maandag 15 mei 2017

Gajadien (VHP): ‘Minister Hoefdraad van Financiën ziet spoken’

'Regering kent financiële verhoging toe aan landsdienaren, terwijl IMF hierover had gewaarschuwd'

'Regering tracht heersende ontevredenheid in de samenleving te beïnvloeden'


'Het wederom uithalen van dezelfde streken, zoals beweren dat er geen devaluatie komt en dat er geen reden is tot paniek, is de reden waarom Financiënminister Gillmore Hoefdraad spoken ziet en onjuiste zaken in het parlement aankaart. Dit enkel en alleen om te voorkomen, dat het volk zich op 20 mei massaal aanmeldt om zijn ongenoegen over de heersende armoede en onveilige situatie te uiten tijdens de volksprotestmanifestatie van de oppositie', zegt assembleelid Asiskumar Gajadien (VHP) vandaag, 15 mei 2017, in het Dagblad Suriname. 

Minister Hoefdraad gaf vorige week in De Nationale Assemblee (DNA) te kennen, dat de financiële situatie nu veel beter uitziet dan in april vorig jaar. Volgens de bewindsman is er genoeg geld om de nieuwe lonen van leerkrachten en ambtenaren te betalen. Daarnaast heeft Suriname de betalingsbalanssteun van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) volgens hem niet meer nodig.

Gajadien vraagt zich af uit welke cijfers en analyses Hoefdraad geconcludeerd heeft, dat het land in het laatste kwartaal van 2016 een overschot op de lopende rekening van de betalingsbalans had. 'Ik heb de cijfers van de minister die hij zelf op 9 maart naar het parlement heeft gestuurd. Hieruit zien wij, dat de regering het jaar 2016 afgesloten heeft met een tekort van Srd 1,8 miljard op de lopende rekeningen. Zelfs bij de cijfers over januari 2017 zien wij, dat er tekorten zijn op de lopende rekeningen. De uitgaven zijn nog steeds meer dan de inkomsten. Met zulke prestaties kan je niet binnen een dag komen zeggen, dat de economische situatie goed uitziet', stelt de politicus.

De monetaire reserves zijn per eind april 392,8  miljoen Amerikaanse dollar. Vergeleken met december 2016 zijn de reserves met slechts 11,7 miljoen toegenomen. Vergeleken met januari 2017, toen de reserves een lichte stijging van 381,8 miljoen naar 398,6  miljoen vertoonde, is deze nu juist afgenomen met 5,8 miljoen afgenomen. Eerder heeft het IMF ook aangegeven, dat de vereiste importdekking van 3 maanden en de reserves in werkelijkheid veel minder zijn, dan wat door de regering wordt aangegeven.

Gajadien voert aan, dat de minister een ander standpunt over het IMF nu inneemt, omdat de regering overtuigd raakt dat de zaken, die men zelf had afgesproken met het fonds, niet uit te voeren zijn. De minister legde uit dat Suriname zich op basis van de cijfers van nu, niet meer kan kwalificeren voor betalingsbalanssteun van het IMF. Met de verbeterde situatie zou het IMF Suriname volgens hem afwijzen bij een verzoek voor een programma.

'Nu wordt een ander verhaal opgehangen, omdat Suriname conform een afgesproken tijdlijn moest voldoen aan kwantitatieve en doorlopende prestatiecriteria, indicatieve doelstellingen en structurele benchmarks. Die benchmarks zijn niet gehaald', zegt Gajadien.

In januari wees het IMF in zijn rapportage over de ‘Artikel IV’ consultatie, dat een aantal beoordelingen over het bereikte 24-month Stand-By Arrangement (SBA) niet hebben plaatsgevonden. Zo moest conform de afgesproken tijdlijn tegen 30 juni 2016 een gedetailleerd en uitgebreid, aan tijd gebonden, uitvoeringsplan voor de introductie van de Belasting Toegevoegde Waarde (BTW) zijn ontwikkeld, met daarin duidelijke verantwoordelijkheden. Tegelijkertijd moest de Project Coördinatie Unit zijn opgezet en ingevuld. De BTW moet per januari 2018 worden ingevoerd. Er moet een monitoringfaciliteit in het leven worden geroepen, die de liquiditeit gaat controleren en voorspellingen zal moeten doen op basis van de gegevens van de Centrale Bank van Suriname en het ministerie van Financiën. In juni 2017 moet een nieuwe investeringswet en een aangepaste wet op buitenlandse valuta in het parlement zijn ingediend.

'Het IMF zou dan zeker niet doorgaan om ondersteuning te verlenen aan een regering, die zich niet aan afspraken kan houden', aldus de parlementariër.

Een van de opmerkelijke zaken is, dat de regering een financiële verhoging toekent aan landsdienaren, terwijl het IMF enkele maanden terug hierover had gewaarschuwd. Tijdens de Artikel IV consultatie in november 2016 zeiden de vertegenwoordigers van het fonds nog dat het logge overheidsapparaat steeds verder drukt op de staatsfinanciën. Het fonds adviseerde de regering op middellange termijn goed te kijken naar het ambtenarenapparaat om staatsuitgaven op dit stuk te verminderen. Exorbitante loonsverhogingen moesten ook niet worden toegestaan.

Gajadien vindt dat dit allemaal zaken zijn die de regering in spoed tempo heeft gedaan om de heersende ontevredenheid bij de samenleving te beïnvloeden.

0 comments:

Een reactie plaatsen

Voor de echte kunstliefhebber!

Voor de echte kunstliefhebber!