem.

De drie Zeeuwen (uit de gemeente Goes, Middelburg en Vlissingen) en een man uit het Brabantse Steenbergen worden beschuldigd van het smokkelen van 1.075 kilo cocaïne, straatwaarde 25 tot 30 miljoen euro, naar Nederland. De drugs zouden in januari vorig jaar voor de Belgische kust zijn overgeladen van de sleepboot Marian V, afkomstig uit Suriname, op de Zeeland, een sportvisboot waarvan de schipper, de 25-jarige man uit de gemeente Goes de schipper en mede-eigenaar was.

Na het overladen, in bijzonder zwaar weer, raakte de schroef van de Zeeland onklaar en moest de schipper de KNRM te hulp roepen. Ze werden in een vliegende storm gered, maar de Zeeland bleef stuurloos op zee achter en spoelde de volgende ochtend aan op het strand bij Cadzand-Bad. Bij inspectie van de boot vonden politie en douane de pakketten coke.

Het enige wat volgens de raadslieden vaststaat is dat de mannen ’s ochtends zijn uitgevaren vanuit Neeltje Jans en dat ze zijn gered.

Twee opvarenden van de Marian V. hebben echter verklaard, dat zij met de sleper van Suriname naar Europa waren gevaren en dat voor de Belgische kust pakketten met een kraan werden overgeladen op de Zeeland. Ze zouden twee mannen aan het dek van de Zeeland hebben gezien. Het was donker en bijzonder slecht weer. Volgens de raadslieden is niet met zekerheid vast komen te staan wie dat waren.

De Officier van Justitie stelde woensdag, dat de vier mannen wel bij de smokkel betrokken moesten zijn en eiste tot tien jaar cel. Wat de precieze rolverdeling was, is volgens haar niet van belang. Daar gingen de raadslieden niet mee akkoord. De redenering 'je was erbij, dus je bent erbij' is in deze zaak veel te kort door de bocht, vinden zij. De advocaten van de Zeeuwse verdachten wezen er op, dat hun cliënten een blanco strafblad hebben en dat er geen bewijs is van contact met het criminele circuit.

De raadslieden stelden ook dat er geen enkel bewijs is, dat de cocaïne voor Nederland bestemd was. Alles speelde zich af op het Belgische deel van de Noordzee en het was louter toeval dat het bootje op de Zeeuws-Vlaamse kust terechtkwam.

De vier mannen hebben tijdens de behandeling van de zaak zich beroepen op hun zwijgrecht. Tegen de vier werd woensdag zes tot tien jaar gevangenisstraf geëist. De uitspraak is op 20 april. Diezelfde dag horen ook de bij de Marian V. betrokken verdachten het vonnis in hun zaak. Zij verschijnen binnenkort voor de rechtbank.

0 comments:

Een reactie plaatsen