donderdag 6 april 2017

DOE staat achter demonstratie vakbeweging tegen regering Bouterse

'Voor DOE was de spreekwoordelijke druppel de verhoging van de brandstoftarieven'


De structurenvergadering van DOE heeft gisteravond besloten de protestdemonstratie van vandaag, donderdag 6 april 2017, te ondersteunen. Deze actie is een indicatie van de bezorgdheid over het beleid dat door de regering-Bouterse gevoerd wordt, stelt de partij in onderstaande verklaring. 

Voor DOE is de spreekwoordelijke druppel de verhoging van de brandstoftarieven, geweest die als een ad hoc maatregel wordt gezien. In De Nationale Assemblee heeft DOE zich ook hiertegen verzet, vanwege de plotselinge aanslag op het inkomen van de burgers en het domino effect dat hierop volgen zal op het vlak van goederen en diensten.

Voor DOE is vreedzaam protest niets slechts een grondrecht, maar in het huidige tijdsbestek noodzakelijk om de regering tot andere gedachten te brengen.

Corruptiebestrijding waar DOE zich steeds sterk voor heeft gemaakt, heeft duidelijk geen prioriteit in het regeringsbeleid. Vrijwel alle schandalen belanden in de politieke doofpot terwijl er voldoende mogelijkheden zijn om personen en instanties aan te klagen bij het Openbaar Ministerie. In januari heeft de president opnieuw aangegeven corruptie te zullen aanpakken. Een refrein dat al bijna zeven jaar wordt herhaald, maar nergens in het beleid zichtbaar wordt.

Schandalen bij de EBS, de Naschoolse Opvang, Carifesta, bouw ziekenhuis Wanica, aankoop ambassade in Parijs, malversaties op het ministerie van Sport en Jeugdzaken, aanschaf en distributie voedselpakketten bij het ministerie van Sociale Zaken, en Luchthavenbeheer. Het ministerie van Onderwijs komt uitgebreid in beeld wanneer een klokkenluider op vrijwel alle media corruptieve zaken waar hoge regeringsfunctionarissen bij betrokken zijn, blootlegt. Om maar niet te spreken over dubieuze gronduitgiften en de ellende bij de vreemdelingendienst. Rapporten van ’s Lands Accountantsdienst (CLAD) liggen op het ministerie van Financiën, maar deze worden niet overgedragen aan de procureur-generaal voor onderzoek en eventueel vervolging.

De slechte communicatie van de regering met de samenleving en vooral ook met het parlement is manifest. Zelfs regeringsondersteunende parlementariërs beamen dat! De president die niet in DNA verschijnt, terwijl volgens artikel 90 van de Grondwet lid 2 duidelijk wordt aangegeven dat hij verantwoording schuldig is aan De Nationale Assemblee. Het parlement is geen toevallige verzameling van enkele mensen, maar het hoogste volksvertegenwoordigende orgaan van de Republiek Suriname waar nota bene de president en de vicepresident gekozen worden. Het is dan ook vreemd wanneer dezelfde president de regering recentelijk oproept om beter te communiceren. Hoe serieus moet deze oproep genomen worden in het licht van het principe leading by example?

De leningendrang of –zucht van deze regering plaatst Suriname generaties lang voor enorme uitdagingen. Buitenlandse schuldeisers en binnenlandse geldschieters hebben op deze wijze ons land stevig in hun greep. Delen van deze leningen zijn consumptief waaronder het zeer corruptie gevoelige pakketten project en om subsidies uit te betalen naast het lenen om leningen af te lossen.

Ons land staat bij vrijwel alle grote Surinaamse banken in de krijt c.q. de Centrale Bank van Suriname, naast importeurs Combemarkt en Chotellal. De regering geeft een slecht voorbeeld met haar leni-leni libi, die nu vooral moet, vanwege wanbeleid in de afgelopen jaren. De duizelingwekkende buitenlandse schulden van honderden miljoenen Amerikaanse dollars en euro’s kunnen bij grote delen van ons volk niet in.

Prijsstijgingen en ontwaarding van de Srd werken verlammend op de Surinaamse samenleving in het bijzonder de lage inkomensgroepen. Een casinobrood kostte in 2010 Srd 3,25, in 2015 Srd 5,75 in 2016 Srd 6,25 en dit jaar Srd 10. Een zak cement was in 2010 Srd 26 in 2015 Srd 38 in 2016 Srd 53 en dit jaar Srd 79. 

Het beleid van deze regering blijft onduidelijk over de afhandeling van de Alcoa-kwestie. Opmerkingen en aandachtspunten van De Nationale Assemblee lapt de regering aan haar laars. De presidentiële onderhandelingscommissie gaat voorbij aan dat wat in het parlement besloten is en waartoe de regering is opgedragen. Kennelijk spelen ook hier tal van belangen.

Het Ontwikkelingsplan kan De Nationale Assemblee nog steeds niet bereiken, terwijl het een voorwaarde is tot behandeling van de begrotingen van dit dienstjaar. Deze houding benadrukt de inefficiëntie en daarmee onbehoorlijk bestuur. Het herwaarderingsplan voor leerkrachten moet op de agenda van De Nationale Assemblee omdat het gaat om een fundamentele wijziging in de rechtspositie van een zeer grote doelgroep. DOE kan zich niet vinden in de keuze voor een Staatsbesluit, terwijl het totaal plaatje ontbreekt voor andere groepen in de samenleving.

Groei van de criminaliteit baart velen ernstige zorgen. Recente berichten over het opereren van gangs in onze samenleving, wekken de indruk dat de regering dit probleem niet in de hand heeft. Gebruik van vuurwapens door burgers ter bescherming van zichzelf stijgt en dat zou niet nodig zijn wanneer de regering de criminaliteit onder controle had. Justitiële autoriteiten hebben recentelijk hun bezorgdheid geuit over de groei van het aantal drugstransporten vanuit Suriname. Het kan er bij velen niet in dat zo weinig hier tegen gedaan wordt.

DOE zal niet stilzitten en toezien op slecht bestuur van ons land. Als democratische partij die ontwikkeling voorstaat zal zij alles in het werk stellen om samen met anderen die ook een pro-Suriname benadering voorstaan, zich inzetten om het tij te helpen keren op basis van gerechtigheid, eerlijkheid en medemenselijkheid.

0 comments:

Een reactie plaatsen

Voor de echte kunstliefhebber!

Voor de echte kunstliefhebber!